Voorbeschouwing: Gran Piemonte 2019

Door , donderdag 10 oktober 2019 om 08:00
Voorbeschouwing: Gran Piemonte 2019

foto: Cor Vos

Winnen zoals vorig jaar gaat Sonny Colbrelli vermoedelijk niet doen in de Gran Piemonte, die voor donderdag 10 oktober op de kalender staat. De finish is namelijk verlegd naar het op 1200 meter hoogte gelegen heiligdom van Oropa. Een aankomst met een Nederlands tintje, want hier won Tom Dumoulin in 2017 een Girorit. WielerFlits blikt vooruit!


Historie

De Italiaanse najaarsklassiekers volgen elkaar in sneltreinvaart op van de Giro dell’Emilia zaterdag tot Il Lombardia een week later. Voorlaatste in de reeks is de Gran Piemonte, de stokoude koers waarvan de geschiedenis teruggaat tot begin vorige eeuw. Giovanni Gerbi won meteen de eerste drie edities (1906-08) en is daarmee nog altijd mede-recordhouder. Want ook de illustere namen Costante Girardengo, Aldo Bini, Gino Bartali en Fiorenzo Magni pakten driemaal de winst.

Nico Mattan werd in 2001 de vierde Belg op de erelijst – foto: Cor Vos

Gerbi is tot op heden wel de enige renner die driemaal op rij wist te winnen, terwijl ook Bartali (als oudste winnaar) en Bini (als jongste winnaar) eigen records in handen hebben. De Italianen wisten liefst 58 jaar de erelijst van de semiklassieker te domineren, tot de Belg Willy Bocklant in 1964 de eerste buitenlandse winnaar werd. Bocklant zou niet de enige Belg blijven, want later schreven ook Eddy Merckx, Roger De Vlaeminck, Nico Mattan, Philippe Gilbert en Jan Bakelants de koers op hun naam.

Met Adrie van der Poel en Erik Breukink kwamen eind jaren tachtig, begin jaren negentig ook de eerste Nederlandse winnaars op het palmares van de koers die toen nog door het leven ging als de Giro del Piemonte. Pas sinds 2009 wordt de wedstrijd verreden onder de huidige naam. Nadat de ronde in 2000 en 2007 al eens afgelast moest worden door financiële problemen, was dit ook in 2013 en 2014 het geval. Daardoor maakt de erelijst enkele sprongen door de tijd.

Jan Bakelants won in 2015 in de stromende regen – foto: Cor Vos

In de jaren dat er wel genoeg geld voorhanden was, wonnen er ook meteen klinkende namen met Gilbert, Daniel Moreno en Rigoberto Urán. Sinds 2015 is de Gran Piemonte weer onafgebroken georganiseerd. Jan Bakelants won in de stromende regen, terwijl Giacomo Nizzolo een jaar later zegevierde in een sprint. In 2017 organiseerde de regio Piëmont de Italiaanse kampioenschappen op een gedeelte van het parcours. Fabio Aru soleerde na een zware koers naar zijn eerste titel.

Laatste tien winnaars Gran Piemonte
2018: flag-it Sonny Colbrelli
2017: flag-it Fabio Aru*
2016: flag-it Giacomo Nizzolo
2015: flag-be Jan Bakelants
2014: niet verreden
2013: niet verreden
2012: flag-co Rigoberto Urán
2011: flag-es Daniel Moreno
2010: flag-be Philippe Gilbert
2009: flag-be Philippe Gilbert
2008: flag-it Daniele Bennati
2007: niet verreden
2006: flag-it Daniele Bennati

* Fabio Aru werd Italiaans kampioen op het parcours van Gran Piemonte, dat hierdoor niet werd georganiseerd op de oorspronkelijke datum.


Vorig jaar

Op het relatief vlakke parcours van vorig jaar waren de sprinters favoriet. Namen als Elia Viviani, Fernando Gaviria en Caleb Ewan ontbraken echter, waardoor het uitkijken was naar bijvoorbeeld Sacha Modolo, winnaar van de Coppa Bernocchi Sonny Colbrelli en Eduard-Michael Grosu. Na amper vijf kilometer reed een kopgroep van vier renners weg, maar in de stromende regen bleken ze een vogel voor de kat.

