Patrick Lefevere hekelt geitenpaden in Tour de France: “Ik vind het potsierlijk”

zondag 12 juli 2020 om 14:42
Patrick Lefevere hekelt geitenpaden in Tour de France: “Ik vind het potsierlijk”

foto: Cor Vos (archief)

Patrick Lefevere heeft zich dit weekend in zijn column in Het Nieuwsblad uitgelaten over de geitenpaden die in het Tourparcours opgenomen zijn. De ploegbaas van Deceuninck-Quick-Step vindt het maar niets dat organisator ASO steeds meer steile bergen uitkiest. “Blijkbaar is het motto dit jaar ook opnieuw: steil, steiler, steilst”, schrijft hij.

Aanleiding van zijn uitlatingen was een trainingsstage van Bob Jungels, Julian Alaphilippe en Dries Devenyns. “Niemand is echt heel vrolijk teruggekeerd”, aldus Lefevere. “Vorig jaar had je al de Planche des Belles Filles: op zich al een zware klim, maar er moest per se nog een uitloper aan geplakt worden. 900 meter extra, onverhard, met stijgingspercentages tot 24 procent.”

Meerwaarde?
“Bob vertelde me dat de organisatie nu iets gelijkaardigs heeft ontdekt op de Madeleine. Ook daar zou je dit jaar een soort onverharde uitloper hebben. Zelfde verhaal met de aankomst op de Col de la Loze: ook dat is extreem steil, op een weg die niet voor auto’s is gemaakt. Eerlijk waar: ik snap de fascinatie van de ASO niet met geitenpaden.”

“Waarom is dat zo’n meerwaarde?”, vraagt hij zich af. “Het is net het omgekeerde van spectaculair: de etappe van vorig jaar naar de Planche des Belles Filles was – zoals ik had voorspeld – een sof.”

Kopieergedrag
Lefevere ziet dat er tijdens die etappes weinig gebeurt. “Coureurs vallen niet aan met die extreme cols op het einde. Het is zoals de saaiste sprintetappes: twee minuten koers en dan nog zelden voor de eerste plaats ook. Het is vooral het kopieergedrag dat me ergert. De tendens van hoger, steiler en verder is begonnen met de Angliru in de Vuelta van 1999. Iedereen is gevolgd. […] Kennelijk spreekt dat allemaal tot de verbeelding, maar persoonlijk vind ik het potsierlijk.”

“De organisatie voorziet bij die extreme aankomsten ook altijd mensen om de renners op te vangen na de finish, zodat ze niet van hun fiets vallen. Het zal allemaal wel mediageniek zijn, maar koers is het voor mij niet”, is Lefevere duidelijk.


Dit artikel delen:

29 Reacties

Maglia Rosa 12 juli 2020 om 15:02

Lefevre heeft volledig gelijk als hij zegt dat de koersen minder attractief worden door het toevoegen van steile km’s in de finale. De mooiste koersen krijg je vaak als de top van de zwaarste klim op 20-30km van de streep ligt.

Overigens is er niets mis mee om elk jaar 1 of 2 steile aankomsten in het parkoers op te nemen.

Panache 12 juli 2020 om 19:21

“ De mooiste koersen krijg je vaak als de top van de zwaarste klim op 20-30km van de streep ligt.”

In een grote ronde krijg je dan 9 van de 10 keer een vluchtersgroep met vrijgeleide en nul strijd tussen de favorieten.

S. Morgenstern 12 juli 2020 om 19:51

En die ene andere keer krijg je de mooist denkbare koersen.

Geitenpad-ritjes zijn sowieso altijd dodelijk voorspelbaar, met hooguit een half uur koers waarin onderling verschil wordt gemaakt, maar dan ook niet zelden op een weinig boeiende manier. Zitten nooit bij de mooiste koersdagen van het jaar.

Jan Blokland 12 juli 2020 om 15:08

In koersen als de Tour, Giro en Vuelta is het grote onzin om zulke aankomsten te zoeken.
Het maakt meer kapot. Het heeft totaal geen meerwaarde.
Het is leuk voor één of tweedaagse koersen.
Lefèvre heeft volkomen gelijk.

