Voorbeschouwing: Strade Bianche 2021

Voorbeschouwing: Strade Bianche 2021

Van Aert werd in 2020 als winnaar gehuldigd - foto: LaPresse/Fabio Ferrari

zaterdag 6 maart 2021 om 08:00

Aankomende zaterdag is het weer ‘stofhappen’ geblazen voor de renners die de moeite hebben genomen om af te zakken naar het vaak zo idyllische Toscane. In de wielerkoers Strade Bianche draait het toch vooral om die heroïsche witte grondwegen. Wie volgt Wout van Aert op als vincitore? WielerFlits blikt vooruit!

In het najaarsnummer van RIDE besteden we ruimschoots aandacht aan het komende WK en lees je onder meer interviews met Peter Sagan, Wout van Aert en Jasper Stuyven. Profiteer nu van onze abonnee-actie en krijg tijdelijk bij het afsluiten van een jaarabonnement ons najaarsnummer gratis. Bestel je RIDE liever los? Bestel dan nu het najaarsnummer van RIDE en krijg het gratis thuisbezorgd.

Historie

Zaterdagmiddag, 3 maart 2018. Voor een moment leek het wel alsof Briek Schotte tot leven was gewekt en op een Ridley was gezet om deel te nemen aan Strade Bianche. De man die in de jaren veertig en vijftig van de vorige eeuw furore maakte als klassiekerspecialist en twee regenboogtruien wist te veroveren en in 2004, op de dag van de Ronde Van Vlaanderen, zijn laatste rustplaats vond. Het was echter niet de Laatste Flandrien die zich die dag een weg probeerde te banen tussen de cipressen en wijngaarden, over de besmeurde Toscaanse gravelwegen.

En toch leek Tiesj Benoot, besmeurd, getekend en met diepe groeven, die zaterdagmiddag als twee druppels water op zijn illustere landgenoot Schotte. De renner van Lotto Soudal kende in de twaalfde editie van de wittewegenklassieker een begenadigde dag. Hij besloot ver voor de streep in Siena om aan een, wat later bleek heroïsche, solo te beginnen. Benoot wist in zeiknatte omstandigheden het hele veld op te rollen, zijn laatste tegenstrevers uit het wiel te kletsen en op grinta zijn voorsprong vast te houden én zelfs uit te breiden.

Op het Piazza del Campo, in het hartje van aankomstplaats Siena, kwam er een einde aan zijn barre maar onvergetelijke tocht.

Een besmeurde en getekende Benoot ziet af op weg naar Siena – foto: Cor Vos

Benoot streed die dag niet tegen Gino Bartali, Fausto Coppi, Ferdi Kübler of Louison Bobet, maar tegen Romain Bardet, Alejandro Valverde en een nog jonge Wout van Aert. En toch deed de editie van Benoot in alles denken aan de begindagen van de wielersport. Het is de aantrekkingskracht van La Classica del Nord più a sud d’Europa. Strade Bianche brengt je voor even weer terug naar een tijd waarin er nog geen sprake was van controledrang of treintjesvorming. Naar een tijd waarin het individu voorop stond, met man-tegen-mangevechten tot gevolg.

De Toscaanse klassieker begon in 2007 nog als een experiment, een uitprobeersel. Er bestond al langere tijd een toerversie met de naam Gran Fondo Monte Paschi Eroica, maar voor een wedstrijd voor professionals moesten we nog even wachten. De allereerste uitgave van Strade Bianche werd overigens nog georganiseerd in het najaar en weinig toppers namen de moeite om nog af te zakken naar het noorden van Italië. Alexandr Kolobnev deed dit wél en was de allereerste winnaar in Siena, voor de Zweed Markus Ljungqvist en de Oekraïner Mikhaylo Khalilov.

Na de eerste editie in 2007 werd besloten om de wedstrijd voortaan niet in het najaar, maar in de lente te organiseren. Het bleek het beslissende zetje, aangezien steeds meer (top)ploegen en grote kampioenen interesse hadden om eens deel te nemen aan die gekke wedstrijd over gravelwegen. De eerste ‘lente-editie’ werd ook meteen gewonnen door een renner van naam en faam: Fabian Cancellara. De Zwitser werd geflankeerd door de toen regerende wereldkampioen Alessandro Ballan en de Duitse belofte Linus Gerdemann. De organisatie had weinig te klagen.

Runner-up Sagan feliciteert winnaar Kwiatkowski in 2014 – foto: Cor Vos

De Strade Bianche won al snel aan populariteit, ook ingegeven door de opwaardering van de wedstrijd (van 1.1 naar WorldTour-niveau) op de UCI-kalender en het unieke karakter van de koers. Na de eerste zege van Cancellara volgden er overwinningen voor Thomas Löfkvist, Maxim Iglinsky en Philippe Gilbert. In 2012 was het weer aan Cancellara om een glansrol te vertolken. De inmiddels gestopte Zwitser vindt zichzelf, na een laatste overwinning in 2016 – zijn afscheidsjaar, drie keer terug op de erelijst en mag zich nog altijd recordhouder noemen.

Dat laatste is ook de organisatie niet ontgaan. Het besloot dan ook om de Monte Sante Marie – de langste en zwaarste onverharde strook – in 2017 om te dopen tot de Settore Fabian Cancellara. “Een enorme eer”, aldus de Zwitser, die zelf de inwijding mocht doen. Andere renners op de erelijst zijn Moreno Moser, Michał Kwiatkowski (2014 en 2017), Zdeněk Štybar, de eerder bewierookte Benoot, Julian Alaphilippe en Wout van Aert. Over die laatste komen we nog uitgebreid te spreken, als we dieper ingaan op de editie van vorig jaar.

Laatste tien winnaars Strade Bianche
2020: flag-be Wout van Aert
2019: flag-fr Julian Alaphilippe
2018: flag-be Tiesj Benoot
2017: flag-pl Michał Kwiatkowski
2016: flag-ch Fabian Cancellara
2015: flag-cz Zdeněk Štybar
2014: flag-pl Michał Kwiatkowski
2013: flag-it Moreno Moser
2012: flag-ch Fabian Cancellara
2011: flag-be Philippe Gilbert

Štybar verslaat Van Avermaet op het Piazza del Campo, 2015 – foto: Cor Vos


Vorig jaar

De veertiende editie van Strade Bianche werd bij hoge uitzondering niet in het voorjaar verreden, maar pas op zaterdag 1 augustus. De organisatie was wel gedwongen om de wedstrijd uit te stellen, aangezien Europa in de weken voorafgaand aan Strade Bianche al flink werd geteisterd door het alsmaar oprukkende coronavirus. Vooral Italië had zwaar te lijden onder de crisis, de beelden vanuit de Italiaanse IC’s staan nog altijd op ons netvlies gebrand.

Heel even leek Strade Bianche toch nog te kunnen doorgaan in het voorjaar van 2020. Verschillende ploegen waren, enkele dagen voor de wedstrijd, zelfs al naar Toscane afgezakt om het parcours te verkennen. Andere teams slaagden er echter nauwelijks in om naar Italië te vliegen, aangezien het vliegverkeer langzaam maar zeker tot stilstand kwam. Uiteindelijk besloot het organiserende RCS Sport onder hoge druk om, in extremis, de koers toch af te gelasten.

Even wat verkoeling in snikhete temperaturen – foto: LaPresse

En zo moesten we enkele maanden wachten op de veertiende editie van Strade Bianche, maar vlak na het heropstarten van het wielerseizoen werd de wedstrijd dan tóch georganiseerd. De Toscaanse klassieker was ook meteen de openingswedstrijd van het (ingekorte) WorldTour-seizoen. Meer dan 170 renners stonden hevig trappelend aan de start. Ze konden niet wachten om weer te koersen over, in dit geval, stoffige gravelwegen.

Zes renners besloten na het startschot ten aanval te trekken, maar deze vroege vlucht werd al voor het begin van de televisie-uitzending opgeslokt door het peloton. Daar regende het zoals gewoonlijk lekke banden: Vincenzo Nibali en Peter Sagan waren de bekendste slachtoffers. Titelverdediger Julian Alaphilippe kreeg dan weer af te rekenen met mechanische pech, maar kon op tijd weer aansluiten in de eerste groep. Niet veel later koos de Fransman voor het offensief.

