Terugblik 2009: September

zondag 6 december 2009 om 18:44

Het wielerjaar 2009 is inmiddels zo goed als voorbij, maar dat betekent niet dat Wielerflits op zwart gaat. Naast het veldrijden en baanwielrennen kijken we de komende weken aan de hand van een aantal terugblikken terug op het afgelopen wegseizoen. We zijn inmiddels aanbeland bij het achtste deel, en hierin kijken we terug op de maand september. Hierin komen veel wedstrijden aan bod van de Ronde van Spanje tot aan de Tour of Britain en natuurlijk wordt het wereldkampioenschap niet vergeten.

Ronde van Spanje
De laatste grote ronde van het jaar was de Ronde van Spanje (GT2). Nu is het nog een goede vijf maanden wachten tot aan de start van de Giro d’Italia in Amsterdam. Lange tijd leek de Vuelta een hele mooi succes te worden voor de Nederlandse wielerfans. Robert Gesink lag lang op podiumkoers, maar een valpartij in de slotweek gooide roet in het eten. Toch mag de man uit Varsseveld tevreden zijn met zijn prestaties, hij stond tot vrijdag op een halve minuut van Valverde. De latere eindwinnaar en toonde zich meerdere malen bergop, met als hoogtepunt zijn krachtexplosie op de Alto de Velefique.

De eerste week
Dit jaar startte de Vuelta voor het eerst in Nederland en dat bracht honderdduizenden bezoekers op de been. Als eerste was daar de proloog op het TT-circuit in Assen, wat één van de vele hoogtepunten was. Fabian Cancellara liet daar zijn uitzonderlijke tijdrit-kwaliteiten zien, door een kleine tien seconden sneller te rijden dan Boonen. Jens Mouris verraste vriend en vijand met een hele knappe vierde plek, een eerste teken van het Nederlandse succes dat later zou volgen.

Samenvatting van de proloog

Tot aan de tijdrit in Valencia eindigden alle etappes in een massasprint. De eerste massasprint werd gewonnen door Gerald Ciolek met Fabio Sabatini en Roger Hammond als verrassende nummer twee en drie. Tom Leezer bezorgde Rabobank daar een klein succesje door de bergtrui te pakken. Hij kwam als eerste ‘boven’ op de Cota de Witteveen, wat genoeg was voor de bergtrui. Greg Henderson won de derde etappe van Zutphen naar Venlo voor Borut Bozic en Oscar Freire, Bozic zou later nog een treetje hoger eindigen.

Van de vier etappes die op Nederlands/Belgisch grondgebied werden verreden was degene naar Luik het lastigst. Maar dat bleek uiteindelijk toch wel mee te vallen, een groep van meer dan 100 man ging de laatste kilometers in. Op minder dan twee kilometer van de streep gebeurde echter iets heel vervelends. Degene die als zevende reed in het peloton ging onderuit en nam daarbij zo’n 70-80 andere renners mee. Bekendste slachtoffer was toch wel klassementsman Ezequiel Mosquera. André Greipel wist de etappe te winnen door Wouter Weylandt en twee ploeggenoten te verslaan.

Tachtig mannen glijden onderuit

Na slechts vier dagen fietsen volgde alweer de eerste rustdag. Heel gek was dat niet, want de renners moesten naar Spanje vliegen. In Spanje ging de vijfde etappe weer naar André Greipel, terwijl Borut Bozic de zesde etappe winnend afsloot. Dat was op een imponerende manier, de Sloveen ging namelijk al van vroeg aan en niemand kon zijn wiel houden.

Borut Bozic bezorgt Vacansoleil de overwinning

De tweede week
Het tweede weekend stonden er belangrijke ritten op het programma voor de klassementsmannen: een tijdrit en aantal bergritten. Geheel verrassend werd de tijdrit gewonnen door Fabian Cancellara voor David Millar en Bert Grabsch. Van de klassementsmannen kwam Samuel Sanchez het best voor de dag, hij pakte drie (Danielson) tot negentig (Mosquera) seconden op zijn grootste concurrenten.

