Vuelta 2026: Voorbeschouwing op het parcours – Start in Monaco, zeven aankomsten bergop en slot in Granada
foto: Fotopersburo Cor Vos
vrijdag 14 augustus 2026 om 15:15 Volg in Google

Vuelta 2026: Voorbeschouwing op het parcours – Start in Monaco, zeven aankomsten bergop en slot in Granada

De derde en laatste Grand Tour van het jaar begint dit keer in Monaco en eindigt drie weken later in Granada. Tussen de Middellandse Zee en de Andalusische bergen wacht het peloton een Vuelta waarin de klimmers volop aan hun trekken komen. Met twee individuele tijdritten, meerdere aankomsten bergop en een loodzware slotweek belooft de Ronde van Spanje opnieuw een wedstrijd voor de echte klassementsrenners te worden. Wielerflits blikt vooruit op het parcours van de Vuelta a España 2026.

ES flagVuelta a España

Datum
zaterdag 22 augustus 2026 - zondag 13 september 2026
Categorie
2.UWT|Men Elite
Afstand
3308 KM
Start
MC flagMonaco
Finish
ES flagGranada

Wie het parcours van de Vuelta a España 2026 bekijkt, ziet al snel dat de parcoursbouwers weinig ruimte hebben gelaten voor verveling. Vanuit Monaco trekt de koers via Frankrijk en Andorra Spanje binnen, waarna het peloton in rap tempo richting het zuiden trekt.

Onderweg wachten beklimmingen als Font-Romeu, Alto de Aitana, Calar Alto en Sierra de la Pandera, terwijl ook de twee tijdritten een belangrijke rol kunnen spelen in het klassement. Vooral in de tweede helft van de ronde stapelen de zware ritten zich op.

De koninginnenrit is uiteindelijk de twintigste etappe, met ongeveer 5.000 hoogtemeters en een nieuwe finale naar de Collado del Alguacil. Een dag later volgt in Granada de relatief korte slotrit. Het parcours telt daardoor maar weinig momenten waarop de klassementsrenners achterover kunnen leunen.

De Vuelta a España 2026 in vogelvlucht

  • Start in Monaco
  • Finish in Granada
  • Bezoek aan Monaco, Frankrijk, Andorra… en Spanje
  • 21 etappes
  • 3.308 kilometer
  • Twee individuele tijdritten (41,4 km in totaal)
  • Zeven aankomsten bergop
  • Meerdere zware bergetappes

Etappes Vuelta a España 2026

DatumEtappeVanNaar
22-081
Monaco
Monaco
23-082
Monaco
Manosque
24-083
Gruissan
Font-Romeu-Odeillo-Via
25-084
Andorra La Vella
Andorra La Vella
26-085
Falset
Roquetes
27-086
Alcossebre
Castellón
28-087
Vall d'Alba
Valdelinares
29-088
Puçol
Xeraco
30-089
Villajoyosa
Alto de Aitana
01-0910
Alcaraz
Elche de la Sierra
02-0911
Cartagena
Lorca
03-0912
Vera
Observatorio Astronómico de Calar Alto
04-0913
Almuñécar
Loja
05-0914
Jaén
Sierra de la Pandera
06-0915
Palma del Rio
Córdoba
08-0916
Cortegana
La Rábida
09-0917
Dos Hermanas
Sevilla
10-0918
El Puerto de Santa
Jerez de la Frontera
11-0919
Vélez-Málaga
Estepona. Alto Peñas Blancas
12-0920
La Calahorra
Collado del Alguacil
13-0921
Granada
Granada

Etappe 1

De Vuelta a España 2026 begint meteen met een strijd tegen de klok. De openingsetappe is een individuele tijdrit van 9,6 kilometer door Monaco. Het parcours is licht glooiend en telt 170 hoogtemeters. De start ligt bij het beroemde casino van Monte Carlo, terwijl de eerste leider van de Vuelta wordt gehuldigd aan de Port Hercule.

De tijdrit voert de renners deels over het bekende Formule 1-circuit van Monaco. Vanaf de start gaat het parcours eerst in noordelijke richting. De wegen slingeren, waarna de route uiteindelijk weer zuidwaarts draait. Het hoogteprofiel is niet overdreven zwaar, maar de voortdurende richtingsveranderingen maken dit wel tot een technische tijdrit.

Met slechts 9,6 kilometer op het programma kunnen de verschillen klein zijn. Een explosieve tijdrijder die goed uit de voeten kan met bochten en korte hellingen heeft hier de beste papieren. Tegelijkertijd kan iedere fout op het bochtige parcours direct kostbare tijd kosten voor de klassementsrenners en tijdritspecialisten.