Alaphilippe versnelde op goed tachtig kilometer van de meet en kreeg een andere favoriet, Mathieu van der Poel, met zich mee. Het bleek een eerste waarschuwingsschot, maar de twee kleppers werden al vrij snel weer ingerekend. Alaphilippe en Van der Poel lieten zich al vrij snel een tweede keer opmerken, maar dit keer was het door een ongelukkige valpartij. Beide renners slaagden er wel in om weer vooraan aan te sluiten.

Van Aert op weg naar de zege – foto: LaPresse

De finale begon pas echt op de lange maar uitputtende gravelstrook van de Monte Sante Marie. Na enkele schermutselingen van de ‘mindere goden’ besloot Jakob Fuglsang met nog ruim vijftig kilometer te gaan om zijn kaarten op tafel te gooien. De Deen kreeg na verloop van tijd het gezelschap van Maximilian Schachmann, Davide Formolo, Alberto Bettiol, Greg Van Avermaet (die later moest lossen) en Wout van Aert.

Van der Poel, Alaphilippe, Sagan en ex-winnaars Kwiatkowski en Zdeněk Štybar hadden de slag gemist en zouden geen rol van betekenis meer spelen. De zes koplopers wisten al vrij snel dat één van hen er met de overwinning vandoor zou gaan. Op de Colle Pinzuto en Le Tolfe, de laatste twee sectoren van de dag, moest de beslissing vallen in deze Strade Bianche. Net voor het opdraaien van Le Tolfe voelde Van Aert zijn moment gekomen.

De renner van Jumbo-Visma nam een kleine voorsprong in de afdaling net voor het aansnijden van Le Tolfe, waarna hij stevig doortrok op de steile helling. Bettiol probeerde vlak voor de top met een ultieme krachtsinspanning nog naar Van Aert te rijden, maar bleef hangen op een tiental meter en blies zichzelf op. Een ijzersterke Van Aert bleef daarentegen volle bak doorrijden en moest in de finale Bettiol, Formolo en Schachmann achter zich houden.

Van Aert met zijn zegegebaar in Siena – foto: LaPresse

Van Aert slaagde in zijn missie en begon met een twintigtal seconden aan de laatste steile kilometer in Siena. Op het Piazza del Campo volgde het zegegebaar, na derde plaatsen in 2018 en 2019. Het was voor de Belg bovendien zijn eerste grote klassiekerzege op de weg. Exact een week later wist Van Aert een nog grotere vis aan de haak te slaan: Milaan-San Remo.

Uitslag Strade Bianche 2020
1. flag-be Wout van Aert (Jumbo-Visma) in 4u58m36s
2. flag-it Davide Formolo (UAE Emirates) op 30s
3. flag-de Maximilian Schachmann (BORA-hansgrohe) op 32s
4. flag-it Alberto Bettiol (EF Pro Cycling) op 1m31s
5. flag-dk Jakob Fuglsang (Astana) op 2m55s

Van Aert krijgt een champagnedouche van Formolo – foto: Cor Vos


Parcours

Uiteraard begint én eindigt Strade Bianche in het schitterende Siena, de hoofdstad van de gelijknamige provincie. Siena – tegenwoordig een toeristische trekpleister – was ooit niet meer dan een Etruskische nederzetting. En ook ten tijde van de Romeinen had het niet de grandeur van nu. Siena kreeg pas aanzien gedurende de middeleeuwen, en dan vooral op het gebied van de schilderkunst.

Het parcours is ongewijzigd in vergelijking met vorig jaar, wat betekent dat de renners 63 kilometer aan sterrati voor de wielen geschoven krijgen, verdeeld over elf sectoren. Als we er een rekenmachine bij pakken, zien we dat ruim dertig procent van de wedstrijd over onverharde wegen voert. En vergeet niet dat er ook het nodige ‘normale’ klauterwerk op het menu staat, waardoor we uitkomen op bijna vierduizend hoogtemeters. Strade Bianche is kortom meer dan alleen stofhappen of klieven in de modder.

Om 11.45 uur roept de speaker Andiamo en beginnen de renners aan een nieuwe editie van de Toscaanse klassieker. Na goed achttien kilometer doemt de eerste onverharde strook op, die van Vidritta. Een ‘opwarmertje’ van iets meer dan twee kilometer in licht dalende lijn. Elke onverharde sector heeft overigens zijn eigen verhaal. Sommige stroken zijn relatief kort, anderen dan weer kilometerslang. Sommige grindweggetjes zijn zo goed als vlak, andere sectoren gaan dan weer flink omhoog.

De aantrekkingskracht van Strade Bianche is dat het gevaar overal op de loer ligt en op voorhand niet te voorspellen valt waar de beslissing zal vallen. Vaak zien we een eerste échte schifting op de 11,9 kilometer lange Lucignano d’Asso, die vrijwel direct overgaat in de acht kilometer lange Ponte d’Arbia. Wie hier zijn fiets naar de haaien rijdt of ten val komt, zal een paar jasjes uit moeten doen om weer vooraan aan te sluiten. Energie die je vervolgens tekort komt in de finale.

Met nog ruim zeventig kilometer op de koersteller begint dwars door de Crete Senesi de daadwerkelijke finale met de 9,5 kilometer lange sector van San Martino in Grania, waar we wellicht enkele schaduwfavorieten naar voren zien flitsen. Wetende dat ze er onherroepelijk af moeten op de Monte Sante Marie. Deze laatste strook, sinds enkele jaren de Settore Fabian Cancellara – is 11,5 kilometer lang en zal het uiterste vergen van de al afgepeigerde renners.

Op de Monte Sante Marie komt alles samen. Wie hier wil schitteren, zal over een flink portie explosiviteit, stuurvaardigheid en inhoud moeten beschikken. De Monte Sante Marie is berucht vanwege het vele draaien en keren. De afwisseling van dalen en klimmen. Een goede techniek is hier zeker vereist, (ex-)crossers zijn hier toch wel in het voordeel. Na het afdraaien van deze strook is het ruim twintig kilometer tot de volgende onverharde sector.

Na de Monte Sante Marie is het spel ongetwijfeld op de wagen, maar we zijn er dan nog niet. In de laatste dertig kilometer volgen nog drie kortere stroken. We kunnen ze inmiddels wel dromen: Monteaperti (800 meter), Strade di Colle Pinzuto (2,4 km) en Le Tolfe (1,1 km). Op deze beklimmingen komt de nodige explosiviteit goed van pas, aangezien de percentages regelmatig in de dubbele cijfers schieten. Na de laatste strook van Le Tolfe is het nog zo’n tien golvende kilometers naar Siena.

Peter Sagan op weg naar Siena, 2016 – foto: Cor Vos

In het schelpvormige kloppende centrum van Siena wacht nog een laatste nijdige helling, op de plavuizen van de Via Santa Caterina. Met nog 1.500 meter te gaan begint het asfalt weer te stijgen, richting de vod van de laatste kilometer. De koplopers rijden eerst langs enkele typische Italiaanse huisjes, onderbroken door – een keurig onderhouden – heg. Dan volgt er een passage onder de middeleeuwse stadspoort.

Zodra de renners onder de Porta di Fontebranda rijden loopt het al lekker omhoog, maar op de plavuizen van de Via Santa Caterina is het pas écht afzien, met stroken tot 16%. Na deze muur moeten de renners zich nog door wat nauwe straatjes wringen richting de finishstreep op het Piazza del Campo. Wie de laatste bocht als eerste zonder kleurscheuren doorkomt, mag een zegegebaar naar keuze maken. Als winnaar van Strade Bianche.