Door het slechte weer gaven veel renners er de brui aan, maar zagen ook veel niet-sprinters hun kans schoon. Marco Marcato, Davide Ballerini, Andrey Grivko en Matti Breschel sloegen dan de handen ineen en sloegen een gaatje. Marcato en Ballerini gingen echter onderuit en Breschel en Grivko gingen samen verder. De Oekraïner voelde zich in zijn sas op de gladde wegen en liet zijn Deense vluchtmakker achter.

Maar ook Grivko bleef niet vooruit en op twaalf kilometer was alles weer samen. Een sprint leek de beslissing te gaan brengen in de koers, maar dat was buiten James Shaw gerekend. De jonge Brit speelde op de verrassing, waardoor het peloton in meerdere stukken uiteen brak. Uiteindelijk zou een kleine groep sprinten om de overwinning. Colbrelli ging van ver aan en de Italiaan zag niemand meer voorbijkomen.

Top-5 Gran Piemonte 2018
1. flag-it Sonny Colbrelli (Bahrain Merida) in 4u20m50s
2. flag-fr Florian Sénéchal (Quick-Step Floors) z.t.
3. flag-it Davide Ballerini (Androni Giocattoli-Sidermec) z.t.
4. flag-co Jhonatan Restrepo (Katusha Alpecin) z.t.
5. flag-it Riccardo Minali (Astana) z.t.

foto: Cor Vos


Parcours

Elk jaar is het weer een verrassing welk parcours de organisatie uit de hoge hoed tovert. In 2012 werd gestart vanuit Fossano en ging de koers over 188 kilometer naar Biella, waar de twee lokale ronden over de Favaro, van elk zeventien kilometer, Rigoberto Urán (toen nog koersend voor Sky) zijn beslissende slag sloeg. In 2015 lagen start (in San Francesco del Campo) en finish (Ciriè) op een half uurtje rijden ten noorden van Turijn, de hoofdstad van de regio Piëmont.

De koers keerde toen na twee jaar afwezigheid terug op de kalender en destijds was met name de tweede koershelft heuvelachtig. Nadat de kopgroep pas laat was ingerekend, sloeg Jan Bakelants diep in de finale het beslissende gaatje dat hem de overwinning bezorgde. In 2016 zorgde de klim naar Alice Superiore in de slotfase weliswaar voor een schifting, maar een groep van bijna veertig renners zou om de winst strijden. Giacomo Nizzolo pakte in Agliè de zege.

En vorig jaar startte de koers ongeveer drie kwartier rijden ten zuiden van Turijn, om dan via een enorme lus van 190 kilometer rond de regiohoofdstad naar het historische Stupinigi te rijden. Het was echter niet het relatief vlakke parcours, maar juist het weer dat de koers moeilijk maakte. Alle aanvallen ten spijt, uiteindelijk zou een sprint de wedstrijd beslissen en daarin was Sonny Colbrelli de snelste voor Florian Sénéchal en Davide Ballerini.

Colbrelli zal dit jaar wellicht niet winnen, want de organisatie heeft de aankomstlijn gepland op de top van de klim naar het heiligdom van Oropa. Daarmee is de semiklassieker een koers geworden voor de klimmers. De slotklim is namelijk 11,8 kilometer lang aan ruim zes procent. De Giro d’Italia heeft een geschiedenis met de klim, aangezien de ronde al zes keer finishte op de top van deze 1142 meter hoge berg. Onder meer Tom Dumoulin wist hier al eens te winnen.

De 103e editie begint in Agliè. De renners rijden aanvankelijk over relatief vlakke wegen naar het plaatsje Valdengo (na 145,4 km) en de voet van de eerste klim van de dag, de Nelva (13 km aan 3,5%). Na een afdaling van elf kilometer bereikt het peloton Biella – en daarmee de voet van de slotklim naar Santuario di Oropa (11,8 km aan 6,2%). Waar in 2012 werd geklommen tot aan het gehucht Favaro (739 meter boven zeeniveau), gaat het dit jaar dus nog een stukje hoger.

