WK wielrennen 2022: Voorbeschouwing wegwedstrijd beloften mannen

WK wielrennen 2022: Voorbeschouwing wegwedstrijd beloften mannen

Het podium van vorig jaar: goud voor Baroncini, zilver voor Girmay, brons voor Kooij - foto: Cor Vos

vrijdag 23 september 2022 om 05:00

Steevast een van de leukste wedstrijden op het wereldkampioenschap: de wegrit voor de beloften mannen. Ook in 2022 staat deze vrijdag op het programma, meer bepaald op vrijdag 23 september. Geen Remco Evenepoel of Juan Ayuso, maar wie zijn op het uitdagende parcours in Wollongong dan wel de favorieten? WielerFlits blikt vooruit!

De nieuwe RIDE is nu verkrijgbaar!
Gravel, kasseien, modder, zand, met tassen, zonder tassen: dat zijn de thema's van de nieuwe RIDE die eind september verschijnt. Bestel nu ons najaarsnummer online en krijg hem binnen enkele dagen thuisbezorgd. Bestel hem hier

Historie

Het WK U23 kent nog niet zo’n heel lange geschiedenis: er zijn ‘pas’ 25 wereldkampioenen in deze tak van de wielersport. Dat heeft er alles mee te maken dat de beloftencategorie pas in 1996 in het leven werd geroepen. Daarvoor heette die categorie nog amateurs en was er niet een specifieke leeftijdsafbakening. De laatste editie van dat WK werd overigens gewonnen door Danny Nelissen. De eerste editie nieuwe stijl vond plaats in het Zwitserse Lugano, waar Giuliano Figueras zich tot eerste U23-kampioen ooit kroonde. De Italiaan had het jaar voordien ook de wereldtitel bij de militairen veroverd.

Zijn grootste wapenfeiten bij de profs waren een tweede plek in de Ronde van Lombardije 2001 en een derde plek in de Clásica San Sebastián van 1999. Een jaar na Figueras was het de beurt aan Kurt-Asle Arvesen, de huidige ploegleider van Uno-X. De Noor verschalkte dat jaar Óscar Freire. De Spanjaard werd bij de profs wel drie keer wereldkampioen en groeide uit tot een topper. Arvesen was een verdienstelijk prof, werd talloze keren Noors kampioen en won in 2008 de E3 Prijs Vlaanderen. In de eerste vijftien jaren wonnen er meer jongens die uitgroeiden tot goede profs, maar geen kleppers werden. Iván Basso is de uitzondering.

Arvesen won in 1997 in San Sebastian; nu staat hij aan de basis van de Noorse WK-successen – foto: Cor Vos

De Italiaan was na Figueras en Arvesen de derde winnaar. Hij zou later – met af en toe een beetje hulp – tot de beste klassementsrenners van zijn generatie behoren. Oud-winnaars Jevgeni Petrov (2000), Yaroslav Popovych (2001), Sergey Lagutin (2003), Gerald Ciolek (2006) en Peter Velits (2007) lieten slechts af en toe nog sprankeltjes van hun grote talent zien. In die jaren zorgden Johan Vansummeren (2003, zilver) en Thomas Dekker (brons in datzelfde jaar, zilver in 2004) voor de medailles namens de Lage Landen. Tom Van Asbroeck (2012) en wijlen Bjorg Lambrecht (2018) deden er voor België nog eens brons en zilver bij.

De laatste tien edities is er echter een kentering te zien. Michael Matthews won in 2010 voor eigen volk in Geelong, waar overigens ook een bijzonder feit plaatsvond. John Degenkolb veroverde het zilver, maar het brons ging naar Guillaume Boivin én Taylor Phinney. De UCI-officials bekeken talloze keren de fotofinish, maar een verschil tussen hen was niet te zien. Het is de enige keer in de recente geschiedenis dat de UCI twee medailles voor dezelfde plek uitwees. Matthews groeide uit tot een van de beste wielrenners ter wereld en is dat nog steeds. Degenkolb won dan weer Parijs-Roubaix en Milaan-San Remo.

