Terugblik 2009: Mei

maandag 9 november 2009 om 17:18

Het wielerjaar 2009 is inmiddels zo goed als voorbij, maar dat betekent niet dat Wielerflits op zwart gaat. Naast het veldrijden en baanwielrennen kijken we de komende weken aan de hand van een aantal terugblikken terug op het afgelopen wegseizoen. Dit is het vierde deel en hierin kijken we terug naar de mooie maand mei. Deze staat in het teken van de Ronde van Romandië, Kamikaze Kenny en natuurlijk wordt er ook uitgebreid aandacht besteed aan de Giro d’Italia, de eerste grote ronde van het jaar.

Ronde van Romandië
De Ronde van Romandië (2.PT) wordt door veel renners gezien als laatste voorbereiding op de Giro d’Italia. Dit jaar gold dat voor onder meer de Zweed Frederik Kessiakoff en de Rabo-Rus Denis Menchov. Gestart werd er in Lausanne met een proloog van iets meer dan drie kilometer, echt iets voor Frantisek Rabon. De Tsjech was dan ook een paar seconden sneller dan Sandy Casar en Alejandro Valverde, en werd zo de eerste leider in de Ronde van Romandië.

Een dag later raakte hij zijn leiderstrui alweer kwijt. Hoewel het geen superlastige etappe was, werd er toch al naar het hoogste punt van deze ronde (Col du Jaun 1508 meter) geklommen. Door deze beklimming en de lastige slotfase bleven drie renners uit de greep van het peloton. Het waren Ricardo Serrano, die de etappe won, Lars Ytting Bak en Gregory Rast. Maar niet getreurd voor Rast, hij mocht zich wel de nieuwe leider in het algemeen klassement noemen.

Ze blijven het peloton voor

Ook de tweede etappe was er weer eentje met diverse beklimmingen. Deze zorgden ervoor dat Mark Cavendish niet in het peloton kon blijven, iets waar tegenwoordig veel sprinters blij mee zijn. Geen enkele klim is te moeilijk voor Oscar Freire, die kon het peloton dan ook gemakkelijk volgen. Dat leverde hem zijn eerste zege van het seizoen op, hij won de veredelde massasprint voor Frantisek Rabon en Assan Bazayev. Hoewel Rabon net naast de leiderstrui greep, mocht hij hem een dag later al weer om doen. Etappe drie was een ploegentijdrit van achttien kilometer, en welke ploeg kan dat beter dan Team Columbia? Het Amerikaanse team reed de snelste tijd en greep zoals gezegd de leiding in het algemeen klassement.

Eerste seizoenszege van Freire

De koninginnenrit van de Ronde van Romandië stond in het teken van een lange ontsnapping waarin Laurens Ten Dam zat, samen met Jerome Coppel en Igor Anton. Op 45 kilometer kregen zij gezelschap van een vijftal met daarbij onder meer de Frederik Kessiakoff. Met nog één klim voor de boeg, de Mauborget (top op 12 kilometer van de streep), sprong de Zweed weg bij zijn medevluchters. Hij kreeg het gezelschap van niet de minste renners: Roman Kreuziger, Vladimir Karpets en Rein Taaramae.

Zij werkten goed samen en pakten al snel een twintigtal seconden op de achtervolgende groep, waar Rigoberto Uran aan het werken was voor kopman Alejandro Valverde. Al voor de top liet Kreuziger zijn medevluchters achter zich, en bovenaangekomen had hij al tien seconden te pakken op hen. Het gat met Valverde & Co was zelfs nog groter: dertig seconden. In de afdaling kwamen de vier vooraan weer bij elkaar, terwijl dat niet gold voor de andere renners. Zij kregen zelfs een pak meer tijd aan hun broek gesmeerd.

De laatste twee kilometer van de koninginnenrit waren weer eens ouderwets lastig. Het teken voor Roman Kreuziger om weer eens op de pedalen te gaan staan. Snel sloeg hij een groot gat me de anderen, maar op een paar honderd meter van de streep kwam Taaramae opeens uit het niets opzetten. De Est leek Kreuziger te gaan verrassen maar moest in de allerlaatste meters toch nog capituleren.

Maar daar komt Taaramae!

