WK 2018: Voorbeschouwing individuele tijdrit U23 mannen

WK 2018: Voorbeschouwing individuele tijdrit U23 mannen

foto: Sirotti

maandag 24 september 2018 om 13:00

Ein-de-lijk. Eindelijk weer eens een wereldkampioenschap voor klimmers. Na Ponferrada (2014), Richmond (2015), Doha (2016) en Bergen (2017), huisvest Innsbruck het WK 2018. De Oostenrijkse stad is omringd door pittige hellingen, waarop de beste renners ter wereld strijden om de fel betwiste regenboogtruien. Op maandag 24 september is het de beurt aan de beloften, voor wie de individuele tijdrit op het programma staat. WielerFlits blikt vooruit.

Historie
Het WK tijdrijden U23 kent een relatief korte geschiedenis. De eerste editie van dit evenement werd pas in 1996 georganiseerd. In dat jaar kwam de beloftencategorie pas tot stand. Gianluca Sironi werd de allereerste wereldkampioen op dit onderdeel ooit. De Italiaan kon bij de profs zijn belofte echter nooit inlossen. De eerste kampioen van naam was Thor Hushovd in 1998. In de jaren erna pakten Fabian Cancellara en Michael Rogers eremetaal. Zij zouden later bij de profs meerdere wereldtitels in deze discipline bij elkaar fietsen.

België behaalde op dit onderdeel slechts één medaille. In 2006 was dat dan wel direct een gouden plak. Dominique Cornu bleef dat jaar Michail Ignatiev en Jérôme Coppel voor. Een jaar later was supertalent Lars Boom de beste, met opnieuw Ignatiev en Coppel op de plekken twee en drie. In tegenstelling tot onze Zuiderburen, wisten ‘wij’ wél meerdere medailles te winnen. In 2003 moest Niels Scheunemann alleen Markus Fothen voorlaten; een jaar later was Janez Brajkovič een kleine twintig tellen rapper dan Thomas Dekker.

Op dit onderdeel scoren vooral de Australiërs, maar ook Rusland en Duitsland wisten meerdere malen medailles mee naar huis te nemen. Toch ontbreken op de erelijst de écht grote namen. Of dat ook geldt voor de winnaars van de afgelopen jaren, valt nog te bezien. Met name Mikkel Bjerg krijgt het voordeel van de twijfel. Hij wist vorig jaar de Amerikaan Brandon McNulty en Corentin Ermenault uit Frankrijk te verslaan. Nederland kwam in het stuk niet voor. We schitterden namelijk door afwezigheid, omdat de KNWU geen kans op winst zag.

Het podium van vorig jaar – foto: Sirotti

Laatste tien winnaars flag-wc WK ITT U23
2008: flag-it Adriano Malori
2009: flag-au Jack Bobridge
2010: flag-us Taylor Phinney
2011: flag-au Luke Durbridge
2012: flag-ru Anton Vorobyev
2013: flag-au Damien Howson
2014: flag-au Campbell Flakemore
2015: flag-dk Mads Würtz Schmidt
2016: flag-de Marco Mathis
2017: flag-dk Mikkel Bjerg

Parcours
Hoewel het parcours omringd is door de Alpen, zullen de powerhouses opgelucht ademhalen: de hellingen beperken zich tot overbrugbare klimmetjes. De renners rollen van het startpodium af bij de Swarovski Kristallwelten in Hall-Wattens. De renners trekken eerst richting het oosten, waar de eerste negentig-graden-bocht wacht in het plaatsje Weer. Vervolgens steken de mannen de rivier de Inn over. Ze slaan meteen linksaf en rijden parallel aan het water naar Fritsenz, Baumkirchen en Mils, om dan aan te komen te Hall in Tirol.

Op een klein pukkeltje buiten Baumkirchen na, is het parcours tot op dat moment nagenoeg vlak geweest. Na Mills is de weg een stuk glooiender. Hall in Tirol betekent de ‘voet’ van het 1,7 kilometer lange klimmetje (gemiddeld dik 4% stijging) naar Absam. Na de top volgen nog zo’n tien kilometer over een glooiend parcours – via de dorpjes Thaur, Rum en Arzl – met weinig bochten, dat voor geen meter bolt. De laatste rechte lijn naar de finish voor het Hofburg-paleis, loopt weer lichtjes omhoog. Goed indelen is het sleutelwoord voor goud!

Start eerste renner: 14.40 uur – hiervan kan de organisatie nog afwijken
Finish laatste renner: 16.50 uur

Favorieten
Er zijn maar weinig échte tijdritspecialisten bij de beloften. De toppers zijn eigenlijk op één hand te tellen. Het belangrijke verschil is dat er ook een aantal profs meedoet. Op hun niveau horen ze wellicht niet bij de besten. Maar eenmaal terug tussen hun leeftijdsgenoten, kan hun profervaring ervoor zorgen dat ze plots een oersterke tijdrit kunnen afleggen. Meer dan ooit lijken die jongens hun kans te willen grijpen. Mooi om te zien in hoeverre de renners die al het gehele seizoen op U23-niveau rijden daartegen zijn opgewassen.

