“In Turbo Cross heb ik me ingehouden”: ‘Gestopte’ Marcel Meisen doet verhaal na 10e Duitse titel
Interview “Schrijf nu vooral niet dat dit mijn comeback als crosser is”, vertelt Marcel Meisen wanneer we hem deze week contacteren. Hoewel hij in februari zijn crossfiets aan de haak ging na het WK in Liévin, verscheen hij afgelopen weekend toch aan de start van het Duits kampioenschap veldrijden bij de profs. De 37-jarige Duitser won die wedstrijd ook, waardoor we toch benieuwd waren naar zijn verhaal.
“Mijn profcarrière zit er toch definitief op, hoor”, lacht Meisen aan de andere kant van de lijn. “Daar was ik in februari ook heel blij om. De laatste jaren waren niet gemakkelijk. Ik had het een beetje gehad met alles wat er bij het bestaan van een profrenner komt kijken. Als je het echt goed wil doen, dan moet je er honderd procent voor leven. Maar het plezier kwam redelijk snel terug in de zomer. Niet dat ik in die periode echt getraind heb of een planning had gemaakt. Ik wilde eigenlijk echt geen wedstrijden meer rijden.”
Maar toch stond je in Bensheim aan de start. Met welke insteek?
“Ik dacht: ik ga eens meerijden voor het plezier. Mijn mecanicien van vroeger zei ook direct dat hij wel zin had om te gaan. Het was ook de eerste keer dat het kampioenschap live op televisie werd uitgezonden in heel lange tijd. Daarom vond ik het extra belangrijk om daar te zijn en een goede show voor de mensen die voor een eerste keer in aanraking met de sport kwamen, te geven. Met een driestrijd tot in de laatste ronde is dat goed gelukt. Laten we hopen dat het helpt om de sport een boost te geven, want dat is broodnodig.”
“Dat ik uiteindelijk die titel pak, kan alleen maar omdat het niveau niet super hoog is op dit moment in Duitsland. Ik wist op voorhand helemaal niet hoe goed ik nog ging zijn na die maanden onderbreking. Het koersritme en de hardheid waren er niet, ik had ook niet hard getraind. Het was er eentje op techniek en ervaring.”
Maar je moet dat toch een beetje plannen? Anders heb je toch geen licentie meer?
“En toch wist ik drie dagen voor het nationaal kampioenschap oprecht nog niet zeker of ik zou meerijden (lacht). Ik had sowieso al een tijdje geleden een licentie aangevraagd, omdat je die altijd wel kunt gebruiken. Je weet nooit dat je eens naar een wegwedstrijd met een club mee kunt om renners te helpen, dan heb je dat ook nodig. Je moet dat één keer aanvragen bij je club en het is in orde. Dat was geen grote moeite.”

Meisen tijdens het WK in Hoogerheide – foto: Fotopersburo Cor Vos
Wat heb je dan gedaan na je afscheid in februari?
“Ik had dit jaar eigenlijk geen echte job. Na meer dan twintig jaar te leven voor mijn vak als prof, was het ook leuk om eens een jaar niets te moéten doen en ervan te genieten. Als je nu begint te werken en een goede job vindt: wie weet wanneer de kans ooit nog eens terugkomt om langere tijd te bekomen. Ik had ieder seizoen maar drie weken echte rust. Nu merk ik wel dat ik stilaan weer open sta om nog iets te doen in de sport, als ploegleider of door met jongeren te werken. Al heb ik op dit moment nog niet echt gesolliciteerd.”
Eén keer eerder zagen we je deze winter wél in de cross. Tijdens de Turbo Cross, waar downhiller Martin Maes en ex-prof Bert De Backer je vooraf gingen. Moeilijk te begrijpen.
“(lacht) Ik was de enige echte ‘cross-specialist’ die aan de start stond. Voor alle duidelijkheid: ik heb zelf ook niet aangedrongen om daar te rijden, maar ik was gevraagd door een Duits bedrijf, dat daar graag een video wou maken. Ze vonden het grappig om de Duitse kampioen mee te brengen. Ik zag het een beetje als een ‘show-event’, en ik heb me duidelijk ingehouden. Ook om het spannend te houden voor de mensen die kwamen kijken. Het was een verschil van 40 hartslagen gemiddeld tegenover het kampioenschap.”
“Ook al waren dat allemaal topsporters die meededen en fysiek heel goed getraind waren, zoals Marten Van Riel (triatleet, red.), toch merk je tijdens zo’n event snel dat crossen een heel technische discipline is, iets wat niet iedereen kan. Paul Herygers rijdt op zijn ‘botten’ ook beter door het zand dan sommige profs. De cross is een speciale discipline, dat verleer je niet. Dus verkijk je maar niet op die Turbo Cross.”