De achtste etappe was het decor van de eerste bergetappe. De vroege vlucht bestond uit onder meer Weening, Hoogerland en Moncoutié en zij begonnen met vier minuten voorsprong aan de slotklim. Daar gebeurde toch wel een aantal zeer opmerkelijke dingen. Johnny Hoogerland moest pas heel laat David Moncoutié laten gaan, terwijl de Fransman zelf in de slotkilometer werd bijgehaald door de ontkende Damiano Cunego. Vlak na Cunego sprong ook Robert Gesink weg uit de groep der favorieten en pakte zo een aantal belangrijke bonificatieseconden. Cadel Evans pakte wel de leiderstrui, maar verloor die weer een dag later aan Alejandro Valverde:

Cunego imponeert op de Alto de Aitana

De tweede bergetappe was nog een stuk spectaculairder. Op een paar kilometer van de streep lag de befaamde Xorret de Cati, een supersteile klim. De koplopers (o.a. Taaramae, Cesar Veloso en Devolder) begonnen daar met een ruime voorsprong aan. Taaramae sprong weg bij zijn medevluchters maar ontplofte compleet op de steile stukken. Toen alle stofwolken waren opgetrokken was Gustavo Cesar Veloso de dagwinnaar en verloren Mosquera, Sanchez en de sterk rijdende Danielson tijd op Valverde. Die pakte met de derde plek genoeg bonificatieseconden om de trui over te nemen van Evans.

Cesar Veloso wint na de Xorret de Cati

De twee etappes voor de laatste rustdag kende twee renners die allebei een mijlpaal bereikten. Simon Gerrans was de beste van een omvangrijke kopgroep in de tiende etappe. En slaagde er zo in alle drie de grote rondes een etappe te winnen. Niet veel actieve wielrenners kunnen dat zeggen. De elfde etappe werd een massasprint die gewonnen werd door Tyler Farrar. Eindelijk had de Amerikaan dan zijn etappezege in een grote ronde na dit jaar een aantal keer dichtbij te zijn geweest.

Gerrans flikt het

Na de rustdag volgde gelijk weer een bergetappe en zeker niet de minste. De finish lag boven op de Alto de Velefique, een klim van de eerste categorie. Weer kreeg een groep vluchters de ruimte, maar op de slotklim werd duidelijk dat het krap zou worden of zij (Hesjedal en Garcia waren als enige overgebleven) voor de favorieten gingen eindigen. Robert Gesink trok op minder dan twee kilometer van de streep zo hard door dat Danielson zijn wiel niet meer kon vasthouden. Hij haalde de eerder weggesprongen Mosquera bij, maar kwam zes tellen tekort voor de etappeoverwinning.

Gesink demonstreert zijn klasse

De slotweek
De dertiende etappe reduceerde het aantal kanshebbers voor de eindoverwinning drastisch. Veel klassementsrenners verloren door uiteenlopende omstandigheden kostbare tijd. Net als de voorgaande twee bergetappes begon een groepje vluchters aan de slotklim, dit keer was het de beruchte Sierra Nevada. Waar Moncoutié een week eerder nog de zege moest laten aan Cunego, won hij dit keer wel.

Interessanter was het bij de favorieten. Sanchez moest al vrij vroeg afhaken op de lange slotklim en had het heel erg moeilijk. Halverwege diezelfde klim zag Cadel Evans zijn eindklassement in duigen vallen toen een bandenwissel meer dan een minuut duurde. Samuel Sanchez wist zijn benen weer te vinden en beperkte het verschil tot een twintigtal seconden, Evans kwam niet meer terug en verloor meer dan een minuut.

Banden wisselen: hoe het niet moet

Alejandro Valverde had met de laatste aankomst bergop (maar niet de laatste bergetappe) voor de boeg nog een halve minuut voorsprong op Gesink en een minuut op Basso. Sanchez stond inmiddels al op meer dan anderhalve minuut. De veertiende etappe naar La Pandera was toch wel één van de mooiste uit deze hele Ronde van Spanje. Een paar kilometer voor de top kreeg Valverde, de leider, het lastig en plaatste Gesink zijn aanval. Het verschil liep op tot meer dan vijftien seconden, maar toen vond de Spanjaard zijn benen terug.