Ook in de edities daarna stonden renners op het hoogste schavot, die het schopten tot de wereldtop. Denk aan Arnaud Démare en Alexey Lutsenko. Kristoffer Halvorsen en Samuele Battistella krijgen nog het voordeel van de twijfel, terwijl Marc Hirschi in 2020 natuurlijk al de stap naar de beste coureurs ter wereld maakte. De weg van Matej Mohorič is een stuk geleidelijker; hij bevestigde eerder dit jaar met winst in Milaan-San Remo. Benoît Cosnefroy deed dat de laatste twee seizoenen al en knoopt ook dit jaar weer aan met topresultaten. Enige smet op deze rij is overigens 2019, toen Nils Eekhoff omwille van discutabele argumenten de wereldtitel door de UCI werd ontnomen.

Eekhoff won in Harrogate, waarna de UCI hem terugfloot – foto: Cor Vos

Laatste tien winnaars flag-wc WK U23 op de weg
2021: flag-it Filippo Baroncini
2020: geen editie vanwege corona
2019: flag-it Samuele Battistella
2018: flag-ch Marc Hirschi
2017: flag-fr Benoît Cosnefroy
2016: flag-no Kristoffer Halvorsen
2015: flag-fr Kévin Ledanois
2014: flag-no Sven Erik Bystrøm
2013: flag-si Matej Mohorič
2012: flag-kz Alexey Lutsenko
2011: flag-fr Arnaud Démare


Vorig jaar

Na een jaar afwezigheid vanwege de coronapandemie keerde het WK voor beloften vorig jaar terug in Leuven. Zoals gewoonlijk, stelde de koers niet teleur. Meteen vanuit het vertrek volgden de demarrages elkaar in rap tempo op, waarna uiteindelijk drie renners de vroege vlucht zouden kleuren: Logan Currie (Nieuw-Zeeland), Gleb Karpenko (Estland) en Adam Ward (Ierland). Eerstgenoemde zou het langst overblijven. Toen hij echter verkeerd werd gestuurd, nam Hugo Page (Frankrijk) heel even de leiding. Het peloton vatte hem echter snel in de kraag, waarna het spel opnieuw kon beginnen. Italië had in het peloton de leiding gepakt.

Dat resulteerde na een passage van de Smeysberg in een kopgroep van negen en later elf man. Daartussen een aantal sterke pionnen en outsiders uit de voornaamste landen, behoudens België. Met nog zeventien kilometer te gaan reed Mauro Schmid weg uit de kopgroep. De Nederlandse ploeg hield hem echter binnen schot, waarna Artur Kluckers (Luxemberg) op de Wijnpers de oversteek maakte. Alles bleef kort op elkaar rijden, tot vier kilometer voor het einde. Filippo Baroncini plaatste daar zijn versnelling en daarop had niemand een antwoord. De Italiaanse favoriet hield zijn solo voor tot op de meet.

flag-wc WK U23 op de weg 2022, flag-be Leuven
flag-nr1 flag-it Filippo Baroncini in 3u37m36s
flag-nr2 flag-er Biniam Girmay +2s
flag-nr3 flag-nl Olav Kooij allen z.t.
4. flag-it Michele Gazzoli
5.flag-gb Lewis Askey
Volledige uitslag
Volledig verslag

Baroncini soleerde als sterkste man in koers naar goud in Leuven – foto: Cor Vos


Parcours

Het WK vindt dus plaats in Wollongong. Deze stad ligt zo’n tachtig kilometer ten zuiden van de bekende stad Sydney en ruim tweehonderd kilometer ten noordoosten van de Australische hoofdstad Canberra. Wollongong dankt haar naam uit de taal van aboriginals, waar wollongong waarschijnlijk het geluid van de zee betekent. De Europeanen zetten hier voor het eerst voet aan wal in 1796, waarna kappers van cederhout de eerste inwoners waren. In 1834 werd vervolgens de stad gebouwd door Britse gedetineerden. Onder meer wijlen olympisch zwemkampioene Beverley Whitfield en voetballer Luke Wilshere zijn in Wollongong geboren. Die laatste kwam in de Eredivisie uit voor FC Twente en Feyenoord.

Industriestad Wollongong ligt dus aan zee, maar daar zullen de renners bijzonder weinig van zien. De beloften rijden quasi dezelfde route als tijdens hun tijdrit, met daarbij de toevoeging van de lastige Mount Pleasant. Daarover zo meer. De start is dit keer op Marine Drive, waar ook de finish ligt én de finish van de tijdritten was. Wat volgt is een eerste, uiterst technische fase. Door de korte opeenvolging van haakse bochten en oplopende straten is dit ideaal voor vluchters om al snel uit het zicht te raken. De renners passeren ook de atletiekbaan van Wollongong, waarna Gipps Road vervelend omhoogloopt. Een peulenschil met wat komt.