De Tsjech mocht zich meteen ook de nieuwe leider in het algemeen klassement noemen en met nog één rit te gaan leek de eindoverwinning binnen. De slotrit was weer te zwaar voor Mark Cavendish, halverwege op de Col du Marchairuz moest hij het peloton weer laten gaan. En dat terwijl bijna alle andere sprinters zoals Tyler Farrar, Koldo Fernandez en Oscar Freire wel mee waren. Euskaltel, Garmin en Rabobank werkten zo goed samen dat Team Columbia Mark Cavendish niet meer terug kon brengen. In de daaropvolgende massasprint was het een koud kunstje voor Freire om zijn tweede seizoenszege binnen te halen.

Eendagswedstrijden in mei
De eerste dagen van mei, stonden vol met ééndagswedstrijden. Traditioneel wordt er op één mei Rund um den Henniger Turn verreden, dit jaar ook, maar dan onder een andere naam. Naamgever Henniger stopte na 47 jaar met sponsoring, vanaf nu gaat de wedstrijd oor het leven als de Eschborn-Frankfurt City Loop (1.HC). Het is een wedstrijd die Karsten Kroon altijd wel goed ligt, twee keer eerder wist de Nederlander hem te winnen en ook dit jaar was hij dichtbij. Helaas was Fabian Wegmann net te sterk in een sprint-à-deux, en werd Kroon weer eens tweede.

Wegmann of Kroon?

Twee dagen later was het weer een drukke koersdag: er werd in Spanje, Frankrijk en Italië gereden. De opvallendste prestatie werd geleverd in de Subida al Naranco (1.1), een Spaanse ééndagswedstrijd in Asturië. Deze wedstrijd is er eentje voor de klimmers en eigenlijk voor de renners met ervaring. Maar één Fransman verraste daar alles iedereen, de 21-jarige Romain Sicard reed op de flanken van de Naranco weg bij de rest. Nuno Ribeiro kon zijn achterstand beperken tot 26 seconden, terwijl erkende klimmers als David Lopez Garcia en Samuel Sanchez al meer dan een halve minuut toegaven.

Vierdaagse van Duinkerken
Mei was ook de maand van Kenny van Hummel, dat bleek al de vijfde van de maand toen hij de eerste etappe in de Vierdaagse van Duinkerken (2.HC) wist te winnen. Een dag later raakte hij zijn leiderstrui al weer kwijt aan de Duitser André Greipel, die de etappe echter niet wist te winnen. Die eer was voor Jimmy Engoulvent, in de straten van Arques bleef hij het jagende peloton nipt voor. Maar ook André Greipel zou er niet in slagen om zijn leiderstrui meer dan een dag vast tehouden. Dit keer waren er weer twee renners die er in slaagden om het peloton nipt voor te blijven.

De Fransen Sebastian Duret en Sebastian Minard, maakten deel uit van een vijftal dat op tien kilometer nog twee minuten voorsprong had op het jagende peloton. In de slotfase liep het verschil hard terug en alleen Duret en Minard bleven het peloton voor. Duret won de etappe, terwijl Minard de leiderstrui veroverde, maar ook hij zou hem niet lang vast kunnen houden. De tijdrit rond Douai, was een kolfje naar de hand van Sébastian Rosseler. De Quick-Step Belg was een tiental seconden sneller dan Alberto Rui Costa en Damien Monier.

Maar Rosseler volgde de traditie van de leiderstrui al naar één dag verspelen. In de koninginnenrit van de Vierdaagse van Duinkerken moest hij al snel het peloton laten gaan. Dat betekende dat Rui Costa de nieuwe leider zou worden in het algemeen klassement. Alleen had de Fransman David Le Lay (voor de etappe 4e in het AK), daar niet zo’n zin in. In de slotkilometers reed hij weg uit het peloton. De Portugees Rui Costa, kwam met behulp van een andere Fransman, Pierrick Fédrigo, terug bij Le Lay. In de daaropvolgende sprint-à-troi was Fédrigo de sterkste voor Rui Costa en Le lay.

Uiteindelijk mocht ook André Greipel zijn etappe meepakken. De Duitser die al een aantal keer op het podium stond tijdens deze ronde klopte Jurgen Roelandts en Sebastian Chavanel in de slotetappe van Lesquin naar Dunkerque.

