Tour Auvergne-Rhône-Alpes (Dauphiné 2.0) kent drie aankomsten bergop en ploegentijdrit
Het parcours van de komende Tour Auvergne-Rhône-Alpes (7-14 juni), zoals het Critérium du Dauphiné tegenwoordig heet, is bekendgemaakt. De renners krijgen in de ‘mini-Tour de France’ meteen een semi-bergrit voor de wielen geschoven. Later in de week volgen nog een ploegentijdrit en drie opeenvolgende bergetappes.

Op zondag 7 juni verzamelen de renners zich in Vizille voor de start van de 78ste editie van de Tour Auvergne-Rhône-Alpes. Waar een rittenkoers meestal begint met een proloog of sprintvriendelijke etappe, is het op Franse bodem meteen klimmen geblazen. Onderweg naar finishplaats Saint-Ismier staan maar liefst vijf gecategoriseerde beklimmingen op het menu, met de zwaarste klim van allemaal – de Côte de Saint-Jean-le-Vieux (5,6 km à 8,7%) – op slechts zeventien kilometer van de finish.
In de openingsetappe mogen we al meteen spektakel verwachten tussen de klassementsrenners en wellicht zien we ook in rit twee wel vuurwerk. Er staan weliswaar veel minder hoogtemeters op het programma en de beklimmingen zijn ook minder uitdagend, maar in de laatste dertig kilometer naar Le Puy en Velay volgen met de Côte des Baraques (4,2 km à 6,6%) en Côte de Saint-Vidal (2 km à 7,4%) toch nog twee niet te onderschatten hellingen.
Testcase voor Tour de France
Voor de renners met klassementsambities is het een ronde met maar weinig rustmomenten, want op dag drie staat er weer een zeer belangrijke etappe op de planning: een geaccidenteerde ploegentijdrit van iets meer dan 28 kilometer van en naar Le Perreux. Dit is niet alleen een cruciale dag voor het klassement, maar ook een laatste testcase voor de ploegentijdrit in de komende Tour de France.
Na drie pittige etappes krijgen de klassementsrenners de tijd om even op adem te komen. Rit vier is er een met twee gezichten. De openingsfase bevat nog heel wat hoogtemeters en klimmetjes (zes in totaal), maar de laatste vijftig kilometer zijn zo goed als vlak. Het is de vraag of de rappe mannen aan sprinten zullen toekomen. Mocht dit niet het geval zijn, dan is er altijd nog de overwegend vlakke vijfde etappe naar Villars-les-Dombes.
Na deze twee ‘overgangsetappes’ trekken de renners de bergen in. In de Alpen zijn liefst drie opeenvolgende bergritten uitgetekend. Rit zes is de ‘eenvoudigste’ van de drie, al zit het venijn hem wel in de staart, met de Côte d’Héry-sur-Ugine (11,3 km à 5,1%) en de slotklim (5,9 km à 7,7%) naar het skistation van Crest-Voland.
In de voorlaatste etappe is de finishstreep dan weer getrokken op de bekende en beruchte Col du Grand Colombier (8,4 km à 10,2%). De renners beklimmen deze col vanuit Virieu-le-Petit, wat een bijzonder zware variant van de Grand Colombier is. De beslissing zal vallen in de loodzware slotrit, met onderweg de Col du Pré (6,9 km à 10,1%), Montée de Bisanne (11,4 km à 7,7%), Col des Aravis (7 km à 6,8%) en de slotklim (11,3 km à 9,1%) naar Brison.
“De regio Auvergne-Rhône-Alpes heeft het evenement de afgelopen jaren een nieuwe dimensie gegeven, met nog meer mogelijkheden om de routes te variëren”, klinkt het in een perscommuniqué. “Deze naamswijziging is een weerspiegeling van de geografische identiteit die de wedstrijd de afgelopen tien jaar heeft gekregen.”
De organisatie ziet deze verandering als “het resultaat van een jarenlange samenwerking tussen de regio en de organisator en een logische voortzetting.”
Wielerflits Magazine is jouw Tourgids!
De Zomergids 2026 van Wielerflits Magazine is maar liefst 220 pagina's dik en staat barstensvol mooie wielerverhalen. En het is niet voor niets De Meest Complete Tour de France Gids. In onze Zomergids lees je alles over de Tour de France en de Tour Femmes, van etappes tot favorieten en indrukwekkende achtergronden over de teams en de bergen. Je leest over Jonas Vingegaard, de knechten van Tadej Pogačar, Lucien Van Impe, Mathieu van der Poel, Raymond Poulidor, Rick Pluimers en nog veel meer!








Reacties zijn gesloten.