De eerste leider van de Vuelta 2026 zal dus na een korte, maar intensieve tijdrit bekend zijn. Vanuit Monaco vertrekt de koers vervolgens richting het Franse vasteland, waar de renners op zondag meteen de langste etappe van deze Vuelta voor de kiezen krijgen.

zaterdag 22 augustus
Etappe 1
StartMC flagMonaco16:17
FinishMC flagMonaco

Etappe 2

Na de korte openingstijdrit krijgen de renners in de tweede etappe meteen een lange rit voorgeschoteld. De rit van Monaco naar Manosque is met 215,2 kilometer de langste etappe van de Vuelta. Hoewel er officieel slechts twee beklimmingen van betekenis op het programma staan, moeten de coureurs onderweg wel zo’n 3.000 hoogtemeters overwinnen.

Vanuit Monaco trekt het peloton via het middeleeuwse Èze richting Nice. Daar rijden de renners over de beroemde Promenade des Anglais, voordat ze bij het vliegveld afbuigen richting het binnenland. De eerste serieuze klim van de dag dient zich vervolgens aan: de Alto Châteauneuf-Grasse is 11,5 kilometer lang en stijgt gemiddeld met 3 procent.

Na de top volgt geen lange periode van rust. Zo’n zestig kilometer lang blijft het parcours op en af gaan. De stijgingspercentages zijn nergens extreem, maar de opeenvolging van hellingen kan vooral bij een stevig tempo de benen flink vermoeien.

Op ongeveer twintig kilometer van de finish komt het peloton door Valensole. Vanaf daar zet de route geleidelijk koers naar de Durance. De afdaling is niet bijzonder steil, waarna de renners nog ongeveer vijf kilometer vals plat voor de wielen krijgen.

De finale lijkt daarmee vooral geschikt voor een sterke sprinter of een renner die na een lange en zware dag nog over een goede versnelling beschikt.

zondag 23 augustus
Etappe 2
StartMC flagMonaco12:16
FinishFR flagManosque17:15 - 17:46

Etappe 3

De derde etappe is met 166,7 kilometer een stuk korter dan de rit van een dag eerder. Toch belooft het parcours van Gruissan naar Font-Romeu een stevige test te worden. In totaal krijgen de renners ongeveer 2.600 hoogtemeters voorgeschoteld, waarvan het grootste deel in de laatste 35 kilometer zit.

De eerste zeventig kilometer van de etappe zijn vrijwel volledig vlak en lenen zich uitstekend voor vroege aanvallers die een vlucht willen opzetten. Daarna begint de weg langzaam omhoog te lopen en verandert het karakter van de rit ingrijpend.

De renners krijgen de Col de Mont-Louis voor de wielen, een beklimming van eerste categorie. Met een gemiddelde stijging van 5 procent is de klim niet bijzonder steil, maar de lengte maakt hem wel erg zwaar: liefst 19,1 kilometer lang.

Na de top volgt een korte afdaling, waarna de renners opnieuw omhoog moeten. Deze tweede klim naar Font-Romeu is 9,8 kilometer lang en stijgt gemiddeld met 4,9 procent. In feite vormt deze beklimming een direct verlengstuk van de Col de Mont-Louis.

Geen van beide beklimmingen is op zichzelf een echte muur, maar de combinatie kan wel degelijk voor verschillen zorgen. Zeker omdat de koers in de slotfase vrijwel uitsluitend bergop gaat, zullen de klassementsrenners hier goed bij de les moeten blijven om tijdsverlies te voorkomen.

maandag 24 augustus
Etappe 3
StartFR flagGruissan13:21
FinishFR flagFont-Romeu-Odeillo-Via17:18 - 17:42

Etappe 4

Na drie etappes komt het klassement waarschijnlijk al serieus onder druk te staan, want de vierde rit is een korte maar loodzware bergetappe. De renners vertrekken en finishen in Andorra la Vella en leggen slechts 104 kilometer af. Daarin zijn maar liefst vier zware beklimmingen opgenomen.

Het klimwerk begint vrijwel onmiddellijk met de Port d’Envalira. Met ruim 25 kilometer is dat een lange beklimming, die gemiddeld ongeveer 5 procent stijgt. Onderweg krijgen de renners bovendien steile stroken tot 11 procent voor de kiezen. Na de top volgt een lange afdaling van ongeveer 25 kilometer, maar veel tijd om op adem te komen is er niet.

De Collada de Beixalis staat namelijk direct daarna op het programma. Deze klim is slechts 6,7 kilometer lang, maar met een gemiddelde van 8,5 procent aanzienlijk steiler. Op de lastigste stroken loopt het stijgingspercentage zelfs op tot 16 procent.

Vervolgens wacht de Col d’Ordino, goed voor 9,8 kilometer klimmen aan gemiddeld 7,1 procent. Op de top van de Col d’Ordino is het nog 25 kilometer tot de finish. Het grootste gedeelte daarvan gaat bergaf, maar de renners zijn nog niet klaar.

Vlak voor Andorra la Vella volgt namelijk de Alto de La Comella, een laatste venijnige klim van 4,2 kilometer aan 8,1 procent. Met slechts 104 kilometer koers is dit een etappe waarin vanaf de eerste kilometer voluit kan worden gekoerst door de klassementsrenners en klimmers.

dinsdag 25 augustus
Etappe 4
StartAD flagAndorra La Vella14:49
FinishAD flagAndorra La Vella17:22 - 17:39

Etappe 5

De vijfde etappe vormt een overgang tussen het zware klimwerk en een mogelijke massasprint. Tussen Falset en Roquetes liggen 171,1 kilometers en ongeveer 1.600 hoogtemeters. Vooral in de openingsfase is het parcours heuvelachtig, maar daarna wordt de route lange tijd een stuk vriendelijker voor de sprinters.

