Voorbeschouwing: Parijs-Nice 2026 – Vingegaard treft bij rentree Ayuso en INEOS-blok
Tegenwoordig is het wielerseizoen al weken aan de gang, als Parijs-Nice zich aandient. Maar dat neemt niet weg dat de Koers naar de Zon nog altijd een van de eerste grote wielerafspraken is. Ook dit jaar belooft weer een interessante editie te worden, met onder meer Juan Ayuso én Jonas Vingegaard aan de start. Laatstgenoemde rijdt zijn eerste koers van 2026. Slaat de Deen meteen toe? WielerFlits blikt vooruit!
Historie
Laatste winnaars Paris-Nice
| Jaar | Winnaar |
|---|---|
| 2026 | |
| 2025 | |
| 2024 | |
| 2023 | |
| 2022 | |
| 2021 | |
| 2020 | |
| 2019 | |
| 2018 | |
| 2017 |
Laatste editie
Parijs-Nice begon in 2025 met twee ritzeges op rij voor Tim Merlier. Vervolgens kwam Visma | Lease a Bike op dag drie als grote winnaar uit de ploegentijdrit. Het was een ploegentijdrit ‘nieuwe stijl’: in plaats van dat de tijd van de vierde binnenkomer telde, zoals gebruikelijk is, kreeg iedere renner zijn eigen tijd. Hoe dan ook, deden Matteo Jorgenson en Jonas Vingegaard – de kopmannen van de Nederlandse formatie – gouden zaken voor de eindzege. Ze pakten bijvoorbeeld al 41 seconden op João Almeida.

Op Merlier stond de eerste twee ritten geen maat – foto: Fotopersburo Cor Vos
Dat kwam goed van pas, bleek een dag later al. Almeida kwam in de vierde etappe namelijk als winnaar over de streep, nadat hij de gedemarreerde Vingegaard op de slotklim naar La Loge des Gardes had weten te remonteren. Dat gebeurde trouwens in barre omstandigheden. Het weer was zelfs zo slechts dat de organisatie de rit voorafgaande aan de finale korte tijd had geneutraliseerd.
Opgave Vingegaard
Vingegaard moest in de eerste bergrit dus het hoofd buigen voor Almeida, maar de Deen begon wel als leider aan rit vijf. Daar liep het echter pas echt mis voor de kopman van Visma | Lease a Bike. Hij kwam ten val en liep, zo bleek later, een hersenschudding op. Hij reed de door Lenny Martinez gewonnen rit nog wel uit en beperkte de schade zelfs enigszins, maar zag ploegmaat Jorgenson het geel overnemen. De dag nadien stapte Vingegaard niet meer op voor etappe zes.

Almeida klopt Vingegaard, die een dag later valt en vervolgens opgeeft – foto: Fotopersburo Cor Vos
Deze overgangsrit kwam op naam van Mads Pedersen. De Deen nam zo ook de groene trui over van Tim Merlier en zou dit tricot uiteindelijk naar de Promenade des Anglais in Nice brengen. De manier waarop hij het puntenklassement binnensleepte, was indrukwekkend. Op zaterdag eindigde Pedersen als tiende in de bergrit naar Auron – voor onder meer Jorgenson, Almeida en Thymen Arensman – en in de slotrit reed hij op het terrein van de klimmers kilometers lang in de aanval.
Eindzege Jorgenson, Arensman derde
Maar goed, het gaat natuurlijk vooral om de gele trui. Die bleef na de zaterdagrit – gewonnen door vluchter Michael Storer – in handen van Jorgenson. In de slotetappe naar Nice hield de Amerikaan vervolgens ook relatief eenvoudig stand. Weliswaar wist hij zijn eerder ontsnapte Magnus Sheffield niet meer te achterhalen en moest hij de dagzege aan zijn landgenoot laten, maar hij kletste wel al zijn klassementsconcurrenten uit het wiel. Zo volgde hij zichzelf op als eindwinnaar.

