Patrick Evenepoel ziet Tim Heemskerk als succesrecept voor zoon Remco
Ja, er waren twijfels voor de Tour de France. Remco Evenepoel heeft met zijn positie als dichtste uitdager van Tadej Pogacar aan iedereen bewezen dat hij een serieuze kandidaat-winnaar kan worden in de toekomst. Maar hoe moeten we de stap voorwaarts van de kopman van Red Bull-BORA-hansgrohe verklaren? In de podcast Derailleur van Proximus Pickx vinden we de antwoorden.
Patrick Evenepoel, de vader en vertrouwenspersoon van Remco en ook ooit zijn eerste trainer, staat natuurlijk dichtbij de bron. “De ommekeer met de nieuwe coach van Remco maakte het verschil”, zegt hij. Aan het begin van het jaar verruilde Evenepoel Soudal Quick-Step voor Red Bull-BORA-hansgrohe, waar ‘Revket’ vanaf april begeleid wordt door oud Visma-succestrainer Tim Heemskerk.
Daar kregen ze de laatste twee kilogram af zijn gewicht, iets wat bij Soudal Quick-Step maar niet lukte. “Remco stond scherp voor de start van de Tour, maar het is bewezen dat het ook nodig is om tot dit niveau te komen. Na het voorjaar was dat nog niet het geval, maar toen hadden we ook naar de Ronde van Vlaanderen toe gewerkt. Vlak voor Luik-Bastenaken-Luik (eind april, red.) hebben we afgesproken om alles om te draaien en opnieuw te beginnen als voorbereiding op de Tour de France.”
“Een paar dagen werd bekend dat Dan Lorang (de toenmalige trainer van Evenepoel, red.) het team zou verlaten. Tim Heemskerk was vrij. En er was onmiddellijk een klik. De manier hoe Tim alles vertelde, stond Remco enorm aan. En als je zijn vertrouwen wint, kun je alles met Remco doen. We zagen hem de afgelopen maanden ook echt veranderen. Zijn gemoedsrust vooral, in zijn hoofd werd het rustiger. Een maand voor de Tour zag ik hem zoals ik hem nog nooit had gezien.”
Tijdens de Tour kwam dat proces in een stroomversnelling. “Het plan was dat hij vanaf dag tien meer zou verbeteren. Ik denk dat iedereen gezien heeft dat het effectief is gebeurd. De ronde mocht nog een week langer voor hem duren. Dat is heel belangrijk. Wat hij nu heeft gepresteerd, bewijst dat hij verder mag dromen van dit werk. Anderzijds, als het was tegengeslagen, moesten we opnieuw naar de tekentafel.”
Eerste rit met aankomst op Alpe d'Huez wordt hij opgehouden door motoren die achter Arensman vastzaten met de menigte die niet toeliet om in te halen. Daar verliest hij ook weer 20-30 seconden. En de laatste dag was het ook duidelijk dat hij sneller zou gekund hebben, maar dat hij ook opnieuw te lang rekening houdt met Pogacar voor de ritzege en dus niet zijn snelst mogelijke beklimming reed.
Dat is het verschil met twee jaar geleden. Hij herstelde sneller, was veel frisser, werd beter naarmate de Tour vorderde en hij had overschot.