Marcel Sieberg begint nu pas aan seizoen: “Roubaix blijft het doel”

Door , dinsdag 7 maart 2017 om 19:30

Foto: Marcel Koch

Marcel Sieberg heeft er geen makkelijke weken opzitten. Zo slecht als hij het voorbije seizoen afsloot met een sleutelbeenbreuk net voor het WK in Qatar, begon ook het nieuwe jaar door een aanslepende ziekte. Zondag mocht de sprintloods van André Greipel in eendagswedstrijd Dwars door West-Vlaanderen voor het eerst dit seizoen een rugnummer opspelden. “Ik mik nog steeds op de Ronde van Vlaanderen en vooral Parijs-Roubaix”, vertelt een ambitieuze Sieberg aan WielerFlits.


Twee en een halve week out
De winter van de 34-jarige Duitser was nochtans niet eens zo slecht. Sieberg kon moeiteloos al zijn trainingen afwerken, tot eind januari het noodlot toesloeg. “Ik was met een goede vorm aangekomen bij de Mallorca Challenge, maar net dan werd ik plots redelijk ziek. Ik was in de weken daarvoor ook al een paar keer ziek geweest, zonder erg, maar het was duidelijk dat mijn lichaam echt nood had aan rust. Ruim twee en een halve week moest ik mijn trainingen links laten liggen, dan ben je bijna terug bij nul. Het gevoel dat je normaal ten tijde van november hebt, had ik nu aan het einde van januari.”

Er zat dus niets anders op dan veel trainingsarbeid verrichten en zijn geliefde openingsweekend aan zich voorbij laten gaan. “Je moet nu eenmaal eerst veel trainen voordat je weer aan wedstrijden kan beginnen denken. Mentaal is dat niet gemakkelijk, wanneer je jouw ploegmaten aan het werk ziet in wedstrijden die je zelf heel graag rijdt, maar zelf niet kan meedoen. Maar ik ben intussen oud en wijs genoeg om de juiste beslissingen te nemen. Luisteren naar mijn lichaam was daar zeker een van. Je bent natuurlijk wel even down, maar later besef je dat er nog zoveel mooie koersen liggen te wachten.”

Dwars door West-Vlaanderen
Zondag was het eindelijk zover: in Dwars door West-Vlaanderen mocht Sibi weer aan de bak. De Duitse veteraan deed het daar niet eens zo slecht. Op dertig kilometer van het einde was hij nog in beeld met kopman Jens Debusschere in zijn spoor. “Zo’n harde wedstrijd, met veel wind en regen, was misschien niet de beste om te starten, maar ik voelde mij best goed. In de finale was het vat wel af, misschien omdat ik niet genoeg had gegeten. Ik was ook vrijdag pas laat terug thuisgekomen van mijn stage op Mallorca en zaterdag was een reisdag naar België. Dan kan je natuurlijk nooit fris aan de start staan.”

Het gevoel dat je normaal in november hebt, had ik nu aan het einde van januari.

“Mijn doel was gewoon om te finishen. Ik rijd natuurlijk rond met een hoger doel, dus was het zaak om zo veel mogelijk kilometers te maken”, geeft de man van Lotto Soudal mee. Toch kwam er een DNF achter zijn naam. “Aan het einde kwam ik in de tweede groep terecht. Net voor de slotronde kreeg ik af te rekenen met een lekke band, maar er was geen volgauto meer in mijn buurt. Ik moest dus een beetje sneller dan verwacht in de douche. Als ik doorzet, dan finish ik tussen plaats 25 en 35. Dat is niet slecht, als je weet wat ik heb meegemaakt. Het geeft me zelfs veel vertrouwen voor wat komt.”

Beter dan zevende in Roubaix?
Sieberg werkt nu de Ronde van Drenthe, Nokere Koerse en Handzame Classic af en bekijkt dan of hij afreist naar de Ronde van Catalonië. “Een rittenkoers als Catalonië zou natuurlijk ideaal zijn om mij voor de bereiden op de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix”, aldus de nummer zeven in Roubaix van vorig jaar. “Want die twee koersen zijn nu wel het grote doel, Roubaix nog iets meer dan de Ronde. Ik heb vorig jaar gevoeld dat er nog meer kan inzitten dan die zevende plek. Meteen na de wedstrijd was ik tevreden, maar achteraf besefte ik dat ik zonder fouten altijd bij die jongens blijf. Dit jaar moet beter.”

Daarnaast is Sieberg doorgaans een belangrijke schakel in de trein voor boezemvriend André Greipel. Mist de sprintbom hem niet te hard? “Ik mag hopen van wel”, lacht hij. “Maar zonder gein, hij weet ook wel dat het na een rustperiode op een slecht moment niet gemakkelijk is om snel terug te keren. Hij zei mij ook: ‘we missen je, maar neem vooral je tijd.’ Verder hebben we elkaar niet echt veel gezien. André had een heel druk wedstrijdschema, ik moest veel trainen én we wonen honderd kilometer van elkaar. Toch is hij een keer afgekomen om mij een hart onder de riem te steken. Dat deed deugd.”

Dit artikel delen:

10 Reacties

McMulenga 7 maart 2017 om 09:45

Lotto met 6 kopmannen naar de ronde en Roubaix?