Het tweede deel is een relatief snel gedeelte van het parcours, omdat de renners hier via meanderende wegen om de campus van Wollongong University heen krioelen. Vervolgens komen ze voor een kort stukje uit op de Princes Highway, waarbij de reclamezuil van McDonald’s het volgende ijkpunt is. Die ligt aan een rotonde, waar de renners linksaf gaan. Aan het einde van die weg ligt Mount Ousley. Dit is een klim van ruim vier kilometer met de top buiten de stad, maar die klim rijden ze niet op. Na een kort stukje over Mount Ousley Road slaat het peloton rechts de parallelweg op, die we nu kennen als Dumfries Avenue.

Dumfries Avenue is een kort klimmetje van 700 meter met een gemiddelde stijging van 6,7%. Die kennen we intussen van de tijdritten. In de wegwedstrijden vormt deze helling een tweetrapsraket met Mount Pleasant. Deze kuitenbijter is 1,1 kilometer lang aan 7,7%. Maar na het relatief makkelijke eerste kwart, komt de gemiddelde stijging daarna vrijwel niet meer onder de 10% met een uitschieter naar 14%. Wel loopt de weg op enkele flauwe bochtjes na vrijwel constant rechtdoor omhoog. Hierdoor blijven aanvallers in het zicht, maar kun je jezelf vergalopperen. Vaak lijkt de afstand kleiner dan hij eigenlijk is.

Op de top van Mount Pleasant draaien de renners rechtsaf en duiken ze meteen naar beneden. Aan het eind van die weg gaat het vervolgens nog even heel steil omhoog. Daar zullen de renners echter weinig van merken, omdat je daar met veel snelheid aankomt. Vervolgens draaien ze de grote en brede New Mountain Pleasant Road op om verder af te dalen. Via Foothills Road en Cabbage Tree Lane blijft het in dalende lijn gaan tot aan treinstation Fairy Meadows, waar de renners via Clifford Street opklimmen naar Elliot Street. Die brengt hen vervolgens over het treinspoor en de Memorial Drive-snelweg, richting zee.

In North Wollongong slaan ze vervolgens rechtsaf Squires Way op. Hoewel dit parallel loopt aan het strand van Wollongong, zie je daar op de fiets weinig van. Een groenstrook met palmen dwarsboomt namelijk het uitzicht op zee. Deze weg gaat wel lange tijd rechttoe, rechtaan. Hier kunnen de krachtpatsers hun ei kwijt en kunnen ze vermogens gaan wegduwen. Pas als ze kort na een kleine rotonde rechtsaf van de George Hanley Drive afslaan, zien de renners de zee. Ze zijn dan op anderhalve kilometer van de finish.

De haven van Wollongong, met links de witte vuurtoren – foto: Cor Vos

De renners rijden dan op Clifford Road en die loopt tot aan de rode vod van de laatste kilometer vervelend omhoog. Normaliter liggen hier ook een aantal verkeersremmers om afdalende auto’s vaart te laten minderen, maar die zijn vanwege het WK tijdelijk even weggefreesd. Eenmaal boven is de spierwitte vuurtoren van Wollongong goed zichtbaar. Over een mooie, brede boulevard rijden de beloften daar naartoe, om vlak voor het lichtbaken rechtsaf te slaan richting de finish. Daar is de streep getrokken vlak voor het rugbystadion WIN Stadium. De totale afstand is 17 kilometer. De beloften zullen het rondje tien keer moeten rijden, voordat ze zich mogen opladen voor een (eventuele) sprint om het goud.

Vrijdag 23 september, WK wegwedstrijd beloften mannen: Wollongong – Wollongong
Aantal rondes: 10
Totale afstand: 169,8 kilometer
Hoogtemeters: 2520
Start: flag-au 13.00 uur / flag-nl flag-be 05.00 uur
Finish: flag-au rond 17.10 uur / flag-nl flag-be rond 09.10 uur


Favorieten

Het deelnemersveld dat vrijdag strijdt om de regenboogtrui is voorzien van alle vooraanstaande beloften en zelfs een aantal profs die ervoor kiezen om nog tijdens dit WK uit te komen. Alleen Ierland ontbreekt, omdat de Ierse bond de kosten voor het WK in Australië te hoog vond. Enorm zonde, want daardoor zien we bij de beloften niet grote talenten als Archie Ryan en Darren Rafferty. Die laatste maakte vorige week in de diepe finale van de GP de Wallonie nog indruk, terwijl Ryan dat met ritwinst in Slowakije ook deed. Desalniettemin zijn alle andere grote namen present. Wie pakt vrijdagochtend het goud?