Al bij het uitrijden van Biella begint de weg lichtjes op te lopen. De eerste vijf kilometer is goed te doen aan ongeveer vier procent gemiddeld, met een enkele uitschieter naar 7,4 procent. Op de kasseitjes van het bewoonde gedeelte van Favaro lopen de stijgingspercentages plots op tot wel dertien procent. Daarmee is het het steilste deel van de klim bereikt. Vanaf dan volgt de route de Strade Provinciale 144 tot aan de Basilica Superiore op de top aan gemiddeld 7,6 procent.

Datum: Donderdag 10 oktober
Traject: Agliè – Santuario di Oropa (Biella)
Totale afstand: 183,0 kilometer

Start: 11.55 uur
Finish: 16.14 – 16.43 uur


Favorieten

De organisatie van de Gran Piemonte verwelkomt tien WorldTour-teams en negen Procontinentale formaties, twee WorldTour-teams minder dan vorig jaar. Lotto Soudal, CCC (het voormalige BMC) en Deceuninck-Quick Step zijn er ditmaal niet bij, daartegenover staat de toevoeging van AG2R La Mondiale. In vergelijking met 2018 zijn ook Arkéa Samsic, Cofidis en Vital Concept-B&B Hotels nieuwkomers op de startlijst.

Egan Bernal – foto: Cor Vos

Op papier is Team Ineos het te kloppen team. De Britse ploeg stuurt een team naar Italië, waar duimen en vingers bij kunnen worden afgelikt. Het absolute uithangbord is Tourwinnaar Egan Bernal, die ook in de Giro della Toscana dichtbij winst was. Als de Colombiaan zijn wonderbenen weet boven te halen op Oropa, wordt het voor de concurrentie lastig om te volgen. Ivan Ramiro Sosa is het andere klimwonder tussen hardrijders als Jonathan Castroviejo en Filippo Ganna.

Girowinnaar Richard Carapaz is in de nadagen beland bij Movistar, want vanaf komend seizoen rijdt hij in de kleuren van Team Ineos in het peloton. De Ecuadoraan heeft op het moment van schrijven drie DNF’s op rij achter zijn naam in het WK, de Giro dell’Emilia en de GP Beghelli, maar vindt in de Gran Piemonte een parcours dat hem op het lijf geschreven is. Kan hij in Piëmont zijn eerste zege in een eendagswedstrijd pakken?

BORA-hansgrohe lijkt het succesvolle seizoen in stijl te willen afsluiten, want met Rafał Majka en Emanuel Buchmann heeft de ploeg twee van haar sterkste klimmers aan het vertrek. Majka werd keurig zesde de uitslag van de Giro d’Italia. Drieënhalve maand later flikte hij dat kunstje opnieuw in de Vuelta a España. Buchmann wist na zijn succesvolle Tour (vierde) evenwel geen uitslagen meer te rijden. En wat kan de van een blessure teruggekeerde Maximilian Schachmann?

Richard Carapaz – foto: Cor Vos

Normaal gesproken treffen we met Ben Hermans een van de belangrijkste kanshebbers aan bij Israel Cycling Academy. De Belg prolongeerde immers in juli zijn titel in de lastige Tour of Austria en was een maand later eveneens de beste in de Tour of Utah. Het is echter afwachten hoe hij ervoor staat na een zware valpartij in de CRO Race. “Ik voel me op dit moment niet echt goed, maar het is ook al slechter geweest”, zei hij kort daarna. Een vraagteken dus.

Nee, het gebeurt niet vaak dat Fausto Masnada in klassieke wedstrijden de eerste ‘Fausto’ op de erelijst kan worden. Zijn illustere naamgenoot Fausto Coppi kwam evenwel nooit verder dan de tweede plaats in de Gran Piemonte. De 25-jarige Italiaan is aan zijn laatste dagen bezig in de kleuren van Androni Giocattoli-Sidermec, want aan het einde van het seizoen verkast hij naar CCC. Kan hij zijn aanvalslust uit de Giro d’Italia nog eens boven tafel toveren?