Voor de etappewinst ging het al niet meer want Cunego was dit keer mee gesprongen met de vluchters en werd niet meer bijgehaald op de slotklim. Gesink kwam zichzelf toch een klein beetje tegen op de slotklim en moest zowel Sanchez, Mosquera als Valverde voor zich laten gaan. Hij beperkte het verschil tot minder dan twintig seconden. Tijd verloren Cadel Evans en Ivan Basso, wat ervoor zorgde dat Gesink zijn podium redelijk zeker leek.

Cunego pakt zijn tweede

De vijftiende etappe van Jean-Cordoba zal veel Nederlandse wielerfans nog lang heugen. Lars Boom trok met twaalf anderen in de aanval en het peloton had besloten het rustig aan te gaan doen. Op 22 kilometer van de streep op de flanken van de San Jeronimo plaatste Lars Boom zijn beslissende aanval. Hij reed weg bij drie medevluchters, met wie hij eerder al was weggesprongen bij de rest. Langzaam maar zeker werd het gat groter en zo zorgde hij voor de eerste Nederlandse etappeoverwinning in een grote ronde sinds de Vuelta van 2005.

Laatste kilometers van zijn zegetocht

André Greipel won de zestiende etappe in een massasprint, nadat Jesus Rosendo Prado als eenzame vluchter was bijgehaald. Men zal de zeventiende etappe niet alleen herinneren dankzij de schitterende overwinning van Anthony Roux. Hij bleef het sprintende peloton in Talavera de la Reina maar een vijftiental meter voor. Maar de etappe zal vooral herinnerd worden door de valpartij van Robert Gesink, die hierdoor zijn klassement gedeeltelijk in duigen zag vallen.

Haalt hij het, of haalt hij het niet?

In de dag na de valpartij stond al een redelijk zware rit op het programma met de finish in Avila. Gesink stond een aantal keer op kraken, maar wist het verlies te beperken tot een seconden. Philip Deignan deed in Avila uitstekende zaken. De Ier won zowel de etappe, hij versloeg medevluchter Roman Kreuziger in een sprint-a-deux en maakte ook nog een grote sprong in het klassement. Wat hem in Madrid een mooie negende plek opleverde voor erkende namen als Cobo en Zubeldia.

Kreuziger laat zich weer in de luren leggen

De allerlaatste bergrit leverde nog de nodige verschuivingen op in het algemeen klassement. Cobo bleef een select groepje een tweetal seconden voor, terwijl Gesink ruim vier minuten toegaf. Valverde verloor geen tijd en was, zolang hij niet zou vallen in de twee laatste ritten, zeker van zijn titel. De resterende twee plekken stonden daarentegen nog niet vast. De tijdrit in Toledo zou dat in zijn definitieve vorm gieten.

Cobo soleert naar de overwinning

Die tijdrit werd zoals verwacht gewonnen door Millar. Bijna twee jaar na zijn laatste overwinning in het profpeloton. Ivan Basso verloor zijn podiumplek aan Cadel Evans, die op zijn beurt Samuel Sanchez niet meer kon bijhalen. Wat vooral opviel aan de tijdrit was de goede prestatie van de Nederlanders in de breedte: vijf man bij de eerste dertig.

Millar wint na twee jaar weer eens iets

De allerlaatste rit van deze Vuelta was een etappe die we wel vaker hebben gezien. Het peloton doet het de eerste zeventig kilometer rustig aan om de laatste veertig te knallen. Een mooi eerbetoon was er voor Bingen Fernandez, die in zijn laatste profjaar even voor het peloton mocht uitrijden. Hij deed op ruim veertig kilometer van de streep en toen hij de finishlijn in Madrid passeerde (met nog een aantal ronden te gaan), zei hij het peloton gedag. De massasprint werd zoals verwacht door André Greipel, zijn vierde etappezege deze Vuelta.