Jorgenson won voor het tweede jaar op rij het eindklassement van Parijs-Nice – foto: Cor Vos
Achter Jorgenson zagen we nog een felle strijd om plek twee. Op de Col des Quatre Chemins probeerde Arensman, die derde stond, nog weg te rijden bij nummer twee Florian Lipowitz. Dat lukte echter niet. De Duitser moest een paar meter laten, maar kwam terug en reed daarna op zijn beurt even weg bij de Nederlander. Vervolgens kwamen ze weer bij elkaar en finishten ze samen. Lipowitz werd zo tweede in het klassement, Arensman derde.
Etappes Paris-Nice 2025
Paris-Nice (2.UWT)
Etappe 8: Nice → Nice (120.75 km)
| Rank | Renner | Tijd | |
|---|---|---|---|
| 1 | - | 26:26:42 | |
| 2 | - | + 01:15 | |
| 3 | - | + 01:58 | |
| 4 | - | + 02:17 | |
| 5 | - | + 03:03 | |
| 6 | - | + 03:57 | |
| 7 | - | + 04:00 | |
| 8 | - | + 04:53 | |
| 9 | - | + 04:59 | |
| 10 | - | + 05:26 |
Parcours

Meestal krijgen de sprinters minstens twee kansen in Parijs-Nice, soms zelfs drie. Dit jaar ziet het er minder gunstig voor ze uit. Op dag twee gaan we de snelle mannen zeker aan het werk zien, maar voor de rest komen ze er bekaaid vanaf. Vooral de klimmers met een scherpe punch profiteren. Rit één, vier, vijf en zes zijn spek naar hun bek. Tussendoor zal het klassement opgeschud worden in een 23,5 kilometer lange ploegentijdrit.
De zwaarste aankomst staat gepland op dag zeven, als er – net als vorig jaar – gefinisht wordt in het skioord Auron. De slotrit start en finisht traditiegetrouw in Nice, maar is voor de rest wel flink op de schop gegaan. Zo is de eindstreep niet getrokken op de alombekende Promenade des Anglais en laat de organisatie enkele vaste scherprechters – waaronder de Col d’Èze – links liggen. Maar wees gerust, daar komen genoeg andere lastige hellingen voor in de plaats.
Paris-Nice
Etappes Paris-Nice 2026
| Datum | Etappe | Van | Naar |
|---|---|---|---|
| 08-03 | 1 | Achères | Carrières-sous-Poissy |
| 09-03 | 2 | Epône | Montargis |
| 10-03 | 3 | Cosne-Cours-sur-Loire | Pouilly-sur-Loire |
| 11-03 | 4 | Bourges | Uchon |
| 12-03 | 5 | Cormoranche-sur-Saône | Colombier-le-Vieux |
| 13-03 | 6 | Barbentane | Apt |
| 14-03 | 7 | Nice | Auron |
| 15-03 | 8 | Nice | Nice |

De 84ste editie van Parijs-Nice gaat van start in Achères. In deze voorstad van Parijs, aan de oevers van de Seine, zette Camille Jenatzy op 29 april 1899 een bijzonder record neer. De Belgische autocoureur was de eerste persoon ooit die meer dan 100 kilometer per uur reed. Dat deed hij na twee eerdere pogingen in zijn gloednieuwe, zelfontworpen automobiel: La Jamais Contente (‘De Nooit Tevreden’).
De openingsrit van de komende Parijs-Nice is niet per se iets voor sprinterstypes als Jenatzy, maar de openingsetappe belooft wel meteen spektakel. De renners eindigen namelijk op een uitdagend circuit rond finishplaats Carrières-sous-Poissy, met de pittige Côte de Chanteloup-les-Vignes (1,1 km à 8,3%) als scherprechter. Deze helling – met een steilste strook van 12 procent – moet twee keer bedwongen worden. Na de top is het nog 11,5 kilometer tot de streep.

Op dag één konden de puncheurs hun hart ophalen, in rit twee zijn de sprinters aan zet. Waaiers kunnen de koers natuurlijk altijd opschudden in Parijs-Nice, maar de vlakke finale naar Montargis is op maat van de snelle mannen. De drie korte klimmetjes onderweg – allen van de derde categorie – zullen geen probleem zijn.
In Montargis zijn trouwens al vaker sprintduels uitgevochten. Zo boekte Arvid de Kleijn er twee jaar terug zijn eerste en voorlopig enige WorldTour-zege. En in de Tour de France waren er deze eeuw al overwinningen voor Robbie McEwen (2005) en Mark Cavendish (2010).

Net als de voorbije jaren, bevat Parijs-Nice weer een ploegentijdrit. En opnieuw tellen de tijden van de individuele renners, in plaats van de tijd van de vierde renner die de streep overschrijdt. De TTT geldt ditmaal ook als generale repetitie voor de Ronde van Frankrijk. De komende Tour begint immers met een ploegentijdrit in Barcelona.
In Parijs-Nice gaat de TTT van Cosne-Cours-sur-Loire naar Pouilly-sur-Loire. De teams leggen 23,5 relatief vlakke kilometers af. Het glooit onderweg een beetje, maar van echt klimmen is geen sprake. Omdat er veel lange rechte stukken inzitten, zal het vermoedelijk een tijdrit op hoge snelheid worden. Na 14 kilometer wordt er een tussentijd opgenomen.

