Voorbeschouwing: Olympia’s Tour 2019

Door , donderdag 17 oktober 2019 om 07:00
Voorbeschouwing: Olympia’s Tour 2019

Olympia's Tour - foto: Cor Vos

Komend weekend staat de oudste Nederlandse wielerwedstrijd op het programma: Olympia’s Tour. Ja, half oktober pas. Omdat er op de oorspronkelijke data van 17 tot en met 22 september niet genoeg politiebegeleiding beschikbaar was, was de organisatie genoodzaakt de koers te schrappen van de internationale kalender. Daardoor is het nu een nationale rittenkoers en doen er niet alleen beloften mee. WielerFlits blikt vooruit.


Historie

Olympia’s Tour kent een zeer rijke historie. Precies 110 jaar geleden organiseerde wielervereniging A.S.C. Olympia uit Amsterdam de eerste editie. Nederlands kampioen Chris Kalkman wist in dat jaar de zege voor zich op te eisen. Dat deed hij in een ronde die drie etappes kende, met tussendoor een rustdag. In 1910 volgde de tweede editie, waarna de Eerste Wereldoorlog verdere doorgang van Olympia’s Tour dwarsboomde. In die tijd was het verboden om wielerwedstrijden op openbare wegen te organiseren.

Na een derde versie van Olympia’s Tour in 1927 (met de Duitser Rudolf Wolke als winnaar, voor Janus Braspennincx) werd OT pas na de vierde editie in 1955 een begrip. Sindsdien wonnen onder meer bekende namen als Henk Nijdam, Cees Priem, Fedor den Hertog, Gerrit Solleveld, Servais Knaven, Danny Nelissen, Matthé Pronk, Joost Posthuma, Thomas Dekker, Stef Clement, Tom Veelers, Lars Boom, Jetse Bol, Taylor Phinney, Dylan van Baarle en Cees Bol de oudste rittenkoers van Nederland. Jetse Bol is met drie eindzeges recordhouder.

Jetse Bol won drie keer, dit is de laatste keer in 2016 – foto: Cor Vos

Na de millenniumwisseling was Olympia’s Tour vooral een Rabobank-feestje. Van de edities tussen 2002 en 2016 was een renner van die opleidingsploeg namelijk twaalf keer de beste. De laatste jaren betekent een eindoverwinning in deze wedstrijd ook dat renners rijp zijn voor de elite. Mede daarom is OT een bakermat voor jong talent om aan te tonen dat zij klaar zijn voor het profbestaan. Die filosofie zette de organisatie in 2016 kracht bij, door de koers alleen nog maar voor beloften open te stellen. Dit jaar is dat dus niet het geval.

Laatste tien winnaars flag-nl Olympia’s Tour
2018: flag-dk Julius Johansen
2017: flag-nl Pascal Eenkhoorn
2016: flag-nl Cees Bol
2015: flag-nl Jetse Bol
2014: flag-nl Berden de Vries
2013: flag-nl Dylan van Baarle
2012: flag-nl Dylan van Baarle
2011: flag-nl Jetse Bol
2010: flag-us Taylor Phinney
2009: flag-nl Jetse Bol


Vorig jaar

De editie van 2018 bestond uit zes etappes in lijn en een individuele tijdrit van ruim negen kilometer. In de eerste rit bepaalden waaiers de koers. Uiteindelijk mondde het uit in een sprint-à-deux tussen Ide Schelling en Julius Johansen, waarin de laatste aan het langste eind trok. De sterke Deen zou de leiderstrui daarna twee dagen om de schouders dragen. Een sprintzege van Max Kanter en een knappe overwinning van de Italiaan Giacomo Ballabio (een aanval in de slotfase, waarna hij de spurters net afhield) konden dat niet veranderen.