Is de cirkel met die tiende titel nu rond voor jou?
“Het klinkt mooi, maar voor mijn carrière maakt dat weinig verschil. Ik wil nog even zeggen dat dit zeker geen comeback was. Het was eenmalig en puur voor het plezier, al weet je nooit dat ik het volgend jaar nog eens flik. Ik merkte dat ik het nog altijd graag doe, maar zonder druk kunnen rondrijden is toch iets anders dan wat ik tijdens mijn carrière heb gedaan.
“Ik wil het ook niet per sé vaker doen. De Duitse bond heeft me wel gevraagd om het WK te rijden, wat altijd speciaal is. En al zeker in de unieke sfeer die we in Hulst gaan krijgen. Maar ik ben niet voorbereid om tegen de internationale sterren te rijden. Voorlopig gaan we de Duitse trui dus niet meer in het veld zien.”

In 2020 werd Meisen Duits kampioen op de weg – foto: Fotopersburo Cor Vos
Zoals je daarnet al aanhaalde: helaas zegt het feit dat je zonder voorbereiding wint, wel veel over de huidige toestand van het Duitse veldrijden. Zit daar nog iets aan te komen?
“We hebben in Duitsland geen echte crosscultuur zoals in Vlaanderen of Nederland, niemand groeit met de sport op. Als er dan eens een groot talent is die uit de cross komt, zoals Marco Brenner die bij Tudor aan zijn carrière aan het bouwen is, dan is de beslissing heel snel gemaakt om alles op de weg te zetten. In België en Nederland kunnen renners als Tibor Del Grosso en Thibau Nys de disciplines combineren, in Duitsland gebeurt dat minder snel.”
“En dat is natuurlijk heel jammer voor de cross. Zo blijven alleen de jongens over die het heel graag doen, of jongens die opportuniteiten zien in het nationale circuit en het kampioenschap. Ik denk dat geen renner die had gehoopt op de titel, daarom echt blij was met mijn deelname. Nationaal is het momenteel gemakkelijk, maar internationaal kom je als Duitser des te lastiger goed voor de dag in de cross.”
Tot slot: hoe kijk je met 42 crosszeges, een podiumplaats in de Wereldbeker, tien Duitse titels in het veld en eentje op de weg terug op je loopbaan?
“Ik denk dat niemand in de jeugd ooit had kunnen denken dat ik dat palmares bij elkaar zou rijden. Het was altijd een droom om crossprof te worden. Maar gaandeweg werd het werd beter en beter, op een gegeven moment kreeg ik ook mijn kans op de weg. Ik had nooit een droom om naar de Tour te gaan, wat veel jongens die fietsen wel zeggen. Ik heb ook niet het gevoel dat ik daar iets heb gemist. Ik vind het wel best jammer dat ik nooit de Giro d’Italia heb gereden, dat verdiende ik misschien wel toen ik zo goed reed in 2020.”
“Op de weg was mijn droom om ooit eens de Amstel Gold Race te doen, dat is bij mij om de hoek en dat parcours ken ik elke meter. In 2019 heb ik die kans gekregen bij Corendon-Circus. Een fantastische dag, want ik zat in de kopgroep en Mathieu van der Poel won de koers. Mijn tweede droom was om Duits kampioen op de weg te worden. Daar kreeg ik een zeldzame kans om tegen de beste renners van mijn land te rijden. Ik reed daar vaak goed en kon het gek genoeg uiteindelijk afwerken in de massasprint.”
“In het veldrijden droom je al van in de jeugd van succes op het wereldkampioenschap, maar ik moet ook eerlijk zijn dat het in mijn generatie heel moeilijk was om dat te doen. Over de hele lijn gezien heb ik wel een paar van mijn dromen waargemaakt, en heel veel uit mijn carrière gehaald. Je kunt altijd triest zijn om de dingen die niet zijn gelukt, maar ik onthoud dat ik er altijd alles voor heb gedaan en ben dus heel content.”
German National Championships CX (CN)
Bensheim → Bensheim
| Rank | Renner | Tijd |
|---|---|---|
| 1 | 01:00:58 | |
| 2 | + 02 | |
| 3 | + 32 | |
| 4 | + 02:37 | |
| 5 | + 02:56 | |
| 6 | + 03:05 | |
| 7 | + 03:14 | |
| 8 | + 05:29 | |
| 9 | + 06:40 | |
| 10 | + 06:59 |
Teams Marcel Meisen
| Jaar | Team |
|---|---|
| 2026 | |
| 2025 | (CXC) |
| 2024 | (CXC) |
| 2023 | (CRO) |
| 2022 | (CRO) |
Wel sneu dat het niveau in Deutschland zo laag ligt..