Tour 2026: Decathlon CMA CGM rekent met Paul Seixas én Olav Kooij op twee kopmannen
Hij moest lang wachten op duidelijkheid, maar nu is er dan eindelijk witte rook: Olav Kooij mag zich opmaken voor zijn allereerste Tour de France. De Nederlandse sprinter maakt deel uit van de achtkoppige selectie van Decathlon CMA CGM en zal samen met Paul Seixas de ploeg aanvoeren.
Kooij keerde pas eind mei terug in koers na een slepende virusinfectie. Hij toonde bij zijn rentree echter meteen zijn goede vorm met twee ritzeges in Boucles de la Mayenne, en bevestigde recent met een ritzege in de Baloise Belgium Tour, waar hij onder anderen Tim Merlier en Jasper Philipsen klopte.
Tijdens de Baloise Belgium Tour kon Kooij echter nog geen duidelijkheid verschaffen over een Tourdeelname, al hield hij zelf wel rekening met een selectie. Nu heeft Decathlon CMA CGM het ook met de buitenwereld gedeeld: Kooij maakt deel uit van de definitieve selectie.
“Mijn seizoensstart verliep niet zoals gehoopt, maar we bleven geduldig. De overwinningen die ik de afgelopen weken heb behaald sinds mijn terugkeer in de competitie, hebben me veel zelfvertrouwen gegeven”, blikt Kooij vooruit in een persbericht. “Ik weet dat het niveau hoog zal zijn, omdat we zullen deelnemen aan de grootste wielerwedstrijd ter wereld, maar de doelstellingen zijn duidelijk.”
“Paul moet zo hoog mogelijk eindigen in het klassement, terwijl ik minstens één etappe wil winnen in de sprint”, steekt Kooij zijn eigen ambities niet onder stoelen of banken. “Ik dank het team voor het vertrouwen dat ze in me hebben.”

foto: Fotopersburo Cor Vos
Een stap in het onbekende voor Seixas
Vanuit Nederlands oogpunt is het dus uitkijken naar de verrichtingen van Kooij, maar Frankrijk is vooral bezig met Paul Seixas. Het nieuwe wonderkind was dit seizoen al tot grootse dingen in staat en mag het nu al laten zien in de Tour, ondanks zijn nog piepjonge leeftijd. “Na mijn valpartij en opgave in de Tour Auvergne-Rhône-Alpes kon ik mijn voorbereiding op de Ronde van Frankrijk vrijwel normaal hervatten.”
“Vijf dagen voor de Grand Départ voel ik me klaar om alles te geven, de Tour uit te rijden en een zo hoog mogelijk klassement te behalen. Ik stel mezelf geen specifiek doel, omdat ik in het onbekende stap. Ik heb immers nog nooit aan zo’n lange en veeleisende wedstrijd deelgenomen. Ik hoop een belangrijke rol te spelen, mezelf te blijven verbeteren en er vooral van te genieten.”
Hoole, Bol en Benoot zijn ook van de partij
De selectie van Decathlon CMA CGM draait dus om Seixas en Kooij. Zij krijgen steun van zes sterke renners. Daan Hoole en Cees Bol zorgen voor een nog grotere Nederlandse inbreng. Bol zal vooral Kooij moeten bijstaan in diens jacht op sprintsucces, voor hardrijder Hoole is dan weer een dubbelrol weggelegd in dienst van Kooij én Seixas.
Tiesj Benoot, Aurélien Paret-Peintre, Nicolas Prodhomme en Matthew Riccitello mogen zich eveneens opmaken voor de Tour en vormen dan weer de klimkern rond Seixas.
Niet heel gek dit toch?
1. Merlier is de snelste, maar desondanks winnen Kooij, Girmay én Philipsen etappes in de Baloige Belgium Tour. Dus waarom niet in de Tour?
2. Het verleden wijst duidelijk uit dat mannen met beter recuperatie vermogen in een enorm zware rittenkoers als de Tour beter voor de dag komen. Zie Philipsen in het verleden of WvA toen hij nog sprints deed.