Romain Grégoire wint hier op een muur in de Giro d’Italia U23 – foto: IsolaPress

Heel grote kans dat er achter die medaille vrijdag een Frans vlaggetje staat. Die equipe is namelijk volledig afgestemd op Romain Grégoire. De eerstejaars belofte moest vorig jaar op het WK voor junioren nog genoegen nemen met zilver, maar dit jaar is hij outstanding in de eendagskoersen voor beloften. De puncheur won in april achtereenvolgens Luik-Bastenaken-Luik U23, Giro del Belvedere, GP Palio del Recioto en de Ardense Pijl. Vooral de eerste drie gelden als zeer belangrijke afspraken bij de beloften. Zowel in de Giro d’Italia U23 als in de Ronde van de Toekomst won Grégoire een rit met een klassiekerprofiel. Hij zal hoe dan ook aanvallen, maar in een klein groepje is hij zeker niet kansloos in een spurtje. Mocht het wel bij elkaar blijven, dan heeft Frankrijk nog sprinter Paul Penhoët en aanvaller Bastien Tronchon als troefkaart bij zich.

Die laatste zal voornamelijk naar Nederland kijken. De selectie van bondscoach Adriaan Helmantel is dan juist weer helemaal ingesteld op een sprint. Axel van der Tuuk zal het overgrote deel van de achtervolging op zich moeten nemen, waarna de tweelingbroers Mick en Tim van Dijke hun sprinters in de finale moeten bijstaan. Casper van Uden en Olav Kooij moeten dit parcours kunnen overleven, waarbij die laatste de kopman is voor Nederland. Hoewel je het Jachtluipaard van Numansdorp snel zou wegzetten als sprinter, is hij zoveel meer coureur dan dat. Meespringen zal Kooij niet snel doen. Als hij er na de laatste keer Mount Pleasant nog bij zit, dan hebben andere ambitieuze mannen een groot probleem. Mick van Dijke is dan weer de grote dark horse in dit veld. Hij kan de koers in een klein groepje afmaken, maar overtuigde eerder deze week niet in de tijdrit.

Wie denkt dat Kooij een pure sprinter is, komt vrijdag bedrogen uit – foto: Cor Vos

Italië leverde in deze categorie de meeste wereldkampioenen (zes) af en is ook by far het land met de meeste medailles bij de beloften. Het zit er dik in dat daar vrijdag opnieuw eentje bijkomt. Vier van de vijf renners zijn in staat om er met de regenboogtrui vandoor te gaan. Davide De Pretto en de intrinsiek snelle Francesco Busatto zijn bezig aan een heel sterk seizoen, net als Bardiani-CSF-Faizanè-prof Martin Marcellusi. Hun grootste ijzer in het vuur is echter Nicolò Buratti. De 21-jarige renner van Friuli is in absolute bloedvorm. De laatste maand mocht Buratti zes keer zijn handen in de lucht steken. Hij won vorige maand onder meer de GP Poggiana en de GP Capodarco. De Italiaan heeft na een lastige koers zijn goede eindschot als wapen. Niet onbelangrijk: Buratti heeft tot op heden nog geen profcontract.

Ook Groot-Brittannië zit gebakken en heeft voor bijna iedere koerssituatie een renner die een rol kan spelen. Denk bijvoorbeeld aan Leo Hayter, eerder deze week goed voor brons op de tijdrit en eerder dit jaar de imponerende winnaar van de Giro d’Italia U23. Klimmer Oliver Stockwell en de snelle allrounder Sean Flynn kunnen meesluipen in ontsnappingen en zijn zelf dan niet kansloos. Toch zullen ze vooral mikken op Sam Watson. De klassiekerspecialist is aan de meet razendsnel en won op die manier dit jaar al Gent-Wevelgem U23 en een rit in de Vredeskoers. In de Giro d’Italia en de Tour de l’Avenir was hij ook dichtbij ritwinst. Watson werd ook tweede op het Brits kampioenschap: alleen Mark Cavendish was beter.

