Bram Welten ontdekt zichzelf: “Mijn zwakke punt als sprinter, is nu mijn kracht”

Bram Welten ontdekt zichzelf: “Mijn zwakke punt als sprinter, is nu mijn kracht”

foto: Nicolas Götz / Équipe cycliste Groupama-FDJ

zaterdag 26 november 2022 om 10:00
Interview

Bram Welten begint in 2023 aan zijn zesde profseizoen, die hij allemaal heeft afgewerkt in Franse loondienst. Ver weg van de Nederlandse spotlights. Vijf jaar lang probeerde hij het laatste stapje tot topsprinter te maken, maar bij Groupama-FDJ heeft hij zijn roeping gevonden. Hoewel hij zijn eerste grote ronde nog moet rijden, lonkt daardoor wel een debuut in de Tour de France. Bij WielerFlits doet hij zijn verhaal.

De eerste keer dat Welten echt van zich laat horen, is als tweedejaars junior. Na een sterk seizoen in 2014, wint hij in 2015 Parijs-Roubaix U19. Als belofte komt hij uit voor de opleidingsploeg van het Amerikaanse BMC. Samen met Fabio Jakobsen groeit hij al snel uit tot de sprintbelofte voor Nederland. “We kennen elkaar goed, dus we spreken elkaar geregeld als we dezelfde koers rijden. Het grote verschil tussen ons beiden is dat Fabio echt een pure sprinter is. Hij heeft de absolute topsnelheid, ook nog op 100 of 50 meter voor de finish. Die heb ik niet. Ik ben meer de krachtspurter, de overlever onder de spurters.”

Van de radar
In 2018 maakte de uit Moergestel afkomstige renner zijn debuut bij het ProContinentale, Franse Fortuneo-Samsic, de ploeg die we nu kennen als Arkéa Samsic. Welten zou er vier jaar blijven. “Iets wat bij BMC vanzelfsprekend was, moest ik daar veelal zelf regelen. Fietstesten, medische testen, metingen, et cetera. Je werd verteld wat je op het eerste trainingskamp nodig had en wat je moest doen, maar je moest dat wel zelf regelen. Daardoor stond ik meteen weer met de voetjes op de grond. Ik had ook nog een jaar langer belofte kunnen blijven, maar ik heb nooit spijt gehad van de keuze om toen al als prof te debuteren.”

Welten won in zijn U23-periode onder andere een rit in de Giro d’Italia U23 – foto: Cor Vos

Dat kwam vooral omdat Welten de kans kreeg om rustig te groeien. “Ik wilde na 2017 weer een stapje maken en Fortuneo-Samsic maakte het mogelijk dat ik heel veel Coupe de France-wedstrijden kon rijden. Ik werd niet meteen in het diepe gegooid, terwijl je bij een WorldTeam misschien alle grote wedstrijden moet rijden. Ik sprak alleen geen woord Frans en voor Fortuneo was het ook het eerste jaar met buitenlanders in de ploeg. Ook dat was aanpassen, omdat mijn Franse lessen ook niet echt opschoten. Maar iedereen zag wel dat ik er moeite voor deed en dus hielpen ze daarmee. Al heel snel voelde ik me daar thuis.”

Welten haalde de media niet vaak, maar dat kan komend jaar zomaar veranderen. Hij krijgt een belangrijke rol bij Groupama-FDJ, waar hij het afgelopen jaar in kon groeien. “Zonder Arkéa Samsic af te kraken, vind ik het heel fijn dat bij deze ploeg duidelijk is wat jouw taak is. Als je dat goed doet, is dit team tevreden. Hier zijn ze ook niet zo bezig met UCI-punten. Dat was bij Arkéa íedere koers zo. Als we reden voor Nacer Bouhanni, moest de sprinttrein zelf ook door spurten voor de punten. Lukte dat niet, dan werd je daar wel op afgerekend. Maar dat vind ik niet het doel van wielrennen. Bij Groupama-FDJ kijken ze daar niet naar. Ik vind het prettig dat het management recht door zee is en dat iedereen een duidelijke taak heeft.”

In navolging van neef Danny van Poppel
Als voormalig sprinttalent, is dat er bij de profs niet helemaal uitgekomen. “Ik denk dat ik een sterke sprinter ben. In een échte massasprint weet ik dat ik de laatste paar kilometers per uur aan topsnelheid te kort kom. Maar ik zit er wel altijd. Gaat er na een klimmetje zestig of zeventig man naar de finish, dan heb ik een heel grote kans dat ik er nog bij zit. De laatste vijf jaren heb ik heel specifiek veel getraind om die topsnelheid op te krikken. Dat is wel mijn probleem gebleken. Hoe fris ik ook aan een sprint begin, ik ga niet harder dan dat ik kan gaan. Vorig jaar heb ik me daarbij neergelegd. Mijn talent moest ik anders gaan benutten.”

