Marianne Vos: “We zijn bewust van elkaars kwaliteiten”

Marianne Vos: “We zijn bewust van elkaars kwaliteiten”

foto: Cor Vos

Door Maxim Horssels & Roel van der Maas
zaterdag 24 juli 2021 om 18:00
Interview

Marianne Vos start zondag voor de vierde keer in haar carrière in de olympische wegwedstrijd. Met een sterrenteam bestaande uit Demi Vollering, Annemiek van Vleuten en Anna van der Breggen gaat de 34-jarige renster een gooi doen naar nog een olympische medaille. Wat zijn de verwachtingen van de goudenmedaillewinnares van Londen?

Ruim een week voor de start van de wegrit voor vrouwen arriveerde Vos in Japan. Een stukje buiten Tokio, vlakbij de finish van de wielerwedstrijden is een speciale venue opgezet waar alle wielrenners en rensters verblijven. “Dat betekent dat wij van het olympisch dorp niks gaan zien. We zitten dus in een apart wielerhotel, een wielerbubbel”, legt Vos uit. “Het geeft een iets ander gevoel. Het was wel heel leuk om een video te ontvangen vanuit het olympisch dorp, waar een aantal sporters ons toesprak.”

“Uiteindelijk zijn we hier om te presteren en om onze wedstrijden zo goed mogelijk te doen”, zegt Vos. “En die voorbereiding daarop gaat hier perfect. We zitten dichtbij de finishlocatie, dus het parcours hebben we goed kunnen verkennen. Het is ook heel fijn dat we gewoon buiten kunnen fietsen. We zijn natuurlijk wel gebonden aan de maatregelen, maar trainen mogen we buiten, dus dat is heel prettig.”

Parcours
Het parcours van de vrouwen is grotendeels hetzelfde als dat van de mannen. Het verschil zit hem in de twee rondjes extra, met onder meer de beklimming van de Mikuni Pass, die de heren er aan toevoegen. “Bij de mannen komen de pure klimmers misschien iets beter tot hun recht. Maar ook in onze koers zijn er genoeg mogelijkheden om het verschil te maken”, vertelt de olympisch kampioene van 2012.

Er staan slechts 67 rensters aan de start van de wegwedstrijd. Volgens ploegmaat Annemiek van Vleuten is het daardoor makkelijker de olympische wegrit te winnen dan bijvoorbeeld het WK, waar de teams groter zijn en de concurrentie heviger. Vos is het met die stelling niet eens. “Als je kijkt naar de breedte van het veld, het aantal, dan is een WK sterker bezet. Maar omdat het zo’n klein peloton is en omdat je zulke kleine ploegen hebt, is het hier heel lastig om een koers in handen te nemen en te controleren”, zegt Vos. “Dus ja, het is wel een hele vreemde wedstrijd. Het is heel lastig en daardoor moet je goede keuzes maken en elkaar aanvullen.”

Alleswinnares
Inmiddels heeft Vos ongeveer alles gewonnen wat er als wielrenster te winnen valt. Ze werd onder andere zeven keer wereldkampioene in het veldrijden, drie keer wereldkampioene op de weg en twee keer op de baan. Onlangs schreef de alleswinnares haar dertigste etappezege in de Giro Donne bij op haar palmares, een absoluut record.

Ook op de Olympische Spelen kan de Brabantse doorgaans goed uit de voeten. In 2008 debuteerde Vos in Peking en reed ze gelijk naar een gouden medaille op de puntenkoers. In de wegwedstrijd deed ze nog niet mee om de zege, maar dat was vier jaar later wel anders. In de stromende regen spurtte Vos door de straten van Londen naar een gouden plak. Ook in Rio de Janeiro reed de renster uit Den Bosch een sterke rit, maar moest ze haar meerdere erkennen in de echte klimmers.

Marianne Vos wint de olympische wegrit in Londen – foto: Cor Vos

Favorietenrol
Van de negen keer dat de wegwedstrijd voor vrouwen op het programma stond, was vier keer een Nederlandse de beste. Ook dit jaar zijn de rensters van TeamNL favorieten voor de gouden medaille. Naast Vos starten ook Van der Breggen, Van Vleuten en Vollering zondag. Op papier maken ze alle vier kans op een medaille. “Ik denk dat we de laatste jaren wel geleerd hebben om met die favorietenrol om te gaan”, zegt Vos. “Daar moet je je bewust van zijn, dat andere landen naar je gaan kijken en dat je soms misschien die verantwoordelijkheid op je afgeschoven krijgt.

“Dat is wel iets waar we in de tactiek natuurlijk rekening mee moeten houden”, gaat de Brabantse verder. “We weten elkaars kwaliteiten, we weten wat we aan elkaar hebben en we weten wie op welk moment de beste kansen heeft. En uiteindelijk zal zich dat in de wedstrijd moeten wijzen. Daar moeten we gewoon heel goed op anticiperen met z’n vieren en ik denk dat we daartoe heel goed in staat zijn.”

Vierde Spelen
Dit jaar verschijnt Vos dus voor de vierde keer aan de start van de olympische wegwedstrijd. Wat is het verschil met andere jaren? “Ik weet niet of het heel veel verschilt. De eerste keer weet je niet wat je te wachten staat. Dus Peking was wat dat betreft misschien wel de grootste belevenis, om het allemaal eens te zien en mee te maken”, legt ze uit. “En ik denk dat het wel rust geeft dat je dat een keer gehad hebt, zoals in Londen en in Rio. Dan ga je niet meer alleen voor de belevenis, maar kun je je puur kunt richten op de prestatie en laat je je niet afleiden door andere dingen. Dat is hier ook zo.”

Worden de Olympische Spelen in Tokio de laatste keer dat we Vos actief zien op olympisch niveau? De renster werd in mei 34 en is voor wielerbegrippen dus al op leeftijd. Zelf wil ze daar nog niet over nadenken. “Ik ben daar eerlijk gezegd helemaal niet mee bezig. Het zou kunnen. Maar nu zijn deze Spelen en dat is voor mij nu waar ik me op richt. Hier heb ik me op voorbereid en hier wil ik het heel goed doen”, besluit Vos.

Dit artikel delen:

1 Reactie

Pietspeed 24 juli 2021 om 19:03

Vanaf de start zouden ze al met z’n 4′ weg kunnen rijden.

Headlines

Materiaalzone

Populair