Giro d’Italia
Als eerste van de grote rondes was daar de Giro d’Italia (GT2). Vooraf leken de belangrijkste kanshebbers op de eindoverwinning Levi Leipheimer, Danilo di Luca en Denis Menchov. De allereerste tik werd uitgedeeld door de Amerikaan, hoewel hij niet de ploegentijdrit won (die eer ging naar Team Columbia), pakte hij al wel tijd op zijn concurrenten. Etappe twee en drie werden door valpartijen in de laatste kilometers een massasprint met een man of 60-70. Eén keer wist Cavendish te winnen en de andere keer was Alessandro Petacchi de rapste.

Al in de vierde etappe doemden de bergen op met een finish op de San Martino di Castrozza. Het werd helaas geen spannende etappe , er werd namelijk met een grote groep gespurt om de winst.. Danilo di Luca pakte zijn eerste etappezege, maar werd niet de nieuwe leider in het algemeen klassement. Die eer ging naar de jonge Zweed Thomas Lövkvist. Helaas voor de Zweed, zou hij die een dag later al weer kwijtraken aan Di Luca

Hier wint Di Luca de sprint bergop

Etappe vijf was eveneens een bergetappe en werd gefinisht op de lastige Alpe di Suisi. Ook dit keer eindigde het in een groepspurt, maar de verschillen waren toch groter dan een dag eerder. Dat kwam vooral door de imposante eindsprint van winnaar Denis Menchov, die de specialist op dit gebied, Danilo di Luca, achter zich liet. Ook werd duidelijk dat een aantal man niet zou meestrijden om de eindoverwinning. Het Lampre duo Damiano Cunego en Marzio Bruseghin verloor al meer dan twee minuten, net als Lance Armstong.

Maar hier is Menchov te sterk

De volgende drie etappes waren voor de vluchters, eerst was daar Michele Scarponi die erin slaagde om als enige over te blijven na een lange vlucht. Achter de Italiaan werd Edvald Boasson Hagen, met een zeer sterke eindsprint tweede. Maar de Noor was niet helemaal tevreden met die tweede plek, hij had gehoopt dat de Italiaan werd bijgehaald. Een dag later was Boasson Hagen zijn boosheid weer vergeten. Hij was oppermachtig in de sprint van een groepje van vijf, dat op twintig kilometer van de streep was weggesprongen uit het peloton.

De achtste etappe was een helemaal merkwaardige, de koers werd lange tijd bepaal door een ontsnapping van tien man: Petrov, Vorganov, Cataldo, Ochoa, Visconti, López, Tschopp, Vanendert, Pauwels en González. Al deze mannen werden op de lastige Colle del Gallo, op ongeveer dertig kilometer van de streep weer bijgehaald. Dat was het startsein voor een aantal favorieten om in de aanval te trekken. Leipheimer en Pellizotti trokken door en vormden samen met Garzelli, Horner, Rogers en later ook Cunego, Arroyo en Boasson Hagen een kopgroep in de afdaling. De voorsprong van een minuut liep echter al snel terug, in het peloton werkten de mannen van LPR samen met Rabo’s Ardila en Ten Dam.

Beklimming van de Colle del Gallo

Toen de groep werd bijgehaald schoot Siutsou ervandoor en kon de achtervolging weer opnieuw beginnen. Deze werd echter lang niet zo serieus georganiseerd, waardoor Siutsou ook op de laatste heuvel vooruit bleef en het peloton op de finishlijn zijn rechte rug liet zien. Het succes voor Columbia kon ook vandaag niet op, met drie man in de top vier. Er was deze dag ook minder leuk nieuws te melden, de Spanjaard Pedro Horillo viel in een afdaling tachtig meter naar beneden. Wonder boven wonder overleefde hij zijn val, echter wel met flinke blessures.

Siutsou pakt de zoveelste zege voor Team Columbia

De negende etappe zorgde weer voor een aantal verbaasde blikken, dit keer waren de renners het niet eens met het gevaarlijke parcours in Milaan. Na een keer stil te hebben gestaan werden de laatste veertig kilometer toch hard gereden en werd de massasprint geheel onverwacht door Mark Cavendish gewonnen. Een dag later zou in eerste instantie de zwaarste rit van deze Giro op het programma staan, maar vanwege sneeuwval werden er een aantal beklimmingen uitgehaald. Toch was de langste etappe van de Giro ook weer een hele leuke om te zien.