Toen Kanter echter nóg een rit won, werd hij na de vierde rit dankzij de bonificatieseconden leider in het klassement. In etappe 5awas het Marten Kooistra die na een lange ontsnapping een dubbelslag sloeg in Offenbeek. ’s Middags stond de individuele tijdrit op het programma, die gewonnen werd door Johan Price-Pejtersen. Edoardo Affini werd tweede en Johansens derde stek was genoeg om het geel weer te heroveren op Kooistra. Marijn van den Berg (toen Delta Cycling Rotterdam) zou vanuit een vroege vlucht nog de slotrit winnen.

flag-nl Olympia’s Tour 2018
1. flag-dk Julias Johansen (ColoQuick) in 19u52m38s
2. flag-nl Marten Kooistra (SEG Racing Academy) + 17s
3. flag-nl Lars van den Berg (Metec-TKH) +28s
4. flag-it Edoardo Affini (SEG Racing Academy) +29s
5. flag-nl Marijn van den Berg (Delta Cycling Rotterdam) +32s
Volledig eindklassement

Johansen wint een rit in Olympia’s Tour 2018 – foto: Cor Vos


Parcours

Door de tegenslagen die de organisatie dit jaar gekregen heeft, laat ook het parcours te wensen over. Er staan vier etappes op het programma van donderdag 17 tot en met zondag 20 oktober. Drie daarvan zijn – behoudens een viaduct of een rivierdijk – volledig vlak. Voer voor de sprinters dus. De rit die overblijft, geeft hoop op een attractief koersverloop. Het probleem is wel dat gelijk in de eerste etappe al een groot deel van het eindklassement gevormd is. Het is voor de renners dus zaak om vooraan goed bij de pinken te blijven.

Donderdag 17 oktober – Etappe 1: Col du Vam > Col du Vam (129,8 km)
De eerste rit is een leuk experiment van de organisatie. Olympia’s Tour zoekt namelijk de VAM-berg op. Deze geasfalteerde vuilnisbelt nabij Wijster is sinds dit jaar openbaar voor publiek, waardoor er ook buiten de Ronde van Drenthe om fietsers te bewonderen zijn. De organisatie van deze koers heeft een omloop van 14,7 kilometer uitgestippeld, die de renners negen keer zullen afleggen. In iedere ronde ligt aan het begin een strook van 200 meter (12% gemiddeld) en finishen de renners op een helling van 500 meter, met daarin een strook van 160 meter aan kasseien. De gemiddelde stijging is 7% met een uitschieter naar 24%. In totaal zorgen de negen rondjes voor 6,3 kilometer klimmen.

Start: 13.00 uur op VAM-berg
Finish: 16.08 uur op VAM-berg

Vrijdag 18 oktober – Etappe 2: Twello > Twello (170,7 km)
De tweede rit is een vlakke etappe die zich volledig afspeelt tussen de steden Apeldoorn en Deventer in, op Gelders grondgebied. Twello is de plaats die de start en finish organiseert. Vanuit die plek gaat het met een ommetje naar Terwolde en Nijbroek. Net ten noorden van die plaats, trekken de renners zuidwaarts om via Teuge naar Klarenbeek te rijden. Daar trekken ze weer oostwaarts en koersen ze via Klein-Amsterdam op Voorst af. Daarna rijden de renners vervolgens naar Bussloo en Wilp, om aan de westzijde van de IJssel te blijven en terug te rijden naar Twello. Deze ronde rijdt het peloton tweemaal.

Bij de tweede passage aan de finish, rijden de renners opnieuw naar plek waar ze gestart zijn. Maar in plaats van naar het noorden te rijden zoals de eerste twee rondes, steken ze nu vanuit Twello rechtstreeks over naar de oorspronkelijke route. Die werken ze vervolgens wel weer helemaal af tot in Twello. Feitelijk gezien rijden de coureurs de ronde dus twee en een half keer. Eenmaal aan de finish hebben ze er 170,7 kilometer op zitten.