En dat is vier:

Eendagswedstrijden
Op het gebied van eendagswedstrijden in de maand september ging het vrij goed met de Rabobank-ploeg. Als eerste in een lange reeks was daar de GP Jef Scherens (1.1). De ontsnappers van deze koers waren: de Belgen Klaas Lodewyck en Romain Fondard de Fransman David Lelay en de Nederlander Joost van Leijen . Het viertal trok er na 40 kilometer op uit en verzamelde een maximale voorsprong van ongeveer 5 minuten.

Met nog 25 kilometer te gaan ontstond er beroering in het peloton. Greg Van Avermaet ging met zijn landgenoot Nick Nuyens, diens ploeggenoot Sebastian Langeveld en de Duitser Fabian Wegmann (die zijn rentree maakte) op en over de vier aanvallers. Zij kregen het gezelschap van nog eens acht renners met onder meer Sylvain Chavanel, Amorison en Vandenbergh. Na een reeks aanvallen in de slotfase bleef Langeveld uiteindelijk met de Belgen Amorison en Vandenbergh op kop. In de sprint toonde Langveld zich sneller dan beide Belgen.

Langeveld troef twee Belgen af

De tweede eendagswedstrijd waarin Rabobank succesvol was ,was de GP van Wallonië (1.1). Deze lastige koers werd een prooi voor Nick Nuyens, die hiermee zijn eerste overwinning voor de Rabobank-ploeg pakte. In een sprint op de Citadel van Namen versloeg hij de Australiër Allan Davis en de Belg Roy Sentjes. Het was voor Nuyens ook zijn eerste overwinning sinds augustus 2007, toen hij een etappe won in de Eneco Tour.

Nuyens wint weer eens

Als laatste was daar de Omloop van het Houtland – Lichtervelde (1.1), weer een wedstrijd op Belgisch grondgebied die succesvol werd afgesloten door een Rabo-renner. De zege van Graeme Brown was misschien de meest opvallende van allemaal, omdat de Australiër zijn goede voorjaar geen vervolg had kunnen geven. Maar in zijn laatste wedstrijd van het jaar moesten Robert Wagner en Nico Eeckhout er aan geloven. Zij werden beiden in de massasprint geklopt door Brown.

Hetzelfde geldt voor Brown

Hoewel Eeckhout in de Omloop van het Houtland werd geklopt, mocht hij op maar liefst 38-jarige leeftijd eerder deze maand al wel juichen. Dat deed hij in de Memorial Rik van Steenbergen (1.1), die net als de voorgaande drie wedstrijden, ook in België werd verreden. Uiteindelijk werd er met de hele groep gesprint en werden twee andere oudgediende er op gelegd. Het betreft hier de Nederlanders Stefan van Dijk en Steven de Jongh.

Eeckhout sprint naar de zege

Maar ook van Steven de Jongh viel er nog iets te juichen in de maand september. Het Kampioenschap van Vlaanderen (1.1) werd namelijk een Nederlandse aangelegenheid. In een sprint-à-deux versloeg De Jongh, zijn veel jongere landgenoot Sebastian Langeveld. Op een achttal seconden van het tweetal werd Bobbie Traksel derde voor de Rus Alexei Markov.

Een mooie afsluiting van zijn carrière

Er werd ook in Italië en Frankrijk gekoerst, maar de belangrijkste (lage) eendagswedstrijd was toch voor de Belgen. Het gaat hier om de 1.HC wedstrijd Parijs-Brusse. Vier Nederlanders van vier verschillende ploegen reden lang met één Oekraïner in de aanval: Niki Terpstra, Floris Goesinnen, Wouter Mol en Michiel Elijzen werden vergezeld door Vitaliy Kondrut.