Cavendish oppermachtig in Milaan

In het begin van de etappe werd er heel hard gereden door het peloton met het eerste uur zelfs een gemiddelde van meer dan 50 km/uur. Uiteindelijk slaagde Garzelli erin om weg te rijden uit het peloton, op de top van de Moncenisio, na 138 kilometer koers, had hij een voorsprong van een minuut op het peloton. Zijn voorsprong op de achtervolgers en ploeggenoten Andriy Grivko en Giovanni Visconti was zelfs minder.

Zij waren op de flanken van de Sestrière weggereden en bereikten in de afdaling van die klim de Italiaan. Gezamenlijk reden ze naar de voet van de laatste klim, de Prá Martino, waar ze een voorsprong van twee minuten hadden op het peloton dat geleid werd door Liquigas. Sylvester Szmyd legden zo’n hoog tempo op dat veel renners moesten lossen, toen de Pool genoeg had gedaan ging Pellizotti aan. Hij kwam snel bij Garzelli & co, reed ze voorbij en had boven aangekomen een voorsprong van tien seconden op een groepje met Leipheimer, Basso, Di Luca, Sastre en Arroyo.

Pellizotti probeert het op de Pra Martino

In de technische afdaling slaagden Menchov, Sastre, Di Luca en Arroyo erin om bij Pellizotti te komen. Gezamenlijk begonnen zij aan een steil kort klimmetje op iets meer dan drie kilometer van de streep. Daar demonstreerde Di Luca zijn goede vorm door hard weg te rijden bij de rest van het veld. De Italiaan kwam solo aan in Pinerolo voor de zijn landgenoot Franco Pellizotti, die Denis Menchov en Carlos Sastre versloeg in de sprint.

Maar het is Di Luca die wint

Mark Cavendish bewees de topsprinter te zijn deze Giro, de elfde etappe eindigde in een massasprint en de winst was weer voor de Brit. Na deze vlakke etappe volgde de monsterlijke tijdrit van meer dan zestig kilometer, die een prooi werd voor de Denis Menchov. Hij werd ook de nieuwe leider in het algemeen klassement omdat Danilo di Luca bijna twee minuten langzamer was. Maar het verschil tussen de twee was slechts 34 seconden, dat kwam vooral door de vele bonificatieseconden die Di Luca had weten te sprokkelen.

De dertiende etappe was de laatste massasprint van deze Giro d’Italia en Mark Cavendish demonstreerde weer eens zijn klasse door te winnen voor Alessandro Petacchi en Tyler Farrar, die beiden ook een sterke Giro reden. De volgende twee etappes waren gekenmerkt als heuvelachtige etappes, maar leverde een boel spektakel op.

Weer een zege voor Cav

De veertiende etappe was Danilo di Luca vastbesloten de bonificatieseconden te pakken, er moest namelijk gefinisht worden op een korte steile klim. Maar het liep helemaal anders voor de Italiaan van LPR. Vroeg in de wedstrijd reed een groep van veertien renners weg uit het peloton, zij behaalden een maximale voorsprong van vijf minuten. Toen vond Di Luca het maar eens tijd om zijn ploeggenoten op kop te zetten. Omdat geen enkele ploeg LPR wilde helpen, moesten zij alles in hun eentje doen. Dat zorgde ervoor dat Di Luca uiteindelijk zijn hele ploeg opblies. Vooraan was Simon Gerrans de sterkste, hij kon zo een Giro-etappe toevoegen aan zijn erelijst.

De San Luca is niet te zwaar voor Gerrans

Etappe 15: net als gisteren ontstond er in de beginfase een omvangrijke kopgroep, vandaag zaten daar zestien mannen in. Zij kregen van het peloton, dat werd geleid door Rabobank, een maximale voorsprong van ruim vijf minuten. In de afdaling van de Valico la Valletta nam Liquigas plotseling het heft in handen en zorgde er voor dat het peloton in meerdere stukken brak. Op de eerstvolgende beklimming, de Monte Cassale, werd duidelijk waarom Liquigas het heft in handen had genomen. Ivan Basso plaatste een aanval en kreeg Stefano Garzelli mee, onderweg raapte zij de gelosten uit de kopgroep op. Achter de twee Italianen werd de achtervolging geleid door LPR, maar het verschil groeide.