Wheely 12 juli 2020 om 15:21

Is juist leuk joh, zolang ze het beperken tot een enkele geitenpad aankomst per ronde. La Planche des Belles Filles was toch top vorig jaar. Werden ook wel degelijk wat interessante verschillen in het AK gemaakt.

Beetje geitenn##kerij dit.

Marveloke 12 juli 2020 om 18:17

Helemaal mee eens, persoonlijk vind ik etappes met steile aankomsten altijd het leukst om te kijken. Maar misschien komt dat omdat dat soort terrein mij vroeger ook het beste lag. Hoe steiler, hoe beter

Samlambeej 12 juli 2020 om 15:27

Een keer om de 3, 4 jaar een Angliru in een etappe van 90km is prima maar inderdaad, langer, hoger, steiler geeft de slaapverwekkende instelling van de sprintetappe.

Patrick Alberts 12 juli 2020 om 15:51

WOW, toch knap dat je als manager van een professionele wielerploeg zulke dingen de wereld in slingert zonder er zelf te zijn geweest. De weg naar de top van de Madeleine is een gewone weg, smaller dan de gebruikelijk hoofdweg maar zeker geen geitenpad. De Col de la Loze is een zeer mooie uitgebouwde weg en is nergens extreem stijl (op het einde korte stukken van (±12%). En over het echte onverharde stuk weg op Plateau des Glières heeft hij het dan weer niet.

kleomantre 12 juli 2020 om 17:57

Dat net. Totaal zwamverhaal van Lefevre mbt Col de la Loze. Het is inderdaad een prima weg die, als er enkel eens voor zo’n rondje als deze wat autoverkeer over gaat, prima in orde blijft. Breed zat, en bovenop een prima plateau voor aankomst waar je aan de andere kant via zelfde prima weg weer naar beneden kan.

Hoewel ik het wel snap dit het niet alsmaar hoger, steiler en extremer hoeft te worden, vind ik dit voor de Tour wel een toevoeging. Die 6km is namelijk en af en toe behoorlijk steil en ook behoorlijk onregelmatig en dat laatste is nou juist wat ze vrijwel niet in de Tour hebben. Ik kwam er iig een stukje tegen waar m’n wiel even van het wegdek kwam. Vond het beetje een Ardennerklim, met regelmatig stukjes ala Redoute of Chambralles.

Verder is die etappe over Madeleine met Col de la Loze vanuit tactisch oogpunt heel aardig. Na de afdaling van een al niet kinderachtige Madeleine is er maar een kort tussenstuk naar de Col de la Loze. Daardoor leent deze etappe zich er voor om de col ervoor al weg te gaan. TJV en Ineos zullen bijzonder hard aan de bak moeten als ze er een optocht van willen maken.

Guushovd 13 juli 2020 om 11:07

Klopt, de afdaling van de Madeleine is vervellend smal en het wegdek is niet altijd even goed, maar een geitenpad kan je het met geen mogelijkheid noemen. En er is op die top geen enkele mogelijkheid een onverhard lusje erbij te pakken zover ik weet. De col de la loze is de uitloper van de Meribel klim (en van de Courcevel van de andere kant) ik denk dat hij die verward.

De col de la loze is absurd mooi asfalt. Wat mij betreft qua steilte-graad tegen het maximale van wat je wilt zien, maar zeker niet erover.

Het is echter wel zo dat ook de Puy Mary en de Planche des Belles Filles hele steile finishes zijn. Als je die informatie neemt kan ik de opmerkingen van Lefevre wel plaatsen. Maar die noemt hij niet.

Edit: Ook in de finale van de etappe naar La Roche-sur-Foron zit een klim met 6 km aan 11,2%.

Ik vind dat ook wel iets teveel steil werk. Maar het parcours is dit jaar zo gevarieerd en uitdagend dat ik er goed mee kan leven.

SnellePelle 12 juli 2020 om 16:26

“Cynisme aan”
Ik vindt PatLev ook potsierlijk…..