Start: 12.00 uur in Twello
Finish: 15.53 uur in Twello

Zaterdag 19 oktober – Etappe 3: Hardenberg > Hardenberg (145,5 km)
De derde etappe van Olympia’s Tour bevindt zich op een heel klein stukje Drenthe na, volledig in de provincie Overijssel. Hardenberg herbergt het vertrek en de finish van de etappe. Na het startschot trekken de renners via Gramsbergen, De Krim en Schuinesloot naar Drogteropslagen. Daardoor rijden ze als het ware om Slagharen heen. Dat doet het peloton vervolgens ook om Dedemsvaart, waarna ze via Witharen in zuidelijk richting naar Ommen rijden. Vervolgens gaan ze naar het meest zuidelijke punt van de route: Lemele. Net als in de Ster van Zwolle, zullen de renners hier de Lemelerberg passeren.

Daarna rijden de renners weer bijna terug naar Ommen, om dan rechtsaf te slaan. Via Sibculo en Kloosterhaar, gaat het weer terug naar Hardenberg. Onderweg passeren de coureurs Bergentheim en Rheeze. Eenmaal aangekomen in Hardenberg, rijden ze aan de buitenkant van de stad van radio-dj Edwin Evers langs. Nu trekken ze binnendoor en gaan ze aan de zuidkant van Slagharen richting Dedemsvaart. Via Rheezerveen keren ze weer terug in Hardenberg, waar ze nog een klein ommetje in de stad maken. Ook deze rit is geheel vlak.

Start: 13.30 uur in Hardenberg
Finish: 16.51 uur in Hardenberg

Zondag 20 oktober – Etappe 4: Tiel > Tiel (147,3 km)
De start van de vierde en laatste rit in Olympia’s Tour is in het Gelderse Tiel. Na het vertrekt vanuit de stad van Flipje, trekken de renners aan de noordzijde van Ophemert naar Heesselt, het zuidelijkste punt van deze etappe. Daarna rijden ze over de dijk naast de Waal en haar uiterwaarden terug naar Tiel. Deze ronde leggen de renners twee keer af. Daarna volgen ze vanuit Tiel dezelfde route, maar steken ze bij Ophemert linksaf. Daarna gaat het opnieuw voor een korte tijd langs de Waal-dijk, om weer terug te komen bij start-finish. Deze korte omloop rijden de renners zes keer. Daarna gaat duidelijk zijn wie de eindwinnaar van Olympia’s Tour 2019 is.

Start: 12.00 uur in Tiel
Finish: 15.32 uur in Tiel


Favorieten

Door de verplaatsing en het late tijdstip op de wielerkalender, verwelkomt de organisatie van Olympia’s Tour slechts twaalf teams. Op één ploeg na, levert ieder team zeven renners af. Dat betekent dat er komend weekend een peloton van 83 renners over Nederlandse bodem reist. Zij strijden dus om de erfenis van Julius Johansen, maar lang kunnen zij niet genieten van de status als winnaar van Olympia’s Tour. Over vijf maanden – van 19 tot en met 22 maart – staat de editie van 2020 al op het programma. Met die verplaatsing hoopt koersdirecteur Thijs Rondhuis de toekomst te garanderen. Maar eerst de editie 2019, dus.

Florian Vermeersch – foto: Cor Vos

Een van de sterkste renners hier aan het vertrek, is zonder meer de snelle Belgisch beloftenkampioen Florian Vermeersch. De 20-jarige renner van Lotto Soudal U23 is de laatste twee maanden ontzettend op dreef. Hij won onder meer de Ronde van Oost-Vlaanderen (een Belgische nationale rittenkoers, zoals Olympia’s Tour in Nederland), GP Albert Fautville-Baulet (U23 Road Series), de Tour de Moselle (een Franse nationale rittenkoers, inclusief drie ritten) en in apocalyptisch weer de Ronde van Midden-Brabant. Ook zijn ploegmaat Arne Marit is rap aan de meet en zal zich ook mengen in de sprints.

foto: Cor Vos

Het misschien wel sterkste blok aan de start, is Metec-TKH. Marijn van den Berg lijkt er met het oog op het eindklassement de kopman. De 20-jarige coureur geldt als een sterke allrounder met een sterk eindschot. In de pure massasprints komt hij misschien ietwat tekort voor de zege, maar na een zware koers kun je er vergif op innemen dat je hem van voren ziet. Van den Berg is in ieder geval sterk genoeg om de rit over de VAM-berg te overleven, dat heeft hij dit seizoen meermaals bewezen. Met Jason van Dalen, Rick Ottema en sprinter David Dekker rijden er nog sterke mannen rond. En meer Metec-TKH to follow.