Basso en Garzelli plegen een coup

In de afdaling van de Monte Cassale kreeg Basso vooraan steun van een mannetje dat zich had laten uitzakken. Aan de voet van de laatste beklimming, de Monte Trebbio, hadden ze al bijna twee minuten voorsprong. Op die klim werd er door de favorietengroep m et onder meer Denis Menchov en Danilo di Luca hard gekoerst. Dat zorgde ervoor dat het verschil op de top nog maar één minuut was. Helemaal vooraan waren Bertagnolli en Pauwels de sterkste, zij hadden een halve minuut voorsprong op hun resterende medevluchters. Maar op een gegeven moment moest Pauwels zich op verzoek van de ploegleiding laten terugzakken naar Sastre om te helpen in de achtervolging.

Laatste kilometers van de Trebbio

De Belg deed echter zo lang over het terugzakken dat toen hij eindelijk de Bertagnolli had laten gaan, zijn hulp niet meer nodig was. Pauwels bleef nu rijden in het eerste groepje in de achtervolging op Bertagnolli, waar hij eerst bij reed. Bertagnolli kwam met een voorsprong van meer dan een halve minuut op Serge Pauwels aan in Faenza. Extra frustrerend voor de Belg was dat hij de sprint voor de tweede plaats redelijk gemakkelijk won. Bij de favorieten was het grootste slachtoffer Gilberto Simoni, die vandaag een heleboel tijd verloor.

Hoewel er al twee dagen hard was gekoerst, moesten de echt zware bergetappes nog komen. Als eerste was daar de rit naar Monte Petrano, de koninginnerit over 237 kilometer, die door Rabobank met angst en beven werd tegemoet gezien. Er moesten in de laatste negentig kilometer maar liefst drie zware cols worden beklommen door het peloton. Rabobank loste dat op met een zeer sterk tactisch spel, ze stuurden twee mannetje mee in de vroege vlucht en lieten De Groot, Stamsnijder en Van Emden het gat niet te groot worden. Bovenop de top van de eerste col kwam Maarten Tjallingii aansluiten bij het peloton, dat werd geleid door Kozontchuk en Ten Dam. Aan de voet van de tweede col kwam Ardila, die ook in de vroege vlucht zat, aansluiten en samen met Ten Dam bracht hij Menchov veilig naar de voet van de laatste col.

De laatste col, de Monte Petrano, zorgde voor een heleboel vuurwerk. Basso, Di Luca en Sastre bestookte Menchov met een heleboel aanvallen maar alleen Sastre en Basso kregen een klein gaatje van de Rus. Menchov bleef dicht in de buurt van zijn naaste concurrent Di Luca en gaf hem geen meter, Sastre wist de etappe te winnen en Menchov werd uiteindelijk nog tweede voor Di Luca. Nu hadden de renners even de tijd om uit te rusten, maar na de rustdag zou al weer een zware bergrit volgen.

Sastre trapt in de boter op de Monte Petrano

De zeventiende etappe was vrij kort en de beklimming van de Blockhaus nam het grootste gedeelte van de rit in beslag. Op die beklimming ging Franco Pellizotti er al vrij vroeg vandoor. De Italiaan bouwde zijn voorsprong gestaag uit, terwijl Di Luca de tsaar voor de verandering weer eens aanviel. Pas in de laatste honderden meters kraakte de Rus, in de sprint om de tweede plek moest hij Stefano Garzelli en Danilo di Luca voor zich laten.

Pellizotti pakt dan toch zijn etappeoverwinning

In de achttiende etappe reed een groep van 25 man weg uit het peloton, en zij gingen strijden om de etappezege. Het was weer Michele Scarponi die aan het langste eind trok, voor de tweede maal rondde hij succesvol een vlucht af. De volgende dag werd een stuk pittiger met de rit naar de Vesuvius. Carlos Sastre, die een boel tijd had verloren op de Blockhaus, trok al na een paar kilometer klimmen ten strijden. De Spanjaard kreeg de ruimte van Di Luca en Menchov, die onderling in een gevecht om het roze waren verwikkeld.

Di Luca bestookte Menchov maar liefst zes keer met een pittige demarrage maar de Rus kraakte niet. Ook Pellizotti probeerde tijd terug te winnen, onder meer dankzij een vooruit gestuurde Ivan Basso werd de Italiaan tweede. Achter hem versloeg Di Luca, Menchov in de sprint om de derde plek. Nu werd het al een stuk spannender, het verschil tussen de twee was met twee etappes te gaan nog maar achttien seconden. En jammer genoeg was de voorlaatste rit er eentje voor Danilo di Luca.