Parijs-Roubaix is dan zeker niet meer van deze tijd. Strade Bianchi stoppen we ook mee.
Enkel nog finishes op snelwegen bergop en op het vlakke. Want Oman en UAE tour zijn aanwinsten voor sensatie en koers vermaak.

“Cynisme uit”

Minne 12 juli 2020 om 16:48

Maar in PR en de Strade weet je niet waar eerst kijken. Waarbij de kans veel kleiner is dat er voor de muur van Hoei, de Tontorra, los Machuchos, zelfs de côte de Ans… veel noemenswaardigs gebeurt. Ik ben zelf ook maar een koele minnaar van de koersen in het Midden-Oosten, maar ik heb wél al meer demarrages gezien op Jebel Hafeet dan op de Angliru.

Minne 12 juli 2020 om 16:41

Ik heb die fascinatie voor die dingen ook nooit begrepen. Kan af en toe natuurlijk wel ergens in een etappekoers of eendagswedstrijd maar:

1) Zéér waarschijnlijk wordt de koers volledig lam gelegd met het oog op de slotklim. Is het dat dan wat je als organisatie nastreeft?

2) Punt 1 kan ook wel gebeuren met aankomst op de doordeweekse HC-col. Maar geef me dan toch maar verschillende demarrages, ploegenspel, doorheen zakken… Kortom, koers, i.p.v. dat langzame aftakelen aan 14-15 per uur of trager. Op Alpe d’Huez gebeurt meer dan op de Angliru!

Koers 12 juli 2020 om 18:57

In vrijwel elke bergetappe wordt gewacht tot de laatste berg dus dat lijkt me geen geldige reden om geitenpaadjes uit te sluiten. Zo nu rn dan mag er best wat speciaals inzitten, een kasseienritje hrt ene jaar, een geitenpaadje het andere jaar. Het is natuurlijk wel vervelend als een klassementman net op zo’n weggetje een lekke band krijgt en zijn klassement verliest, maargoed het oog wil ook wat.

sl2512 12 juli 2020 om 20:02

Prima om die steile cols op smalle wegen er in te gooien. Wel bij voorkeur in een korte etappe 2 a 3 cols en weinig valleikilometers ertussen.
Vooral met de huidige sterkte van Ineos en Jumbo zijn dat de beste opties om al vroeg op de slotklim (liefst eerder) een man tegen man wedstrijd te krijgen.

Ik hoop dan ook echt dat mannen als Quintana, Landa, Pinot, Lopez en Pogacar in staat zijn om de treintjes op te blazen.

harryjohan71 13 juli 2020 om 00:14

Als ze niet in staat zijn om bij de knechten/treintjes weg te rijden, zijn deze renners niet goed genoeg. Het is dan niet meer dan verdiend dat iemand van Ineos of JV wint.

De Brigadier 12 juli 2020 om 20:07

Dus Flipje, Bobke en Dolle Dries kwamen terug en zaten te mokken. Misschien niet met een klassiekerploeg denken de Tourstrijd te kunnen beslechten.

Het werd hoog tijd dat de Tour eens wat steiler gespuis opspoot. Op die tamme 7% lopers wordt geen verschil meer gemaakt. Wel mag het beperkt blijven tot 2/3 etappes én het algehele klimaanbod sterk verminderen. Als je slechts 2 bergetappes en 12 heuvelritten in een GR gooit krijg je 3 weken koers, niet 3 dagen.

Romāns Vainšteins 12 juli 2020 om 21:01

Hier ben ik het mee eens. Veel hybride ritten met heuvels maar ook een aantal wat vlakkere over smalle en onoverzichtelijke wegen zal eerder de spanning aanwakkeren dan 3 bergritten achtereen.

harryjohan71 13 juli 2020 om 00:25

Lefevre wil in de tour vooral klassieke etappes hebben, want daar zijn zijn renners op geselecteerd. Zeker de renners die nu de Tour rijden. Nu geeft hij alvast aan dat er veel tijdritten in de Tour moeten komen. Dit is namelijk gunstig voor zijn klassementsrenner volgend jaar. Deze komt op de hele steile stukken waarschijnlijk te kort. Hij bekijkt het vooral vanuit eigenbelang.

miguelon 13 juli 2020 om 11:07

Onzin, de tijdsverschillen in de Tour zijn haast zonder uitzondering steeds groter dan in Giro en Vuelta.