De vierde etappe valt niet te onderschatten. Het eerste deel van de rit is vlak, maar in de laatste zeventig kilometer wachten meerdere beklimmingen. De Côte de la Croix des Cerisiers (6,2 km à 4,3%) kan nog gezien als een opwarmertje, bij de Côte de la Croix de la Libération (4,6 km à 5,3%) begint de finale echt. Op de top van de laatstgenoemde helling is het nog 23 kilometer naar de streep.
Die streep is getrokken in Uchon, na een klim van acht kilometer aan 4,5 procent. Het gemiddelde stijgingspercentage jaagt niet gelijk schrik aan, maar wie het profiel beter bestudeert, ziet dat de slotklim zeer onregelmatig is. Het gaat in drie trapjes omhoog. En het venijn zit hem in de staart. De laatste 1,8 kilometer lopen aan 10,7 procent omhoog en de laatste kilometer is zelfs 12,8 procent gemiddeld. Dat gaat een explosief slot worden!

Op dag vijf staat de langste rit van de ronde op het menu. De 205 kilometer lange etappe heeft bovendien de meeste hoogtemeters: een dikke 3.000. Hoewel de coureurs geen extreem lange beklimmingen voor de kiezen krijgen, komen ze wel een hele reeks kuitenbijters tegen. In totaal staan er vijf gecategoriseerde hellingen op het menu. Drie daarvan zitten in de laatste veertig kilometer.
De Côte de Sécheras (3,9 km à 7%) luidt de finale in, de Côte de Saint-Jean-de-Muzols (2,2 à 11%) is de lastigste van het stel en de Côte de Saint-Barthélemy-le-Plain (3,2 km à 7,6%) sluit het trio af. Eenmaal boven, is het nog negen kilometer naar de streep in Colombier-le-Vieux. Na een afdaling loopt het de laatste vierenhalve kilometer ook nog continu aan drie à vier procent omhoog. Wie slechte benen heeft, kan hier flink wat averij oplopen.

De zesde etappe – die zich zal afspelen tussen Barbentane en Apt – kan ook voor een schifting zorgen in het algemeen klassement. De beklimmingen zijn wat minder steil dan de voorgaande dagen, maar over het algemeen wel iets langer. Via de Col de l’Aire Dei Masco (7,2 km à 4,3%) wordt het hoogste punt van de rit bereikt: 692 meter.
Dit gebeurt op 35 kilometer van de streep. Daarna wachten nog twee hellingen. Eerst de ongecategoriseerde klim naar Saint-Martin-de-Castellon (2,7 km à 5,3%) en vervolgens de Côte de Saignon (4,1 km à 5%), van de tweede categorie. Op de top van de Saignon ben je praktisch binnen. Na de top hoef je alleen nog vijf kilometer naar de finish te dalen.
In het slotweekend zal de strijd om de eindzege helemaal losbarsten. De voorlaatste rit trekt naar het skioord Auron, waar de finishstreep is getrokken na een beklimming van 7,3 kilometer aan een gemiddelde van ruim 7%. Vorig jaar kwam de Franse ronde ook aan in Auron: het was Michael Storer die in haast apocalyptische omstandigheden naar de zege wist te soleren.
Voorafgaand aan de slotklim is het parcours niet extreem lastig. Kort na de start bieden de Côte de Carros (7 km à 5,1%) en Côte de Bouyon (1,7 km à 5,3%) kans voor een sterke vlucht om weg te rijden, maar daarna wacht een lang tussenstuk. Het loopt vervolgens lang vals plat omhoog naar de voet van de echte slotklim.
De achtste en laatste etappe zal – zoals eerder aangegeven – wel gewoon finishen in Nice, maar dus niet op de alombekende Promenade des Anglais. Vanwege gemeenteraadsverkiezingen eindigt de slotrit in het Allianz Riviera, het moderne voetbalstadion in Nice en de thuisbasis van voetbalclub OGC Nice. Ook de bekende scherprechters in en rond Nice – waaronder de Col d’Èze en Col des Quatre Chemins – laat de organisatie daarom links liggen.
Het moet nu vooral gebeuren op de flanken van de Col de la Porte (7 km à 7,2%), Côte de Châteauneuf-Villevieille (6,6 km à 6,6%) of de vrij onbekende Côte de Linguador (3,3 km à 8,8%). Na de Côte de Linguador is het nog een kleine twintig kilometer naar de finish. Relatief ver. De voorbije jaren was het na de Col des Quatre Chemins slechts negen kilometer naar de streep.
Favorieten
In Parijs-Nice zal Jonas Vingegaard zijn eerste wedstrijdkilometers van 2026 maken. De Deen had zijn seizoen eigenlijk al willen beginnen in de UAE Tour, maar een val op training, in combinatie met ziekte, zorgden ervoor dat hij zijn rentree moest uitstellen. Nu is het dus wel zover.