De eerste kilometers zijn behoorlijk glooiend, waardoor aanvallers direct hun kans kunnen grijpen om weg te rijden. Eenmaal voorbij die openingsfase vlakt het parcours echter grotendeels af. Het peloton kan zich daardoor opmaken voor een relatief rustige middenfase, al blijft de finale interessant.

Met nog ongeveer vijftig kilometer te gaan begint het klimwerk opnieuw. Een helling van 2,9 kilometer aan gemiddeld 5,7 procent wordt gevolgd door de Alto de Paüls. Die klim is 3,5 kilometer lang en loopt gemiddeld 7,2 procent omhoog.

Na de top volgt een snelle afdaling richting de finale. Sprinters die op de klim de aansluiting met het peloton zijn kwijtgeraakt, krijgen nog ongeveer tien kilometer om terug te keren. Dat maakt de positionering op de klim extra belangrijk: wie niet te ver achterop raakt, kan mogelijk nog steeds meedoen om de dagzege.

woensdag 26 augustus
Etappe 5
StartES flagFalset13:34
FinishES flagRoquetes17:20 - 17:42

Etappe 6

De zesde etappe brengt opnieuw flink wat klimwerk met zich mee. Over 176,8 kilometer krijgen de renners ongeveer 3.000 hoogtemeters te verwerken. Bovendien wordt het geen gewone heuvelrit, want in de finale wacht een lastige onverharde strook van 3,1 kilometer met een gemiddelde stijging van liefst 10,8 procent.

Na ongeveer veertig kilometer koers begint de Puerto de la Serratella. De klim is met 16,6 kilometer behoorlijk lang, maar het gemiddelde stijgingspercentage van 4,4 procent blijft relatief bescheiden. Kort daarna volgt de Col de la Bandereta, die over 4,5 kilometer gemiddeld 6,9 procent omhoog loopt.

Na een dalende fase krijgen de renners na ongeveer 120 kilometer de Alto de Desierto de las Palmas voor de kiezen. Deze klim is 7,2 kilometer lang en stijgt gemiddeld met 5,2 procent. Daarmee is het klimwerk nog altijd niet gedaan.

Na een nieuwe afdaling volgt dezelfde beklimming opnieuw. Dit keer wordt de klim echter verlengd met de onverharde strook Tramo de Tierra. De renners krijgen daar 3,1 kilometer aan gemiddeld 10,8 procent voorgeschoteld. Een afdaling brengt hen vervolgens opnieuw richting de voet van de Alto de Desierto de las Palmas, waarna nog ongeveer tien kilometer rest tot de vlakke finish in Castellón.

donderdag 27 augustus
Etappe 6
StartES flagAlcossebre13:11
FinishES flagCastellón17:18 - 17:44

Etappe 7

De zevende etappe is opnieuw een zware klimmersrit. Vanuit Vall d’Alba leggen de renners 149,9 kilometer af richting het op 1.963 meter hoogte gelegen skistation van Valdelinares. Onderweg moeten ze ongeveer 3.500 hoogtemeters overwinnen.

De eerste honderd kilometer voeren over vlakke en glooiende wegen. De Puerto de Remolcador vormt de eerste serieuze test met zijn 12,4 kilometer à 4,3 procent. Direct na de afdaling volgt de Alto de Zucaina, een kortere klim van 5,5 kilometer. Daarna blijft het parcours lange tijd golven.

Met nog vijftig kilometer te gaan begint het echte werk. De Alto Fuente de Rubielos is 6 kilometer lang en stijgt gemiddeld 6,3 procent. Vanaf daar loopt het parcours, op enkele korte afdalingen en vlakkere stroken na, vrijwel voortdurend omhoog.

Met nog twintig kilometer te gaan volgt een ongecategoriseerde klim van 3,4 kilometer à 6,6 procent, waarna de Puerto de San Rafael begint. Die beklimming is 11,1 kilometer lang en stijgt gemiddeld 4,3 procent. Vooral de laatste 1,7 kilometer zijn pittig met een gemiddelde van 7 procent.

Na een korte afdaling krijgen de renners vervolgens de slotklim naar Valdelinares voor de kiezen. De klim naar het skigebied is 9,8 kilometer lang en stijgt gemiddeld 5,9 procent, met uitschieters tot 13 procent. Richting de top wordt het geleidelijk minder steil. Toch kan hier veel tijd worden gewonnen of verloren. De Vuelta finishte eerder al twee keer in Valdelinares.

vrijdag 28 augustus
Etappe 7
StartES flagVall d'Alba13:40
FinishES flagValdelinares17:19 - 17:43

Etappe 8

Na het zware klimwerk van de afgelopen dagen krijgen de sprinters in de achtste etappe eindelijk een parcours dat hen op het lijf geschreven is. Tussen Puçol en Xeraco ligt 171 kilometer en slechts 1.281 hoogtemeters. Voor Spaanse begrippen is dat een opvallend vlakke etappe.

