Soudal Quick-Step wil met Magnier, Stuyven en Van Baarle terug naar tijdperk Boonen en Terpstra
Special Voor Soudal Quick-Step begint met de Omloop Het Nieuwsblad een nieuwe fase. Na het vertrek van kopman Remco Evenepoel koos de Belgische ploeg voor een investering in de klassiekerkern, met het aantrekken van specialisten als Jasper Stuyven en Dylan van Baarle. In aanloop naar het Openingsweekend sprak Wielerflits met ploegleider Iljo Keisse en de ervaren krachten van het ‘nieuwe’ Soudal Quick-Step: “We willen een beetje terug naar het verleden.”
“Onze ploeg is echt wel versterkt. Zeker met Jasper, Dylan en Laurenz Rex erbij”, gaat Keisse verder. “Dat zijn mannen met ervaring en sterke kerels voor dat type koersen. En we hadden al een kern, met een Paul Magnier die weer meer ervaring heeft gekregen en sterker is geworden, een Tim Merlier die hopelijk nog kan terugkeren aan het einde van het voorjaar…”
“Met ook Yves Lampaert, Bert Van Lerberghe en Dries Van Gestel hebben we een mooie kern voor de klassiekers. We proberen terug aansluiting te maken met de top, die waren we een beetje kwijt de laatste jaren”, stelt Keisse. Een constatering die de wielerwereld ook al gemaakt. Welke kant ging Soudal Quick-Step op? Er werd meer focus gelegd op de voorjaarskoersen.
Vooral de komst van San Remo-winnaar Stuyven en Roubaix-winnaar Van Baarle sprong daarbij in het oog. “Het is altijd een beetje zoeken met nieuwe renners, maar bij Dylan en Jasper zagen we in de Algarve meteen de meerwaarde die zij kunnen hebben in een wedstrijd, zoals in een lead-out. Dat zijn key players die je nodig hebt in die koersen”, kijkt Keisse vooruit naar de klassiekers.
De kracht van ervaring
Lampaert (34), Stuyven (33), Van Baarle (33) en Van Gestel (31) zijn allemaal ouder dan 30. De keuze voor een voorjaarskern met veel ervaren renners is een bewuste geweest. “Wat je nu ziet is dat je heel veel jonge renners hebt, die vroeg getekend worden, als junior worden doorgeschoven, maar die soms wel ervaring missen. Dan heb je zulke mannen nodig die dat kunnen bijbrengen in een ploeg”, geeft de ploegleider aan.

Stuyven en Van Baarle tijdens de verkenning van de Omloop – foto: Fotopersburo Cor Vos
“Dat zijn twee grote motoren die erbij zijn, hè”, voegt Lampaert daar op geheel eigen wijze aan toe. “Je voelt gelijk dat het al wat meer gevochten moet worden om in de selectie te geraken en dat is alleen maar positief. Jasper en Dylan brengen wel kalmte in de ploeg en hebben veel ervaring op het gebied van positionering en teamwork.”
Ook Van Baarle vindt het fijn dat hij met renners zal koersen die weten hoe de vork in de steel zit. “Je hebt het allemaal al een keer meegemaakt. Je weet hoe de koers aanvoelt, hoe dat loopt. Dat proberen we ook Paul mee te brengen. Maar ik denk dat het vooral in de koers zelf gaat zijn, dat je elkaar kan sturen”, aldus de Nederlander.
‘We willen terug naar het verleden, toen we het blok én de A-renner hadden’
De rolverdeling binnen de Wolfpack is helder in diverse klassiekers, te beginnen met de Omloop Het Nieuwsblad dit weekend. “Het is wel duidelijk dat Magnier onze man is en daarna Stuyven en Dylan. Daarachter zien we wel wat er gebeurt”, vertelt Lampaert. Ploegleider Keisse sluit zich daar bij aan. “Paul was vorig jaar heel goed in de Omloop en werd tweede. Het is een wedstrijd op zijn lijf geschreven en waar zijn zinnen op staan.”
“Hij is wat ziek geweest en miste daardoor de Ronde van Valencia, maar is nu terug in goede doen. Wat verwachten we daarvan? Heel veel, maar het blijft een klassieker waarin alles moet meezitten. Het is moeilijk te zeggen. We hopen dat Paul kan meedoen voor winst en met zijn sprint bestaat die mogelijkheid. Maar alles moet meezitten op de dag zelf”, is ook Keisse realistisch.
De laatste jaren was Soudal Quick-Step duidelijk de aansluiting verloren met de top in de klassiekers. Geen renner van het kaliber Tadej Pogačar of Mathieu van der Poel, maar de ploeg was ook niet in staat om mee te gaan in de wedloop van teams als Lidl-Trek en Visma | Lease a Bike, die met een breed blok aan klassiekerrenners wel een rol van betekenis konden spelen. Nu wil Soudal Quick-Step terug die kant op.

‘Paul Magnier kan op termijn die A-ster worden, maar die status heeft hij zeker nog niet’ – foto: Fotopersburo Cor Vos
“Die A-ster, dat kan Magnier op termijn zeker wel worden, maar hij is daar nog niet”, vindt Keisse. “Hij heeft niet de status van een Pogačar of een Van der Poel. Sowieso niet. Maar goed, hij heeft tijd en kan daaraan werken.”
“Dan moet je proberen een blok te vormen tegen die mannen en ik denk dat we met onze huidige renners wel degelijk een blok kúnnen vormen. Een beetje terug naar het verleden, toen we het blok hadden én de A-renner”, kijkt hij terug naar de tijd van Tom Boonen en Niki Terpstra. “Nu hebben we het blok en misschien nog niet onmiddellijk de A-renner, maar we moeten proberen onze sterkte uit te spelen.”
Aan Van Baarle en Stuyven om de ploeg op sleeptouw te nemen en te voorzien van nieuwe energie. “Ik hoop dat we met onze aanwezigheid de ploeg naar een hoger niveau kunnen tillen. Zodat jongens zoals Yves, Dries en natuurlijk Paul ook dat trapje hoger kunnen zetten. We hopen op een heel mooi voorjaar”, kijkt Van Baarle uit naar 2026.
En welke vragen Stuyven wil beantwoorden dit voorjaar? “Die ga ik voor mijzelf behouden. Iedereen heeft zijn eigen ideeën over hoe en wat, dan is het niet aan mij om dat allemaal aan jullie te vertellen”, lacht hij.
In ieder geval hadden ze in die jaren een veel competitievere kern voor Vlaanderen/Roubaix dan nu. Nu zijn het outsiders. Ze hebben niet de beste spits en ook niet het beste collectief. Maar niet helemaal ondenkbaar natuurlijk dat ze in een koers als Roubaix kunnen scoren met mannen als Stuyven, Van Baarle en Lampaert.
De grote hoop zit inderdaad bij Magnier, dat is wel een killer die op termijn kan uitgroeien tot 1 van de 'A-sterren'.