Welten in Parijs-Roubaix 2022 – foto: Nicolas Götz / Équipe cycliste Groupama-FDJ

Welten doorzag dat hij daarom juist een heel goede sprintaantrekker kan zijn. Toeval of niet, zijn neef Danny van Poppel maakte afgelopen jaar dezelfde transitie en groeide binnen een jaar uit tot misschien wel de beste lead out ter wereld. “We hebben regelmatig contact, maar niet specifiek over de lead out”, zegt Welten. “Begin 2021 maakte mijn ploeg ook duidelijk dat ze mij zo wilden inzetten. Sindsdien wist ik dat ik in het tweede deel van het seizoen alle koersen samen zou doen met Ramon Sinkeldam, Jacopo Guarnieri en Arnaud Démare. Het was een privilege om de stiel af te kijken van die twee ervaren mannen.”

De 25-jarige Nederlander benadrukt dat hij veel geleerd heeft van de twee anciens. “Vooral de rust die zij bewaren, de timing die ze hanteren en negen op tien keer weten ze de juiste kant te kiezen om Arnaud daar naartoe te brengen, daar heb ik enorm veel van opgestoken. Het voordeel voor mij is dat ik de laatste vijf jaar altijd de ervaring in de spurts had, dat ik weet wat er gebeurt en waar ik op moet letten. Mijn zwakke punt in de sprint, is mijn sterke punt in de lead out. Ik zit er dus altijd, maar mijn topsnelheid is net niet hoog genoeg. Voor een afmaker is dat een ideaal wiel, omdat zij zichelf dan met een extra versnelling lanceren.”

De snelle Brabander onderstreept wel dat de keuze voor zijn transitie er eentje is die voorkomt uit zijn winnaarsmentaliteit. In zijn laatste koers voor Arkéa Samsic won hij met de Tour de Vendée zijn eerste koers als prof. Maar daarvoor én ook daarna verzamelde Welten een hele rits ereplaatsen in lastige eendagskoersen. “Om daadwerkelijk te winnen op het hoogste niveau, moet alles op zijn plek vallen. Ik ben ontzettend competitief en wil dolgraag winnen. Juist op basis daarvan heb ik volledig zelf die keuze gemaakt om voor de lead out te gaan, met de ambitie om daarin de beste te worden.”

Arnaud Démare en Tour-debuut
Het laatste jaar werd Welten goed opgenomen in de sprintgroep, zelfs toen duidelijk werd dat Sinkeldam en Guarnieri vertrokken. “Ik heb zelf een heel goede band met Arnaud. Het is een eer om voor zo’n klasserenner te werken. Ik straal ook een stuk meer zelfvertrouwen uit wanneer ik de lead out doen, dan wanneer ik voor mezelf zou sprinten. Het geeft me ook heel veel voldoening als Arnaud door mijn lead out wint. Het is leuk om zelf te winnen en het gevoel is natuurlijk niet exact hetzelfde. Maar de dankbaarheid van Arnaud, zorgt ook bij mij voor veel euforie. Hem zien winnen komt heel dicht in de buurt van zelf zegevieren.”

Welten (rechts voor) met achter zich Sinkeldam (rechts) en Démare (links) – foto: Nicolas Götz / Équipe cycliste Groupama-FDJ

Komend jaar is Welten de nummer één sprintaantrekker voor Démare. “Negentig procent van de koersen zal ik samen rijden met piloot Miles Scotson en Arnaud. Samen vormen wij de sprinttrein. Ik ga in 2023 dus ook debuteren in een grote ronde. Dat was al voorzien in de afgelopen Vuelta a España, maar Arnaud startte daar op het laatste moment niet en daarom deden we samen de Ronde van Polen. Ik kijk heel erg uit naar een grote ronde. Het parcours van de Giro d’Italia heb ik al gezien. Dat is vrij heftig. Ik weet niet of er heel veel sprinters naar Italië gaan. Als ikzelf de keuze heb, dan vind ik het parcours van de Tour heel mooi.”

In december zit Marc Madiot met zijn staf samen met de vier kopmannen binnen de ploeg: Démare, David Gaudu, Stefan Küng en Thibaut Pinot. Daarna weet Welten welke grote ronde hij zal doen. “Ook de rest van het programma ken ik dan. Arnaud – en ik dus ook – gaan in ieder geval ook een aantal klassiekers rijden. Denk dan aan Omloop Het Nieuwsblad. Mijn droomkoers is Milaan-San Remo. Die heb ik nog nooit gereden. Démare is daar een oud-winnaar, dus het zou heel goed kunnen zijn dat ik La Primavera komend jaar rijdt. Als Arnaud dáár wint, zou dat ook als een overwinning van mezelf voelen. Laten we het hopen!”

Dit artikel delen:

2 Reacties

ghostwriter 23 november 2022 om 11:44

Zou leuk zijn als Van Poppel of Welten in de toekomst de vaste sprintaantrekker van Kooij wordt.

0
Oblomov 23 november 2022 om 16:36

Die zie ik eerder samen met de gebroeders Van Dijke doorgroeien. Maar goed, als Bora hem wegplukt als opvolger van Bennet zou het er best eens van kunnen komen.

0

Reactie plaatsen

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.

Laatste nieuws

Populair

Materiaalzone