Neilson Powless – foto: Sirotti

De topfavoriet is een goede bekende van Nederland. Eerstejaars prof Neilson Powless kan namelijk de beste papieren overleggen. De verwachtingen rondom de 22-jarige Amerikaan zijn hooggespannen, maar reëel gezien is de renner van LottoNL-Jumbo – waar ze inmiddels bekend staan om hun investeringen in het tijdrijden – bezig aan een puik debuutseizoen in de WorldTour. Winnen was er nog niet bij, maar gezien zijn prestaties in de tijdritten dit jaar kan dat maandag zo maar eens het geval zijn. Getuige zijn laatste koersen, is de vorm goed.

Update zaterdag 10.00 uur – Neilson Powless zal niet van start gaan maandag. Hij maakt geen deel uit van de selectie van de Verenigde Staten. 

Mikkel Bjerg – foto: Jan Brychta/Vredeskoers 2018

Het komt zelden voor dat een belofte zijn wereldtitel een jaar later verdedigt. Vaak zijn ze dan of te ‘oud’, of dermate talentvol dat ze het een jaar later bij de profs proberen. Bij Mikkel Bjerg ligt dat anders. De tweedejaars belofte is dan wel prof bij Hagens Berman Axeon, maar staat desondanks hier aan de start. De 19-jarige Deen wist vorig jaar redelijk verrassend te winnen, maar dat zou nu niet gek zijn. Bjerg heeft zich namelijk goed ontwikkeld en is in vorm. Onlangs werd hij twee keer tweede tijdens UCI 1.2-tijdritten.

Brandon McNulty – foto: Sirotti

De meeste weerstand komt waarschijnlijk van de belofte die vorig jaar ook zijn grootste uitdager bleek: Brandon McNulty. De 20-jarige Amerikaan en de Deen vechten nu voor het derde opeenvolgende seizoen een duel uit tijdens het WK Tijdrijden. In Doha werd McNulty immers wereldkampioen tijdrijden bij de junioren voor diezelfde Bjerg. Vorig jaar waren de rollen omgedraaid. En hoewel de renner van Rally een sterk eerste jaar als prof reed, kwam hij in de tijdritten die hij reed net iets minder voor de dag dan zijn Deense aartsrivaal.

Lennard Kämna – foto: Sirotti

Nog zo’n veelvraat als het om medailles op het WK gaat: Lennard Kämna. De 22-jarige Duitser is laatstejaars belofte, maar het toptalent heeft een behoorlijke staat van dienst. Vier jaar geleden werd hij nog wereldkampioen tijdrijden bij de junioren, om vervolgens bij zijn eerste twee deelnames bij de beloften als derde en vierde te eindigen. Vorig jaar betwistte hij enkel de wegwedstrijd, wat resulteerde in zilver. De derdejaars prof van Sunweb kampte eerder dit jaar met motivatieproblemen, maar de goede tijdrijder is op de weg terug.

Edoardo Affini – foto: Sirotti

De fulltime belofte die dit jaar qua tijdritten het meest tot de verbeelding sprak, is ongetwijfeld Edoardo Affini. Samen met zijn ploeg SEG Racing Academy focuste hij zich op de races tegen de klok. Het heeft de 22-jarige Italiaan geen windeieren gelegd. Door zijn Affini-teit met de tijdritfiets, kroonde hij zich dit seizoen tot nationaal en Europees kampioen tijdrijden. Tel daar de zege in de proloog van de Giro d’Italia U23 en de gouden plak op de tijdrit van de Middellandse Zeespelen bij op, dan resulteert dat in dé uitdager van de profs.

Tadej Pogačar – foto: Jan Brychta/Vredeskoers 2018

Het wielrennen in Slovenië zit serieus in de lift. Primož Roglič is uitgegroeid tot een wereldtopper en ook Matej Mohorič brak in 2018 definitief door en gaat mee in het kielzog van zijn vier jaar oudere landgenoot. Alsof dat al niet op kan, staat de opvolging al klaar. Wat heet: Tadej Pogačar is misschien wel de beste belofte van 2018 gebleken. Het toptalent op het gebied van het rondewerk heeft een heel goede tijdrit in de benen en vindt in Innsbruck een parcours dat goed bij zijn profiel past. Bekroont hij zijn sterke jaar met de wereldtitel?

Update maandag 08.00 uur – Ook Tadej Pogačar gaat niet van start.