Maar op ruim dertig kilometer van het einde waren ze er al aan voor de moeite. Tien kilometer later reden onder meer Sylvain Chavanel, Juan Antonio Flecha en Joost van Leijen in een groepje weg, maar het was niet genoeg om een massasprint te voorkomen. Deze was een prooi voor de Australiër Matthew Goss van Saxo Bank, die zijn landgenoot Allan Davis en de Belg Kristoff Goddaert er op legde. Beste Nederlander was Tom Veelers op een knappe vijfde plek.

Een feestje voor Saxo Bank

Tour of Missouri
Amerika was in september het toneel van de Tour of Missouri (2.HC), een wedstrijd die Eneco Tour-trekjes vertoond: sprinten,sprinten,sprinten en nog eens sprinten. Een tijdrit van dertig kilometer zou gaan bepalen wie de eindwinnaar werd, kandidaten daarvoor waren Levi Leipheimer, David Zabriskie, Gustav Erik Larsson en Marco Pinotti. Maar voor de tijdrit zou er nog vier dagen langen gesprint gaan worden door de renners.

En de man die dat kan is Mark Cavendish, de eerste twee etappes werden daarom ook eenvoudig op zijn naam geschreven. In de derde etappe was dat niet het geval en dat kwam doordat zijn ploeg was opgerookt in de achtervolging op de vroege vluchters en de late uitvallen in de finale. Daardoor kwam Cav te vroeg op kop en kon Thor Hushovd er vrij gemakkelijk over heen komen. Niet alleen Hushovd kwam over de Brit heen, maar ook Juan Jose Haedo, Dario Cataldo en Daniel Oss.

De renners startten in de vierde etappe zonder Mark Cavendish, die last had van een griepje. Dat betekende goed nieuws voor alle sprinter die rond reden, hun winstkansen stegen aanzienlijk. Juan Jose Haedo was de eerste die daar van profiteerde. De Argentijn bleek in een rechtstreeks duel te sterk voor de immer sterke Thor Hushovd. Etappe vijf was het toneel van de tijdrit rond Sedalia.

Die werd na ruim 36 minuten zwoegen een prooi voor David Zabriskie. De Amerikaan deed het parcours een halve minuut sneller dan Gustav Erik Larsson, die ondervond overigens wel hinder van een vervelend geparkeerde auto. Tom Zirbel handhaafde zich goed tussen de grote mannen en werd derde voor Marco Pinotti en Levi Leipheimer.

De tweede laatste etappes werd het weer ouderwets sprinten met twee nieuwe winnaars. Francesco Chicchi won de etappe van Chillicothe naar St. Joseph voor Thor Hushovd en de Sebastian Lucas Haedo (familie van). De allerlaatste etappe werd het een waar Canadees feestje met winst voor Martin Gilbert (geen familie van) voor landgenoot Andrew Pinfold. Thor Hushovd greep weer naast de zege en werd derde, David Zabriskie werd uiteindelijk de winnaar van de Tour of Missouri.’

Tour of Britain
Bij onze westerburen werd ook de plaatselijk omloop verreden: De Tour of Britain (2.1). Verrassend genoeg werd het ook daar in Groot-Brittannië bijna alleen maar sprinten. Zo was de eerste etappe een prooi geworden voor de rappe Australiër Christopher Sutton, die in Tyler Farrar een goede leermeester heeft. Michele Merlo en thuisrijder Ben Swift werden respectievelijk twee en drie. De tweede etappe zal de meeste Nederlandse wielerfans nog lang bij blijven.

Kai Reus trok met twee medevluchter al vroeg op pad. Zij bouwden gezamenlijk een voorsprong op en zagen die ook langzaam maar zeker weer teruglopen. Maar Reus had er geen zin in om terug gepakt te worden en liet op vijftien kilometer van de streep zijn medevluchters achter zich. Op de streep in Newcastle hield de 24-jarige coureur negen seconden over op het razende peloton. Een fikse opsteker voor Reus na zijn zware val in 2007. Bovendien werd hij ook de nieuwe leider in het algemeen klassement, alleen zou dat niet al te lang duren.

