Tour Femmes 2026: Voorbeschouwing etappe 8 — Wie stopt Lorena Wiebes in schaarse sprintkans?
De Tour de France Femmes is bepaald niet sprintersvriendelijk. Maar op de voorlaatste dag lijkt er nog een mogelijkheid te zijn voor de snelste vrouwen van het peloton. Of beslissen de klimmetjes vlak voor de finish daar nog anders over? Wielerflits blikt vooruit!
Parcours
Wie dacht dat de Tour de France Femmes afgelopen was na de Mont Ventoux, komt bedrogen uit. In de omgeving van Nice kan het nog wel eens twee dagen gaan spoken. Bijvoorbeeld op zaterdag, als de rensters zich mogen opmaken voor de langste rit in deze ronde van Sisteron naar Nice met een kleine 1.900 hoogtemeters.
Is dit terrein nu spek voor de bek van de sprinters of puncheurs? Dat is lastig te zeggen. Zelf klasseert de organisatie deze rit als ‘vlak’. In principe maakt ieder type renner hier wel kans op de zege. Met 175 kilometer koers gaat het over de langste etappe in de rittenkoers, waarbij we voor het eerst in de ronde naar finishplaats Nice afzakken. Daar wacht daags nadien de grote finale.
De rensters vertrekken in Sisteron. Geen onbekende in het wielermilieu, want het is een van de vaste startsteden in Parijs-Nice. Het traject zal daarom misschien ook een beetje aan die rittenkoers doen denken. Na een vijftiental kilometer begint de weg lichtjes op te lopen, en dat zal quasi de hele eerste zestig kilometer blijven duren. Nooit echt steil of in die mate dat je van een beklimming kan spreken, maar het kan de minder sterk klimmende renners wel pijn doen.
Na 64,5 kilometer wacht de eerste top, van de Col des Robines. Een klimmetje van op papier slechts 2,6 kilometer aan 4,6%, waarna het even in dalende lijn gaat. Kort daarna volgt de Col de Toutes Aures, goed voor 6,4 kilometer aan 3,1%. Een tweeluik dat kan tellen dus, maar er is weinig reden om haast te maken. Na 80 kilometer koers verandert het terrein plots volledig en krijgen we een tachtigtal kilometers die plots in dalende lijn verlopen. Renners die gelost zijn, hebben dus alle tijd om terug te keren voorin.
Langs de oevers van de Var kun je op vrij eenvoudige wijze aankomen in Nice. Maar zo gemakkelijk wordt het de rensters niet gemaakt. Er wacht de vrouwen een Milaan-San Remo-achtige finale, met twee gecategoriseerde beklimmingen. Het tweeluik met de Col de Colomars (1,4 km aan 5,6%) en Col de la Ginestière (2,5 km aan 4,4%) zal de benen van veel snelle vrouwen afsnijden, al zijn er ook zeker topsprinters die dit wel aankunnen.
Maar wie nog iets beter inzoomt, ziet dat deze twee klimmetjes niet alles zeggen. Na de Ginestère wacht er namelijk nóg een klim. Of beter gezegd: een muurtje. Na de top van de Ginestière is het 1300 meter afdalen richting de Chemin de l’Arieta, slechts 450 meter klimmen, maar wel aan 13,8% gemiddeld. 2,5 kilometer afdaling verder worden de rensters uitgespuwd op de beroemde Promenade des Anglais, waar na dik drie vlakke laatste kilometers de finishlijn ligt.

Klassementen
Tour de France Femmes 2026
Etappewinnaar en klassementsleiders na etappe 7
Favorieten
Als er gesprint gaat worden in Nice, komt eigenlijk alleen Lorena Wiebes in aanmerking voor de status van topfavoriet. In de tweede rit liet ze nog maar eens zien dat niemand aan de snelheid van de Nederlandse kan tippen. Ook de twee klimmetjes in de finale moeten voor Wiebes geen enkel probleem zijn, getuige haar overwinning in de openingsetappe met aankomst op een lastige helling in Lausanne. Durft de concurrentie het duel toch aan, of gaan ploegen proberen om een sprint te ontlopen?
In het eerste scenario zal Marianne Vos proberen het Wiebes moeilijk te maken. Deze Tour raapte ze al twee derde plekken bij elkaar, en de klimmetjes in de finale kunnen wellicht in haar voordeel werken ten opzichte van de pure sprintsters. Onder die laatste categorie kunnen we Elisa Balsamo scharen, alhoewel: ook in een lastige finale kan de Italiaanse behoorlijk uit de voeten. Daarom schrijven we haar zeker op.

foto: Fotopersburo Cor Vos
Andere rensters die mee kunnen sprinten om een ereplaats: Letizia Paternoster, Zoe Bäckstedt en de Belgen Shari Bossuyt en Sandrine Tas. Bossuyt was in de vorige sprint al vierde, een ereplaats die naar meer zal smaken.
Door de suprematie van Wiebes houden we echter ook rekening met een soliste, zeker door de twee klimmetjes in de finale, die perfect als springplank kunnen fungeren voor renster met aanvallende intenties. Bij EF Education-Oatly kunnen ze in dat geval rekenen op Cédrine Kerbaol, die met haar daalcapaciteiten een extra wapen in huis heeft, en Noemi Ruëgg, die ook in de sprint in aanmerking komt voor een top-10 klassering.
Ook voor rensters als Célia Gery en Kim Le Court is de achtste etappe de laatste kans op een ritzege. Le Court won de zesde etappe in een sprint van een klein groepje, maar liet die dag ook zien dat ze bereid is om weg te rijden in de finale om een sprint te ontlopen. Mocht het echter toch op een massasprint aankomen, kunnen zowel Gery als Le Court wellicht nog meedoen voor een verre ereplaats.

foto: Fotopersburo Cor Vos
Verder kunnen we de naam van Riejanne Markus niet onebenoemd laten als we het hebben over rensters die de sprintsters voor kunnen blijven. In de tweede etappe slaagde de Nederlandse daar al bijna in, maar strandde ze op 400 meter van de streep. Is het bij een tweede poging wel raak voor de renster van Lidl-Trek? Overigens is Markus niet de enige die we tot een dergelijke actie in staat achten. We denken bijvoorbeeld ook aan andere erkende hardrijdsters als Lieke Nooijen of Daniek Hengeveld, al zullen zij zich waarschijnlijk in dienst van hun ploeggenote Vos stellen.
Favorieten volgens WielerFlits
Tour de France Femmes — Etappe 8
Om te reageren moet je ingelogd zijn.