Sam Watson won dit jaar onder meer Gent-Wevelgem U23 – foto: Cor Vos

Het mooie aan het WK voor beloften is dat er heel veel kanshebbers zijn. Zeker dit jaar torent er niemand huizenhoog bovenuit, ook mede dankzij het veelzijdige parcours in Australië. Een land dat in deze categorie nooit mag ontbreken, is Denemarken. Zij brengen onder meer de sterke ronderenner Jacob Hindsgaul aan het vertrek, maar kijk vooral uit naar Sebastian Kolze Changizi. De laatstejaars belofte blinkt volgens hemzelf uit op hellingen van een inspanning van 30 seconden tot twee minuten. Net dat is nodig in Wollongong. Bovendien is Changizi katterap aan de meet in een groep tot vijftig renners. Zo won hij op lastige parcoursen in een eindsprint al ritten in Flèche du Sud en de Vredeskoers.

Joop Zoetemelk zei ooit: je moet eerst het bordje van een ander leegeten. Met relatief gezien zo veel landen met meerdere aspirant-wereldkampioenen in hun ploeg, kunnen de eenlingen in deze wedstrijd ook een heel eind komen. Hoewel Tsjechië met de sterke Petr Kelemen en de lichtvoetige sprinter Pavel Bittner nog twee outsiders in de ploeg heeft, zullen zij vooral mikken op Mathias Vacek. Rondom hem hangt een beetje een rookgordijn, maar talentvol is hij zeer zeker. Begin dit jaar won hij nog zijn eerste WorldTour-koers, maar daarna raakte hij uit de spotlights door het verdwijnen van zijn ploeg Gazprom-RusVelo. Nadien werd hij derde in de Vredeskoers, tweede op het EK op de weg in Portugal en tiende in de Tour de l’Avenir.

Dries De Pooter droeg al het shirt van zijn toekomstige ploeg Intermarché – foto: CyclingMedia Agency/IWG

De aanvaller zal dus zijn hoop moeten vestigen op een land dat in staat is om alles in de slotronde terug te brengen. Dat kan Nederland zijn, maar ook België. Zij staan hier met een ijzersterke ploeg aan de start, waarbij vooral vanuit het collectiefperspectief een gouden medaille zeer reëel is. Zo is Lennert Van Eetvelt al heel het jaar op dreef. Hij zal samen met Alec Segaert – die ook al de nodige wedstrijden won – de aanval kiezen. Fabio Van den Bossche (Alpecin-Deceuninck), Jenno Berckmoes en de snelle Vito Braet (beiden Sport Vlaanderen-Baloise) zullen zich waarschijnlijk wegcijferen voor Dries De Pooter. Hij vindt in Wollongong een parcours op maat en is in een klein groepje pijlsnel aan de aankomst.

Pure sprinters blijven veelal weg uit Australië, zo ook bij de beloften. Het is daarom vooral zoeken naar sterke klassiekertypes die een sprint in de benen hebben. Maar voor iemand als kersvers wereldkampioen tijdrijden U23 Søren Wærenskjold lijkt dit rondje er net iets te veel aan. Het lijkt waarschijnlijker dat Noorwegen hem en Tord Gudmestad achter de hand houdt en eerst gokt op een (late) ontsnapping die het haalt. In dat geval hebben ze met Per Strand Hagenes natuurlijk een heel sterke pion om op te wedden. De 19-jarige renner van Jumbo-Visma Development werd vorig jaar nog wereldkampioen bij de junioren. Bij de beloften heeft hij al meermaals gewonnen in wedstrijden met een gelijkaardig karakter en parcours.

Toptalent Per Strand Hagenes werd vorig jaar wereldkampioen bij de junioren – foto: Cor Vos

Een koers op je eentje rijden is nooit gemakkelijk. Het is wel makkelijker als je weet hoe het is. Dat geldt voor Erik Fetter. De 22-jarige puncheur uit Hongarije is een echte kampioenschapsrenner. Op de jongste twee EK’s voor beloften werd hij steeds vierde. Ook hij vindt in Wollongong een rondje dat op zijn lijf geschreven is. Zo eindigde hij op een oplopende sprint in de Tour de l’Ain 2020 al eens vijfde achter Andrea Bagioli, Primož Roglič, Stefan Bissegger en Tom Dumoulin. Vorig jaar won hij de lastige slotrit in de Tour de Limousin in een sprint voor Vincenzo Albanese en Valentin Madouas. Fetter pakt niet vaak uit. Maar als hij dat doet, is het wel vaak raak. Zijn vorm is in ieder geval uitstekend. Anderhalve week geleden werd hij nog tweede in de Ronde van Zuid-Bohemen.

