Unicum laat Lucinda Brand lachen: “Maar we gaan het nooit normaal vinden”
Video Lucinda Brand heeft bij de X2O Badkamers Trofee in Hamme voor een unicum gezorgd door voor de 50ste keer op rij op het podium te eindigen van de veldrit. Ze vierde het in stijl door van start tot finish aan de leiding te rijden, maar voor de renster van Baloise Glowi Lions had al die heisa niet gehoeven. “Iedereen had het over die 50… Nu is die er, dan is dat ook weer voorbij”, lacht Brand in het flashinterview.
Zelf was de Dordtse niet bezig met die recordreeks. “Jullie herinneren mij er steeds aan, dus je ontkomt er niet meer aan. Gelukkig kunnen we nu weer op andere dingen focussen”, voegde Brand er nog aan toe. Wel erkent ze dat die bijzondere reeks ter sprake kwam afgelopen week. “Natuurlijk, dat zeggen we thuis ook geregeld. We gaan het nooit normaal vinden. Maar het is fijn om weer op de wedstrijden te kunnen blijven focussen.”
In Hamme rekende Brand af met landgenotes Inge van der Heijden en Aniek van Alphen. “Het is superbijzonder en knap van haar dat ze constant op het podium staat, daar ben ik alleen maar jaloers op”, reageerde de Europese kampioene. “Ik probeer mijn weg te volgen, maar het is leuk dat we samen de strijd kunnen aangaan.”
Van Alphen is ook erg complimenteus over de sterke Brand. “Dat is een uitzondering, een klasse apart. Er zijn er niet veel die dat gedaan hebben of nog gaan doen. Dat is heel bijzonder”, zei de nummer drie van de X2O Trofee in Hamme.
Brand: “Ik had zowaar een goede start”
Brand was inderdaad een klasse apart in Hamme, want ze leidde vanaf de eerste ronde tot de laatste ronde. “Het was niet per se mijn plan, maar ik had zowaar een goede start”, lachte Brand met wat gevoel voor zelfspot. “In de eerste ronde is het altijd fijn om op kop te rijden en te ontdekken hoe het erbij ligt, daardoor had ik meteen gaatje kunnen slaan en daar ben ik heel blij mee.”
"een unicum" benoemen zoals in dit artikel is dat bijlange niet,
want er zijn reeds voorgangers die het zelfs nog straffer deden.
Want volgens een aandachtige wielerflitser, zou Van der Poel
dit met 64x gerealiseerd hebben en Marianne Vos maar liefst
met een waanzinnige 81x.