Spoorboekje met onverharde stroken

Zaterdag 6 maart, Siena – Siena (184 km)
Start: 11.45 uur
Finish: 16.14-16.44 uur

Settore Sterrato 1: Vidritta (2,1 kilometer lang) – na 17,6 km
Settore Sterrato 2: Bagnaia (5,8 kilometer lang) – na 25 km
Settore Sterrato 3: Radi (4,4 kilometer lang) – na 36,9 km
Settore Sterrato 4: La Piana (5,5 kilometer lang) – na 47,6 km
Settore Sterrato 5: Lucignano d’Asso (11,9 kilometer lang) – na 75,8 km
Settore Sterrato 6: Pieve a Santi (8 kilometer lang) – na 88,7 km
Settore Sterrato 7: San Martino in Grania (9,5 kilometer) – na 111,7 km
Settore Sterrato 8: Monte Sante Marie (11,5 kilometer lang) – na 130 km
Settore Sterrato 9: Monteaperti (0,8 kilometer lang) – na 160 km
Settore Sterrato 10: Colle Pinzuto (2,4 kilometer lang) – na 164,6 km
Settore Sterrato 11: Le Tolfe (1,1 kilometer lang) – na 171 km
Totaal onverharde stroken: 63 kilometer

Stofhappen in Toscane – foto: Bettini


Favorieten

Het was nog even billenknijpen voor alle renners met ambities voor Strade Bianche, maar de lokale politiek besloot deze week dat de Toscaanse wedstrijd gewoon kan doorgaan op de geplande datum. Ook al geldt er vanwege het coronavirus ‘code rood’ in de provincie Siena. En dit betekent dat we ons kunnen verheugen op een nieuwe editie van de voorjaarsklassieker, met een deelnemersveld om de vingers bij af te likken!

Zo staan er verschillende oud-winnaars aan het vertrek in Siena. Denk maar aan Julian Alaphilippe, die wellicht als topfavoriet van start zal gaan. De Fransman van Deceuninck-Quick-Step won de wedstrijd al eens in 2019 en liet in de weken voor Strade Bianche al zien over een bijzonder goede vorm te beschikken. In de Tour de La Provence klom hij met de wereldtop mee omhoog en in Omloop Het Nieuwsblad was hij een van de smaakmakers.

Wereldkampioen Alaphilippe zal op jacht gaan naar zijn tweede zege – foto: Cor Vos

Imponerend kunnen we het zeker noemen, de manier waarop Alaphilippe op de Berendries wegreed van kleppers als Greg Van Avermaet en Sep Vanmarcke. In de Omloop bleek de streep echter veel te ver te liggen voor een solist en dus werd de Fransman op tijd weer opgeslokt. In Strade Bianche zal er geen sprake zijn van controle en kan Juju naar hartenlust aanvallen. Is hij straks de eerste regerende wereldkampioen die zegeviert in Siena?

Dan zal Alaphilippe wel moeten afrekenen met zijn, op papier, twee grootste concurrenten: Wout van Aert en Mathieu van der Poel. De Belg start als titelverdediger, Van der Poel zal uit zijn op sportieve revanche na een mindere editie in 2020. De vraag is of Van Aert al goed genoeg is om mee te doen voor de zege, aangezien hij dit seizoen nog geen wedstrijd heeft gereden. De renner van Jumbo-Visma verbleef de afgelopen weken op Tenerife.

Op het Spaanse eiland probeerde Van Aert, samen met onder meer zijn persoonlijke trainer Marc Lamberts, om de puntjes op de i te zetten na een intensief crossseizoen. Een paar weken geleden moesten er nog een paar kilo’s af en dus is het misschien niet realistisch om eenzelfde masterclass te verwachten als vorig jaar. En toch, we zijn nu weer een paar weken verder en dat moet voor een klasbak als Van Aert misschien wel volstaan om op tijd klaar te zijn. Volgens sportief manager Merijn Zeeman heeft Van Aert een geweldig trainingskamp achter de rug, maar zal hij nog niet top zijn in Strade Biance.

Kan Wout van Aert zijn titel prolongeren? – foto: Cor Vos

Over de vorm van Mathieu van der Poel hoeven we niet te twijfelen. De Nederlandse kampioen is uitstekend aan zijn wegcampagne begonnen. In de UAE Tour reed hij slechts één etappe mee, aangezien zijn ploeg Alpecin-Fenix uit de ronde moest stappen na een coronabesmetting, maar won hij gelijk de openingsrit na een waar waaierspektakel. En ook in Kuurne-Brussel-Kuurne maakte Van der Poel indruk met een aanval van zo’n tachtig kilometer.

Winnen deed Van der Poel niet in Kuurne, maar de renner van Alpecin-Fenix wist het peloton weer eens op de pijnbank te leggen. Ook in Le Samyn maakte hij indruk. “Ik heb mij wel geamuseerd”, kon Van der Poel lachen na Kuurne-Brussel-Kuurne. En na Le Samyn: “De vorm is goed. Zeker tegenover vorig jaar, toen ik naar de Strade Bianche trok, is het verschil heel groot. Vooral dat ik frisser ben, en ik heb ook de crossvorm kunnen meepakken. Dat helpt ook.”

Van der Poel kan zaterdag rekenen op steun van onder meer Xandro Meurisse en Gianni Vermeersch. Van Aert heeft man-in-vorm Chris Harper en Robert Gesink aan zijn zijde. En Alaphilippe? Deceuninck-Quick-Step rekent, hoe kan het ook anders, op een ijzersterke ploeg met Omloop Het Nieuwsblad-winnaar Davide Ballerini, João Almeida en Zdeněk Štybar, winnaar van de Strade in 2015. De Tsjech is altijd goed in Toscane en kan in een superdag ook zelf zegevieren.

Mathieu van der Poel is vol vertrouwen – foto: Cor Vos

De meeste ogen zijn gericht op de ‘Grote Drie’, maar er staan ook nog heel wat andere favorieten aan het vertrek. Zo hebben we Tom Pidcock namens INEOS Grenadiers. De jonge Brit heeft de stap naar de profs uitermate goed en vooral snel verteerd. In Omloop Het Nieuwsblad was hij onderweg een van de smaakmakers, in Kuurne-Brussel-Kuurne spurtte hij naar een derde plaats. Dat zijn goede signalen met het oog op Strade Bianche, toch wel een beetje zijn droomkoers.

“Zowel in de Omloop als in Kuurne-Brussel-Kuurne speel ik mee met de groten. Een beetje onverhoopt, maar het geeft me wel een boost aan vertrouwen”, zo vertelde Pidcock afgelopen zondag in Kuurne. “Ik kijk nu al uit naar de Strade Bianche van zaterdag. Ik denk dat ik dat ook moet aankunnen. Zeker, ik mag met open vizier koersen. Strade Bianche is nu ook de klassieker die qua parcours het dichtst bij een veldrit aanleunt.” Zeker nu het zaterdag lijkt te regenen…

Pidcock maakt komende zaterdag deel uit van een waar sterrenensemble van INEOS Grenadiers. De Britse formatie rekent namelijk ook op tweevoudig winnaar Michał Kwiatkowski, die ook altijd goed is in regenachtige omstandigheden maar woensdag wel zwaar ten val kwam in de Trofeo Laigueglia. Verder staat Egan Bernal aan de start. Het is voor de Colombiaan zijn eerste deelname aan Strade Bianche, maar Bernal was erg sterk in Laigueglia met een tweede plek achter winnaar Mollema. En wat kan de beloftevolle klimmer Pavel Sivakov?

Tadej Pogačar is meer dan een outsider – foto: Cor Vos

Let zaterdag ook op Jakob Fuglsang en Tim Wellens. De Deen werd in 2019 al eens tweede in Siena, maar moest toen buigen voor een ijzersterke Alaphilippe. Ook vorig jaar speelde Fuglsang een hoofdrol in de Italiaanse wedstrijd. Wellens, de nummer drie van 2017, begon uitstekend aan het seizoen met eindwinst in de Ster van Bessèges. In het Vlaamse openingsweekend was het niet veel soeps, maar hou zaterdag in zeiknatte omstandigheden toch maar rekening met regenrijder Wellens.