Etappe drie tot en met zes werden namelijk allemaal gewonnen door één en dezelfde persoon: Edvald Boasson Hagen. Bij afwezigheid van echte topspurters bleek de jonge Noor nog te sterk voor alles en iedereen. Met behulp van de bonificatieseconden pakte hij de leiderstrui en zou hem de laatste twee etappes niet meer afstaan. Katusha maakte een mooie één-twee met Ben Swift en Filippo Pozzato in de zevende etappe terwijl Michele Merlo de achtste etappe op zijn naam schreef voor Koldo Fernandez en Christopher Sutton.

Een-twee

Wereldkampioenschap Tijdrijden
De maand september staat ook in het teken van de belangrijkste wedstrijd van het jaar: het WK. Zoals gewoonlijk werd er woensdag gestart met het de tijdrit voor de beloften en de vrouwen. Bij de eerste categorie ging de titel naar Jack Bobridge. De Australiër was op het 33,2 kilometer lange parcours negentien seconden sneller dan de Portugees Nelson Oliveira. Acht seconden daar achter pakte Patrick Gretsch de derde plek.

Bij de vrouwen was de winnares een stuk overtuigender. Kristin Armstrong legde het 26,8 kilometer lange parcours in iets meer dan 35 minuten af. Dat was bijna een hele minuut sneller dan nummer twee Noemi Cantele. Die hield dan weer slechts drie seconden over op Linda VIllumsen, die derde werd.

De tijdrit bij de elite kende één torenhoge favoriet: Fabian Cancellara. De Zwitser zou de klus wel klaren in eigen land. Tom Zirbel zette de eerste scherpe tijd neer, de Amerikaan deed iets meer dan één uur over zijn drie ronden van 16,6 kilometer. Zijn tijd bleek tot de betere te behoren want veel renners beten hun tanden stuk op zijn tijd. Toen de echte tenoren op hun stalen ros van start gingen, stond hij nog steeds op één.

Maar Zirbel kreeg niet de aandacht die hij eigenlijk verdiende en dat kwam door Cancellara. Al na iets meer dan één ronde werd de een minuut voor hem gestarte Gustav Erik Larsson bijgehaald. Een geluk voor de Zweed, want als je iemand voor je ziet fietsen kan je altijd een stuk harder. Maar niet alleen Larsson moest er aan geloven, ook Wiggins en Rosseler werden ingehaald. Van de wereldkampioen van vorig jaar, Bert Grabsch, was niets te horen. Het parcours was niet op het lijf geschreven van de Duitser.

Tony Martin bleef uit handen van Cancellara en reed als eerste iets sneller dan Zirbel. Het was een klein verschil, slechts zeventien seconden. Nu was het de beurt aan Cancellara om te finishen en dat deed hij in een verschrikkelijk snelle tijd: 57:55. Ruim twee minuten sneller dan Martin en Zirbel. Gustav Erik Larsson kon aardig in het spoor blijven van zijn ploeggenoot en finishte bijna twee minuten later, en pakte zo het zilver. Rosseler, Wiggins en Grabsch kwamen er niet aan te pas, en finishten alle drie buiten het podium.

De laatste kilometers van de zegetoch

Wereldkampioenschap Wegrit
Beloften
Om half twee begonnen de beloften, de renners jonger dan 23 jaar, aan hun mondiale titelstrijd. In het begin van de koers waren het vooral de Colombianen die hun neus aan het venster staken, wat uiteindelijk resulteerde in een kopgroep van 5 renners. Hierin namens Colombia Atapuma, namens Canada David Veilleux, namens Duitsland Nico Keinath, namens Australië Timothy Roe en namens Oostenrijk Martin Schöffmann. Hierachter ontstond een achtervolgende groep van zo’n twintig man met onder meer Dennis van Winden, maar onder aanvoering van de Belgen werd die poging teniet gedaan.

