Weekendinterview: José Been

zondag 3 augustus 2014 om 09:00

Ze is een personificatie van het wielrennen op internet. Haar nieuwsaccount op Twitter @TourDeJose slaapt nooit. Het heeft haar een carrière in de sportjournalistiek gebracht. In het Weekendinterview spreekt José Been openhartig over haar visie, de keerzijde van Twitter en haar bewijsdrang.

Aanleiding voor het interview is een nieuwe carrièrestap. Sinds vorige week is Been persvoorlichter van de Belgische ProContinentale-ploeg Wanty-Groupe Gobert. Op zichzelf geen curieuze stap. Wél voor een wielercommentator, en dat is Been bij Eurosport sinds 2012.

Het gesprek is nog geen minuut oud of Been snijdt zelf het thema ‘integriteit’ aan. Ze stelt zichzelf de vraag of een onafhankelijke wielerverslaggever óók de belangen van een ploeg kan behartigen. Volgens Been kan het wel. Het versterkt elkaar, zegt ze stellig. “Wanneer ik met de ploeg op stap ben, leer ik zaken die ik in mijn commentaar kan gebruiken. Andersom kan ik als perschef van de ploeg maatwerk leveren aan collega-commentatoren. Ik weet uit eigen ervaring waar zij behoefte aan hebben. Dat je beide zaken prima kan scheiden, laat mijn mede-commentator bij Eurosport zien, die is zaakwaarnemer van zo’n dertig renners.

Bij de ploeg weten ze dat ik bij Eurosport werk en vice versa. Beiden hebben er geen bezwaar tegen.”

Ik heb ook een tijdje een aantal websites van renners beheerd. Je weet dan iets meer van iemand als Raymond Kreder, Thomas Dekker of Marc de Maar, doordat je met ze spreekt, maar dat betekent niet dat wanneer zij slecht rijden ik dat niet kan benoemen. Als Wanty bijvoorbeeld met drie man in een kopgroep van vijf zit en ze winnen niet, dan mag ik zeggen dat dat slecht is. Bij de ploeg weten ze dat ik bij Eurosport werk en vice versa. Beiden hebben er geen bezwaar tegen.”

Zes jaar geleden kwam haar leven plots tot stilstand toen borstkanker bij haar werd geconstateerd. In de tijd rond haar chemokuurbehandelingen ontdekte ze Twitter. Op het sociale medium groeide ze in korte tijd uit tot een bekendheid bij de wielervolgers. Ze overwon de ziekte en besloot haar leven over een andere boeg te gooien. Haar werk als secretaresse en marketeer zegde ze op voor een avontuur in de sport. Haar tweede carrière dankt ze aan het microblog, zegt ze. “Het heeft mij een baan bij Eurosport bezorgd. De vrouw van Danny Nelissen volgde mijn account op Twitter. Zij was op zoek naar een tekstschrijver en kwam zodoende bij mij uit. Toen Danny me belde, zei hij dat ik ook wel een leuke stem had en vroeg of ik een stemtest wilde doen. Toen hij weg moest bij Eurosport ben ik op het wielrennen terecht gekomen.

Twitter is mijn visitekaartje. Als ik tien jaar geleden een brief naar Cyclingnews of Wieler Revue had gestuurd met ‘Ik vind wielrennen leuk en mag ik stukjes schrijven?’ was ik uitgelachen. Dankzij Twitter is dat minder nodig geweest. Ik heb laten zien dat ik verstand van zaken heb. Ik ben mateloos in het volgen van wielrennen, zoals dat heet. Als ik ergens interesse in heb, ga ik all the way. Zo heb ik een jaar lang aan vliegtuigspotten gedaan. In die tijd reed ik twee of drie keer per week naar Schiphol om te spotten. Die interesse is dan korte tijd heel intensief en zwakt weer af. Wielrennen is geen bevlieging, daar ben ik mee opgegroeid. Mijn vader is amateurrenner en ploegleider geweest. Rond mijn 18e ben ik echt van de sport gaan houden, met de Casartelli-Tour en de zeges van Armstrong. Daar begon het mee.”

Door haar rol als wielercommentator kan ze niet langer fan zijn. In de ogen van Been een nadelig effect. Onbezoldigd een loftuiting brengen, doet ze niet meer. Ze heeft zich er bij neergelegd, zij het schoorvoetend. “Dat deel van jezelf moeten inleveren is moeilijk, maar het wel waard. Ik vind het soms lastig om gezien te worden als journalist. Ik vind dat er een wezenlijk verschil is tussen een journalist en een commentator. Iemand als Telegraafverslaggever Raymond Kerckhoffs is een echte journalist, die doet onderzoek. Ik duid een wedstrijd op televisie, dat zijn twee heel verschillende dingen. Heel bewust heb ik mezelf ook nooit journalist genoemd. Ik ben als fan dit wereldje ingevallen en opeens wil iedereen een mening van me hebben. ‘Waarom is mijn mening belangrijker dan die van jou of de buurvrouw?’, vraag ik me soms af.

Ik beschouw mezelf dan weliswaar niet als journalist, de buitenwereld doet dat wel.

Ik ben een koersliefhebber en vanuit die achtergrond benader ik ook mijn werk. Dat gebeurt ook op Twitter. Soms plaats ik nog weleens in alle euforie na een mooie wedstrijd een tweet als fan. Niet iedereen waardeert dat, als je de e-mails en mentions leest die ik dan ontvang. Ik beschouw mezelf dan weliswaar niet als journalist, de buitenwereld doet dat wel.