Menchov kraakt niet in laatste bergrit

Onderweg werd het al heel spannend, Di Luca was vastbesloten om tijd terug te winnen en waar kan dat nou beter dan in een tussensprint? De vluchters werden door LPR keurig binnen de marge gehouden en voor de tussensprint waren zij al weer gegrepen. Maar Di Luca lieten zich daar echter verrassen door Menchov die vroeg aanging. Alessandro Petacchi moest zelfs alles op alles zetten om ervoor te zorgen dat Menchov niet vier seconden pakte.

De tussensprint

Misschien zorgde die tussensprint er wel voor dat Di Luca niet meer meedeed om de etappezege. Of het kan komen omdat Philippe Gilbert zo imponeerde. Met meer dan een kilometer (licht oplopend) te gaan, sprong de Belg weg uit het peloton. Hij was zo sterk dat hij de meegesprongen Popovych en Voeckler zelfs uit het wiel reed. Met zijn etappezege bezorgde hij zijn ploeg Silence-Lotto een opsteker, het ging namelijk nog niet helemaal voortvarende met de Belgische ploeg.

Gilbert imponeert

Nu volgde nog slechts een tijdrit waarin Menchov twintig seconden moest verdedigen op Di Luca. De Italiaan liet zich meteen van zijn beste kant zien door in het eerste gedeelte een voorsprong te pakken van vijf seconden op Menchov. De Rus bleef echter rustig en pakte tijd terug en bouwde een grote voorsprong op, maar toen was daar de laatste kilometer. Op een goede zeshonderd meter van de streep gleed hij uit en werd het toch spannend, door een goed optreden van mecanicien Vincent Hendriks, kon hij snel zijn weg vervolgen en was zijn eerste Giro-zege binnen.

Menchov doet gek in de laatste tijdrit

Tijdens de Giro was er ook sprake van de Kenny van Hummel-vierdaagse. In slechts vier dagen tijd slaagde Kamikaze Kenny erin om drie wedstrijden van categorie 1.1 of hoger te winnen. De Ronde van Friesland (1.1) was wel kantje boord, pas op de streep werd vluchter Bart Vanheule bijgehaald door het jagende peloton. Vanheule moest zelfs nog ploeg – en landgenoot Maarten Neyens voor zich dulden. Zijn zeges in de Dutch Food Valley Classic (1.HC) en de Tour de Rijke (1.1) waren normale massasprints. In de Dutch Food Valley Classic werden Graeme Brown en Steven de Jongh naar plek twee en drie verwezen, terwijl die eer in de Tour de Rijke ging naar Eric Baumann en Jurgen Roelandts.

Een van Kenny zijn overwinningen

Ronde van Catalonië
De Giro d’Italia was niet de enigste grote wedstrijd die werd verreden, ook de Volta a Catalunya (2.PT) vond plaats. Deze Spaanse rittenkoers had wel te kampen met een minder deelnemersveld vanwege diezelfde Giro. Thor Hushovd won de proloog in feestoord Lloret de Mar, Alejandro Valverde moest slechts één seconde toegeven op de Noorse sprinter. Een dag later zou Hushovd het al zwaar krijgen, er lagen diverse beklimming op het programma met op op vijftien kilometer van de streep de Alto de Sant Pere de Rodes.

Toch was die klim niet zwaar genoeg om het peloton helemaal te versnipperen, een groep van meer dan vijftig man ging in Roses sprinten om de overwinning. Bij afwezigheid van Hushovd, was het een andere Scandinaviër die met de zege ging lopen. Mattti Breschel versloeg Jerome Pineau en Xavier Florencio in de sprint. De zwaartegraad van de etappe ging steeds iets omhoog. Zo was de derde etappe met twee lastige beklimmingen in de laatste dertig kilometer al weer een stuk zwaarder dan een dag eerder.

Breschel in Roses

Toch kwam er weer een kleine groep aan in La Pobla de Lillet. Voor Alejandro Valverde was het vervolgens een koud kunstje om die sprint te winnen voor David de La Fuente en Daniel Martin. Etappe vier was de zwaarste van deze Ronde van Catalonië, de finish lag boven op de Coll de La Botella. Een grote vluchtgroep viel op de slotklim uiteen, en er was één man die alles gaf, dat was Julien Sanchez Pimienta.