Voor Tadej Pogačar is het zijn derde deelname aan Strade Bianche, maar het is bijzonder onverstandig om de Sloveen zomaar aan de kant te schuiven. De regerende Tourwinnaar van UAE Emirates liet vorig jaar al mooie dingen zien op klassiek gebied, met een podiumplaats in Luik-Bastenaken-Luik en een top 10-notering in de Waalse Pijl. Dat belooft voor aankomende zaterdag. Aan de vorm zal het niet liggen: Pogačar won een week geleden nog met verve de UAE Tour.

Wat kan Greg Van Avermaet namens AG2R Citroën? – foto: Cor Vos

Twee renners die we zaterdag ook in de smiezen moeten houden, zijn Greg Van Avermaet en Davide Formolo. Van Avermaet is bijna altijd op de afspraak in Strade Bianche. In 2015 en 2017 stond hij al op het podium in Siena, maar winnen deed hij nog nooit. Is het dit jaar dan wél raak voor de kopman van AG2R Citroën? Van Avermaet liet in aanloop naar Strade Bianche al mooie dingen zien, maar is het ook genoeg om de hoofdvogel af te schieten?

Formolo eindigde vorig jaar als tweede, achter Van Aert maar voor toppers als Maximilian Schachmann, Alberto Bettiol en Fuglsang. De Italiaan zal waarschijnlijk niet de enige kopman zijn, in een ploeg met ook nog Tourwinnaar Pogačar, maar dat wil niet zeggen dat Formolo geen kans maakt op de zege. In de UAE Tour ging het allemaal nog niet geweldig, maar daar reed Formolo, en met succes, vooral voor de latere eindwinnaar Pogačar.

Mollema is in topvorm, zoveel is zeker na de Trofeo Laigueglia – foto: Cor Vos

BORA-hansgrohe komt met meerdere sterke renners aan de start, al is Peter Sagan er niet bij. Emanuel Buchmann en Patrick Konrad associëren we meer met rittenkoersen, maar beide renners wisten ook al wat top 10-noteringen te versieren in klimklassiekers. Bij de Duitse formatie rijdt overigens ook een ultieme outsider met Ben Zwiehoff. De 27-jarige Duitser is pas bezig aan zijn eerste maanden op het hoogste niveau, maar zal als mountainbiker wel raad weten met dit parcours.

Ook Groupama-FDJ brengt meerdere sterke renners aan het vertrek met Valentin Madouas en de Luxemburgse kampioen Kevin Geniets. En wat kan Stefan Küng in een dergelijk zware koers? Bauke Mollema en Gianluca Brambilla doen mee namens Trek-Segafredo. Let op Brambilla: de kleine Italiaan won twee weken geleden nog de Tour du Var en werd in 2016 al eens derde in Strade Bianche. Mollema maakte woensdag nog indruk met een winnende solo van zestien kilometer in de Trofeo Laigueglia.

Nu we het toch over Trek-Segafredo hebben: wat kan de jonge Quinn Simmons nu al in een koers als Strade Bianche? De juniorenwereldkampioen van Harrogate maakte onlangs indruk in de Franse koersen Ardèche Classic en Drôme Classic, maar er valt op tactisch vlak nog wel het nodige te leren. Bahrain Victorious zal vooral hopen op een uitschieter van Matej Mohorič. En wat mogen we verwachten van een renner als Diego Rosa van Arkéa-Samsic?

Wat kan Alejandro Valverde nog op zijn oude dag? foto: Cor Vos

BikeExchange komt met de ambitie startende Robert Stannard en Simon Yates aan de start, maar de Brit zal wellicht vooral wedstrijdprikkels willen opdoen met het oog op Tirreno-Adriatico. Israel Start-Up Nation leek met Michael Woods een kandidaat-winnaar in de gelederen te hebben, maar de klimmer ontbreekt op de voorlopige startlijst. De explosieve Canadees maakte dit seizoen indruk in de Tour des Alpes Maritimes et du Var.

EF Education-Nippo trekt met de nummer vier van vorig jaar, Alberto Bettiol, naar Siena. Astana-Premier Tech heeft ook nog Alex Aranburu tot zijn beschikking. Alejandro Valverde (derde in 2014 en 2015) en Iván García zijn interessante renners in het tenue van Movistar. Team DSM rekent tot slot op nieuwkomer Romain Bardet, die in 2018 al eens tweede werd.


Favorieten volgens WielerFlits
**** Julian Alaphilippe
*** Mathieu van der Poel, Wout van Aert
** Jakob Fuglsang, Tom Pidcock, Tadej Pogačar
* Bauke Mollema, Tim Wellens, Greg Van Avermaet, Michał Kwiatkowski

Website organisatie
Roadbook
Deelnemerslijst (ProCyclingStats)

Voorbeschouwing: Strade Bianche voor vrouwen 2021


Weer en TV

De renners moesten vorig jaar koersen in snikhete temperaturen, met een dagje stofhappen tot gevolg, maar aanstaande zaterdag zullen er af en toe wat regendruppels vallen. Zeker in de ochtend is er kans op wat neerslag, wat ook zijn invloed zal hebben op de koers. In de middag klaart het wel weer op. De temperatuur zal schommelen rond de tien graden Celsius.

De wedstrijd is ook dit jaar weer live te volgen via Sporza en Eurosport. Beide zenders beginnen dit keer al om 13.50 uur met uitzenden, na de vrouweneditie van Strade Bianche. De koers is ook te zien via GCN Racing.


Dit artikel delen:

134 Reacties

Vinyakke 4 maart 2021 om 07:49

Hmm, ik had matje en allaphilippe toch van plaats gewisseld. Zijn beulswerk in sameyn en Kuurne kon toch net wat meer overtuigen dan de aanval van alaphilippe in de omloop. Al was de aanzet wel overtuigend, het vervolg was dat niet meer. Al zou dat ook met de wind te maken kunnen hebben…

Arry1337 4 maart 2021 om 08:19

Als je puur naar de vorm kijkt denk ik dat je gelijk hebt. Maar het parcours en de finish in Siena liggen Alaphillipe toch beter. Ik denk als Mathieu wilt winnen dat hij eerder van Alaphillipe en van Aert af moet zijn.

bartp25 4 maart 2021 om 08:41

Dat denk ik niet alleen voor MvdP, maar ook voor van Aert en eigenlijk wie dan ook. Met alaphilippe aan de slotklim naar Piazza del Campo beginnen lijkt geklopt te worden. De versnelling die hij kan plaatsen bergop lijkt niemand te kunnen beantwoorden.

Arry1337 4 maart 2021 om 08:18

Hey! Denk jij te weten wie het goed gaan doen? Kijk dan even hier en doe mee!

https://www.wielerflits.nl/wielerforum/topic/spel-fan-flandrien-strade-bianche/

Er is slechts 1 wedstrijd in het klassement geweest, en aangezien de slechtste 3 resultaten worden geschrapt (of gemiste wedstrijden) kan iedereen nog mee doen.

Limal 4 maart 2021 om 11:22

Nog even de startlijst afwachten en dan komt mijn lijstje eraan!

harryjohan71 4 maart 2021 om 13:28

@Limal lijstje staat op PCS met rugnummers. Ik ga ervanuit dat dit de definitieve lijst is. Je weet het natuurlijk nooit.

Marik 4 maart 2021 om 08:38

Ik snap de verdeling van de sterren wel. Het is toch een beetje koffiedik kijken met de grote 3. Wat mij betreft had Van Aert ook de meeste sterren mogen krijgen. In ieder geval wordt dit een schitterende wedstrijd om naar uit te kijken.

bartp25 4 maart 2021 om 08:42

Natuurlijk moeilijk, van Aert heeft nog geen koers gereden dus het kan ook zomaar helemaal niks worden. Al denk ik dat de basisvorm van WvA al zeer sterk is.

Panache 4 maart 2021 om 10:40

Als de redactie MvdP hoger zet dan Van Aert (of andersom), dan gaat driekwart van de discussie over Nederland-België. Wat dat betreft is Alaphilippe wel een mooie en geloofwaardige joker.