Coen Vermeltfoort – foto: Cor Vos

Vermeersch en Van den Berg passen in het straatje van Olympia’s Tour: jonge talenten die aan de vooravond staan van een profcarrière. Wat dat betreft is Coen Vermeltfoort een vreemde eend in de bijt. De 31-jarige sprinter deed afgelopen jaar een stapje terug naar Alecto, maar met twaalf overwinningen in vooral nationale wedstrijden liet hij zien nog lang niet versleten te zijn. De Vlijmenaar boekte in de Slag om Norg en passant ook zijn tweede profzege ooit, na de Ronde van Drenthe 2008. Vermeltfoort rijdt deze koers overigens in het shirt van WRV De Peddelaars, net als zijn Alecto-ploegmaat René Hooghiemster.

foto: © Petros Gkotsis Photography

SEG Racing Academy is de enige ploeg aan het vertrek die niet met het maximaal aantal renners naar Olympia’s Tour gaat. Rugnummer 37 blijft namelijk leeg. De man om het meest in de gaten te houden bij de opleidingsploeg, is Jordi Meeus. De 21-jarige Belg verzamelde al een flink aantal ereplaatsen en won in april de GP Tombroek. Hij is snel aan de meet, maar kan eendagsklassiekers met een Vlaams profiel ook goed aan. SEG Racing zal de koers in ieder geval willen maken, ook in de laatste drie vlakke ritten. Met Daan Hoole en Sven Burger hebben ze twee renners binnen het team die ongetwijfeld de aanval zullen zoeken.

foto: Cor Vos

Een van de sterkere renners in het nationale Nederlandse circuit, is zonder twijfel Hartthijs de Vries. De renner van Vlasman is nog altijd maar 23 jaar jong en hoopt tijdens Olympia’s Tour in de voetsporen van vader Thijs te treden: De Vries senior won in zijn tijd meerdere etappes in deze wedstrijd. Hartthijs deed op zijn beurt twee keer eerder mee en eindigde in 2016 – toen nog in de kleuren van Rabobank Development – als derde in het klassement. Dat belooft nu een hele opgave te zijn voor de jonge Fries, die het niet meteen moet hebben van zijn sprint. Wel kan hij het verschil maken op de VAM-berg en in waaiers, bijvoorbeeld.

foto: Cor Vos

De Vries kan in zijn jacht op een goed resultaat in deze editie van Olympia’s Tour weleens een compagnon vinden in provinciegenoot Stef Krul. De coureur van Metec-TKH mocht de voorbije maanden ruiken van het grote werk middels een stage bij Jumbo-Visma. In dienst van de geel-zwarten, deed hij het verdienstelijk. Maar de Friese hardrijder bewees ook zelf de nodige resultaten te kunnen neerzetten. In vier Franse 2.2-rittenkoersen (Tour de Normandie, Tour du Loir et Cher, Rhône-Alpes Isère Tour en Kreiz Breizh Elites) eindigde hij bij de eerste zeven. Ook in de Luxemburgse Flèche du Sud eindigde Krul op een derde plaats.