Hij was de laatst overgebleven vluchter en hij zag zijn voorsprong snel zakken. Maar op de streep hield hij nog zes seconden over op Daniel Martin, die een aanval deed op de leiderstrui. Helaas lukte dat niet, hij wist slechts acht seconden te winnen op Alejandro Valverde. De eindoverwinning was voor de Spanjaard zou goed als binnen, en dat terwijl er nog drie etappes verreden moesten worden. Die waren echter niet zwaar genoeg en uitermate geschikt voor de sprinters.

De mooiste zege van Sanchez Pimienta

En dat bleek uiteindelijk ook wel, het werden drie massasprints op rij. In de vijfde etappe verraste Nikolai Trussov alles en iedereen door niemand minder dan Thor Hushovd te verslaan in de massasprint. Maar de Noor was niet uit het veld geslagen, een dag later zou hij wel op het hoogste treetje staan voor Fabio Sabatini en Gregory Henderson. Laatstgenoemde pakte eveneens revanche, hij pakte de winst in de allerlaatste etappe van deze ronde.

Bayern Rundfahrt
In de hier eerder genoemde Vierdaagse van Duinkerken bewees André Greipel weer op de weg terug te zijn na een aantal maanden blessureleed. Maar in de Bayern Rundfahrt (2.HC) liet hij zijn klasse nog meer zien. In deze vijfdaagse etappekoers werden drie etappes gewonnen door de Duitser, terwijl ploeggenoot Tony Martin ook nog eens de tijdrit wist te winnen. Maar de mooiste prestatie van deze ronde werd eigenlijk geleverd door het kleine Elk Haus.

In de koninginnenrit waren zijn met twee man vertegenwoordigd in de omvangrijke kopgroep van twaalf man. In die kopgroep zaten met Linus Gerdemann, Sylvain Calzati en Maxime Monfort niet de minste namen. Toen de kopgroep uiteenviel in een groepje van acht man, zaten alle twee de renners (Markus Eibegger en Stefan Denifl) er nog altijd bij. Het was Eibegger die de etappe wist te winnen, met zes seconden voorsprong op ploeggenoot Stefan Denifl. De eerder genoemde tijdrit gooide roet in het eten wat betreft de eindoverwinning. Door een goede tijdrit mocht Linus Gerdemann zich eindwinnaar noemen van deze Duitse ronde.

Etappe 1,2,3 van Bayern Rundfahrt

Ronde van België
Tegelijkertijd werd er in België een ronde van gelijke aard verreden: de Ronde van België (2.HC). Daar had Lars Boom zijn zinnen opgezet, maar zou hij erin slagen om onder meer de sterke Rus Sergei Ivanov te verslaan? Etappe één zorgde meteen al voor spektakel, lange tijd reed er een drie man sterke kopgroep voor het peloton. Sep Vanmarcke (Jong Vlaanderen-Bauknecht), Brent Bookwalter (BMC Racing Team) en Federico Canuti (CSF Group-Navigare) zagen hun voorsprong van 3 minuten op 40 kilometer van de finish echter snel teruglopen, zeker toen er breuken in het peloton ontstonden.

Op de Smeysberg reden enkele renners uit het peloton weg. Hierna werd het steeds onrustiger, waarna er zich uiteindelijk een groep van ongeveer 15 man losmaakte. Deze haalde de drie koplopers bij, en reed zo’n 20 seconden voor het peloton, aangevoerd door Landbouwkrediet, BMC en LPR. Quick-Step, Silence-Lotto en Rabobank hadden namelijk allen hun mannen mee vooraan. Door het werk van één LPR-man slonk de voorsprong al snel, maar toch hield de kopgroep nog net genoeg over om de winst te verdelen. Na een uitval van Rosseler ging Ivanov door en hoewel hij zijn handen al vroeg omhoog stak, kwamen Brown en Bozic net te laat met hun jump.

De zege is voor Ivanov

Borut Bozic zou de twee volgende etappes wel bij de pinken zijn. De Sloveen van Vacansoleil, deed zijn werkgever een groot plezier door zowel in Knokke-Heist als in Temse de massasprint te winnen. De maand mei was sowieso wel een mooie maand voor de Nederlandse ProContinentale-ploeg, met een etappezege en eindwinst van Lieuwe Westra in de Tour de Picardie (2.1) en eindwinst met Matteo Carrara in het Circuit de Lorraine (2.1).