Groetjesaandevoetjes 4 maart 2021 om 12:00

Alaphillipe heeft ook meer laten zien in Strade Bianchi in het verleden en doet niet onder voor Vd Poel in 2021 dusver, dus deze keuze is prima te rechtvaardigen.

Chippen 4 maart 2021 om 15:55

van aert als grootste kanshebber zetten is een beetje een sprong in het onbekende omdat hij nog niets liet zien dit seizoen

anderzijds valt van aert op de weg vrijwel nooit tegen, is hij daar altijd heel snel op heel hoog niveau en is hij 3 keer gestart in deze koers en heeft hij 3 keer podium gereden, wat niemand kan zeggen, dus zou het in zijn geval geen al te groot risico zijn om hem 4 sterren te geven op basis van vermoedens

honderdprocent 4 maart 2021 om 08:52

Na gister ben ik ook wel benieuwd naar Egan Bernal.

Krakowic 4 maart 2021 om 08:55

Het semi-werk zit erop, tijd voor het echte werk. Zin in! Hopen dat Bauke voor de winst kan gaan. Denk dat ie echt kans maakt als erbij zit voor de slotklim. Hoop ook op een goede Pidcock.
Weet iemand of Woods of Hirschi meedoen? Zie nog maar een paar namen (UAE) of geen namen (ISN) op de startlijst.

harryjohan71 4 maart 2021 om 09:06

Hirschi start het seizoen later

Groetjesaandevoetjes 4 maart 2021 om 12:01

Woods rijdt TA, dus verwacht hem eigenlijk ook wel in Strade Bianchi

harryjohan71 4 maart 2021 om 12:48

Israel Start-Up Nation

151 BEVIN Patrick
152 BIERMANS Jenthe
153 BOIVIN Guillaume
154 DE MARCHI Alessandro
155 RENARD Alexis
156 WÜRTZ SCHMIDT Mads
157 VAN ASBROECK Tom

Zo te zien geen Woods

HennieK 4 maart 2021 om 14:31

@Groetjesaandevoetjes: Het is weliswaar nog geen monument, maar het is wel tijd om de naam van de koers goed te gaan spellen: Strade Bianche met een “e” op het einde.

Geen dank.

Michelangelo 4 maart 2021 om 08:59

Meest fotogenieke koers van het jaar als je het mij vraagt. Nog geen monument, maar wat mij betreft nu al een klassieker…

Wim Kruithof 4 maart 2021 om 09:18

zeker… en hard op weg om op termijn het zesde monument te worden. Mooiste koers van het jaar wat mij betreft en groot inspirator voor Tro-Bro Léon en de Slag om Norg.

Om nog meer in het Toscaanse vacuüm te geraken, is de prono van Luuk van der Meer uit 2017 zeker ook de moeite van het nogmaals lezen waard.

RidderSchwobin 4 maart 2021 om 09:37

De Tro-Bro bestaat al 23 jaar langer dan de Strade Bianche, of bedoel je dat niet?

Peter Lippens 4 maart 2021 om 09:38

heeft op zich weinig met koers te maken, meer met botte sensatie, of je organiseert een cross wedstrijd af ween wegwedstrijd, maar dit is commerciele onzin.

Romāns Vainšteins 4 maart 2021 om 10:33

Nee hoor, koersen van het type Tro Bro, Strade, De Slag is de toekomst van het wielrennen.

Michelangelo 4 maart 2021 om 10:57

@Peter L,
De betreffende regio ligt vol met dit soort wegen. Het is niet dat je moeite moet doen om er 1 te vinden. En ze worden ook gewoon gebruikt om (al dan niet binnendoor) van dorpje A naar dorpje B te gaan. In die zin niet anders dan pakweg de Keutenberg of de Gulperberg. Of diverse kasseienklimmen in Belgie.

In dat opzicht is het dus niet echt een gekunselde koers in die omgeving. Het is hooguit een breuk met de traditie dat er altijd op asfalt geracet moet worden.
Dat daar wat heroiek en sensatiezucht achter zit, dat kan dan wel weer kloppen. Maar datzelfde kun je dan zeggen van de RVV of PR, daar kunnen ze ook prima om de kasseien heen fietsen als ze zouden willen. Maar daar hoor ik je niet over, want dat is “traditie”

Groetjesaandevoetjes 4 maart 2021 om 12:13

Monument worden gaat wel lastig worden. De Ronde van Vlaanderen is met de eerste editie in 1907 het jongste monument. Strade Bianchi bestaat dus 100 jaar minder lang. Bovendien zijn alle monumenten boven de 230km. Strade Bianchi zit op 184km. Qua prestige kan het op termijn wel meten met andere monumenten.

En ik verwacht wel weerstand van andere organisatoren als ze Strade Bianchi als 3e Italiaanse koers tot monument gaan rekenen.

monsieur soixante pourcent 4 maart 2021 om 15:14

@Michelangelo

Wat de Strade betreft gaat je vergelijking niet op, in Noord-Frankrijk en Vlaanderen liggen gewoon evenveel ‘plugstreets’, kan je gerust ook 63km van toevoegen.

Alleen werd er ooit geoordeeld dat een kasseiweg wél als verhard gezien wordt en een plugstreet niet. Dit onderscheid wordt overigens ook stedenbouwkundig gemaakt. Verharding vs halfverharding.

Bovenstaande doet echter geen afbreuk aan het feit dat dit een prachtige koers is die zich veelal prachtig ontvouwt.

Romāns Vainšteins 4 maart 2021 om 15:42

In de Baltische Staten is 80% vd wegen grind. Een mooie eendaagse in het Gaujas nationaal park met wat gemene kuitenbijters vanaf de rivier naar boven toe gaat ook fraai beeld geven.

Gilberto 4 maart 2021 om 09:03

Wat een deelnemersveld, zoveel kanshebbers, prachtig! Idd heel benieuwd naar Zwiehoff

sjoerdtjen 4 maart 2021 om 09:05

Alaphillipe moet inderdaad overboord voor de laatste helling in Siena.
Zal hopelijk leiden tot een spectaculaire finale!
Vooral ook benieuwd naar de vorm van WVA.

harryjohan71 4 maart 2021 om 09:15

Vorig jaar was Alaphilippe nergens te bekennen in Strade. Eerst maar eens afwachten wie waar zit bij de TV beelden. De kans is groot dat dan al kanshebbers door pech zijn geëlimineerd. 60 km voor de finish kun je als team gaan nadenken hoe je de finale moet aanpakken. Daarvoor is het vooral zorgen dat je kopman weinig energie heeft verspeeld en nog over een knecht (en) beschikt. Is dit het geval dan heb je de eerste ruim 100 km’s goed doorstaan.

Jooop 4 maart 2021 om 09:21

Kan wat mooie verhalen opleveren als ze wel met drie overblijven. Van Aert en Van Der Poel die beide af moeten van Alaphilippe, maar het ook beiden de ander niet gunnen om alleen aan te komen op de Plaza del Campo waardoor ze gezamenlijk Alaphillipe naar de meet brengen.

Persoonlijk denk ik dat Van Aert meer kans heeft om alleen weg te komen. Van Der Poel wacht even als Van Aert weg gaat, Van Aert in tijdritmodus naar de winst.

Berggeit1988 4 maart 2021 om 09:24

@harryjohan, vorige editie (die bloedwarme, augustus 2020) reed Flip vijf maal lek. Dus niet goed vergelijkingsmateriaal. Ik zou eigenlijk neigen om VDP en Flip evenveel sterren te geven (zeg vijf of drie wat je wil) en daarachter van Aert en Pidcock.

harryjohan71 4 maart 2021 om 09:34

@Berggeit1988 wel goed lezen. Ik heb het niet over waarom Allaphilippe er niet bij was. Van Van der Poel kun je hetzelfde zeggen. Als Alaphilippe zo vaak is lek gereden, kan het ook aan hem zelf liggen. Deze editie gaan lekke banden weer voorkomen. Dit hoort erbij en als renner moet je dit proberen te voorkomen. Dan wel een sterk team hebben die het kan opvangen. Vorig jaar kon DQS dit niet

Wim Kruithof 4 maart 2021 om 21:18

HarryJohan, ‘wel goed lezen’ schrijven naar Berggeit maar ondertussen zelf 10 jaar van zijn leven afsnoepen…

harryjohan71 4 maart 2021 om 21:48

Of mijn vingers zijn te dik. Mijn opmerking mbt Allaphilippe was geen kritiek op hem dat hij niet vooraan meestreed. Ik wist wel dat de oorzaak lekke banden was. Daarom zijn de eerste beelden van Strade altijd zo spannend “Wie heeft de eerste 100km “overleefd”. Door deze site en sporza is het al minder spannend door alle updates die hier en op Sporza van de 1e 100km verschijnen.