Thuisland Australiër kijkt vooral uit naar de wegwedstrijd voor elitemannen, waar oud U23-wereldkampioen Michael Matthews een gooi doet naar het goud. Maar ook bij het WK voor beloften mogen ze hopen. Ze brengen als een van de weinige landen een topsprinter aan het vertrek in de persoon van Jensen Plowright (volgend jaar Alpecin-Deceuninck). Ook ronderenner Rudy Porter is van de partij. Een echte klassiekerspecialist hebben ze niet, maar toch komt klimmer Matthew Dinham daar het dichtst bij in de buurt. De Australiër won vorige maand nog een UCI 1.2-klimklassieker in de Alpen over La Toussuire en Lacets de Montvernier. In de Tour de l’Avenir werd hij dan vijfde in de zesde rit naar Oyonnax. Dat was bijna een heuvelklassieker, gewonnen door Grégoire. Enkele andere (schaduw)favorieten voor het WK eindigden daar ook kort.

Duitsland heeft een heel sterke ploeg, met onder andere deze Michel Heßmann – foto: Cor Vos

Italië en Groot-Brittannië zitten met een luxeprobleem opgezadeld en daarvan is er in Wollongong nog een ploeg. Duitsland is namelijk ook met een kwalitatief sterk en veelzijdig team afgereisd naar Down Under. Maurice Ballerstedt (Alpecin-Deceuninck), Europees kampioen Felix Engelhardt (volgend jaar BikeExchange-Jayco), Tim Torn Teutenberg (Leopard) en Hannes Wilksch (Team DSM U23) zullen allemaal met hoop starten. Dat is ook niet ongegrond, want in alle vier de gevallen moet je er niet van opkijken als het hen lukt. Dan is er ook nog Michel Heßmann. Hij is met topvorm uit de Ronde van de Toekomst (vierde in die bewuste rit naar Oyonnax) gekomen en pakte al brons op de tijdrit. Het punt is: ze moeten allemaal solo winnen.

De Duitsers zullen dus attractief moeten koersen en dat kan in het voordeel zijn voor nog een aantal outsiders die het daar ook van moeten hebben. Denk dan aan Arthur Kluckers (Luxemburg), die vorig jaar ook al de finale kleurde. Zet daar gerust ook Fran Miholjević (Kroatië), Iván Romeo (Spanje), de grillige Alexandre Balmer (Zwitserland), Martin Svrček (Slowakije), Germán Dario Gómez (Colombia) en Astana-prof Yevgeniy Fedorov (Kazachstan) bij. Draait het toch op een grotere sprint uit, vlak dan zijn landgenoot Gleb Brussenskiy, Vinicius Rángel (Brazilië), Rait Ärm en Madis Mihkels (Estland), Lukáš Kubiš (Slowakije), Luke Lamperti, Colby Simmons (beiden Verenigde Staten) en Matevz Govekar (Slovenië) niet uit. Maar die kans lijkt klein.

Matevz Govekar is sinds juni prof bij Bahrain Victorious – foto: Cor Vos


Favorieten volgens WielerFlits
**** Romain Grégoire
*** Olav Kooij, Nicolò Buratti
** Sam Watson, Sebastian Kolze Changizi, Mathias Vacek
* Dries De Pooter, Per Strand Hagenes, Erik Fetter, Matthew Dinham

Deelnemerslijst (FirstCycling)
Website organisatie


Weer en TV

Het is maar goed dat er donderdag geen wedstrijden zijn op het WK. Dan krijgt de regio ten zuiden van Sydney namelijk te maken met noodweer. Voor vrijdag meldt Weeronline ons het volgende: “Dan hebben de wielrenners mogelijk nog te maken met de naweeën van het regengebied van donderdag. Bewolking heeft de overhand en verspreid in de regio vallen ook een aantal buien. Het is dan ook niet uitgesloten dat een of twee buien over het parcours trekken. De buien zijn in elk geval niet meer zo zwaar als die op donderdag. De wind waait matig uit het oosten en veel warmer dan 19 graden Celsius wordt het niet in Wollongong.”

