Wout van Aert: “Hopelijk ben ik op het eind van het voorjaar net dat tikje minder wisselvallig”

Wout van Aert: “Hopelijk ben ik op het eind van het voorjaar net dat tikje minder wisselvallig”

©Bram Berken/Jumbo-Visma

zaterdag 26 februari 2022 om 12:30
Interview

Na zijn korte veldritseizoen stoomde Wout van Aert zich via twee stages – twee weken in Alicante en drie weken op Tenerife – klaar voor 2022. “Nooit eerder heb ik zo ontspannen naar het voorjaar kunnen toewerken”, zegt hij. “Vandaag sta ik waar ik op dit moment hoopte te staan.”

De nieuwe RIDE is nu verkrijgbaar! Onze wintereditie staat in het teken van terugblikken en vooruitkijken. Over binnen fietsen op de beste smart trainers, buiten fietsen onder uitdagende omstandigheden, maar ook het opzoeken van adembenemende fietsgebieden waar de zon nog wel schijnt.
Bestel 'm nu online en je krijgt hem binnen enkele dagen thuisbezorgd.

Het was vorige vrijdag dat Van Aert een namiddagje zoomen en bellen had ingepland, vanop zijn kamer in Hotel Parador op de Teide. “Anderhalf à twee uur interviews. Dan ben ik er ineens vanaf”, lachte hij. “In het weekend volgt nog een laatste trainingsblok, maandag zitten mijn drie weken Tenerife erop en vlieg ik terug naar huis. Donderdag komen we opnieuw samen met de ploegmaats, vrijdag verkennen we de finale van de Omloop.”

Hoe is de aanloop naar het wegseizoen verlopen?
“Bijzonder goed. In december en begin januari heeft iedereen kunnen zien hoe vlot het is gegaan tijdens het crossen. Ook daarna is alles gelopen zoals gepland. Even dreigde het fout te lopen toen ons trainingskamp in Alicante werd afgebroken door een coronabesmetting, maar uiteindelijk heb ik er toch nog goed kunnen werken. Na een leuke periode thuis, ben ik dan op 1 februari begonnen aan de échte voorbereiding, hier op Tenerife.”

Niet te veel last gehad van de zware coronamaatregelen die de ploeg nam? Jullie slapen allemaal apart, hoorden we…
“Eigenlijk klopt dat niet helemaal. Dat was niet haalbaar. Je weet wellicht dat de kamers in Hotel Parador felbegeerd zijn. Maar we nemen uiteraard voldoende maatregelen. In het begin werkten we in groepjes van vier en werd er bijzonder veel getest. Zo zorgden we ervoor dat, mocht er een besmetting geweest zijn, niet iedereen slachtoffer werd. En wie nieuw aankwam, leefde eerst vijf dagen gescheiden van de rest. Zowel wat slapen, eten als trainen betreft.”

“We zijn – hout vasthouden – voorlopig gespaard gebleven. Intussen zijn we hier nu al een week met dezelfde groep van tien renners. En als je gezond en negatief arriveert, is de kans relatief klein dat je alsnog besmet geraakt. We hebben geen contact met de toeristen, ons deel van het restaurant is goed afgeschermd. En naast fietsen, eten en op bed liggen, doen we niet veel. We leven hier veiliger dan eender waar.”

Positief testen op corona, het blijft de angst van elke atleet…
“Ik wil me niet opwerpen als viroloog, maar ik denk dat het tijd is om dat hele testverhaal los te laten en corona te bekijken als een aantal andere ziektes. Uiteraard moet je naar huis als je ziek wordt. Maar je ziet hoe makkelijk het virus rondgaat in de eerste koersen. Het is een situatie die niet houdbaar is.”

Je traint daar momenteel met negen ploegmaats. Wie zijn dat allemaal?
“Zes renners uit de klassieke kern: Tosh Van Der Sande, Tiesj Benoot, Nathan Van Hooydonck, Mike Teunissen, Christophe Laporte en ikzelf. Aangevuld met vier ronderenners: Steven Kruijswijk, Rohan Dennis, Jonas Vingegaard en – mijn kamergenoot – Primož Roglič.”

Ik veronderstel dat jullie in twee groepen trainen?
“Nee, niet echt. We vertrekken voltallig. Onderweg volgt uiteraard iedereen zijn eigen schema, maar het valt pas echt uiteen bij het terugkeren naar het hotel. Logisch, als je telkens weer naar tweeduizend meter hoogte moet klimmen om af te sluiten.”

Komt Wout van Aert dan binnen met de ronderenners of met de klassieke kern?
“Dat ligt eraan welke training ik afwerk. Het was niet de bedoeling me hier elke dag te forceren. Wees gerust, ik speel af en toe mee in mijn eigen gewichtsklasse.”