Luca Quasi 4 maart 2021 om 09:25

Mollema staat duidelijk in de schaduw van de grote 3: van der Poel, van Aert en Alaphilippe. Ideale situatie voor de man in topvorm. Ik zet mijn geld op hem.

Barry Batsbak 4 maart 2021 om 09:34

Ik denk het niet, maar ik hoop het stiekem wel. Als er iemand is met de gunfactor is het wat mij betreft Bauke.

Berggeit1988 4 maart 2021 om 09:25

Leuk stuk weer heren!

Ik denk dat VDP en Flip op basis van vorig weekend dé favorieten zijn, en Van Aert en Pidcock daar vlak achter en dan een tijdje niets maar met een ster zeker wel een outsider: Fuglsang, Mollema, Pogacar en Bardet. Die laatste kan hier ook presteren!

Vraag. weet iemand hoe het met Kwiato en Stybar zijn? Deze benoem ik expres niet want allebei zwaar gevallen, maar zouden anders hier altijd meedoen om de knikkers..

*** VDP, Alaphilippe
** Van Aert & Pidcock
* Mollema, Pogacar, Bardet, Fugl en Woods
Vraagteken maar zonder blessure een ster: Kwiato en Styby

lo squalo dello Stretto 4 maart 2021 om 09:26

Pogacar reed vorig jaar ook de Strade, hij werd 13e

Krakowic 4 maart 2021 om 09:35

Daar mag hij wat mij betreft dit jaar weer eindigen. Vreemd hoe zo’n antisupporter gevoel zich opeens kan manifesteren ten opzichte van een renner.. ik gun hem weinig, maar kan ook geen goede reden verzinnen waarom eigenlijk niet.

Gilberto 4 maart 2021 om 09:56

@krakowic, ik heb dat ook, heel vreemd

Limal 4 maart 2021 om 11:09

Moest hij de voor jullie ‘juiste’ nationaliteit hebben dan zouden jullie wellicht anders denken over Poga ;-)

Peetvader 4 maart 2021 om 11:20

Of de ‘juiste’ ploeg…

Limal 4 maart 2021 om 11:23

Haha, ook dat ja

lo squalo dello Stretto 4 maart 2021 om 11:25

Ieder zijn ding maar ik snap niet hoe je geen “fan” kan zijn van Pogacar. Een jong, nieuw gezicht wat aanvalt in de bergen en duidelijk een liefde heeft voor meerdere terreinen/koersen. What’s not to like?

dezwartevanbrakel 4 maart 2021 om 11:34

Ik deel dat gevoel. Nochtans is hij altijd een aardige kerel die ook attractief koerst.
Bij mij komt dit eerder vanuit de angst dat hij te dominant zal worden in het rondewerk. Ik had net hetzelfde bij Armstrong, Froome en Contador (in de dominante jaren), en zelfs bij Cancellara op klassiek vlak – een absolute klasbak op en naast de fiets – en Sagan. Het harder gunnen aan de underdog is een gevoel dat er bij veel mensen in zit.

Marik 4 maart 2021 om 11:37

Bij mij is dat gevoel ook herkenbaar en dat komt vooral bij mijn onderbuikgevoel dat de ploeg en de renner niet zuiver op de graat zijn.

tvm 4 maart 2021 om 11:40

@dezwartevanbrakel,

Met jouw nickname snap ik je redenatie. Laat me raden: je was fan van van Petegem (i.p.v. de dominante Museeuw). En wellicht ook van Soudal i.p.v. DQS?

Ik deel jouw gevoel overigens. Ik was fan van Ullrich (t.o.v.) Lance.
Hoewel Contador zeer dominant was in zijn hoogtijdagen en ik hem de zege toentertijd ook niet gunde, ben ik later meer van hem gaan houden. Door zijn attractieve koersstijl. Valverde daarentegen…

Cancellara ben ik wel altijd fan van geweest, juist omdat de meesten fan waren van Boonen.

Pogacar ben ik sowieso fan van, om meerdere redenen:
-underdog t.o.v. Jumbovisma afgelopen Tour.
-Mooie koersstijl
-Rijdt ook een zeer gevarieerd programma (is dus een liefhebber)
-Géén praatjesmaker (een verademing t.o.v. Evenepoel bijv.)

Limal 4 maart 2021 om 11:42

@Marik, heb je datzelfde gevoel bij pakweg WvA en Roglic? Als je ziet hoe dominant TJV de laatste jaren is zou dat ook niet onterecht zijn. Hoe moeilijk ook vanwege de jaren '90 en 2000 (en ja, ik weet wie er rondloopt bij UAE) blijf ik Poga het voordeel van de twijfel geven. Net zoals ik dat doe bij TJV, Matje, DQS etcetera.

lo squalo dello Stretto 4 maart 2021 om 11:47

Klopt, als dat de reden is vermoed ik dat je ook geen fan bent van TJV? Want ze domineerden de Tour vorig jaar, in tegenstelling tot UAE.

Krakowic 4 maart 2021 om 12:09

Nationaliteit speelt voor mij echt geen rol. De ‘juiste’ ploeg misschien wel inderdaad. Ik vind dat UAE een weinig sympathieke ploeg is, dat heeft dan misschien wel weer met nationaliteit (/oliedollars) te maken.
Ik denk dat toch die tijdrit in de tour er alles mee te maken heeft. Ik vertrouw het niet, of misschien ben ik een slechte verliezer en een te grote TJV fan, of misschien is hij inderdaad zijn positie als underdog kwijt (die altijd sympathieker lijkt in mijn ogen).

Marik 4 maart 2021 om 12:10

@ Limal en Lo Squalo neen dat gevoel heb ik bij de ander genoemden niet. Het mooie is dat gevoel los staat van ratio en/of logica. Bij mij is het gevoel wel gestoeld op de hele begeleidingsploeg van UAE én de tijdrit van Poga in de Tour. Overigens heb ik hetzelfde gevoel bij DQS, kan het niet hard maken, maar het gevoel is er wel.
Als je kijkt naar de begeleidingsploeg rond bijvoorbeeld TJV dan zit daar vanuit het verleden natuurlijk veel minder een luchtje aan.

Los daarvan: ik steek voor geen enkele renner mijn hand in het vuur (behalve voor Joost Posthuma)

Limal 4 maart 2021 om 12:32

@Marik, welk gevoel had je vorig jaar bij Hirschi (en SKA) toen die zo goed presteerden? Als je je toen geen bedenkingen gemaakt hebt zou je aan jezelf moeten toegeven dat het toch ook wel iets met nationaliteit (in dit geval van de ploegleiding) te maken heeft.

Overigens steek ook ik voor geen enkele renner (zonder uitzonderingen) mijn hand in het vuur.

Gitan 4 maart 2021 om 12:41

Limal, probeer daar nou toch geen rationele discussie mee te voeren.

Het gaat om teams die het of Jumbo of Matje moeilijk maken, die deugen niet. Mag best uiteraard, maar hang er geen genuanceerd verhaaltje aan op waarbij je je steeds meer in bochten moet wringen om het geloofwaardig te houden.

Jumbo-Visma is nota bene voortgegroeid uit Rabobank, een team dat nu ook niet meteen te boek staat als een clubje witte ridders…

Limal 4 maart 2021 om 12:52

Ik wring me niet in bochten, ik stel gewoon losstaande vragen die misschien tot zelfreflectie kunnen leiden ;-)

Gitan 4 maart 2021 om 12:54

Ik had het niet over jou hoor. Ik heb het over de users die een 'buikgevoel' hebben over bepaalde teams en renners. Blijkt dan in 100% van de tijd te gaan over directe tegenstanders van heilige huisjes Jumbo/Matje.