Arvid de Kleijn

Arvid de Kleijn – foto: Cor Vos

Zoals gezegd hebben ze bij Metec-TKH meerdere pionnen die ze vooruit kunnen schuiven. En mocht die opzet niet slagen, dan hebben ze nog altijd Arvid de Kleijn achter de hand. De kleine spurter is katterap aan de meet, waardoor hij meerdere etappes kan winnen. Afgelopen zaterdag werd hij nog derde in de Tacx Pro Classic, achter ’s werelds beste sprinters Dylan Groenewegen en Elia Viviani. Eind augustus won hij met de Druivenkoers in Overijse ook al een profkoers. Gezien het feit dat De Kleijn al een profcontract tekende bij Riwal-Readynez, moeten we hem in dit deelnemersveld als een favoriet beschouwen.

foto: Cor Vos

VolkerWessels-Merckx is hier ook van de partij. De formatie van teammanager Allard Engels maakt volgend jaar de stap naar Continental-niveau en zal hier dus willen tonen dat ze kunnen wedijveren met de overige Nederlandse conti’s. Het is afwachten hoe het met de vorm van Peter Schulting is. De 31-jarige coureur kampte lange tijd met een slepende knieblessure, maar tijdens de Ronde van Midden-Brabant toonde hij zich weer tussen de renners. Schulting geldt ook als een sterke coureur, maar net als Krul en De Vries zal hij eveneens de aanval moeten zoeken. Maar eenmaal vertrokken, is Schulting een lastige klant.

Timo de Jong – foto: Cor Vos

De ploeg van Schulting zou weleens kunnen verrassen. Met Robin Blummel, Tijmen Eising en Max Kroonen hebben ze meerdere kaarten om uit te spelen. Pas ook op Timo de Jong. De 20-jarige Zeeuw is bezig aan een sterk seizoen, met onder meer de eindzege in de Arden Challenge en enkele korte resultaten in de U23 Road Series. Wie weet kan hij uitgroeien tot dé verrassing van OT. Bij WV De IJsselstreek rekenen ze op sterk werk van Marien Bogerd en Robin Löwik. Vooral die laatste reed een prima jaar, met de Nederlandse titel elite zonder contract als beloning. De in dit blokje genoemde namen zijn allen geen sprinter en dus zullen we hen veel in het offensief zien. Dat geldt naar waarschijnlijkheid ook voor Sam Gademan (Sensa-Kanjers voor Kanjers) en Jarno Gmelich Meijling (Volharding-Diftar Groep-Artivelo).

Favorieten volgens WielerFlits
**** Florian Vermeersch
*** Marijn van den Berg, Coen Vermeltfoort
** Jordi Meeus, Hartthijs de Vries, Stef Krul
* Arvid de Kleijn, Peter Schulting, Robin Löwik, Timo de Jong

Website organisatie


Weer & tv

Het is oktober en dus kunnen de renners de komende week typisch grauw en druilerig herfstweer verwachten. Het kwik schommelt tijdens de etappes tussen de veertien en zestien graden Celcius. Iedere dag is er kans op een buitje, maar de windt neemt op zaterdag en zondag iets af. Voor de rit van en naar Tiel is dat jammer, want de zuidenwind kan op de Waaldijk voor waaiers zorgen. Maar met windkracht drie op de teller (de eerste twee dagen windkracht vier), valt dat te bezien. De koers is overigens dagelijks te bekijken via een stream van Podium.tv. Op WielerFlitshoef je niets te missen in onze Volg Hier.

Dit artikel delen:

2 Reacties

Oblomov 16 oktober 2019 om 14:04

De race weer openstellen voor de continentale teams lijkt me een goede keuze. Voor het nationale niveau kiezen, i.p.v. UCI 2.2, lijkt me gevaarlijk. Nu loop je het risico dat de beste ct-teams, inclusief SEG, Jumbo en Sunweb, voor een UCI wedstrijd kiezen en dan komt het einde van deze race natuurlijk snel in zicht.

Groningen 16 oktober 2019 om 19:09

Zonde dat een race met zo’n rijke historie en dito erelijst zo wegzakt. Winnaars van Olympia’s tour kun normaal gesproken een jaartje of 3 later bij de profs terugvinden.

Reactie plaatsen

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.