Callum Scotson – foto: Sirotti

Er staan niet minder dan zeven renners uit de top-10 van vorig jaar aan het vertrek. Allemaal een jaar sterker, maar voor sommigen is er geen groot referentiekader. Callum Scotson is een van die jongens. De 22-jarige Australiër reed zijn laatste individuele tijdrit in wedstrijdverband op 10 april, toen hij als vierde eindigde tijdens de Commonwealth Games. Vorig seizoen was het echter van hetzelfde laken een pak, maar werd hij wel vijfde op het WK Tijdrijden. Net als Affini, rijdt hij komend seizoen in het tenue van Mitchelton-Scott.

Andreas Leknessund – foto: Sirotti

Waar Bjerg en McNulty vorig jaar als eerstejaars beloften de concurrentie meteen bij de keel grepen, is het heel goed mogelijk dat de geschiedenis zich maandag herhaalt. Noorwegen heeft namelijk een pareltje in haar rangen. Het eerste U23-jaar van Andreas Leknessund is behoorlijk indrukwekkend. De 19-jarige krachtpatser reed top 10 in drie zware klimkoersen, maar sprak ook zijn tijdrijderscapaciteiten aan. Tijdens het Noors kampioenschap tijdrijden wist Edvald Boasson Hagen de jongeling maar ternauwernood van de titel af te houden.

Alexys Brunel – foto: Sirotti

Frankrijk beschikt eveneens over een medaillekandidaat. Les Bleus rekenen namelijk op de tijdritbenen van Alexys Brunel. De stagiair van Groupama-FDJ verdedigde eind vorige maand met verve zijn nationale tijdrittitel bij de beloften. De 19-jarige coureur staat te boek als een echte rouleur, die naast zijn races tegen de klok ook goed voor de dag komt in het eendagswerk. Brunel is typisch zo’n talent dat op die ene dag in het jaar ineens een tijd uit zijn lijf kan knallen, die zo maar iedereen te machtig kan zijn. Het parcours past goed bij ‘em.

Pascal Eenkhoorn – foto: Marcel Koch

Er zijn al meerdere renners de revue gepasseerd die een goed jaar bij de profs hebben doorgemaakt. Ook bij onze landgenoot Pascal Eenkhoorn is dat een understatement. De 21-jarige Nederland van LottoNL-Jumbo boekte twee profzeges, iets wat toch niet voor iedere debutant is weggelegd. In zijn twee jaar bij de beloften beschikte hij over een goede tijdrit, maar kwam hij tekort voor de wereldtop. Gezien de groei die hij dit seizoen heeft meegemaakt, zou een medaille heel goed tot de mogelijkheden kunnen behoren.

Wirtgen – foto: Sirotti

De 22-jarige Luxemburger Tom Wirtgen miste vorig jaar op twee tellen na het brons. Hij staat te boek als een goede tijdrijder, maar zijn vierde plek op het WK van vorig jaar was op zeker een van de grootste verrassingen van het gehele evenement in het Noorse Bergen. Het voorjaar van de AGO-Aqua Service-renner was redelijk goed, met onder andere een vijfde plek in het eindklassement van Le Triptyque des Monts et Châteaux (2.2U). Dat dankte hij vooral aan een goede individuele tijdrit. Wirtgen werd in de zomer ook Luxemburgs U23-kampioen in het tijdrijden, maar zijn vijftiende plek op het EK was ondermaats.

Outsiders
Vrijwel alle goede tijdrijders in de leeftijd tot 23 jaar staan in Innsbruck aan het vertrek. Het thuisland zelf hoopt op Markus Wildauer (20), die zo maar uit het niets brons pakte tijdens het EK. Het zilver viel toen te beurt aan de Sloveen Izidor Penko (22), maar beiden moeten een wel heel goede dag hebben willen ze diezelfde plak ook op het WK bemachtigen. Wellicht dat veldrijder Gage Hecht (20) zich wel kan mengen. Tijdens het Amerikaans kampioenschap tijdrijden voor elite was hij nog de betere van Powless en McNulty.

Marc Hirschi – foto: Sirotti

Er staan ook een aantal ronderenners aan het vertrek die kunnen teren op een goede tijdrit. Hoewel het aantal hoogtemeters niet verder op loopt dan 262, kunnen zij op een goede dag wellicht voor een verrassing zorgen. Het is op dat vlak vooral uitkijken naar João Almeida (20, Hagens Berman Axeon) uit Portugal en de Zwitser Marc Hirschi (20), die volgend jaar voor Sunweb rijdt. Ook Alessandro Covi (19) Met name Tobias Foss (21) is niet te onderschatten. Het LottoNL-Jumbo-target komt de laatste weken weer sterk voor de dag.