Vingegaard begint aan zijn seizoen in Parijs-Nice – foto: Fotopersburo Cor Vos
Hoewel het nog even afwachten is hoe het met zijn vorm staat, zal Vingegaard sowieso gebrand zijn op succes. Hij heeft na zijn opgave van vorig jaar nog een rekening openstaan in Parijs-Nice. Bovendien ontbreekt de Koers naar de Zon nog op zijn palmares. Zijn ploegmaat Matteo Jorgenson won de ronde al wel twee keer, in 2024 en 2025, maar komt zijn titel niet verdedigen. De Amerikaan rijdt dit jaar Tirreno-Adriatico.
Visma | Lease a Bike stuurt wel een sterke ploeg met Vingegaard mee. Op de voorlopige startlijst zien we onder meer de namen van Edoardo Affini, Bruno Armirail en Victor Campenaerts. Stuk voor stuk grote motoren, die een lekker potje kunnen meeblazen in de ploegentijdrit. Vorig jaar sloeg de Nederlandse ploeg ook toe in de TTT. Als Vingegaard hier opnieuw een voorsprong kan pakken op de concurrentie, hoeft hij in de resterende heuvel- en bergritten alleen nog maar te verdedigen.

Ayuso wint, in het geel, de slotrit van de Volta ao Algarve – foto: Fotopersburo Cor Vos
‘Alleen nog maar te verdedigen.’ We laten het nu gemakkelijker klinken dan het daadwerkelijk is. Er zijn namelijk genoeg sterke concurrenten, die al wél wat koersritme hebben opgedaan. Neem Juan Ayuso. De Spanjaard debuteerde in de Volta ao Algarve voor zijn nieuwe ploeg Lidl-Trek en eiste in de Portugese rittenkoers meteen de eindzege op. De vele explosieve aankomsten in Parijs-Nice moeten hem bovendien goed liggen.
Naast Ayuso zagen we ook Oscar Onley koersen in de Volta ao Algarve. De 23-jarige Brit, die afgelopen winter Picnic PostNL verruilde voor INEOS Grenadiers, eindigde in Portugal op dezelfde plek als in de Tour de France van vorig jaar: vierde. Vooral in de laatste bergrit naar de Alto de Malhão oogde hij sterk.
INEOS Grenadiers heeft meer ijzers in het vuur, want de Britse ploeg brengt ook Carlos Rodríguez en nieuwkomer Kévin Vauquelin aan het vertrek. Rodríguez was in de Tour de la Provence al dicht bij de eindzege, Vauquelin gaf met een vijfde plek in de Volta ao Algarve ook al blijk van vorm.
Een andere Fransman om op te letten in Parijs-Nice is Lenny Martinez. De 22-jarige renner van Bahrain Victorious won vorig jaar drie bergritten in WorldTour-rondes, maar was wel wat wisselvallig. Dit seizoen is hij voorlopig echter een toonbeeld van regelmaat. Zijn uitslagen tot nog toe: vijfde in de Tour des Alpes-Maritimes, derde in de Faun-Ardèche Classic, derde in de Drome Classic. Combineert hij die stabiliteit met een van zijn fameuze uitschieters in Parijs-Nice?

