Drie redenen waarom de Unibet Rose Rockets nu ook schitteren op het hoogste niveau
Special Als er nog mensen twijfelden aan het Unibet Rose Rockets-project van Bas Tietema, dan kunnen die opinies na de Ronde van Brugge de prullenbak in. Na jarenlang stappen zetten in de lagere regionen van de wielersport, doen de renners in de blauw-roze truitjes nu ook mee op WorldTour-niveau. Snelle man Dylan Groenewegen klopte Jasper Philipsen in een eerlijke sprint, en daarmee was de cirkel plots rond. Na afloop gingen we in gesprek met enkele sleutelfiguren.
1. Trouw gebleven aan de roots
Het verhaal van de ploeg van Tietema kent intussen iedereen die het wielrennen volgt. In 2019 begonnen voormalig BMC-talent Tietema, Josse Wester en Devin van der Wiel met een YouTube-kanaal waarop ze de de wielersport op een verfrissende en ludieke manier benaderden. In 2023 kwam daar vervolgens een continentale wielerploeg uit voort, intussen zijn ze aan hun derde jaar als ProTeam bezig. Maar hoe professioneel de ploeg is geworden: de drie oprichters stonden in Brugge nog altijd langs de zijlijn.
Tietema: “Andere mensen in de ploeg zorgen voor het echte succes, maar we laten met deze stappen wel zien dat je ook op een andere weg in de wielersport kunt komen. Wij hebben dat vanuit het medialandschap gedaan, op een vrij onorthodoxe manier. Maar dat kan op het hoogste niveau nog steeds. We brengen over de Ronde van Brugge vandaag ook nog gewoon een YouTube-video. Ik hoop dat dat anderen ook kan inspireren. Het toont aan dat je veel stappen in deze sport kunt zetten, als je het vol overgave doet.”
Het geeft de ploeg een soort aaibaarheidsfactor die bijvoorbeeld de Duitse legende Marcel Kittel charmeerde. Hij werd de nieuwe sprintcoach bij het team. “Ze zijn begonnen als YouTube-ploeg. Maar je voelt nog altijd dat ze een heel andere sfeer en ‘vibe’ hebben dan een doorsnee profploeg”, legt hij uit. “Ze pakken de dingen anders aan dan hun concurrenten, en dat werkt blijkbaar. Ze doen het heel goed.”
2. Duidelijke keuze voor de sprint
Op sportief vlak kwam de grootste stap afgelopen winter op de proppen. Tietema verdween zelf voor het eerst uit de naam van de ploeg ten voordele van het Duitse fietsenmerk Rose, dat hun Cannondale-fietsen kwam vervangen. Met dat extra budget haalden de eigenaars maar liefst vijftien nieuwe renners binnen, maar ook de staf en materiaalkeuzes werden heroverwogen. Elke euro die binnenkwam, werd slim besteed.
Naar het voorbeeld van Alpecin-Premier Tech, dat met Mathieu van der Poel en Jasper Philipsen op één wielersegment – de kasseiklassiekers en sprints – inzet, werden dat bij de Rockets de sprinterskoersen. “We zijn geen team met de budgetten van de grootste WorldTeams, dus daarin moeten we keuzes maken en creatief zijn. Het aantrekken van Dylan is voor ons een enorme stap geweest qua investering. Maar als je zo iemand binnenhaalt, moet je die ook op de juiste manier kunnen ondersteunen”, legt Tietema uit.
-
Lees ook Sprintcoach Marcel Kittel voelt klik met Dylan Groenewegen: "Dit ontbrak nog in mijn leven"
Het project met de Duitse sprintcoach Marcel Kittel, ploegleider Martijn Budding, zijn vaste Jayco AlUla-lead out Elmar Reinders en een hele trein overtuigde Groenewegen. “Maar ook het feit dat de banden, fietsen en wielen goed zijn afgestemd”, zegt Groenewegen. “Dat is iets waar ik specifiek om had gevraagd bij mijn nieuwe ploeg. Hier konden ze dat wel mogelijk maken, en dat werpt nu zijn vruchten af.”
Groenewegen binnenhalen bleek een cruciale zet, die de dominosteentjes één voor één deed vallen. “We rijden nu alle mooie wedstrijden in het voorjaar, we gaan met de Giro d’Italia onze eerste grote ronde rijden. Er zijn nog een aantal deurtjes die we graag open zouden willen, zoals de Ronde van Frankrijk (die ze eerder hun hoofddoel noemden, red.). We rijden nu al bijna een WorldTour-kalender en er zijn nog verschillen, maar ik denk dat de renners die niet merken”, besluit Tietema.