Giovanni Visconti zit weliswaar al in de herfst van zijn carrière, maar er zit nog geen sleet op de benen van de inmiddels 36-jarige Italiaan van Neri Sottoli-Selle Italia-KTM. Zo won hij dit jaar nog etappes in de ronden van Slovenië en Oostenrijk, maar versloeg hij ook Tourwinnaar Egan Bernal in de Giro della Toscana. Met de Colombiaan kan de Neri Sottoli-Selle Italia-KTM-renner opnieuw de degens kruisen in de Gran Piemonte.

Rafał Majka – foto: Cor Vos

Afgelopen zomer evenaarde Warren Barguil met de tiende plaats zijn beste klassering in de Tour de France. Als laatste renner bleef de Franse kampioen binnen tien minuten van eindwinnaar Egan Bernal; een knappe prestatie, want daarna liepen de tijdsverschillen rap op. Ook de laatste weken is de renner van Arkéa Samsic goed bezig. Na de Tour volgden immers een tweede plek in de Arctic Race of Norway en ereplaatsen in de Coppa Agostoni en Giro della Toscana.

Aleksandr Vlasov is de meest in het oog springende naam bij Gazprom-RusVelo. De Russische kampioen won dit seizoen al de bergetappe naar de Kitzbüheler Horn in de Ronde van Oostenrijk, waarin hij tevens vijfde eindigde. Ook de laatste weken was hij aardig op dreef met de tweede plek in de Tour of Almaty en een negende in de Coppa Agostoni. De laatste weken rijgt ook Nikolay Cherkasov de ereplaatsen aaneen.

Bij Katusha Alpecin is Ilnur Zakarin de meest in het oog springende naam. De Rus won dit jaar in de Giro d’Italia nog de bergetappe naar Ceresole Reale, waarna hij in het eindklassement tiende werd. In de Tour de France en daarna kwam hij er echter niet aan te pas. Aan de aankomst op Oropa heeft Zakarin echter goede herinneringen, want in 2017 kwam hij er in de Giro als tweede boven na Tom Dumoulin.

Fausto Masnada – foto: Cor Vos

Bahrain Merida heeft met Sonny Colbrelli de titelverdediger in huis, maar de kans op een tweede opeenvolgende zege is klein op de bijna twaalf kilometer lange klim naar Oropa. Dan wordt toch vooral gekeken naar Mark Padun en Hermann Pernsteiner. Van de Oekraïner is onduidelijk hoe zijn vorm is, nadat hij door visumproblemen het WK miste. Zijn Oostenrijkse ploegmaat kijkt terug op een uitstekende Vuelta, waarin hij tot in de derde week met de besten mee omhoog reed.

Bij AG2R La Mondiale zal de focus vooral op Nans Peters liggen. De winnaar van de Giro-etappe naar Antholz was de afgelopen weken prima op dreef met als belangrijkste uitschieter de negende plaats in de Canadese WorldTour-koers van Montréal. Twee weken later was hij in eigen land derde in Parijs-Chauny. Bij de Franse ploeg maakt ook Clément Champoussin zijn opwachting. De pas 21-jarige stagiair was dit seizoen al vierde in de Tour de l’Avenir.

Het zijn niet de geijkte namen waarnaar we bij Astana moeten zoeken. Wellicht maken stagiair Vadim Pronskiy en Andrey Zeits op basis van hun huidige vorm nog de meeste kans. Pronskiy won namelijk dit weekend nog het jongerenklassement in de CRO Race, waar ploegmaat Zeits vierde werd in het eindklassement. De beloftevolle Kazach werd dit jaar ook al derde in de Tour de Langkawi en won ook de jongerenklassementen van de Tour de l’Ain en de Tour of Austria.

Giovanni Visconti – foto: Cor Vos

Voor Dan Martin is de Gran Piemonte een van de laatste koersen in de kleuren van UAE Emirates, want na dit seizoen verkast de Ier naar Israel Cycling Academy. Normaal staat hij in de Italiaanse najaarsklassiekers ook nog zijn mannetje, al was zijn aanloop ernaartoe niet opzienbarend. Bij Dimension Data keert Amanuel Ghebreigzabhier terug. De Eritreeër maakte indruk in de Vuelta, tot hij de strijd vroegtijdig moest staken door een valpartij. Afwachten hoe hij daarvan hersteld is.