Van Aert in het wiel van Van Hooydonck in Parijs-Roubaix – foto: Cor Vos © 2021

Kan je ons wat duiding geven over jouw opbouw? 
“Het idee van mijn voorbereiding is een beetje anders dan dat van de ploegmaats. Meestal probeer je eerst de basis zo breed mogelijk te krijgen en ga je vanaf januari stilaan de intensiteit opvoeren. Door het veldrijden komt die intensiteit bij mij echter een stukje sneller en moet ik vooral voorkomen dat ik te rap in vorm ben met een te smalle basis. Daarom heb ik tijdens de stage in Alicante de focus gelegd op duurtrainingen en iets meer sprintwerk. Mijn doelen liggen later in het voorjaar, vandaar die bewuste keuze voor een echt brede basis. Hopelijk komt daar na de eerste koersen nog wat extra explosiviteit bij, zodat ik tegen Milaan-San Remo op mijn best ben. Dat wil ik dan doortrekken tot en met Parijs-Roubaix.”

Hoe competitief zal je al zijn in de Omloop?
“Jongens die al twee kleinere rittenkoersen in de benen hebben, zullen in het openingsweekend volgens mij nog iets in het voordeel zijn. Het effect van deze hoogtestage komt iets later en moet ons in maart-april dat stukje extra opleveren. De Omloop is voor ons meer een test om te zien hoe we samen kunnen koersen. Maar als we, zoals vorig jaar, met een grote groep naar de finish rijden, ga ik er vanuit dat we daar nog met een aantal ploegmaats zitten die bekwaam zijn een gooi te doen naar de overwinning.”

De grootste verandering, naast de versterkte voorjaarskern, is dat je na het Belgisch kampioenschap het veldritseizoen voor bekeken hield. Welke voordelen heeft dat nu concreet opgeleverd?
“Een beetje wat ik daarnet aanhaalde, in de januaristage trainde ik de voorbije jaren op interval en hardheid, om naar de topvorm toe te werken richting het WK. Nu hebben we dat net vermeden en veel meer uren gemaakt. Daardoor ben ik hier in Tenerife met een veel betere basisconditie gestart. Dat levert ook een mentaal voordeel op. Ik heb bijzonder ontspannen kunnen trainen.”

“De voorbije jaren was het meestal een race tegen de klok om op tijd in orde te zijn. Ik herinner me vorig jaar: toen heb ik op Tenerife twee weken gevochten om dat goede gevoel te krijgen en dat is op de valreep ook gelukt. Nu is het allemaal veel vlotter gelopen. En hopelijk ben ik op het eind van het voorjaar net dat tikje minder wisselvallig.”

Wat heb je meegenomen uit 2021? Ik denk spontaan aan de Tour of Britain, waar je misschien wel beter was dan op het WK en in Parijs-Roubaix.
“Fysiek was ik in Roubaix nog in orde, hoor. Ik heb vooral de tol betaald van een lang seizoen waarin ik elke wedstrijd op de afspraak was. Op dat vlak had ik de Tour of Britain inderdaad wel anders moeten aanpakken. Het was beter geweest naar Engeland af te reizen met iets minder voorbereiding, in de hoop daar nog een stap voorwaarts te zetten. Nu was het werk al af als ik daar aankwam. Als je honderd procent fris in je hoofd bent, kan je dat dan doortrekken. Nu win ik daar vier etappes en het eindklassement en kon ik in de koersen die volgden alleen maar verliezen. Ik heb daar veel energie verspeeld. Dat neem ik zeker mee.”

Van Aert in de Tour of Britain van vorig jaar – foto: Cor Vos © 2021

“Maar het is ook relatief. Mag ik 2020 als tegenvoorbeeld geven? Toen was ik van 1 augustus tot eind oktober overal top, weliswaar na een langere rustperiode vooraf. Daarom ook dat ik nu een andere voorbereiding heb. Met de bedoeling om pas vanaf Milaan-San Remo op mijn best te zijn.”

Jouw verhaal in de Tirreno lijkt op dat van Groot-Brittannië. Dus wordt Parijs-Nice dit jaar een echte voorbereidingskoers?
“Niet omdat ik denk dat het niet kan samengaan, want je moet in Parijs-Nice ook niet met een paar kilo’s extra aankomen als je goed wil zijn in het voorjaar. Maar het mag je ook niet in de weg zitten door elke dag voluit te gaan, fysiek én mentaal. Vandaar dat ik Parijs-Nice anders aanpak dan de Tirreno vorig jaar, waar ik vol voor dat eindklassement ging. Quasi onverenigbaar. Al wil ik er ooit nog wel eens voor gaan, voor zo’n rondje van een week. Dat moet binnen mijn mogelijkheden liggen. Maar niet als de klassiekers daarop volgen.”