Voor wie graag niets wil missen van alle actie en het ongetwijfeld tumultueuze koersverloop bij de beloften, zit gebeiteld. Eurosport zendt op het hoofdkanaal en de Player de koers van start tot finish uit. Dat betekent dat je vrijdagmorgen al vanaf 04.50 uur achter je tv kunt kruipen. Sporza volgt wat later, op een iets beter tijdstip voor de meeste mensen. De Belgische zender is er vanaf 06.45 uur bij. Ben je niet in staat om de wedstrijd te kijken, dan kun je deze ook volgen en bespreken in het Wielercafé van WielerFlits!


Dit artikel delen:

27 Reacties

Stabanger 21 september 2022 om 16:13

Toch bizar he, en vaak zo.

Dat de winnaar Baroncini dacht dat ie al helemaal de ster ging zijn bij de profs,
terwijl de nummer 3 een dozijn koersen wint
en de nummer 2 de god van Hoogerheide klopt
én gewoon al een zware klassieker wint.

0
ChefSpijker 21 september 2022 om 17:01

Baroncini wel veel pech gehad dit jaar met blessures. En een sprinter als Kooij breekt sowieso sneller door bij de profs dan een type als Baroncini. Die moet eerst wat meer inhoud kweken voor de klassiekers. Bini is natuurlijk wel een geval apart.

1
Krist The Vanma 21 september 2022 om 16:28

Onbegrijpelijk dat Segaert hier geen ster krijgt.

0
Maillot à Pois 21 september 2022 om 17:16

In de tijdritten is Segaert top, maar in wedstrijden in lijn heeft hij dit jaar meestal in dienst gereden en in de grote wedstrijden nergens echt meegedaan om de zege. Dus helemaal onlogisch is het niet.

3
djerkson 22 september 2022 om 21:14

Eerder Van Eetvelt dan Segaert lijkt me.

0
Deel Koeper 21 september 2022 om 17:59

Leuke ongenuanceerde poging om de Eekhoff-discussie terug te proberen oprakelen.

Betwijfel trouwens dat de Belgen voor De Pooter gaan, dat zou ik eerder als plan D beschouwen.

4
meqadon 21 september 2022 om 18:46

Spijtig dat sommige beloften weinig trek hebben in het wk. Belgie had een veel sterkere ploeg kunnen afvaardigen, nu zullen ze enkel voor de ereplaatsen gaan vrees ik.

1
Gebruikersnaam 21 september 2022 om 19:21

Veel sterker? Met renners uit de World Tour dan? Nah, ik vind niet dat renners als De Lie of Uijtdebroeks op een beloften-WK thuis horen, hoe jong ze ook mogen zijn. Dan ben je gewoon een prof, dat hoort dan bij de keuze om zo vroeg naar de WT over te stappen.

Nys misschien nog wel, die is nog maar stagiair.

-2
ChefSpijker 21 september 2022 om 20:39

Plan D? Wie zijn A, B én C dan? De Pooter liet zich tussen de profs in Noorwegen al goed zien op een vergelijkbaar rondje. Zat mee met de besten en uiteindelijk nog afgezakt om te knechten voor Hermans. Lijkt me juist een mooie podiumkandidaat hier.

1
Romāns Vainšteins 21 september 2022 om 21:37

Inderdaad ja.

De blunder zat hem met name in het pas achteraf uitsluiten van Eekhoff, maar die stayerde toch wel een stukkie langer dan gemiddeld. Batistella heb ik overigens erg van genoten afgelopen vuelta, die is onderweg naar iets. Ik gok aankomend jaar op zijn doorbraak.

1
Steven_E 22 september 2022 om 22:41

Kooij reed toch meer profkoersen en WT-koersen dan Uitdebroeks? Zelfs De Lie reed nog niet eens zó veel wedstrijden op het allerhoogste niveau. Dus ja die konden mee, net als Nys. Dat je Evenepoel of Van Wilder niet selecteert (wat ook mag), dat lijkt me normaal :)

0
Maillot à Pois 22 september 2022 om 22:55

Bij Evenepoel mag dat niet meer denk ik, omdat die al verschillende WK’S bij de profs gereden heeft.