Mathieu Moller 7 maart 2017 om 10:00

Met al die kopmannen daar is het me eigenlijk totaal ontgaan dat deze man vorig jaar zevende is geworden in Roubaix. Hij geeft zelf aan het gevoel te hebben dat er meer in zat dan dat, maar heel veel meer lijkt me ook weer niet. Ik zie hem in ieder geval niet zo gauw podium rijden. Maar dat had ik van Hayman ook niet verwacht.

nederbelg 7 maart 2017 om 10:27

Marc Sergeant, de Marc Wilmots van het Belgische wielrennen… gezellige jongens onder elkaar, maar tactiek, ho maar… Zo’n Tim Wellens wint eigenlijk ondanks zijn Lotto-tenue, niet dankzij. Ok, in de Strade had hij heel veel aan Sean De Bie, maar dat zijn maatjes buiten de koers (zie ‘Jonge Benen’)

Vinyakke 7 maart 2017 om 10:44

Jongens toch, als er 1 ploeg is waarbij de ploeggeest heeft bijgedragen tot de successen van het team is het de Belgische Lotto wel. Noem me 1 vooral van een falende tactiek of een gebrek aan opoffering naar een ploegmaat toe? Behalve dan dat incidentje met VDB en Monfort in de Giro? Maar dat is een vrijstaand geval tussen 2 enkelingen!!!

nederbelg 7 maart 2017 om 11:06

@vinyakke
Zoals @vlek zaterdag ergens schreef, had Benoot in de Strade sneller de omslag kunnen maken naar een dienende rol voor Wellens – waar bleef Sergeant toen? En hoe vaak greep Lotto ondanks hun numerieke overwicht al niet naast een Belgische titel door onduidelijke afspraken? De ploeggeest van Lotto stel ik nu overigens net niet in vraag.

Leukefans 7 maart 2017 om 11:33

Denk dat het belang van Sieberg in die ploeg niet te onderschatten is, verstandige, rustige kerels woensdag ervaring erg gewaardeerd wordt, heb ik de indruk!

Samamba 7 maart 2017 om 12:00

@Nederbelg
Kun je mij eens voorbeelden geven van die Belgische titels dan?
Strade: Benoot en Wellens spraken meteen na het openbarsten van de koers met elkaar en Benoot bood meteen zijn diensten aan en heeft wanneer mogelijk dan ook geholpen. Lotto heeft daar de koers al in handen genomen na 60 kilometer, ver vooraleer er live-beelden waren dus. Met Roelandts, Monfort en De Bie hebben ze heel het pak uiteen gereden, serieus geholpen door die grote valpartij natuurlijk. Voor Wellens was het belangrijk dat de wedstrijd zo lastig mogelijk was en daar heeft de ploeg dan ook voor proberen te zorgen.
Sergeant: er al eens bij nagedacht dat dat geen ploegleider is? Er al eens bij nagedacht dat Sergeant sportief manager is en dus vooral iedereen tevreden moet houden, selecties moet maken en het team aan het begin van elk seizoen moet samenstellen. De dagtactiek ligt volledig in handen van de ploegleiders (Leysen, Aerts, Frison, Wouters, Willems).

fringale 7 maart 2017 om 12:36

Ik heb toch ook m’n twijfels bij de tactiek van het post-Gilbert-lotto. Je bereikt meer met 1 absolute kopman (en eventueel 1 schaduwkopman) aan te duiden, dan “iedereen zijn kans laten gaan”. Je onderscheidt je als ploegleider als je de juiste keuzes maakt, wat lastig wordt als je gewoon geen keuze maakt. Met “we zien wel hoe de koers verloopt”, zit je al met een achterstand tegenover andere ploegen met wel een uitgesproken kopman.

Vinyakke 7 maart 2017 om 14:52

@Fringale
Wie zegt dat dat de tactiek is? Zit jij bij in de ploegbus ’s morgens dan? Ze hebben zoals Samamba aanhaalt in de Strade alvast niet gezegd ‘we zien wel hoe de koers verloopt’. Daar stond nochtans ook meer dan 1 kopman aan de start en toch hebben ze een pan vlekkeloos kunnen uitvoeren. Renners als Roelandts, Greipel en Benoot hebben zich in het verleden al meermaals opgeofferd in het belang van de ploeg bij en mindere dag of een betere ploegmaat!

nederbelg 7 maart 2017 om 17:40

@vinyakke
Wat het BK betreft: hoe vak hebben ze dat de voorbije 20 jaar binnengehaald? 4 of 5 keer? Ik heb het dus niet zozeer over zware taktiscche blunders, maar over gebrek aan strategie. Zeker voor een ploeg die via een Belgisch instituut als Lotto kan bestaan én steevast het meeste deelnemers heeft, is dat bedroevend weinig.
Hun belangrijkste overwinningen behaalden ze post-Gilbert door keiharde waaghals-doorzetters als Wellens en Degendt + spurtzeges van Greipel (goeie trein én beresterk in plaatsing).
Maar waar blijft die grote klassieker? Het zal me benieuwen of die er dit jaar komt. Ik hou mijn hart vast, precies door het kopmannenprobleem, waarbij nu ook Sieberg aanspraak denkt te kunnen maken.
Wat Sergeant betreft: na taktische fouten – zoals Gilbert achter VDB aan in de Tour – voert hij wel het hoge woord in de media, daarom vermeld ik zijn rol. Maar hoe sterk heeft hij zijn ploegleiders in de hand?

Reactie plaatsen

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.