Puçol ligt zo’n twintig kilometer ten noorden van Valencia, terwijl Xeraco ongeveer twintig kilometer ten zuiden van de stad ligt. De route maakt een ruime boog rond Valencia en biedt het peloton lange tijd nauwelijks obstakels.

Terwijl de renners al in de buurt van de finishplaats zijn, wacht de Puerto de Barx. Het eerste deel van deze klim is 4,7 kilometer lang en stijgt gemiddeld 5,6 procent. Daarna vlakt de weg flink af, waardoor de volledige beklimming uitkomt op 8,6 kilometer aan gemiddeld 3,8 procent.

Bij het doorkruisen van Barx is het nog 26,1 kilometer tot de finish. Eerst gaat het stevig bergaf richting Gandia, waarna een vlakke finale volgt. De laatste kilometers zijn vrijwel kaarsrecht, waardoor de sprintersteams hun treinen optimaal kunnen organiseren. Een massasprint lijkt dan ook het meest waarschijnlijke scenario in Xeraco.

zaterdag 29 augustus
Etappe 8
StartES flagPuçol13:42
FinishES flagXeraco17:20 - 17:41

Etappe 9

De negende etappe is er eentje voor de echte klimmers. Over 187,4 kilometer moeten de renners ruim 5.100 hoogtemeters verwerken. De benen krijgen nauwelijks rust en in de laatste 22 kilometer volgt met de Alto de Aitana een loodzware slotklim van formaat.

Al direct na de start loopt de weg omhoog. De eerste klim is 3,1 kilometer lang en stijgt gemiddeld 4,4 procent. Daarna volgt opnieuw een glooiende passage. Voor vluchters is dit ideaal terrein om een groep op de been te brengen. Een ongecategoriseerde klim van 1,7 kilometer à 6,3 procent wordt gevolgd door de Puerto de Tárbena, goed voor 7,2 kilometer à 5,4 procent.

Daarna volgt de Coll de Rates, een korte klim van 1,5 kilometer aan 6,2 procent, voordat de weg eindelijk serieus naar beneden duikt. Na 56 kilometer komen de renners door Orba, maar van een rustige middenfase is weinig sprake. De Puerto de El Miserat staat vervolgens op het menu: 5,2 kilometer aan liefst 10 procent. Later volgt nog de Port de Tollos, met 4 kilometer klimmen aan 5,7 procent.

De renners zijn dan ongeveer halverwege, maar het zwaarste werk moet nog komen. Na de Port de Tudons en de Port de Benifallim krijgen ze de slotklim naar de Alto de Aitana voorgeschoteld. Die klim is in totaal 22 kilometer lang en stijgt gemiddeld 5,8 procent.

De zwaarste kilometer ligt op ongeveer zes kilometer van de top, waar het gemiddeld 9,4 procent omhoog loopt. Vanaf daar blijft de weg stevig stijgen met gemiddeld ongeveer 8 procent. De finish ligt bovendien op een weg die normaal afgesloten is omdat hij militair terrein doorkruist. De Alto de Aitana was tien edities geleden al eens aankomstplaats in de Vuelta, waar Pierre Latour zegevierde en Damiano Cunego in 2009 de beste was.

zondag 30 augustus
Etappe 9
StartES flagVillajoyosa12:26
FinishES flagAlto de Aitana17:14 - 17:47

Etappe 10

De tiende etappe is er eentje waarin het peloton vrijwel geen vlakke meter krijgt. Tussen Alcaraz en Elche de la Sierra staat 184,7 kilometer op het programma en moeten de renners bijna 3.000 hoogtemeters overwinnen. De beklimmingen zijn niet extreem zwaar, maar de opeenvolging ervan maakt de rit erg lastig.

Direct na de start loopt de weg geleidelijk omhoog richting de Puerto de las Cruses. Vooral de laatste 3,2 kilometer zijn met ongeveer 5 procent iets steviger. Daarna volgt een afdaling richting Riópar en de voet van de Puerto de Peralejo. Deze klim is 5,2 kilometer lang en stijgt gemiddeld 4,3 procent.

Na de top blijft het parcours nog ruim twintig kilometer glooiend, voordat de weg richting Aýna naar beneden loopt. Eenmaal door het dorp begint opnieuw een klim van 7,7 kilometer aan gemiddeld 4 procent. Daarna volgt een lange, onregelmatige afdaling waarin korte stijgingen en dalingen elkaar afwisselen.

Ook in de laatste vijftig kilometer blijft het parcours glooiend. Echt steil wordt het nergens, met uitzondering van een ongecategoriseerde helling van ongeveer 1 kilometer aan 8,1 procent. De echte finale begint met de Puerto de Socovos, een klim van 9,7 kilometer aan gemiddeld 3,5 procent.

