Giro 2015: Voorbeschouwing etappe 4
Dinsdag krijgt het Giro-peloton opnieuw een korte, maar lastige etappe voor de kiezen. Tussen Chiavari en La Spezia gaat het constant op en af. Welke gevolgen heeft dit voor de koers? WielerFlits blikt vooruit.
Na het vertrek uit Chiavari rijden de renners eerst een stuk langs de kust om vervolgens het binnenland in te trekken. In de eerste helft van de etappe passeren ze twee beklimmingen en gaan ze langs de adembenemende Cinque Terre, een schilderachtige, rotsige kuststrook. Hier zal de kopgroep geformeerd worden.
Na ruim negentig kilometer komen de coureurs aan bij de voet van de Passo del Termine. Deze beklimming is ‘slechts’ van derde categorie, maar mag niet onderschat worden. De 8,8 kilometer aan gemiddeld 6,1 procent zal voor pijn in de benen zorgen. De renners gaan vervolgens in dalende lijn richting La Spezia – de geboorteplaats van Alessandro Petacchi – waar ze voor de eerste keer de finishlijn zullen passeren. De etappe wordt daarna afgesloten met een pittige omloop van 17,1 kilometer.

Het finalerondje begint eenvoudig – al bevat het een korte kasseienstrook – maar na vier kilometer doemt de Biassa op. Deze 3,4 kilometer lange klim kent een gemiddeld stijgingspercentage van maar liefst 8,8 procent. Het eerste deel valt nog mee, maar de beklimming wordt steeds zwaarder. De laatste kilometer gaat zelfs aan meer dan tien procent omhoog. Dit lijkt een ideale plaats voor een late aanval.
De afdaling die volgt hebben de renners eerder in de etappe al eens gedaan. Ze weten dus hoe de bochten lopen. De laatste drie kilometers kennen geen noemenswaardige hindernissen. De laatste rechte lijn is 700 meter lang en loopt over een brede weg.
Favorieten
Wie als eerste de top van de Biassa passeert, maakt een goede kans op de ritzege. Het is maar een kwartiertje tot aan de finish en met een sterk uitgedund peloton wordt het lastig om een achtervolging te organiseren. Verwacht dus veel aanvalspogingen in de slotfase.
Orica-GreenEDGE zal het liefst met een compacte groep naar de finish rijden. Dan hebben ze met Simon Gerrans en vooral Michael Matthews twee renners die naar de overwinning kunnen sprinten. Beide Australiërs hebben in het verleden bewezen dergelijke klimmen te kunnen overleven. De vraag is: hoeveel ploegmaten zullen ze op dat moment nog over hebben? Pieter Weening gaat wellicht opnieuw een essentiële rol spelen in de achtervolging op eventuele vluchters.
Fabio Felline eindigde in de derde etappe als tweede en wordt opnieuw een belangrijke concurrent als de wedstrijd inderdaad uitmondt in een sprint. De Italiaan van Trek Factory Racing kan net als Matthews een heuvel over en beschikt eveneens over snelle benen. In de Ronde van het Baskeland wist hij Matthews zelfs te kloppen in een vergelijkbare etappe. Ook Philippe Gilbert past in dit profiel. De Belg was na zijn val in de Waalse Pijl onzeker over zijn vorm, maar lijkt weer in orde, getuige zijn derde plaats in Sestri Levante. Andere kanshebbers bij een dergelijk scenario zijn Paolo Tiralongo, Luis Leon Sanchez (beiden Astana), Simon Geschke (Giant-Alpecin), Enrico Battaglin (Bardiani-CSF), Gianni Meersman (Etixx-Quick-Step) en Luca Paolini (Katusha).
Ook voor Tom-Jelte Slagter biedt deze dag kansen. De Nederlander zou verschillende tactieken kunnen hanteren. Eén optie is om op de Biassa weg te rijden. Slagter is explosief – André Greipel noemt hem niet voor niets The Pocket Rocket – en kan daar op de steile delen gebruik van maken. Vorig jaar bleek deze strategie voor hem succesvol in Parijs-Nice. Samen met Geraint Thomas reed hij in een vergelijkbare etappe weg op het laatste klimmetje om vervolgens de sprint-à-deux te winnen in Belleville. Een andere optie is om een eventuele sprint af te wachten. De renner van Cannondale-Garmin beschikt na een zware koers namelijk over een goed eindschot.
Slagter heeft in dat geval belang bij een zo klein mogelijke groep. Dat scenario is allerminst ondenkbaar. De Biassi is immers zwaar genoeg om oorlog te maken, maar alles hangt af van het gedrag van de klassementsploegen. Gaan zij de gashendel flink opendraaien? Zo ja, dan moeten we ook rekening houden met rappe klimmers. Denk aan Rigoberto Uran (Etixx-Quick-Step), Damiano Caruso (BMC), Ilnur Zakarin (Katusha) en Diego Ulissi (Lampre-Merida).
Wachten op een sprint is weliswaar een risico, want aanvallers maken zoals gezegd een goede kans op de overwinning. Maciej Paterski (CCC Sprandi Polkowice) is de laatste tijd succesvol in dergelijke ondernemingen. Let ook op Movistar. De Spaanse ploeg beschikt over een hoop renners die goed uit de voeten kunnen op heuvelachtig terrein.
Favorieten volgens WielerFlits
**** Michael Matthews
*** Fabio Felline en Philippe Gilbert
** Rigoberto Uran, Damiano Caruso en Tom-Jelte Slagter
* Enrico Battaglin, Maciej Paterski, Diego Ulissi en Ilnur Zakarin


pittig vind ik.tis maar net wie daar een knal er op geeft.beloofd een mooie rit te worden.
Uiteraard hopen we op een ontketende Slagter, maar er zijn (veel) meer kapers van dat kaliber op de kust..
Gilbert (e.a) zal er alles aan doen om Matthhews en Felline te doen losse.
Misschien zelfs dat een klassementsrenner een serieus bommetje gooit de laatste 1,5 km a 10% max 14%) en dan is Gilbert wellicht ook gezien, laat staan Matthews.
Edit: of eigenlijk hoop ik dat totaal niet, want ik kan die hele rit waarschijnlijk niet zien.
Ik baal dan weer enigszins van posts doordrenkt met allerlei verwijzingen naar irrelevante wielerspelletjes, daar zijn vast wel 88 subfora voor toch?
Begin nou niet te lullen over De Cauwer en Boonen en Gilbert... Natuurlijk wordt een landgenoot vermeld als die mee voorop zit, maar al gauw bleken die vluchten geen kans meer op slagen.
Nederlandse vluchters worden ook urenlang, neen dagenlang bejubeld, en dat is pas trop.