Klimmers maken steeds vaker de dienst uit in Tirreno-Adriatico
Begin maart moet de ware wielerliefhebber beschikken over minimaal twee beeldschermen. Eentje voor Parijs-Nice, de ander voor Tirreno-Adriatico. Wat je in die laatste koers te zien krijgt? Dat is vrij recent wat veranderd. Ooit was deze meerdaagse het terrein van de klassieke coureurs, maar de laatste jaren komen vooral de klimmers er tot hun recht. WielerFlits neemt je mee in de historie van deze wedstrijd.
Voor de eerste editie van Tirreno-Adriatico hoeven we niet eens zo gek ver terug in de tijd. In 1966 werd de eerste uitgave van de Koers van de Twee Zeeën gehouden en kregen we met Dino Zandegu een Italiaanse overwinnaar. De inmiddels 82-jarige Zandegu stond onder zijn collega-wielrenners bekend als ‘de Zingende Sprinter’ vanwege zijn (vermeende) zangkunsten. Na bijna elke overwinning trakteerde hij het publiek tijdens de podiumceremonie op een heus optreden. Zo ook na zijn zege in de Ronde van Vlaanderen van 1967. Het lied ‘O Sole Mio’ galmde die bewuste lentedag over de Vlaamse akkervelden.
Na Zandegu volgden er nog 23 overwinningen van Italiaanse makelij in Tirreno-Adratico. Zo wisten wielergrootheden Franco Bitossi (1967), Giuseppe Saronni (1978 en 1982), Francesco Moser (1980 en 1981), Roberto Visentini (1983), Maurizio Fondriest (1993), Davide Rebellin (2001), Paolo Bettini (2004), Michele Scarponi (2009) en Vinceno Nibali (2012 en 2013) het thuispubliek in vervoering te brengen. Inmiddels wacht het thuisland toch al bijna twaalf jaar op een nieuwe Italiaanse winnaar.
Mannen als Moser, Saronni en Nibali wisten de meerdaagse wielerronde meer dan één keer op hun naam te schrijven, maar er is altijd baas boven baas. En het is geen Italiaan. Roger De Vlaeminck was tussen 1972 en 1977 liefst zes keer op rij de beste. Daarmee is de Belg nog altijd recordhouder met het aantal eindzeges in Tirreno-Adriatico. Naast De Vlaeminck staan ook andere buitenlandse toppers als Tommy Prim, Rolf Sørensen en Tony Rominger op de erelijst. Opvallend genoeg ontbreekt dan weer de naam van Eddy Merckx. Niet zo gek ook, de Kannibaal gaf namelijk steevast de voorkeur aan Parijs-Nice.
Wie goed naar de erelijst van Tirreno-Adriatico kijkt, ziet een zekere verscheidenheid aan winnaars. In de eerste jaren na de eeuwwisseling deden de klassieke types vaak nog mee om de eindoverwinning. Onder meer Erik Dekker (2002), Filippo Pozzato (2003), Paolo Bettini (2004), Óscar Freire (2005), Fabian Cancellara (2008) en meer recent Greg Van Avermaet (2016) scharen we zeker in dat rijtje. De laatste jaren zijn de klimmers dan weer in het voordeel, met de eerder genoemde Nibali, Alberto Contador (2014), Nairo Quintana (2015 en 2017), Primož Roglič (2019 en 2023), Simon Yates (2020), Tadej Pogačar (2021 en 2022) en Jonas Vingegaard (2024).
En wat met de Nederlands en de Belgen? België was in totaal al acht keer aan het feest in Tirreno-Adriatico. Naast de zes zeges van Roger De Vlaeminck wonnen ook Antoon Houbrechts (1970) en Greg Van Avermaet, inmiddels toch alweer negen jaar geleden. Driemaal was er een oranje eindwinnaar, met naast Joop Zoetemelk in 1985 – in het jaar waarin hij ook wereldkampioen werd – ook de twee Dekkers: Erik en Thomas in respectievelijk 2002 en 2006.
Laatste winnaars Tirreno-Adriatico
| Jaar | Winnaar |
|---|---|
| 2024 | |
| 2023 | |
| 2022 | |
| 2021 | |
| 2020 | |
| 2019 | |
| 2018 | |
| 2017 | |
| 2016 | |
| 2015 |
Tirreno-Adriatico staat in het seizoen 2025 van 10 tot en met 16 maart op het programma.