De top ligt op 21,4 kilometer van de finish. Daarna daalt de weg geleidelijk, gevolgd door nog een helling van 1,7 kilometer aan 5,5 procent. De laatste 4,5 kilometer lopen vals plat omhoog richting de finish. Een rit voor een sterke vluchter of een punchy renner ligt daarmee voor de hand.

dinsdag 1 september
Etappe 10
StartES flagAlcaraz13:00
FinishES flagElche de la Sierra17:18 - 17:44

Etappe 11

De elfde etappe is op papier een uitstekende kans voor de sprinters. Tussen Cartagena en Lorca ligt 151,3 kilometer en slechts 1.331 hoogtemeters. Toch zit er in de laatste 25 kilometer nog een klim die de snelle mannen voor een uitdaging kan stellen.

Vanuit Cartagena blijft het peloton in de eerste veertig kilometer dicht bij de kust. Na Los Alcázares trekt de koers landinwaarts. Onderweg krijgen de renners al twee korte klimmetjes voorgeschoteld: de eerste is 1,8 kilometer lang aan 5,5 procent, de tweede 2,4 kilometer aan 4,7 procent.

Na het verlaten van de Costa Cálida voert de route over de vlakke wegen van Murcia richting Totana. Daar begint de enige officiële beklimming van de dag: de Alto de Aledo. Deze klim is 9,5 kilometer lang en stijgt gemiddeld 4,2 procent. Naarmate de top dichterbij komt, loopt het stijgingspercentage iets op.

Boven is het nog zo’n 30 kilometer tot de finish. Het grootste gedeelte daarvan gaat naar beneden, al zitten er enkele vals platte stroken in. De laatste vijf kilometer zijn volledig vlak. Dat betekent dat de sprintersteams na de klim alle ruimte krijgen om hun snelle mannen terug te brengen, al kan een sterke vluchter profiteren als het peloton te lang twijfelt.

woensdag 2 september
Etappe 11
StartES flagCartagena14:08
FinishES flagLorca17:21 - 17:39

Etappe 12

De twaalfde etappe voert de renners van Vera naar de sterrenwacht van Calar Alto. Over 166,6 kilometer moeten liefst 4.568 hoogtemeters worden overwonnen. Het zwaartepunt ligt duidelijk in de finale, met de Alto de Velefique en de slotklim naar het Observatorio Astronómico de Calar Alto.

De eerste klim van de dag dient zich al vroeg aan. De Alto del Cabeccio is 8,3 kilometer lang en stijgt gemiddeld 3,3 procent. Vervolgens gaat het glooiend verder naar de Alto Cóbdar, een beklimming van 4,9 kilometer aan 4,5 procent. Via korte afdalingen blijft de weg daarna verder oplopen richting de Collado García.

Die klim is maar liefst 18,5 kilometer lang, al bedraagt het gemiddelde stijgingspercentage slechts 2,4 procent. Na de top, die ongeveer halverwege de etappe ligt, volgt een lange afdaling. Daarna begint het echte werk van deze zware bergrit.

Na het doorkruisen van Velefique gaat de weg 13,1 kilometer omhoog aan gemiddeld 7,2 procent. De klim van de Alto de Velefique begint meteen met stroken in de dubbele cijfers, waarna het iets minder steil wordt. Tot aan de laatste kilometer schommelt het stijgingspercentage voornamelijk tussen 6 en 7 procent.

Daarna volgt de slotklim naar Calar Alto. De weg stijgt over 16,9 kilometer gemiddeld 5,6 procent, maar dat gemiddelde vertelt lang niet het hele verhaal. De eerste kilometers zijn bijzonder zwaar, met stroken van boven de 10 procent. Daarna wordt de klim onregelmatig met korte afdalingen en vals platte passages.

Vooral de derde kilometer onder de top, met gemiddeld 9,5 procent, kan beslissend zijn. In 2017 eindigde de Vuelta hier ook en bleef Miguel Ángel López een groep met onder anderen Chris Froome, Vincenzo Nibali en Wilco Kelderman voor. Eerdere winnaars op Calar Alto zijn Roberto Heras en Igor Antón.

donderdag 3 september
Etappe 12
StartES flagVera13:07
FinishES flagObservatorio Astronómico de Calar Alto17:17 - 17:45

Etappe 13

De dertiende etappe is een heuvelachtige rit van 193,2 kilometer. Het meeste klimwerk zit in de eerste 84 kilometer, waarna de renners vooral dalend en over glooiende wegen richting Loja trekken. De finale zelf is vlak, waardoor een snelle renner of een geslaagde vlucht goede kansen heeft.

Vanaf Almuñécar, de geboorteplaats van Carlos Rodríguez, gaat het peloton langs de Middellandse Zee richting Salobreña. Daarna draait de route landinwaarts en begint de weg te stijgen richting Guájar-Faragüit. De eerste serieuze beklimming is de Alto de la Venta de la Cebada, die over 14,5 kilometer gemiddeld 5,3 procent omhoog loopt.