Kittel en Tietema in Brugge – foto: Fotopersburo Cor Vos
De 23-jarige Wessel Mouris voelt door Groenewegen ook een andere status in het peloton. “Vorig jaar werd je nog sneller aan de kant geduwd. Naar mijn gevoel is dat nu wel een stuk minder. We rijden hier in Brugge misschien met drie gasten die van het continentale niveau komen, maar we doen niet onder voor de grote ploegen. Door het vertrouwen dat Dylan het heel vaak afmaakt, willen zij het ook gewoon heel goed doen.”
3. Unieke ploeggeest
Het is een cliché, maar vraag het aan alle ploegen die ooit presteerden, van HTC Columbia tot de Wolfpack/Soudal Quick-Step en UAE Emirates XRG: een winnaarscultuur creëer je door een positieve sfeer. De humoristische kant van de video’s en de eeuwige glimlach van Tietema helpen daar natuurlijk wel bij. In weinig ploegen lijkt het zo gezellig als bij de Rockets, ook al zo’n ploegnaam die tot verbinding leidt. Dat merken wij als journalisten ook rond de ploegbussen op wedstrijddagen.
“We werken met een heel jonge groep, dat gaat soms met vallen en opstaan”, legt Tietema ons uit. “We proberen zelf zo veel mogelijk op de koersen aanwezig te zijn en onze renners te ondersteunen. Maar we weten ook dat, als we competitief willen zijn, we zelfs in die sfeer bezig moeten blijven met details in voeding, materiaal en nog beter op elkaar ingespeeld zijn. Daarmee gaan we verder, maar mooie overwinningen zoals in Brugge helpen natuurlijk gigantisch mee in het behouden van de sfeer.”
Teamgeest blijkt tijdens het gesprek met Kittel ook een stokpaardje van de Duitser, die uit zijn eigen jaren als topsprinter weet dat je een hechte groep moet bouwen om tot resultaten te komen. Daar zit misschien nog zijn grootste meerwaarde. Dat ziet ook Groenewegen zelf: “De afwisseling tussen de jonge gasten en een beetje ervaring werkt goed. Ik merk dat het de juiste keuze is geweest om naar de Rockets te komen. We hebben een goede match gevonden. Eentje waar we de komende jaren op kunnen doorbouwen.”
Ze maken elk jaar zulke grote stappen dat er ook elk jaar zowel gewezen kan worden naar uitzonderlijke prestaties als naar gebieden waar ze nog stappen moeten maken.
Dit jaar gaat het met de sprinttrein tot nu toe fantastisch en ze winnen nu inderdaad een WT-koers (echter wel 1 van minst prestigieuze).
In de andere WT-wedstrijden waar ze dit jaar zijn gestart (Omloop, Strade en MSR) zie je echter toch ook dat de ploeg nog wat te licht is op het allerhoogste niveau. De 12de plek van Kopecký in de Omloop was knap, maar in Strade en MSR zijn ze onzichtbaar. Is allemaal geen schande, maar je moet je ook niet laten verblinden door het succes. En heb de indruk dat zij dat zelf beter in de gaten hebben dan de journalistiek.
Wat dat betreft zijn Tudor en Cofidis wel duidelijk een stap verder.
Je kan in mijn ogen beter zoals Alpecin focussen op enkele speerpunten zoals Philipsen, Van der Poel, Groves en in het verleden Merlier en voor de rest enthousiaste maar op papier minder sterke renners hebben, dan zoals bv EF in de breedte een indrukwekkend team hebben, maar dat zelden wint.
Je mag trouwens ook niet vergeten dat Cofidis al sinds 1997 rond rijdt in het peloton, en Unibet eigenlijk nog maar pas komt kijken. Als je ziet wat voor gigantische stappen ze eigenlijk elk seizoen al hebben gezet, dan vraag ik me af hoe de verhouding Cofidis-Unibet zal zijn binnen dit en 2-3 seizoenen. Ik denk dat ze sneller dan je denkt op en over Cofidis zullen gaan.
Overigens denk ik dat Renard nog wel wat marge heeft. Kan erg goed sprinten, maar hoe vaak is hij de enige kopman? Geef die vent een beetje begeleiding en vertrouwen, dan komt het er wel uit.
Alles staat nu bij het binnenhengelen van Groenwegen en Kittel, wat erg goed uitpakt dusverre.
Dan wordt je als ploeg ook blij, denk je dat óók jij bijdraagt en ga je het hangen aan dingen die jaren daarvoor verzonnen zijn. Nagenoeg altijd zijn journalisten, in een Brood & Vrienten-waas, bereid om dat spoor te volgen.
Ze zijn nu wel heel erg afhankelijk van Groenewegen voor de doelpunten.
Zouden ze Jakobsen ook aan het sprinten kunnen krijgen?