3. De sprintritten zijn dit jaar volgens mij vrij rechttoe rechtaan, maar als er ook maar iets van een hupsje inzit dan kantelt het voordeel al snel richting Philipsen, Girmay en Kooij.
Zowel om een topper als Kooij de kans te geven waar hij in mijn ogen recht op heeft. Alsook om niet de volledige druk van de ploeg op een 19 jarige renner te leggen.
Overigens zie ik Seixas nog wel een keer een Evenepoeletje doen: op te jonge leeftijd en met te weinig stuurvaardigheid te veel risico pakken in een afdaling, om daardoor ernstig ten val te komen. Of zou hij al geleerd hebben van zijn val in de dauphine? Ik zie bij hem een beetje dezelfde bewijsdrang als bij Evenepoel destijds...
Maar in de Dauphine viel ie tijdens een geneutraliseerde afdaling omdat ie te veel risico's pakte.
Vraag is dus hoe snel hij leert, en of de les hard genoeg was.
Evenepoel is natuurlijk 2 keer zwaar gecrashed in een afdaling, maar hij heeft al vaker geluk gehad. Bijvoorbeeld in zijn eerste Giro als ik me niet vergis (ook gevallen in een afdaling), ik kan me ook de ronde van denemarken of zo nog herinneren waar hij het geluk had dat er rechtdoor een erf was ipv een geparkeerde auto, sloot of boom.
Sommige jongeren zijn super gedreven, maar ook erg hardleers en wie weet ook wel te veel overtuigd van hun eigen vaardigheden. Hoop niet dat Seixas door zijn gedrevenheid en bewijsdrang uiteindelijk uit een ravijn getakeld moet worden.
Wat betreft stuurvaardigheid is het echter toch een hele andere situatie.
Bij de jonge Evenepoel was stuurvaardigheid een uitgesproken zwak punt, vanwege zijn latere overstap naar het wielrennen. Dat heeft hem parten gespeeld, en het heeft aardig wat tijd gekost om die stuurvaardigheid te verbeteren.
Seixas heeft als ex-mountainbiker en veldrijder net een enorm grote stuurvaardigheid. Door een al te groot vertrouwen in die stuurvaardigheid zien we die te grote risico's nemen, en het was slechts een kwestie van tijd voor dat een keer tot een val ging leiden.
Maar dat is wel makkelijker te 'verhelpen' dan waar Evenepoel destijds mee kampte. Seixas moet niet leren sturen, die moet enkel leren geen risico's te nemen wanneer het niet nodig is. En ik denk wel dat TARA daarvoor een goede wake-up call was.
De kunst is vooral om je grenzen te kennen. Waarbij zaken als bewijsdrang, jeugdige leeftijd, overmoed en zelfoverschatting gevaarlijke ingredienten zijn.
Ik hoop dat Seixas beseft dat hij niet als snelste naar beneden moet om de koers te winnen. Zoals Evenepoel destijds moest leren dat ie net per se Nibali hoefde te volgen, maar beter met 20 seconden achterstand beneden kan aankomen dan helemaal niet meer beneden komen.
Verder is stuurvaardigheid op een MTB en crossfiets een betere basis en startpunt dan een balletje hoog kunnen houden op een voetbalveld. Maar uiteindelijk is sturen op een racefiets van A naar B een stuk anders dan rondjes op een parcours van modder en stenen.
Bottom line: ik hoop dat ie gewoon 3 weken op zijn fiets blijft zitten en Parijs haalt. Dat ie er op welke manier dan ook een heleboel van op steekt voor de rest van zijn loopbaan. En of er nu een topklassering uit komt, een etappeoverwinning, een witte trui, of slechts een boel lessen voor de rest van zijn carriere, dat is dan slechts bijzaak wat mij betreft.
Laat de leeuw niet in zijn hemdje staan!