Niemand stelt zich vragen (ik ook niet overigens) over van der Poel, terwijl vader Adrie ook gewoon meerdere malen in zijn carrière tegen de dopinglamp is gelopen.

Sammysosa 4 maart 2021 om 13:06

Herkenbaar dit, al heeft het bij mij één zeer duidelijke oorzaak: ‘Hoe kan dit in hemelsnaam’ – Tom Dumoulin. Ik ben fan van Pogacars koersen, gun hem de Touroverwinning en alle die nog gaan komen als hij maar niet de wereldkampioen en de nummer 2 op 1:21 en 1:31 rijdt.

Marik 4 maart 2021 om 13:14

@Limal, het is mijn gevoel, ik haal er helemaal geen nationaliteit bij, daar zeg ik ook nergens iets over. Je kunt me wat dat betreft niet in die hoek duwen. En verder heeft het weinig zin om een discussie aan te gaan over iemands onderbuikgevoel.

Beer 4 maart 2021 om 13:24

Ik heb 'dat gevoel' bij Matje. Kan het niet uitleggen. Onderbuik.

DeGroteMolen 4 maart 2021 om 20:36

Denk je soms dat Matje aan de ketonen zit, na zijn beklimmingen van de Teide, Beer? Zal toch niet?

Romāns Vainšteins 4 maart 2021 om 09:33

Ik zie er een derde mee vandoor gaan en geef Pogacar een goede kans, mij hoop is Fuglsang maar ik heb geen zicht op diens vorm en motivatie.

Mocht het binnen bereik van de favorieten blijven zie ik Flip en QS het gelikt aanpakken met eerst zo’n tempo ontwikkelen dat de Antwerpse wonderboys geen vriendjes meer hebben en vervolgens Flip in het wiel laten volgen wanneer ze aanzetten om ze er te Siena afwachwachtpoeffen.

Merlinappa 4 maart 2021 om 10:26

Volgens mij is het nog nooit gebeurd dat een team daadwerkelijk het ploegenspel zo kon spelen in de laatste 20km.

Romāns Vainšteins 4 maart 2021 om 10:36

Die laatste 20 moet Flip gewoon niet overnemen.

Brabander 4 maart 2021 om 12:01

‘De Antwerpse Wonderboys’

Beter had ik het niet kunnen verwoorden. Die ga ik onthouden :)

Beer 4 maart 2021 om 13:25

Dat is idd een mooie :-)

Sjon 4 maart 2021 om 14:23

Die Kempenboertjes?

vanuit de kantlijn 4 maart 2021 om 09:36

Beste vreemd dat er nog geen startlijst bekend is met de huidige COVID-protocollen.

Limal 4 maart 2021 om 11:19

Daar wacht ik ook al dagen op! Vanuit Belgisch oogpunt ben ik vooral benieuwd of Vansevenant en Vanhoucke* starten.

(*betwijfel of het in deze tijden doenbaar is om na de Strade direct door te reizen naar Parijs-Nice waar hij aangekondigd is, maar ik zou hem graag in Toscane aan het werk zien)

RidderSchwobin 4 maart 2021 om 09:38

Wat een schitterende erelijst heeft de Strade Bianche, zeg. Alleen Moreno Moser valt wat uit de toon, al was die toentertijd ook een veelbelovend talent.

Kruisberg 4 maart 2021 om 09:57

Bauke gaat deze winnen!

LyndaLid 4 maart 2021 om 10:20

Niemand heeft het over Formolo, behalve een klein zinnetje in de voorbeschouwing?

Was vorig jaar al super, houdt (volgens mij?) van deze omstandigheden en heeft zich ontwikkeld tot een topper in het heuvelwerk. Was in Luik in 2019 toch ook de laatste man die bij Fuglsang lostte?

Met Pogacar als bliksemafleider in het groepje erachter zie ik hem als een leuke Dark Horse met een onverwachte aanval.

lo squalo dello Stretto 4 maart 2021 om 11:27

Denk op zich dat het niet zo’n verrassing is als Formolo wint. Probleem is dat deze startlijst zo goed gestoffeerd is dat je 10 namen kan noemen maar er evengoed nog 10 kan bijnemen.

Groningen 4 maart 2021 om 10:46

Drie absolute topfavorieten, maar wat daar achter komt mag er ook zijn. Pidcock, Bauke, Fuglsang, Pogacar, en nog een stuk of 10 verdere namen die er een mooie wedstrijd van zullen maken.
Bauke zou mooi zijn, maar eigenlijk hoop ik op een strijd tussen de grote 3, dan gaat de tactiek interessant worden, wie durft met wie naar de finish?

Limal 4 maart 2021 om 11:14

Behoudens pech lijkt mij Alaphilippe ook de grootste kanshebber – als hij gewoon volgt tot de klim in Siena dan zie ik enkel Pogacar in staat hem te volgen. Een entente tussen Mathieu, Wout en Pidcock om er voordien van weg te rijden zou wel mooi zijn :-)

Fuglsang heeft mij nog niet overtuigd dit jaar. Ik verwacht eigenlijk meer van Bauke en de heuvelspecialisten Madouas en Konrad.

harryjohan71 4 maart 2021 om 11:22

@Limal In Strade is het alleen nooit gewoon volgen tot de klim in Sienna. Het is gelukkig minder voorspelbaar dan de Belgische wedstrijden.

Limal 4 maart 2021 om 11:27

We hebben het hier wel over Alaphilippe natuurlijk. Volgens mij is dat voor hem de juiste tactiek – in tegenstelling tot de meeste andere topfavorieten móét hij er niet vroeger van weg rijden; hij kan volgen en alles op de slotklim zetten. De enige reden om dit niet te doen voor hem zou schrik voor lekke banden zijn, maar met het geweld achter hem in de vorm van WvA en MvdP acht ik het gevaar om na een vroegere aanval weer ingehaald te worden groter in. Denk aan Fuglsang vorig jaar…

harryjohan71 4 maart 2021 om 13:37

@Limal Ik zeg ook niet dat het niet de juiste tactiek is, maar meestal is het maar een zeer klein groepje die strijdt om de overwinning. Alleen volgen is dan nog niet zo makkelijk, tenzij hij nog een knecht heeft die het bijelkaar kan houden.

Derrick 4 maart 2021 om 17:40

Als het parcours er daadwerkelijk nat gaat bijliggen dan gaat het volgens mij toch echt gaan tussen de 2 veldrijders.

Koers 4 maart 2021 om 11:28

Wie is er in de buurt om het volgende op de slotklim te krijten:
BAUKE
BAUKE
BAUKE
BAUKE
BAUKE
etc.

Limal 4 maart 2021 om 11:30

Of waarom niet “BOEM Baukeslag!”

Marik 4 maart 2021 om 11:39

Ik ken geen enkele wielervolger die een hekel heeft aan Bauke. En dat is toch knap, zeker als je de verhitte discussies op dit forum voorbij ziet komen als het gaat om eigen favorieten.

LeoR 16 4 maart 2021 om 11:41

@ Marik, Anti-supporteren is dan ook niet toegestaan. ;)

Marik 4 maart 2021 om 11:43

Haha LeoR 16, desondanks gebeurt het hier bij de vleet.

xistnc 4 maart 2021 om 11:50

Krijten schiet op dat soort wegen niet echt op.

Romāns Vainšteins 4 maart 2021 om 12:08

Ik denk er over na om de côte des Forges zo onder handen te gaan nemen.

Groetjesaandevoetjes 4 maart 2021 om 12:20

Heeft Robert Gesink geen afkeer tegen Mollema? Dacht dat ik ooit in een interview las dat Gesink hem maar raar vond dat hij boeken las en soms uit het raam keek om niets. Dat zou dan ook de enige zijn die ik kan bedenken.