We onthouden: in Parijs-Nice komt Van Aert af en toe binnen in het grote peloton.
“Voor het klassement hebben we daar een betere man voor in de ploeg (Roglič, red.). Maar ik ga daar ook niet rondfietsen als een toerist! Daarvoor heb ik ook te hard gewerkt. In die korte periode die het voorjaar is, moet je toch pakken wat je kan. Ik wil mijn steentje bijdragen aan de ploeg, maar ook voluit gaan in de tijdrit en daarnaast ook nog wel ergens voor een ritzege gaan, maar vooral niet elke dag tot aan het gaatje. Dat wordt dus inderdaad doseren, af en toe energie sparen en op achterstand binnenkomen.”

Nog even over die versterkte voorjaarskern van Jumbo-Visma. Wat verandert dat voor jou?
“Het mag vooral niet meer de bedoeling zijn dat ik in de aanloop naar de finale alleen zit. Ik geloof dat dat ook niet meer zo zal zijn. Er is de voorbije weken niet alleen op, maar ook naast de fiets gewerkt. We vormen intussen een hechte groep, er is nagedacht over tactiek, wedstrijden van de voorbije jaren zijn herbekeken en geanalyseerd. Het is méér dan het aantrekken van een paar goede renners.”

Wie van de ploegmaats heeft in Tenerife indruk op jou gemaakt?
“Het verloopt voor iedereen vlot, maar als ik er eentje moét uitpikken, dan Mike Teunissen. Ik heb hem nog nooit zo vlot zien rijden. Ik ken Mike uiteraard ook het beste, dus ik kan goed vergelijken met de voorbije jaren.”

Wat heb je al geleerd van de voorbereidingswedstrijden?
“Goh.. De mannen van de klassiekers zitten nogal verspreid. Dat maakt het moeilijk om in te schatten. Bryan Coquard is me opgevallen. Bij Quick-Step-Alpa Vinyl zijn ze alweer goed aan het seizoen begonnen. Ik denk spontaan aan Yves Lampaert, die een goede indruk gaf. Maar op tv zien we niet alles. Wat hebben bijvoorbeeld Oliver Naesen en Greg Van Avermaet al gedaan vóór wij de finale zien? Na het weekend gaan we wellicht al wijzer zijn.”

Wout van Aert en Mike Teunissen op de teampresentatie in Alicante – foto © Bram Berken – Jumbo-Visma

Dit artikel delen:

15 Reacties

Marik 24 februari 2022 om 10:36

Mooi interview Nico, hulde!

0
Murcia 24 februari 2022 om 10:49

Prima interview inderdaad van Nico. Ik vind deze wat langere interviews een welkome aanvulling omdat je nu veel meer te weten komt over bv de voorbereiding en de keuzes die renners maken. Wout geeft goed aan waar het verschil zit maar natuurlijk blijft er altijd iets ongrijpbaars in de aanloop naar het seizoen. Waar jij de piek wil leggen betekent niet automatisch dat hij daar ook tevoorschijn komt. Mooi dat hij zijn observatie over Mike deelt, die kan echt wel weer wat succes gebruiken en zou kunnen profiteren van juist de aanwezigheid van Wout.

0
Kopinkas 24 februari 2022 om 11:02

Parijs-Nice wat meer in de schaduw (al zie ik hem wel een rit meepikken) van Roglic, vergeleken met de zware (zelfopgelegde) druk van de Tirreno vorig jaar, dat kan net het verschil maken voor WVA in San Remo. Een meervoudige winnaar in MSR, dat is al geleden van Freire ondertussen (en aan Belgische kant van Roger De Vlaeminck). Uiteraard heeft ook Alaphilippe daar zijn zinnen op gezet.
Mooi trouwens dat Roglic voor het eerst sinds 2017 aan de start komt in Milaan, dat is een mooi extra ijzer in het vuur voor JV.

0
Michelangelo 24 februari 2022 om 11:08

Sluit me aan bij Murcia en Marik. @Nico Dick, complimenten (waarbij je voor de kwaliteit uiteraard ook afhankelijk bent van de persoon aan de andere kant van de micro).

Klinkt alsof Wout op dit moment heel veel rust heeft in zijn hoofd, en dat alle energie naar het fietsen kan gaan. Goede voorbereiding, weloverwogen keuzes, ruimte tussen crosseizoen en wegcampagne. Dat belooft veel goeds.

Ergens wel jammer dat hij zich niet gaat smijten in Parijs Nice (was in TA vorig jaar vermakelijke televisie). Maar volledig begrijpelijk gezien zijn echte doelen, en daar heeft hij nog heel veel in te winnen/bewijzen.

Ik ben vooral heel benieuwd naar hoe ze het tactisch gaan aanpakken. Ze hebben echt wel een leuk clubje renners die wat kunnen, maar uiteindelijk is het ook duidelijk dat er itt QS maar 1 uitgesproken kopman is.