Onley kan tevreden terugkijken op zijn debuut voor INEOS – foto: Fotopersburo Cor Vos
Red Bull-BORA-hansgrohe komt ook met een interessant blok naar Red Bull-BORA-hansgrohe. Nee, Remco Evenepoel, Florian Lipowitz en Primoz Roglic zijn er niet bij, maar we verwachten wel het een en ander van de tandem Daniel Felipe Martinez en Aleksandr Vlasov. Nadat ze beiden minder voor de dag kwamen in 2025, zijn ze het huidige seizoen een stuk beter begonnen. Wie weet kan een van hen in Parijs-Nice weer echt aanhaken bij de top.
Cian Uijdebroeks zou dit jaar debuteren in Parijs-Nice, maar de Belg moet passen voor de Franse rittenkoers. De aanwinst van Movistar liep tijdens de Ronde van Valencia een scheurtje in zijn elleboog op en is nog niet klaar om weer te koersen. De volgende renners schrijven we wel op voor een mogelijke ereplaats: Valentin Paret-Peintre, zijn broer Aurélien, David Gaudu, Andreas Leknessund, Ivan Roméo, Eddie Dunbar, Harold Tejada en Mathys Rondel.
Het complete deelnemersveld voor Parijs-Nice is nog niet bekend. Daarom is het favorietendeel niet volledig ingevuld. Als er op tijd een startlijst bekend wordt, zullen wij op een later moment dit deel van de voorbeschouwing aanvullen en wijzigen.
Sprinters
Veel pure sprinters slaan Parijs-Nice dit jaar over. Niet verwonderlijk, want er zijn maar weinig kansen voor hen. Biniam Girmay ziet wel mogelijkheden en is, onder de snelle mannen, de grootste naam op de startlijst. De Eritreeër won dit seizoen al twee keer in Spanje, maar een etappezege in Parijs-Nice zal nog wat beter smaken. Een van zijn voornaamste uitdagers is Milan Fretin, die in de Ruta del Sol al naar dagsucces sprintte op een lastige aankomst.

Girmay klopt Fretin de Almeria – foto: Fotopersburo Cor Vos
Alberto Dainese wist namens zijn nieuwe ploeg Soudal Quick-Step nog geen korte uitslagen te behalen, maar heeft als ritwinnaar in de Giro d’Italia (twee keer) en Vuelta a España natuurlijk wel een behoorlijke staat van dienst. Hetzelfde kunnen we zeggen van Bryan Coquard. De Fransman van Cofidis heeft al 55 profzeges achter zijn naam en schoot dit seizoen, op 33-jarige leeftijd, al twee keer raak.
Als enkele lastigere ritten tóch in een sprint eindigen, zouden meer Fransen toe kunnen slaan, zoals Emilien Jeannière, Dorian Godon en de troef van Visma | Lease a Bike: Axel Zingle. Op zulke dagen is het eveneens letten op Laurence Pithie en de Nederlanders Rick Pluimers, Marijn van den Berg en Cees Bol. Al zullen die laatste twee zich ook wel mengen in de echt vlakke sprint op dag twee, net als Casper van Uden, Phil Bauhaus en Luke Lamperti.

Bol (l) kwam in de openingsrit van de UAE Tour nipt tekort tegen Isaac Del Toro – foto: Fotopersburo Cor Vos
Weer en TV
Zondag is het tijdens de eerste etappe naar Carrières-sous-Poissy zonnig, droog en zacht met temperaturen rond 18 graden, zo meldt Weeronline. Daarbij waait een meest matige zuiden-tot zuidoostenwind. Ook maandag is het droog en een graad of 18, dinsdag kunnen de renners naar Pouilly-sur-Loire enkele buien verwachten, maar tussendoor schijnt ook de zon. Het is ongeveer 15 graden.
Woensdag is er nog steeds een buienkans, donderdag staat waarschijnlijk weer een droge en zonnige etappe op het programma met temperaturen rond 17 graden. Het weerbeeld in de omgeving van Nice ziet er eind volgende week en tijdens de laatste etappes in het weekend wisselvallig uit. Er trekken buien over de regio, maar tussendoor schijnt de zon. De temperatuur stijgt naar 16 graden.
Parijs-Nice is live te volgen op Eurosport 1 of online via HBO Max. Ook kun je terecht bij Sporza (VRT1). Bekijk alle tv-zenders en uitzendtijden in onze tv-gids Wielrennen op TV.
De Zomergids 2026 van Wielerflits Magazine is maar liefst 220 pagina's dik en staat barstensvol mooie wielerverhalen. Een van de verhalen is met Visma | Lease a Bike-kopman Jonas Vingegaard, die de Giro d'Italia en Tour de France gaat combineren deze zomer. Hoe kijkt hij daarnaar uit? En welke hobby's houden hem bezig buiten de koers? In de Zomergids lees je verder alles over de Tour de France en de Tour Femmes, over de knechten van Tadej Pogačar, Lucien Van Impe, Nienke Vinke en nog veel meer!


Vamonos.