Na de afdaling volgt een korte klim naar Pinos del Valle. Vervolgens wacht de Puerto Las Albuñuelas, een korte maar venijnige klim van 2,4 kilometer aan 9,2 procent. Op de steilste stroken loopt het stijgingspercentage zelfs op tot 15,8 procent.

Na een nieuwe klim over bescheiden percentages trekt het parcours glooiend verder naar Padul. Daar begint de Alto de Legionario, een lange en geleidelijk oplopende strook. Echt steil wordt het nergens. Na ongeveer 84 kilometer zit het zwaarste klimwerk van de dag erop.

Een lange afdaling brengt de renners vervolgens naar het stuwmeer van Los Bermejales. Na nog wat glooiend terrein volgt de laatste officiële klim van de dag: de Puerto de Granada. Die is 11,7 kilometer lang en stijgt gemiddeld 4,2 procent. De top ligt op 37 kilometer van de finish.

Het grootste gedeelte van die resterende kilometers loopt naar beneden. Vanaf Huétor-Tájar, op 11,5 kilometer van de meet, is het parcours volledig vlak. Dat maakt een sprint mogelijk, maar een vlucht krijgt door het zware eerste deel van de etappe eveneens een goede kans op succes.

vrijdag 4 september
Etappe 13
StartES flagAlmuñécar12:41
FinishES flagLoja17:16 - 17:45

Etappe 14

De veertiende etappe is er eentje waarin de renners nauwelijks rust krijgen. Van Jaén naar de Sierra de la Pandera is het 152,7 kilometer en vrijwel nergens is de weg echt vlak. De climax ligt op de slotklim, die over 8,4 kilometer gemiddeld 7,8 procent stijgt.

Direct na de start loopt het asfalt geleidelijk omhoog richting Mancha Real. Vervolgens gaat het over glooiende wegen terug richting Jaén. Na ongeveer 69 kilometer begint de route opnieuw licht op te lopen, waarna de koers bij de Puerto de los Villares echt op gang komt. Deze klim is 10,4 kilometer lang en stijgt gemiddeld 5,5 procent.

Wie boven aankomt, zou in theorie bijna rechtstreeks richting de finish kunnen rijden, maar de organisatie heeft nog zestig kilometer koers in petto. Na een afdaling en een glooiende passage volgt de Puerto de Locubín, een klim van 8,8 kilometer aan gemiddeld 5 procent.

Daarna gaat het richting Valdepeñas de Jaén, waar een steil muurtje de finale inluidt. Na een korte afdaling loopt de weg verder omhoog richting de voet van de slotklim naar de Sierra de la Pandera. Die is 8,4 kilometer lang en stijgt gemiddeld 7,8 procent, met een steilste kilometer van gemiddeld 12 procent tussen de kale rotsen.

In de laatste kilometer gaat de weg eerst kort naar beneden, waarna de laatste honderden meters opnieuw stevig omhoog lopen. Het is de zevende keer dat de Vuelta op de Sierra de la Pandera finisht. Eerdere winnaars zijn onder anderen Roberto Heras, Alejandro Valverde, Damiano Cunego, Rafal Majka en Richard Carapaz.

zaterdag 5 september
Etappe 14
StartES flagJaén13:33
FinishES flagSierra de la Pandera17:19 - 17:44

Etappe 15

In de vijftiende etappe kan het letterlijk heet worden in de Vuelta. De renners trekken 181,2 kilometer door het hart van Andalusië, van Palma del Río naar Córdoba. Onderweg wachten ongeveer 2.800 hoogtemeters, maar vooral de laatste dertig kilometer zijn bijzonder interessant.

In 2024 finishte de Vuelta eveneens in Córdoba. Toen zorgde een klim in de finale ervoor dat het peloton flink uit elkaar viel. Wout van Aert bleek uiteindelijk de sterkste en sprintte overtuigend naar de overwinning.

Het parcours is dit keer niet hetzelfde, maar de vergelijking met 2024 dringt zich wel op. Ook nu ligt er in de laatste dertig kilometer een klim: de Puerto Artafi is 5,9 kilometer lang en stijgt gemiddeld 5,7 procent. Na de top volgt niet meteen een afdaling, want eerst blijft de route nog enkele kilometers op een plateau rijden.

Daarna gaat het naar beneden richting de laatste acht kilometer. Die zijn volledig vlak en vormen de ideale aanloop naar Córdoba. Voor de klim krijgen de renners vooral het typische Andalusische landschap voorgeschoteld, met glooiende wegen tussen uitgestrekte olijfgaarden.

Onderweg liggen nog de Puerto de Mojón Blanco en de Alto Villaviciosa de Córdoba, maar die hellingen zijn niet zwaar genoeg om grote verschillen te veroorzaken. De verwachting is dan ook dat de aandacht vooral in de slotfase naar de Puerto Artafi verschuift voor een spannende ontknoping.

zondag 6 september
Etappe 15
StartES flagPalma del Rio12:46
FinishES flagCórdoba17:17 - 17:45

Etappe 16

De zestiende etappe begint heuvelachtig, maar verandert onderweg in een relatief vlakke rit. Tussen Cortegana en La Rábida staat 186 kilometer op het programma. Vooral de openingsfase kan voor spektakel zorgen, aangezien het peloton vrijwel voortdurend over glooiende wegen rijdt.