Twee keer Bozic

Maar om weer terug te keren naar de Ronde van België, etappe vier was de koninginnenrit van Fléron naar Fléron. Het werd een van de mooiste wedstrijden van dit jaar. Vroeg in de wedstrijd reed een gevaarlijke kopgroep van 16 man weg bij het peloton met daarbij onder meer Van Avermaet en Clement. Zij behaalden een maximale voorsprong van vier minuten maar een aantal ploegen nam daar geen genoeg mee en ging in de achtervolging. Na 95 kilometer werd de kopgroep gegrepen en meteen gingen er weer tien man vandoor.

Bij die tien man zaten Roelandts, Elijzen, Steegmans, De Kort, Hoogerland, Steegmans, Bakelants, Hermans, Nys, Stalder en De Weert. Laatstgenoemde vond het te langzaam gaan en sprong weg uit de kopgroep. De rest van de kopgroep werd gegrepen door een achtervolgend groepje, waardoor er 1 leider overbleef met daarachter een uitgedund peloton van 40 à 50 man.

In het peloton zaten alle favorieten voor de eindzege, maar niet de leider in het algemeen klassement Borut Bozic. Nadat De Weert werd gegrepen reed een groepje van acht weg met o.a. Van Avermaet, Moerenhout, Cornu en De Waele. Doordat bijna iedereen een mannetje had mee zitten steeg de voorsprong van heel snel. Aan de voet van de Côte de Forêt was het verschil met de kopgroep al anderhalve minuut.

Dat was het sein voor Lars eens flink aan de boom te gaan schudden. Hij dunde de achtervolgende groep uit tot een man of zes, terwijl de voorsprong op de acht slonk. Boven aangekomen klonterde de achtervolgers weer samen, en zette Clement zich op kop om alles bij elkaar te brengen. Toen dat was gebeurd reed er weer een groepje weg, dit keer waren het Moerenhout, Van Avermaet, Cornu, Marcato, De Waele en Albert mee.

Blijkbaar was Rabobank weer niet tevreden met het mannetje dat ze mee hadden zitten en Clement zette zich voor de tweede keer weer op kop. De tweede beklimming van de de Côte de Forêt was minder spectaculair, omdat er nu slechts tempo wordt gereden door Rabobank. Met nog iets meer dan tien kilometer te gaan, werd alles op alles gezet door de bankiersploeg. Stef Clement perste samen met Nick Nuyens alles uit zijn lijf op een kort klimmetje en dat had effect.

Het effect

Lars Boom kon na hun voorbereidende werk wegspringen samen met Thomas Dekker en Jan Bakelants. Het avontuur van Bakelants was slechts van korte duur, hij werd uit het wiel gereden door Boom. Na veel pijn en moeite bereikten de twee Nederlanders de kopgroep, waar het heel onrustig was. Met nog twee kilometer te gaan reed Marco Marcato weg en de Italiaan sloeg een gat. Bert de Waele zag het gevaar en kwam met veel moeite bij de Vacansoleil-renner.

Achter de twee, die een handvol seconden hadden op Boom & Co, reden Thomas Dekker en Koos Moerenhout zich compleet leeg voor hun kopmannen. Het werd een spannende laatste kilometer, waarin Bert de Waele de slimste was. Marcato ging de sprint al vroeg aan, De Waele kon gemakkelijk uit zijn rug komen en sprintte zo naar de winst. Achter de Belg werd Greg van Avermaet tweede voor Lars Boom.

De echte finale

Boom werd wel de nieuwe leider in het algemeen klassement en met slechts alleen een tijdrit voor de boeg, was de winnaar van de Ronde van België eigenlijk al bekend. Het zou zijn eindoverwinning nog meer sieren als hij ook de tijdrit wist te winnen, maar die eer ging naar Sébastian Rosseler. Hij hield op de streep zes seconden over op Boom en negen op Stef Clement. Koos Moerenhout reed een meer dan behoorlijke tijdrit, wat hem een tweede plek in het algemeen klassement opleverde voor Dominique Cornu.

Terugblik:
Januari en Februari
Maart
April

Dit artikel delen:

Headlines

Materiaalzone

Populair