0
Yeez 21 september 2022 om 19:50

Kooij… mmm in Duitsland uitgevallen met een redelijk harde val en daarna niet meer gekoerst. Bovendien een redelijk zware klim voor zo’n sprinter

0
Het Vleesmonster Van De Visafslag 21 september 2022 om 21:54

Romain Gregoire 5 sterren, de rest maximaal 2, Olav Kooij 0.

0
Panache 22 september 2022 om 13:17

Ik zit niet ver van jouw inschatting af denk ik.

***** Romain Gregoire
**** —
*** Nicolo Buratti, Leo Hayter
** —
* Lennert van Eetvelt, Olav Kooij, Matevz Govekar

0
jonkerdag 22 september 2022 om 14:20

Ik denk dat je onze Noor een beetje teveel uitvlakt.

0
Cochise 21 september 2022 om 23:43

Nederland met 3 rasechte WT-profs dus? Verder enkel Fedorov van hetzelfde “kaliber”.

0
Bimbo Visma 22 september 2022 om 14:51

Vier zelfs. Alleen Axel (nog) niet

0
Cochise 22 september 2022 om 16:01

Ohja, Van Uden die zit sinds 1/8 ook vast bij het WT-team. Het was eerder een vraag trouwens. Zijn dat de enige vijf of mis ik er nog?

0
Maillot à Pois 22 september 2022 om 20:30

@Cochise
Nog een paar: Govekar bij Bahrain, Balmer bij BikeExchange, Penhoët bij FDJ (sinds 1/8) en Vinicius Rangel bij Movistar

0
diesflk 22 september 2022 om 08:44

Het is mij nog nooit opgevallen, maar het kan dus zijn dat er twee regenboogtruien in koers zijn? Dit jaar waren daar de deelnames van Filippo Baroncini en Julian Alaphilippe voor nodig. Of draagt de U23 kampioen de trui niet in koers? Wat te denken van twee regenboogtruien binnen de jumbo selectie volgend jaar!?

0
Youri IJnsen 22 september 2022 om 09:21

Dat is niet mogelijk. Een U23-kampioen mag de trui alleen aan tijdens 1.2U, 2.2U of 2.NCup. In die koersen geldt een leeftijdsgrens, waardoor de wereldkampioen er niet kan deelnemen. Tenzij Juan Ayuso volgend jaar bijvoorbeeld het WK wint en het jaar erop – in zijn laatste jaar als belofte, op papier – de Ronde van de Toekomst gaat rijden. Dat lijkt me niet, maar dan zou het eventueel kunnen.

Met nationale kampioenen werkt dat hetzelfde. Daar kan het alleen wel zo zijn dat de nationale kampioen samenkoerst in een wedstrijd met de nationale kampioen elite zonder contract. Als bijvoorbeeld Coen Vermeltfoort vorig jaar de Nederlandse titel had gepakt en Robin Löwik (toen nog elite zonder contract) bij de e.z.c. en ze hadden samen gereden in een nationale klassieker als de Ronde van Groningen, dan heb je het unieke geval dat er twee kampioenstruien in één koers rijden. Maar in de praktijk komt dit zelden tot nooit voor.

3
Maillot à Pois 22 september 2022 om 09:30

En voor de dames U23 is het nog erger: omdat er haast geen afzonderlijke wedstrijden voor U23 zijn en er de facto dus eigenlijk geen U23 categorie is, kan je zo’n trui eigenlijk nergens showen.

1
Angelo Pauwels 22 september 2022 om 10:52

Mijn favoriet is Romain Gregoire bij de beloften, kan lastige koersen aan en is bijzonder snel aan de meet.

0
RJV 22 september 2022 om 11:56

Leo Hayter lijkt mij ook hier iemand om op te letten. Het kan dat hij niet meer in zijn beste vorm steekt maar met zoveel talent kan die ook ineens weer terug zijn

1
Romāns Vainšteins 22 september 2022 om 20:09

Ik ga er iig relatief vroeg bij zijn, hoop ik.

Na deze koers zal er meer over de elite te zeggen zijn.

0
Pietspeed 22 september 2022 om 23:28

Voor Kooij als topsprinter is dit een kansloos parcours. Costiou, Gregoire, Van Eetvelt, Hayter, Waerenskjold, Per Strand Hagenes en Segaert zijn serieuze kanshebbers hier.

0

Reactie plaatsen

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.

Headlines

Populair

Materiaalzone