De afgelopen tien jaar reed Pierre Rolland telkens op z’n minst een grote ronde, maar dit seizoen greep hij met zijn ploeg Vital Concept-B&B Hotels naast alle wildcards. Toch liet de Fransman de wedstrijden niet geruisloos voorbijgaan en was hij zevende in de Vuelta a Burgos en onlangs ook in de CRO Race. En ergens zit toch nog wel de glans van zijn ritzeges in de Tour de France op Alpe d’Huez (2011) en La Toussuire (2012).

Favorieten volgens WielerFlits
**** Egan Bernal
*** Richard Carapaz, Rafał Majka
** Ben Hermans, Fausto Masnada, Giovanni Visconti
* Warren Barguil, Ivan Ramiro Sosa, Aleksandr Vlasov, Ilnur Zakarin

Website organisatie
Deelnemerslijst


Weer en tv

De komende dagen is het zonnig en droog in de omgeving van Turijn. De loopt de temperatuur loopt op tot een aangename 21 ℃. De wind waait naar het westen en is zwak aan windkracht 1 à 2. In aankomstplaats Oropa zal het niet warmer worden dan 14 ℃. De koers is rechtstreeks te zien op Eurosport 2 en via de Eurosport Player (vanaf 14.45 uur). Bespreek het verloop van de wedstrijd in de ‘Volg hier’ op WielerFlits!


Dit artikel delen:

11 Reacties

chasse patat 8 oktober 2019 om 09:22

Als voorbereidingskoers op Lombardije lijkt het mij wijs van de organisatie om de klimmen er vanaf nu traditioneel in te houden.

ChefSpijker 8 oktober 2019 om 13:14

Je ziet toch wel een vrij matig deelnemersveld nu qua klimmers in de breedte. Zit waarschijnlijk sowieso te dicht op Lombardije. Zou me ook niet verbazen als Bernal uiteindelijk niet start, zeker als ie morgen zou winnen.

hartstikkebedankt 8 oktober 2019 om 10:03

Wel gek eigenlijk dat dit het ene jaar een semi-sprinterskoers is en het andere jaar een klimmerskoers. Het profiel lijkt dit jaar wel behoorlijk op Milaan-Turijn trouwens al zijn de klimmen langer.

Het zou super zijn als 1 of 2 van deze koersen WorldTour worden!

Romāns Vainšteins 9 oktober 2019 om 21:38

Dit hele najaar zou een status vergelijkbaar met de ardennen moeten krijgen en dan een mooie balans tussen klimmen en punchen. Het liefst met de Bergamo finale als orgelpunt.

Ricardo Otxoa 10 oktober 2019 om 12:01

Wat dat betreft kan een voorbeeld genomen worden aan Flanders Classics. Alhoewel ik geen fan ben (zoveel x de Paterberg in verschillende koersen proppen is absurd), heeft die organisatie toch een mooie twee weken in elkaar gedraaid met als hoogtepunt De Ronde. Ik heb geen idee in hoeverre deze reeks wedstrijden in Italië onder dezelfde organisatie valt, maar ik zou voorstellen begin op de dinsdag/woensdag na het WK al met koersen, en finish in weekend 2 met Lombardije als toetje.

BW52 8 oktober 2019 om 20:44

Gokje dan martin

Pietspeed 9 oktober 2019 om 13:33

Buchmann

Etio 9 oktober 2019 om 16:37

Rolland verdient op zijn minst een ster. Hij zou weleens kunnen verrassen morgen!

Polleke 10 oktober 2019 om 09:35

Koerst die nog ?

Marik 10 oktober 2019 om 10:33

Dat Italiaanse najaar is toch een fantastisch toetje. Er wordt ook lekker veel van uitgezonden, ik word er blij van.

Japsie 10 oktober 2019 om 10:56

Carapaz heeft sinds de Giro welgeteld 6 koersdagen gehad

Reactie plaatsen

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.

Headlines

Materiaalzone

Populair