Polleke 12 juli 2020 om 20:34

Zoals meestal heeft PL gelijk… voor de liefhebbers van onverharde bergpaden bestaat al een wielerdiscipline…UCI heeft die ‘onverhard’ onzin nooit willen inperken…

Arie den Blanken 12 juli 2020 om 21:58

Eens, sterker nog Lefevere heeft altijd gelijk en is de enige sportdirecteur die niet om de hete brei heen draait.

Romāns Vainšteins 12 juli 2020 om 20:59

Gewoon keihard voor een goed aantal rare en uitdagende passages per ronde en dit keer lijkt Lefevere een beetje Paflovverig met zijn uitzendwolven mee te huilen zonder goed geluisterd of nazoekwerk gepleegd te hebben.

kleomantre 13 juli 2020 om 08:35

Mee eens, hij raaskalt hier.

Er is hier, zoals zo vaak bij die man, sprake van beïnvloeding van de publieke opinie waarbij hij zin eigen belang in het verhaal goed toe dekt.

assen 12 juli 2020 om 22:32

Meer tijdritten erin, waaronder 1 lange van meer dan 50 km, en ik ben blij(er)

Ultras100 12 juli 2020 om 22:38

Als je die extreem steile klimmen mindert wordt het watt/kg ook veel minder belangrijk waardoor het extreem afvallen niet meer hoeft.
Zou goed zijn voor de uitstraling vh wielrennen.

SteelHorseCowboy 13 juli 2020 om 09:56

Ik vind aankomsten bergop eigenlijk al niks.
En extreem steile aankomsten zijn een verdere inflatie.
De Vuelta is hierin helaas volkomen doorgeslagen.

Geef mij maar een ‘klassieke’ alpenetappe met na de laatste col een zinderende afdaling en een vlak stuk waarop nog een spannende achtervolging plaats kan vinden (Breukink in Villard-de-Lans 1990!). Er zijn dan gewoon meer renners die kunnen winnen en verschillende scenario’s die mogelijk zijn.

Wat mij betreft mag elke grote ronde een maximaal aantal aankomsten bergop inplannen. 3 op z’n hoogst.

Ligthning 13 juli 2020 om 11:57

Lefevere stelt enkel vast, samen met die enkele wielerkenners op dit forum, dat een extra toevoeging van smalle, steile weggetjes bij een klassieke klim, geen toegevoegde waarde heeft. En vooral, bijna steeds leidt tot het blokkeren van de koers. Net als bij heel lange etappes met veel zware beklimmingen. Wat wel tot spektakel leidt, zijn de korte etappes met onderweg een paar beklimmingen en een niet te lange slotklim. Die zetten subtoppers aan om in de aanval te gaan, soms gecounterd door een topper. Want in een kortere etappe kan je risico’s nemen, als je je goed voelt. Kom je als aanvaller op het einde dan toch jezelf tegen, dan betaal je dat niet met minuten achterstand. Zo krijg je vaak vuurwerk, waarbij ook soms toppers het gelag betalen. Want als een (sub)topper zich niet goed voelt tijdens een lange, zware etappe, komt die vaak toch niet in de problemen omdat de wedstrijd de hele tijd op slot zit. Vaak zie je dan dat zo’n renner naar het einde toe weer beter wordt, en zo de schade kan beperken op de slotklim. Dat kan niet als bij een korte etappe al op enkele tientallen km voor de meet op geaccidenteerd terrein aangevallen wordt.

Romāns Vainšteins 13 juli 2020 om 12:21

Het punt is vooral dat het vele malen meer om esthetisch spektakel dan sportieve spanning gaat. Je moet de niet-volgers ook naar het scherm lokken en dat gaat beter met wat maffe passages dan een tot in de puntjes uitgedokterde parcours die een mogelijk maximale spanning mbt het ak teweegbrengt.

Headlines

Materiaalzone

Populair