Op enkele ronden voor het einde was, nadat de Rus Sollomenikov de sprong had gemaakt, ook het verhaal van de kopgroep uitgezongen. De Colombianen bleven actief, maar desondanks ontstond er een nieuwe kopgroep zonder Colombianen erin. Wel vertegenwoordigd waren Australië met Leigh Howard, Frankrijk met Alexandre Geniez, Italië met Gianluca Brambilla en Slovenië met Blaz Furdi. De Colombiaan Sergio Luis Henao vond dit echter onverdraaglijk een sprong naar de groep toe. Ook de Belg Jérôme Baugnies waagde een poging, maar tevergeefs. Tevergeefs was ook de onderneming van de vijf koplopers, want onder aanvoering van Sollomenikov en Kreder was in de voorlaatste ronde alles weer te herdoen.

Diezelfde Kreder, de gehele wedstrijd al zeer actief, sprong even later zelf weg en kreeg de Fransman Romain Sicard met zich mee. Arthur Vichot probeerde te zorgen voor een Frans overwicht voorin, maar slaagde daar niet. Wel succesvol was hij in het afstoppen in de achtervolgende groep, waardoor het leidende duo steeds verder uitliep. Op de voorlaatste klim kreeg Kreder echter een inzinking en vervolgde Sicard solo zijn weg. De Fransman bouwde zijn voorsprong steeds verder uit en reed onbedreigd naar de winst. Kreder werd op de laatste klim nog voorbijgereden door de achtervolgers onder leiding van het duo Silin en Betancour, die sprintten voor de resterende medailles. De Brit Kennaugh kwam daarachter solo over de meet en werd vierde, terwijl Baugnies de sprint won van de achtervolgende groep.

Romain Sicard heerst bij de beloften

Vrouwen
Ook bij de vrouwen werd er om de wereldtitel gestreden en dat is natuurlijk een kolfje naar de hand van Marianne Vos. Maar helaas gooide de Italiaanse Tatiana Guderzo roet in het eten en werd Marianne Vos tweede, net zoals de voorbije twee jaar. Vos reed de gehele laatste ronde achter Guderzo aan, met de andere Italiaanse Cantele en de opgebrande Armstrong in haar wiel. De vier waren namelijk overgebleven uit een groep van negentien, die openbarstte in de beklimming van de één-na-laatste ronde.

De groep bestond uit: Villumsen (Denemarken), Stevens (VS), Armstrong (VS), Abbott (VS), Cantele (Italië), Guderzo (Italië), Pooley (GB), Corset (Australië), Willock (Canada), Ziliute (Litouwen), Pucinskaite (Litouwen), Verbeke (België), Brändli (Zwitserland), Johansson (Zweden), Arndt (Duitsland), Cheatley (NZ) en dus Marianne Vos, die geen ploegmaats bij zich had.

Met nog drie rondes te gaan was het geen moment georganiseerd rijden in deze groep. Aanval na aanval en ertussenin lag het bijna volledig stil. De eerste echt geslaagde ontsnapping was van Villumsen, die het echter niet lang genoeg vol hield. Zoals al gezegd, was de tweede beklimming in de één-na-laatste ronde beslissend.

Guderzo reed weg en hoewel Vos, Armstrong en Cantele leken te kunnen volgen, plaatste de Italiaanse nog een versnelling en zo kwam ze los. Achter haar moest Vos bijna al het werk opknappen en in de klim kon ze ook niet dichterbij komen, hoewel het verschil nooit groter werd dan zo’n 15 seconden. Wel wist de Nederlandse met haar eindschot de tweede plaats zeker te stellen.

Vos komt weer te kort

Elite
Rond de klok van half 11 begonnen de profs aan hun mondiale titelstrijd op de weg. Het begin was hectisch met vele aanvallen, maar uiteindelijk vormde zich toch een kopgroep met daarhij Andre Greipel (Duitsland), Yukiya Arashiro (Japan), Matija Kvasina (Kroatie), Christoph Sokoll (Oostenrijk), Peter Kusztor (Hongarije), Jan Barta (Tsjechie), Gorazd Stangelj (Slovenie), Mauricio Ardila (Colombia), Olegs Melehs (Letland) en Volodymyr Zagorodny (Oekraine). Zij mochten wegrijden, maar werden wel binnen de zeven minuten gehouden door het peloton, dat geleid werd door Italië.

