Adrie van der Poel over hervormingen: “Niet kapot van, maar moeten het een kans geven”

Door , zaterdag 11 januari 2020 om 09:50

Nog altijd is het niet duidelijk hoe de Wereldbeker in de cyclocross er over acht maanden uitziet. Dat terwijl de nationale kampioenschappen veldrijden dit weekend op de kalender staan. Er is al veel kritiek op het besluit van de UCI, maar vooral over de lange duur voor er duidelijkheid is. “Tot op heden ben ik er niet kapot van, omdat we nog niet weten wat voor gevolgen het heeft”, vertelt Adrie van der Poel voor de camera van WielerFlits.

De wereldkampioen veldrijden van 1996 is als parcoursbouwer nauw betrokken bij een aantal organisaties, waaronder logischerwijs de GP Adrie van der Poel in Hoogerheide. “We weten bijvoorbeeld op dit moment niet of we op dezelfde datum blijven zitten (de Wereldbeker in Hoogerheide is altijd eind januari, een week voor het WK, red.). Een andere datum is bijna uitgesloten, of het moet een week eerder zijn. Maar verhuizen naar bijvoorbeeld oktober, is voor ons absoluut geen optie. Daarnaast hebben we veel langdurige contracten lopen, waardoor het moeilijker is om concurrerende partijen te accepteren.”

Renners laten Wereldbeker misschien schieten
Overigens is niet alleen de onduidelijkheid die sommige organisatoren parten speelt, maar ook het kostenplaatje. “De Wereldbeker is nu 50.000 tot 100.000 euro duurder, terwijl dat geld helemaal niet naar de renners gaat of dat de organisatie daar iets van terugziet”, legt hij uit. “De UCI heeft de rechten en organisatie voor heel veel geld verkocht aan Flanders Classics. Dat is een bedrijf en zij zullen het proberen winstgevend te maken, wat hun goed recht is. Maar ik denk dat een aantal renners misschien voor kleinere crossen kiezen. Daar pak je naast prijzengeld, ook startgeld. Dat is in de Wereldbeker niet zo en daarvoor liggen de kosten dan net weer hoger.”

“Financieel kunnen wij het nóg wel behappen, maar het moet niet veel gekker worden”, zegt Van der Poel senior. In 2023 is in Hoogerheide opnieuw het WK en tot die tijd wil men daar in ieder geval een Wereldbeker blijven organiseren. “We moeten de plannen ook een kans geven. Maar met de helft van de Wereldbekers in hetzelfde land, maak je België alleen nog maar sterker. Die renners hebben de minste onkosten, omdat ze het dichtst in de buurt wonen. Natuurlijk heeft Spanje maar twee goede crossers, Zwitserland heeft er maar eentje en in Tsjechië is het momenteel wat moeilijk. Maar het klein beetje talent dat daar nog doorstroomt naar de top, moeten we wel proberen zo te houden.”


Meer video’s zien uit het peloton?
Abonneer je dan nu op ons YouTube-kanaal!

Dit artikel delen:

3 Reacties

salem 11 januari 2020 om 18:54

Met die regel van alle renners in de top 50 die startrecht hebben in WB’s en nu de helft van de WB’s die hoogstwaarschijnlijk in België, wordt de veldritpositie van België alleen maar sterker.

Internationalisering in het veldrijden is een utopie, tenzij je bijvoorbeeld net zoals in het zwemmen beperkingen gaat opleggen of het olympisch gaat maken.

In

salb 11 januari 2020 om 22:05

Naast de top 50 van het UCI klassement die automatisch startrecht heeft mag elk land renners buiten de top 50 oproepen indien er minder dan 8 renners van dat land in die top 50 zitten tot een totaal van 8 renners. De beste 8 renners van een land kunnen dus altijd deelnemen aan de WB ongeacht het UCI klassement. Valt toch mee lijkt me? Of wil jij crossen met 150 deelnemers aan de start?

Polleke 11 januari 2020 om 20:34

Als de 5 veldrijders die er echt toe doen een keer samen gaan dineren en beslissen niet overal te starten is er van een ‘Wereld’ beker geen sprake meer, die 5 wonen overigens ook nog eens op een halfuur rijden van elkaar… hou toch op met die zever…

Headlines

Materiaalzone

Populair