Limal 4 maart 2021 om 12:39

Ik ken die uitspraken niet, maar iemand wat vreemd vinden staat natuurlijk niet gelijk met er een afkeer van hebben. De interessantste mensen die ik ken hebben allemaal een beetje (of heel wat) een vreemd kantje.

PS: ik ben erg ontgoocheld dat niemand van jullie mijn suggestie naar waarde heeft weten te schatten ;-)

Romāns Vainšteins 4 maart 2021 om 13:18

Mollema heeft zelf verklaard dat hij en Gesink het tegenovergestelde van een klik hadden, gewoon botsende persoonlijkheden. Gesink is iemand die alles wil bespreken en Mollema heeft liever dat iedereen zijn bek houdt, ja, dat is lastig.

LeoR 16 4 maart 2021 om 11:40

Lijkt me dat Asgreen ook wel zal starten, wellicht gewoon als knecht aangezien de zwaardere klimmen hem minder liggen. Maar als hij van ver kan vertrekken en Flipje in de achtergrond alles op slot houdt, zie ik hem toch een eind ver door dieselen.

tvm 4 maart 2021 om 11:42

Start Asgreen ook? Dan een ster erbij voor Pedersen!

harryjohan71 4 maart 2021 om 13:25

zo te zie wel, dit zijn volgens pcs de DQS renners
91 ASGREEN Kasper
92 DEVENYNS Dries
93 ALAPHILIPPE Julian
94 ALMEIDA João
95 BALLERINI Davide
96 SERRY Pieter
97 ŠTYBAR Zdeněk
Vorig jaar eindigde hij op plek 72. Ballerini heeft vorig jaar de finish niet gehaald. Stybar heeft toen nog enigzins de meubelen van DQS gered. Het is afwachten wat Almeida kan.

tvm 4 maart 2021 om 11:43

Bestaat voor de Strade overigens al de bijnaam “het zesde monument”?

Zo niet, bij dezen.

Romāns Vainšteins 4 maart 2021 om 12:01

Ik ben het daar hartstochtelijk mee oneens.

Strade is wat mij betreft een schitterende niche koers die juist niet aan de oude monumenten moet worden vastgeplakt maar als voorloper dient te fungeren voor een nieuwe serie coole eendaagse koersen met als kern een flink gedeelte van het parcours over karakteristieke, geaccidenteerde ondergrond. Eerst dacht ik wel eens dat ze de Strade tot 250 moesten ophogen maar misschien is het beter om in deze nieuwe serie juist de afstand 180-200 aan te houden en écht het te gaan zoeken in de onverharde passages. Tro Bro, de nieuwe Paris Tours, Slag om Norg en kom maar op met ideeën.

Wat 6e monument betreft, het WK is dat natuurlijk allang als 'zwevend' element. Daarnaast is de huidige variant van Gent Wevelgem eerder aan de beurt om zijn intrede te doen.

Ward 4 maart 2021 om 12:31

Een monument bén je, je kunt het niet worden ;)

Limal 4 maart 2021 om 12:48

Wanneer was die term "monumenten" voor het eerst gebruikt, ergens begin jaren 2000? Voor mij heeft dat niet veel betekenis. Milaan – San Remo bvb mag dan wel een monument zijn, van de 300 km zijn er maar 20 het bekijken waard.

Persoonlijk hecht ik meer belang aan de omschrijving "episch" en op dat vlak staan de Strade en Paris-Roubaix op eenzame hoogte. Af en toe komen daar andere koersen bij naargelang de weersomstandigheden of een ongelooflijk koersverloop.

Wheely 4 maart 2021 om 12:57

Maakt me niet uit hoe we het noemen, het is gewoon een prachtige wedstrijd die geweldig staat op het palmares. Denk dat ie bij sommige renners gewilder is dan pak hem beet MSR.

Romāns Vainšteins 4 maart 2021 om 13:00

Toch heeft de Strade qua pure koers nog maar weinig ‘epische’ edities afgeleverd hoor, de Benoot-uitgave was prachtig ja.

Koers 4 maart 2021 om 13:01

Is een ‘monument’ niet gewoon marketingtrucje? Een beetje zoals 6 grote marathons zichzelf verenigd hebben als de ‘six majors’. Plotseling wordt een overwinning daar ineens zwaarder geacht. Uiteraard wordt strade die titel wel eens toegedicht, zoals dat ook wel eens met de Amstel gebeurde. Nadeel voor Strade is natuurlijk wel de relatief korte afstand, bestaat nog maar 10 jaar ofzo (de andere monumenten sinds 1900 ofzo) en er zijn al 2 Italiaanse monumenten.

Het aparte is nog wel dat je voor het winnen van Strade maar 300 punten krijgt terwijl er ook koersen zijn waar je 400 of 500 krijgt (500: monumenten, amstel en nog 1 meen ik)

Limal 4 maart 2021 om 13:05

@Romans, dat we er meestal pas op 60 km van de finish in kwamen met beelden heeft daar ook wel iets mee te maken – vaak was een groot deel van de strijd voordien al gepasseerd. Ik kan me trouwens wel enkele mooie duels herinneren, zowel onderweg als op de slothelling. Dat dit zich afspeelt met Toscaanse vergezichten en Siena als omgeving doet voor mij de epischiteit verder stijgen.

VespavanBern 4 maart 2021 om 16:15

Het feit dat de vraag moet worden gesteld zegt al genoeg. Een monument is nu eenmaal een monument, en dat is onvoorwaardelijk. Als je langs de kant van de Koppenberg in twijfel trekt of de Ronde van Vlaanderen nou wel echt een monument is, lacht iedereen je uit. Nederlanders hebben jarenlang ook gediscussieerd over of de Amstel niet ‘eigenlijk’ net zo mooi is als de monumenten, maar dat de vraag gesteld word en het een stelling is waarover gedebatteerd kan worden zegt al genoeg. Doet niks af van de schoonheid van de Strade of Amstel, maar een monument is een monument, de Strade en Amstel zijn dat niet.

Sammysosa 4 maart 2021 om 17:54

@Koers; UCI puntenverdeling De monumenten, Gent-Wevelgem, AGR, Quebec en Montreal. Waarom San Sebastian dan niet is me een raadsel. Interessant om te melden, uit de commentsectie van dezelfde pagina is de puntenverdeling uit 1976:

1976 SPP 1st place points
Paris-Nice 55
Milan San Remo 60
Semana Catalana 40
Amstel Gold Race 40
Tour of Flanders 60
Paris-Roubaix 65
Fleche-Wallone 45
Liege-Bastogne-Liege 45
Tour of Spain 70
4 Days of Dunkirk 50
Tour of Romandie 40
Giro d’Italia 75
Bordeaux-Paris 60
Criterium du Dauphine 55
GP di Midi Libre 50
Tour de France 110
World Road Title 70
Paris-Brussels 50
Tours-Versailles 60
GP des Nations 65
Tour of Lombardy 60

Om maar aan te geven dat de wereld nogal kan veranderen, al duurt het dan ruim een generatie.

Wheely 4 maart 2021 om 12:25

Wat gaat Almeida hier kunnen presteren? Die zou dit soort werk toch ook prima aan moeten kunnen.

Verweggistan 4 maart 2021 om 12:38

1 Mathieu
2 Wout
3 Pidcock

Jean Dumas 4 maart 2021 om 16:25

Flip is bergop de sterkste, ze zullen op de stroken van hem af moeten.

girardengo 4 maart 2021 om 12:47

Alaphilippe is voor mij favoriet no. 1, maar Van Aert, Mollema, Van der Poel en Formolo kunnen ook winnen. Ik ben geneigd Van Avermaet niet meer bij de favorieten plaatsen.

Wheely 4 maart 2021 om 13:01

Eens, weet alleen niet zo goed hoe het zit met de vorm van Formolo. Van Avermaet is zeker geen favoriet meer nee.

Martino87 4 maart 2021 om 13:25

Het is een mooie omgeving en een bijzonder parcours, maar in mijn beleving valt de wedstrijd zelf vaak tegen.

Headlines

Materiaalzone

Populair