De Italianen braken met nog honderd kilometer te gaan de koers open, door een fikse demarrage te plaatsen op één van de twee klimmetjes. Dit resulteerde in een groep met niet de minste renners. Onder andere Alessandro Ballan, Giovanni Visconti, Luca Paolini, Michele Scarponi, Johnny Hoogerland, Tom Boonen, Greg Van Avermaet, Joaquin Rodriguez, Rein Taaramae en Kim Kirchen waren mee.

Zij pakten binnen afzienbare tijd een voorsprong van rond de twee minuten op het peloton. Maar de koplopers bijhalen lukte niet zomaar. In het peloton moesten de Australiërs gaan werken aangezien zij met Michael Rogers maar één iemand hadden meezitten vooraan. Nadat er weer een boel kilometers waren afgelegd, waren de tien vooraan bijgehaald door de achtervolgende groep en zat het peloton nog maar op een minuutje.

Hierna kwam er weer een spervuur van aanvallen waarin vooral de Colombiaan Leonardo Duque, de Nederlander Johhny Hoogerland en de Sloveense vroege vluchter Gorazd Stangelj actief waren. Op de eerste klim in de voorlaatste ronde spatte de gehele kopgroep elkaar, en ook in het peloton was dat het geval. Onder aanvoering van Filippo Pozzato sprong een select groepje naar voren, waarna de Zwitserse favoriet Fabian Cancellara in de afdaling een sterk nummertje opvoerde en het pak zo nog verder uit elkaar trok. Eenmaal beneden bleef er nog een klein groepje favorieten over vooraan in de koers, met daarbij de Nederlanders Johhny Hoogerland en Karsten Kroon.

Even voor de laatste klim in de voorlaatste ronde achtte de Kazach Alexandre Vinokourov zijn moment gekomen en sprong weg uit dat groepje. ‘Vino’ bouwde een mooie voorsprong op, maar moest op de klim toezien dat de Rus Alexander Kolobnev en wederom Hoogerland bij hem aan kwamen sluiten. Kolobnev trok meteen door, terwijl achter hem Fabian Cancellara opnieuw de favorietengroep uit elkaar trok. Op de top werd ook Kolobnev weer bijgehaald en bleven naast de Zwitser en de Rus vooraan alleen nog de Italiaan Damiano Cunego, de Belg Philippe Gilbert, de Deen Matti Breschel, de Spanjaarden Joaquin Rodriguez, Samuel Sanchez en Alejandro Valverde en de Australier Cadel Evans over met daarachter een waar slagveld.

Alles wees er op dat Cancellara veruit de sterkste man was en daardoor werd er ook vooral naar hem gekeken. Hierdoor kon het echter gebeuren dat Kolobnev, Rodriguez en Evans er van onder muiste en vanwege de twijfel in de achtergrond een flink gat sloegen. Nog voor de laatste klim van de dag liet Evans zijn twee medevluchters achter zich en vervolgde solo zijn weg.

De Australier bleek in goede doen want de rest slaagde er, mede door een slechte verstandhouding, niet in om hem te achterhalen. Zo behaalde de altijd wat ‘saai koersende’ Evans zijn mooiste zege uit zijn carriere en hij vierde dat op een ingetogen manier. Bijna een halve minuut achter hem klopte Kolobnev Rodriguez in de sprint om de zilveren medaille en vlak daarachter was Sanchez sneller dan de teleurgestelde Cancellara, die beide in de afdaling waren weggereden. Johhny Hoogerland hield nog knap stand en werd 14de terwijl Karsten Kroon genoegen moest nemen met een 20ste stek.

Cadel zijn zegetocht

Terugblik:
Januari en Februari
Maart
April
Mei
Juni
Juli
Augustus

Dit artikel delen:

Headlines

Materiaalzone

Populair