Cortegana ligt op ongeveer 650 meter hoogte, ingeklemd tussen twee bergketens. De eerste veertig kilometer spelen zich dan ook grotendeels op hoogte af. De weg loopt voortdurend op en af, al zijn de klimmetjes nergens bijzonder lang of steil.

Juist daardoor is dit ideaal terrein voor aanvallers. Verschillende renners zullen vanaf de start proberen weg te rijden en het kan even duren voordat het peloton besluit welke vlucht genoeg ruimte krijgt. De strijd om de ontsnapping van de dag kan daardoor een stevig deel van de etappe in beslag nemen.

Na ongeveer honderd kilometer ligt het laatste klimmetje van de dag, maar die is niet gecategoriseerd. Daarna trekt de koers de vlakke wegen van Huelva op. De rest van de etappe kent nauwelijks nog noemenswaardige hoogteverschillen.

De finish ligt bij La Rábida, een franciscanenklooster in Palos de la Frontera. Mocht het tot een massasprint komen, dan is timing belangrijk. De laatste kilometer loopt namelijk vals plat omhoog, waardoor de pure sprinters mogelijk worden uitgedaagd door snelle mannen die beter uit de voeten kunnen met een oplopende finish.

dinsdag 8 september
Etappe 16
StartES flagCortegana13:18
FinishES flagLa Rábida17:19 - 17:43

Etappe 17

Tussen Dos Hermanas en Sevilla krijgen de renners 189 kilometer voorgeschoteld, maar slechts 900 hoogtemeters. De Vuelta maakt zich daarmee op voor een vrijwel volledig vlakke rit.

Twee edities geleden was Sevilla ook al aankomstplaats in de Ronde van Spanje. Toen was het de vlakste etappe van de wedstrijd. Een verwachte sprint tussen Kaden Groves en Wout van Aert kwam er uiteindelijk niet, want Pavel Bittner verraste de grote namen en pakte de overwinning.

Ook dit keer lijkt een massasprint het meest logische scenario. De start ligt in Dos Hermanas, een voorstad van Sevilla. Via een ruime omweg naar het zuiden en oosten wordt de etappe toch bijna 190 kilometer lang.

Van echte beklimmingen is geen sprake. De meeste hoogtemeters worden verzameld op lange stukken vals plat. Dat betekent dat het peloton waarschijnlijk een groot deel van de dag compact blijft en de sprintersteams de controle kunnen houden.

De finish ligt tussen het park María Luisa en de Guadalquivir. De laatste bocht ligt op ongeveer 800 meter van de streep, waarna de sprinters hun laatste versnelling kunnen plaatsen. Sevilla lijkt daarmee opnieuw klaar voor een klassieke massasprint.

woensdag 9 september
Etappe 17
StartES flagDos Hermanas13:24
FinishES flagSevilla17:20 - 17:42

Etappe 18

De tweede individuele tijdrit van deze Vuelta is een relatief vlakke aangelegenheid. Vanuit El Puerto de Santa María rijden de renners 32,5 kilometer naar Jerez de la Frontera. Onderweg worden slechts 169 hoogtemeters overwonnen en er liggen twee tussenpunten, na 11,7 kilometer en na 22,1 kilometer.

El Puerto de Santa María ligt aan de Golf van Cádiz, bij de monding van de Guadalete. Via de kortste route is Jerez slechts zo’n zestien kilometer verwijderd, maar de tijdrit maakt een ruime omweg om aan de kilometers te komen.

Na de start volgen enkele bochten waarmee de renners El Puerto de Santa María verlaten. Daarna kunnen ze de grote versnelling aanspreken en lange tijd voluit rijden. Bij Portal, na 12,7 kilometer, ligt een bocht die de snelheid tijdelijk uit de benen haalt.

Daarna is het opnieuw tijd om door te trekken. De route maakt een ruime boog rond de oostkant van Jerez, waarna de renners de stad vanuit het noorden binnenkomen. De finish ligt op de kaarsrechte Avenida Andalucía. Met zo weinig hoogtemeters lijkt dit een tijdrit voor de echte specialisten.

Jerez de la Frontera heeft bovendien een rijke Vuelta-historie. Twaalf edities geleden begon hier de ronde met een ploegentijdrit, gewonnen door Movistar. Voor de laatste individuele tijdrit in Jerez moeten we terug naar 1992, toen Jelle Nijdam de snelste was en meteen de eerste leiderstrui pakte.

donderdag 10 september
Etappe 18
StartES flagEl Puerto de Santa14:07
FinishES flagJerez de la Frontera

Etappe 19

In de negentiende etappe begint de Vuelta aan zijn laatste zware blok. Vanuit Vélez-Málaga rijden de renners 205,1 kilometer richting de top van Peñas Blancas. Onderweg staan drie beklimmingen op het programma, maar alles draait uiteindelijk om de slotklim van negentien kilometer.