Namens Nederland is het behoudens Eenkhoorn uitkijken naar nog een andere coureur. In het oranje gaan we ook Julius van den Berg (22, prof bij EF Education First-Drapac) aan het werk zien. De klassiekerrenner in wording heeft een behoorlijke tijdrit in de benen en kan zich op een goede dag met de besten meten. België’s hoop in bange dagen heet Senne Leysen (22, Veranda’s Willems-Crelan). Hij werd vorig jaar zesde, maar kende een lastig eerste seizoen als prof. Spanje’s beste troef voor eremetaal is Movistar-prof Jaime Castrillo (22), maar hij overtuigd zelden. Ivo Oliveira (22) doet dat namens Portugal wel. De tijdrijder van Hagens Berman Axeon komt van de baan, maar is op de weg ook een aarts gevaarlijke klant.

Oliveira – foto: Sirotti

De 21-jarige Stefan de Bod uit Zuid-Afrika liet vooral met zijn vierde plek in de afsluitende tijdrit van de Giro U23 van zich spreken. De 19-jarige Pool Filip Maciejuk kan verrassen; vorig jaar pakte hij brons bij de junioren. Edward Dunbar (22, Ierland) is dan wel geen specialist, maar zijn ervaring als prof en zijn recente debuut voor Sky zullen hem de nodige vleugels geven. De grootste dark horses komen echter uit Denemarken: Johan Price-Pejtersen (19) en Mathias Norsgaard (21). Beiden zijn pure tijdritspecialisten. Men is gewaarschuwd.

Favorieten volgens WielerFlits
**** Neilson Powless | Mikkel Bjerg
*** Brandon McNulty, Lennard Kämna
** Edoardo Affini, Tadej Pogačar, Callum Scotson
* Andreas Leknessund, Alexys Brunel, Pascal Eenkhoorn, Tom Wirtgen

Website organisatie
Startlijst (UCI)

Weer en tv
Het weer kan maandag een cruciale rol spelen. Volgens de voorspelling valt er in het dal de nodige regen, met een maximale temperatuur van zeventien graden Celsius. Het waait met windkracht vier vrij stevig. Voordeel voor de renners: tijdens het overgrote deel van hun tijdrit, staat die wind in de rug. Alleen op het eerste stuk staat-ie pal tegen. De grote, meer geblokte renners zullen daarom in het voordeel zijn op het langste stuk van het traject. Samen met het klimmetje naar Absam, zorgt dat waarschijnlijk voor de beslissing.

Alle koersen van het WK zullen via een stream te volgen zijn op het YouTube-account van de UCI. Kijk je de U23 tijdrit liever op tv? Geen probleem: Eurosport heeft de uitzendrechten en brengt vanaf 14.30 uur een live verslag. Dat betekent dat de kijkers thuis alle renners van start zien gaan en – hopelijk – ook allemaal na een eerlijke strijd zien finishen. Bespreek het verloop van de tijdrit in de Volg Hier van WielerFlits.

[poll id=”936″]

Update – Neilson Powless zal niet van start gaan aanstaande maandag. Hij maakt geen deel uit van de selectie van de Verenigde Staten. Ook Tadej Pogačar gaat niet van start.

Dit artikel delen:

11 Reacties

FBahamontes 22 september 2018 om 09:15

Edit redactie: Aangepast

Casar 22 september 2018 om 09:32

Edit redactie: Aangepast

west 22 september 2018 om 10:29

Als je Wereldkampioen ITT wordt bij de junioren dan heb je, gezien het recente verleden, 50% kans op een een carrière vol blessures en/of mentale problemen?
Dan zou het dus Kamna moeten worden dit jaar….

petoi 22 september 2018 om 10:46

Cyclingfever houdt gewoon startlijsten bij op basis van nationale selecties misschien die link erbij zetten? Of kan niet vanwege een contract met PCS?

jessevdalen 22 september 2018 om 10:48

Wel een nadeel dat hij zzondag ook al een ttt van 62 kilometer moet rijden…

Verweggistan 22 september 2018 om 13:42

Die affini-teit grap :)

thijssss 23 september 2018 om 21:15

Denk dat Bjerg dit wel kan prolongeren, focust zijn hele jaar hier op

FritsvanHoefelen 24 september 2018 om 10:57

“Kijk je de U23 tijdrit liever op tv? Geen probleem: Eurosport heeft de uitzendrechten en brengt vanaf 14.30 uur een live verslag”

Sporza doet gelukkig ook weer mee :)

Wim Kruithof 24 september 2018 om 11:27

mooie side info Lynda,
geniet ervan daar…

SolerEritrean 24 september 2018 om 13:38

Awet Habtom met de comeback na een zooijaartje

jules van duffel 24 september 2018 om 13:44

Iemand anders = Ivo Oliveira .

Volg hier

Laatste nieuws

Materiaalzone

Populair