Daar heb ik aan moeten wennen. De eerste keer dat ik bij een ploegenpresentatie was, was vorig jaar bij Vacansoleil-DCM. Ik zat daar aan tafel te kletsen met Wout Poels en Danny van Poppel, zegt Poels opeens tegen Van Poppel: “Danny, pas je wel op wat je zegt, ze is wel een journalist.” Op dat moment kwam voor het eerst het besef dat ik anders word bekeken. Wielrenners letten opeens op hun woorden als ze met me praten.”

Het alter ego op Twitter van Been telt inmiddels meer dan 21.500 volgers. In minder dan vijf jaar tijd groeide @TourDeJosé uit tot een van de meest prominente vergaarbakken van wielernieuws op internet. Het voeden van haar volgers is een dagtaak. Het twitteren is, zegt ze zelf, integraal aan haar verbonden. Stoppen is lastig, al spookt die laatste gedachte steeds vaker door haar hoofd. De druk om relevant te blijven wordt zwaarder en de afgunst van sommige epigonen steeds heviger. De verknochtheid met het sociale medium dat haar deze carrière heeft gebracht, is bekoeld tot een haat-liefde-relatie. “Mijn probleem is dat ik heel slecht tegen kritiek kan en dat mensen mij niet aardig vinden. Kritiek is prima zolang het gegrond is, maar ik ontvang berichten als “Wat ben jij een ongelooflijke trut” of “Jij jat alles bij elkaar.” Dat soort teksten, van mensen die ik niet ken over iemand die zij niet kennen, verpest soms mijn humeur. Dat kan niet! Dit jaar heb ik in de vastentijd, de periode richting Pasen, een social media break gehouden. In de Christelijke gemeenschap doen veel mensen dat. Die Twitterpauze heb ik 25 dagen volgehouden. Toen begonnen de voorjaarsklassiekers en moest ik natuurlijk weer beginnen. Gelukkig maar, want ik had angst om iets te missen. Uit vrees om een flater te slaan op Eurosport, las ik dagelijks de headlines van websites. Na die pauze was ik al snel weer drie tot vier uur per dag bezig met het bijhouden van mijn pagina.

Het eerste wat ik doe wanneer ik wakker word, is mijn tijdlijn lezen.

Het eerste wat ik doe wanneer ik wakker word, is mijn tijdlijn lezen. Ene Leo, ik ken hem niet, heeft mij dan ondertussen al de stukken uit de digitale De Telegraaf toegezonden, dat doet hij iedere ochtend. Het AD lees ik ook, die heb ik zelf thuis. Ik filter alles op breaking news en tweet de belangrijkste feiten.

Onlangs heb ik heel bewust alle meldingen op mijn telefoon uitgezet. Ik krijg geen pushmelding meer als ik een mention krijg, dat geeft rust. Tijdens de Tour ontvang ik echt honderden van die meldingen per dag. Ik ben daar eigenlijk van ’s morgens tot ’s avonds laat mee bezig. Meermaals heb ik mezelf voorgenomen de telefoon niet mee naar de slaapkamer te nemen, maar dat lukt niet. Waarom ik zo verslonden ben aan die interactie, weet ik eigenlijk niet. Misschien wel een ongezonde zucht naar aandacht. Het is leuk om met mensen over heel de wereld in contact te staan. Zo is het ook begonnen toen ik ziek was. Die interactie is tegenwoordig bijna verdwenen. Door de hoeveelheid aan reacties is het vooral zenden geworden. Steeds vaker typ ik iets en denk ik: nah.. laat maar. Twitter wordt eigenlijk minder leuk.”

Het dieptepunt, volgens Been, is de Twitterrel met Michelle Cound, de vriendin van Chris Froome. Tijdens het Critérium du Dauphiné vroeg Been zich hardop af of het gebruik van astmamedicijnen tijdens een wedstrijd is toegestaan. Net als andere televisiekijkers zag ze hoe de Brit van Team Sky in beeld een puffertje gebruikte. De ophef naar aanleiding van de tweet raakte Been diep in het hart.

Schuldbewust zegt ze: “Ik had duidelijk moeten schrijven dat ik het gebruik van die puffertjes nog nooit in koers had gezien. Dat ze toegestaan zijn, wist ik. Uiteindelijk heb ik iets boven tafel gekregen wat in nog geen enkele publicatie stond. Én niemand wist dat Froome astmatisch is. Door een berichtje van mij is dat nu bekend. Achteraf wel grappig, maar met de heftige reactie van Cound had ik moeite. De sneer dat ik mijn moeder verkoop voor extra volgers op Twitter hakte er in. Op zo’n emotioneel moment sta ik écht op het punt om bij mijn twitterinstellingen op deactivate account te drukken. Als je dat opschrijft, denken mensen ongetwijfeld: wat een onzin. Maar ik was geschokt van die opmerking.

Het enige waar ik een beetje naar zoek is erkenning. Al is dat iets schaars. Twitter is één groot egodocument. Elk mens wordt blij van een complimentje, maar mijn hindernis is dat ik me er steeds meer van afhankelijk voel worden. Waarom hangt mijn geluk af van @pietjepuk83? Ik neig nu soms helemaal met Twitter te stoppen. Het is een verplichting geworden zegt ze”, zegt ze. “Weet je wat het is”, vervolgt ze: “Ik ben verslaafd aan deze aandacht geworden en dat past eigenlijk helemaal niet bij wie ik ben.”

Dit artikel delen:

Headlines

Materiaalzone

Populair