De openingsfase is relatief rustig. Langs de Middellandse Zee rijdt het peloton via Málaga richting Coín. De eerste glooiingen dienen zich al aan, maar pas na ongeveer 75 kilometer begint het echte klimwerk met de Puerto de Las Abejas (14,4 kilometer aan gemiddeld 4,3 procent).

Direct na de afdaling volgt de Puerto de los Empedrados, ongecategoriseerd maar goed voor 7,1 kilometer aan gemiddeld 5,8 procent. Daarna volgt een korte afdaling, een nieuwe klim naar Puerto de Viento en uiteindelijk een lange duikvlucht richting Ronda. Daar wacht de Puerto Cerro Mojón, een oplopend stuk van liefst vijftien kilometer lang.

Na een korte passage op hoogte dalen de renners vanaf ruim duizend meter terug richting zeeniveau. Na de kust tussen San Pedro de Alcántara en Estepona te hebben gevolgd, begint de finale vrijwel op het strand. In negentien kilometer gaat het op Peñas Blancas van zeeniveau naar 1.270 meter hoogte aan gemiddeld 6,7 procent, met de eerste 2,5 kilometer als steilste passage (tot 12,5 procent).

In 2022 eindigde de Vuelta voor het laatst op Peñas Blancas. Toen zorgden Richard Carapaz en Wilco Kelderman voor een spannend duel op de flanken, waarin Carapaz uiteindelijk de overwinning pakte.

vrijdag 11 september
Etappe 19
StartES flagVélez-Málaga12:07
FinishES flagEstepona. Alto Peñas Blancas17:14 - 17:47

Etappe 20

De voorlaatste etappe is misschien wel de zwaarste van de hele Vuelta. Over 187 kilometer krijgen de renners ruim 5.000 hoogtemeters voor de kiezen. Aanvankelijk was dit een rit over de Alto de Hazallanas, maar die is onbegaanbaar vanwege aardverschuivingen. De route is nu aangepast: onderweg wordt vijf keer geklommen en fe finish ligt boven op de Collado de Alguacil.

Om zo dicht mogelijk bij het oorspronkelijke parcours te blijven, heeft de organisatie in samenwerking met de lokale autoriteiten besloten voor het eerst in de geschiedenis de beklimming van de Puerto de El Duque (6,2 km aan 7,8%) in het parcours op te nemen. Volgens de Vuelta-organisatie blijft de rit op die manier ongeveer even zwaar.

Door deze aanpassing krijgen de renners eerst de Puerto de Blancares (9,3 km aan 3,4%), dan tweemaal de Puerto de El Purche (8,9 km aan 7,5%) en eenmaal de Puerto de El Duque voor de kiezen, voorafgaand aan de slotklim naar de eveneens gloednieuwe Collado del Alguacil in de Sierra Nevada.

De slotklim van de Collado del Alguacil is 18,7 kilometer lang en stijgt gemiddeld 6,5 procent, waarbij vooral de tweede helft extreem zwaar is met lange stroken in de dubbele cijfers. De voorlaatste etappe is daarmee een ultieme test voor iedere klassementsrenner.

zaterdag 12 september
Etappe 20
StartES flagLa Calahorra12:36
FinishES flagCollado del Alguacil17:16 - 17:47

Etappe 21

De Vuelta a España 2026 eindigt met een korte slotrit van nog geen honderd kilometer. Vanuit Granada rijden de renners een lokaal circuit op dat vijf keer wordt afgelegd. Elke ronde bevat een klim naar Alhambra van ongeveer één kilometer aan gemiddeld 7,3 procent. De laatste top ligt op acht kilometer van de finish.

Granada vormt een sfeervol decor voor het slot van de Vuelta. Boven de stad torent het beroemde Alhambra uit, het Moorse paleizencomplex op de Sabika-heuvel. Het peloton krijgt het monument gedurende de finale regelmatig in beeld. De keuze voor Granada is bovendien mede ingegeven door het feit dat het Formule 1-circus in hetzelfde weekend Madrid aandoet. De Vuelta vermijdt daarom de hoofdstad.

De openingsfase van de slotrit is relatief rustig. Ongeveer 65 kilometer lang krijgt het peloton vooral licht glooiende wegen voorgeschoteld. Daarna begint de echte finale met vijf lokale rondes en vier beklimmingen op het circuit.

Het klimmetje naar Alhambra is één kilometer lang, maar met gemiddeld 7,3 procent stevig genoeg om het peloton telkens uit elkaar te trekken. Na vier passages over de helling wacht de laatste aankomst van deze Vuelta aan de voet van de klim. Geen vlakke massasprint in Madrid, maar een korte, explosieve finale in Granada die de Ronde van Spanje een passend slot moet geven.

zondag 13 september
Etappe 21
StartES flagGranada16:20
FinishES flagGranada19:06 - 19:24

Om te reageren moet je ingelogd zijn.