Vuelta 2026: Tadej Pogacar krijgt Enric Mas niet los, maar vloert hem wel in de sprint
Tadej Pogacar heeft in etappe zes een nieuwe ritzege in de Vuelta a España aan zijn palmares toegevoegd, maar de Sloveen kende veel meer moeite met Enric Mas dan we van hem gewend zijn. De Spanjaard knokte zich op de laatste beklimming van de dag tot het wiel van de Sloveen, maar in de sprint met twee stond er geen maat op Pogacar.
De zesde etappe bracht opnieuw flink wat klimwerk met zich mee. Over 177,5 kilometer kregen de renners ongeveer 3.000 hoogtemeters te verwerken. Geen gewone heuvelrit, want in de finale wachtte een lastige onverharde strook van 3,1 kilometer met een gemiddelde stijging van liefst 10,8 procent (!) op de Puerto El Bartolo. Na de afdaling restte er de renners nog ongeveer tien vlakke kilometers tot de finish in Castellón.
Vluchters of klassementsrenners? Dat was het grote vraagteken voorafgaand aan de etappe. In onze voorbeschouwing opteerden we voor dat eerste, maar de teams van de klassementsrenners hadden blijkbaar andere plannen.
Geen vrijgeleide
Het duurde bijna twee uur vooraleer we een echte vlucht van de dag kregen. Maar vlak voor de tweede beklimming wisten 17 leiders zich toch af te zonderen. Wout van Aert (Visma | Lease a Bike) was de grootste naam in dat gezelschap, maar ook Carlos Canal (Movistar), Thomas Gloag (Pinarello-Q36.5), Pello Bilbao en Santiago Buitrago (Bahrain Victorious), Patrick Konrad (Lidl-Trek), Ramses Debruyne (Alpecin-Premier Tech), George Bennett (NSN), Gianmarco Garofoli (Soudal-Quick Step), Andreas Kron (Uno-X), Vincenzo Albanese (EF Education-EasyPost), Hannes Wilksch (Tudor), José Manuel Diaz (Burgos-BH), Lars Craps (Lotto-Intermarché), Gijs Leemreize (Picnic-PostNL) en Urko Berrade (Equipo Kern Pharma) waren present.

Van Aert in de kopgroep – foto: Fotopersburo Cor Vos
Wil dat zeggen dat ze meteen een vrijgeleide kregen? Absoluut niet. Door het spel met de wind bleven de UAE-troepen van leider en favoriet Tadej Pogacar steeds beuken, en af en toe een poging tot waaiervorming beginnen. Op die manier reden de vluchters nooit verder dan twee minuten weg. In principe te weinig om voor de prijzen mee te doen, waardoor Van Aert al vroeg liet lopen. Hij was niet de enige.
Op de lastigste beklimming van de dag zagen we een zeer actieve Debruyne voorin. Samen met Craps, Kron, Buitrago, Garofoli, Diaz, Berrade en Albanese bleef hij het langste tegenspartelen, richting het gravel ging hij zelfs alleen op zoek naar iets moois.
Op een kleine vier kilometer van de top achtte Pogacar zijn moment gekomen. Niet echt met een felle versnelling, wel door gestaag en vanuit het zadel het tempo beetje bij beetje te verhogen. Oscar Onley, Felix Gall, Richard Carapaz, Enric Mas en Primoz Roglic waren de weinige mannen die zich zo snel ze konden naar het wiel van de Sloveen repten. Op de steilste stroken waren we dan nog niet aangekomen.
Pogacar niet zijn beste zelve
Toen dat gebeurde, nog voor het gravelstuk, spartelde Onley het langste tegen. Maar echt veel moeite leek het de Sloveen op dat moment niet eens te kosten. In geen tijd ging hij in z’n eentje op jacht naar Debruyne, die hij op 2,8 kilometer van de top al te pakken had. Verhaal alweer geschreven en Pogacar alleen naar de aankomst dan? In 99% van de gevallen zou je, gezien de voorgeschiedenis van de Sloveen, zeggen van wel.

Pogacar op het gravel – foto: Fotopersburo Cor Vos
Maar richting de top bleek de Sloveen toch stilgevallen. Een verbaasde klassementsleider kreeg plots weer het gezelschap van de ervaren Enric Mas. Vlak voor de top snelde de Spanjaard Pogacar opnieuw voorbij om hem de bergpunten af te snoepen. Pogacar sloeg terug door in de afdaling het tempo wat te verhogen, maar dat moest hij zich bijna beklagen. De Sloveen verslikte zich in een bocht en reed de berm in, waarna hij besloot om het iets rustiger aan te doen en het merendeel van het werk aan Mas liet.
Door al die chaos waren ook de anderen nog niet helemaal uitgeteld. Na de afdaling volgden dichtste achtervolgers Gall, Roglic en vluchter Debruyne op een dikke tien seconden, Carapaz en Harold Tejada nog een beetje verder. Die twee groepen zouden nog samensmelten, maar dichterbij de leiders komen lukte niet. Kuss en Onley, de nummers vier en vijf in het klassement, deden de slechtste zaak.
Wat de ritzege betreft, mochten Pogacar en Mas het onder elkaar uitvechten in een sprint. De explosieve Sloveen gaf Mas eigenlijk nooit een kans en begon de sprint vanop de kop. Daarachter was het Debruyne die zijn dag in de vlucht verzilverde.
Vuelta a España (2.UWT)
Etappe 6: Alcossebre → Castellón (177.5 km)
| Rank | Renner | Tijd |
|---|---|---|
| 1 | 04:12:40 | |
| 2 | " | |
| 3 | + 46 | |
| 4 | " | |
| 5 | " | |
| 6 | " | |
| 7 | " | |
| 8 | + 01:38 | |
| 9 | " | |
| 10 | " |
Pogacar is ook maar een mens en het is niet vanzelfsprekend dat hij wint
Waar zijn Jeroen van Belleghem en Karsten Kroon, als
Sporza met de Cauwer geen uitzending heeft.
Het huidige commentaar bij Eurosport is eerder storend, dan dat het een meerwaarde heeft.
Mas zei tijdens de afdaling zelfs dat Tadej het rustig aan moest doen. Natuurlijk luistert hij niet, want hij wilde tempo blijven maken, en dan zie je wat er kan gebeuren. Gelukkig is het uiteindelijk goed afgelopen.
Al met al gewoon een prima etappe. Mooie strijd en spanning tot het einde. En gelukkig geen 50 kilometer solo van de Kannibaal deze keer.
Waarom zou Pogacar iets weggeven?
Dan komt er ook commentaar.