Van mij mogen er meer van dit soort interviews komen.

0
kelderfan 24 februari 2022 om 11:32

Goed verhaal en goed om te horen, dat juist Mike Teunissen er goed voorstaat.
Hopelijk zitten de juiste mannen voorin in de finale bij de Omloop.

0
PavelTonkov 24 februari 2022 om 12:04

Wat een geweldige renner is die Wout van Aert. Zou de Tour kunnen winnen.

0
bunchsprinter 24 februari 2022 om 13:03

Idd had niet zo huis moeten houden in tour of Britain. Goede leerschool

0
Beer 24 februari 2022 om 13:07

Zeker en vast een mooi interview! Met voor de wielernerd leuke weetjes als van Aert-Roglic die samen op de kamer liggen, Teunissen die goed draait & het verschil in trainingsopbouw.

0
Cochise 24 februari 2022 om 14:52

Interessant dat hij het “probleem” van een crosswinter voor een wegwielrenner in de trainingsopbouw benoemt. Lijkt er nu toch op dat ze merken dat er een zeker gebrek aan basis is met hun crosswinter. Zou inderdaad een logische verklaring zijn voor de wisselvalligheid in het voorjaar (niet enkel bij Van Aert) maar ook de vrij korte piekmomenten van Van Aert.
Vraag me dan toch af waarom een crosswinter als voorbereiding zo gehypet wordt

0
EricV 24 februari 2022 om 20:20

Vdp niet zien fietsen vorig jaar?

0
Wim Kruithof 24 februari 2022 om 21:43

Hulde Nico voor dit mooie interview.

Quote:
Ik heb daar veel energie verspeeld. Dat neem ik zeker mee.

Eens, maar de andere kant mag ook niet onbelicht blijven. De Tour of Britain was prachtig om te zien en van Aert een lust voor het oog. In wielrennen is planning altijd relatief, één moment van onachtzaamheid en het seizoen kan voorbij zijn.

Dus koester de weelde en geniet van een prachtig trofee op het dressoir.

0
Marik 25 februari 2022 om 08:54

Ben ik met je eens Wim, ik kan me de etappe met o.a. Hayter, Flip en Van Aert in de finale nog goed voor de geest halen. Van Aert die daar met een grandioze inspanning de etappe won. Ik vond het waanzinnig en het maakte me geen bal uit dat het “maar” in de Tour of Britain was. De tegenstand was van WT niveau.

0
Mystery Rider 26 februari 2022 om 03:22

Eigenlijk moet hij dit jaar een boerenjaar hebben zoals Gilbert in 2011 en bijna alles winnen waar hij zijn zinnen op gezet heeft, anders is zijn jaar niet geslaagd.

Het is jammer dat Matje niet aan de start staat, dat maakt het voor Wout ook moeilijker want dan zijn echt wel alle ogen op hem gericht. Ondertussen weten we dat deze twee elkaar naar een hoger niveau tillen en samen graag de wedstrijd maken…zonder Matje moet hij zelf de wedstrijd in vuur en vlam steken !

We zullen wel zien wat het wordt dit jaar…

0
Alfons Haavers 26 februari 2022 om 08:27

Vind ik toch weer wat overdreven. Gilbert in 2011 had 1 van de allersterkste seizoenen van een renner deze eeuw. Dus het moet óf dat niveau zijn (bijna overal winnen waar je start) of het is geen geslaagd seizoen?

MvdP ging vorig jaar na Strade Bianche ook een wonderjaar neerzetten, maar het bleek meteen zijn grootste overwinning van het seizoen. Is het daarom een totaal mislukt jaar geweest voor hem? Nee toch?

Met mannen als Alaphilippe, Asgreen, Pogacar, Pidcock, Colbrelli, enz. kan je denk ik moeilijk verwachten dat van Aert alles gaat winnen wat ie wil. Ja vdP is een smaakmaker en sterke coureur maar er zijn nog andere klasbakken aanwezig als hij eens niet start. Renners die hem in het verleden ook al verschillende keren hebben geklopt, dus nu wordt het allemaal wat simpel voorgesteld in mijn ogen.

Ik denk dat van Aert tevreden mag zijn als hij dit voorjaar 1 grote vis vangt. De kans is groot dat hij later op het seizoen nog wel ergens oogst met de Tour, het WK, zijn tijdritten, sprints, enz.

Dan kan je een heel mooi en geslaagd seizoen hebben zonder dat het ineens de allure van Gilbert ‘11 moet hebben. De kans dat zoiets gebeurt lijkt me eerder klein, net zoals toen dat vorig jaar begin maart over Matje werd geroepen.

0
Petje 26 februari 2022 om 14:34

Stop testen op corona aub

0

Headlines

Populair

Materiaalzone