Terugblik 2009: April

maandag 2 november 2009 om 10:56

Het wielerjaar 2009 is inmiddels zo goed als voorbij, maar dat betekent niet dat Wielerflits op zwart gaat. Naast het veldrijden en baanwielrennen kijken we de komende weken aan de hand van een aantal terugblikken terug op het afgelopen wegseizoen. Dit is het derde deel en hierin kijken we terug naar de mooie maand april. Hierin komen de grote voorjaarsklassiekers voorbij maar ook kleinere koersen als de Giro del Trentino en natuurlijk het beruchte Theo Bos incident in de Ronde van Turkije.

Voorproefje
Voordat de echte voorjaarsklassiekers begonnen stonden er de dag ervoor nog twee mooie koersen op het programma: de GP Miguel Indurain (1.HC) en de Hel van het Mergelland (1.1). De GP Miguel Indurain is een Spaanse eendagswedstrijd met diverse beklimmingen, en kent een finish op de lastige Basilica El Puy. Uiteindelijk was het David de la Fuente die het snelst was, de Spanjaard verwees Alexander Kolobnev en Fabian Wegmann naar plek twee en drie.

Dezelfde dag werd er in Nederland de lastige Hel van het Mergelland verreden. Een koers van bijna 200 kilometer waarin onder meer de Gulperberg, de Koning van Spanje en Eyserbosweg beklommen moesten worden. Het was uiteindelijk de Italiaanse ploeg CSF, die deze wedstrijd domineerde. Mauro Finetto en Federico Canuti kwamen na bijna vijf uur strijd gezamenlijk over de finish. Het Italiaanse duo had iets meer dan een halve minuut voorsprong op Wouter Mol, die Koos Moerenhout in een sprint om de derde plek klopte.

CSF heerst in Limburg (heel kort)

Ronde van Vlaanderen
Vijf april was het dan zover, de Ronde van Vlaanderen werd verreden. De eerste paar uur van de wedstrijd werden gekenmerkt door vele ontsnappingen, die maar niet weggeraakte. Na 2,5 uur koers sloegen Aleksandr Kuschynski (Liquigas), Filip Meirhaeghe (Landbouwkrediet – Colnago), Sébastien Turgot (BBox Bouygues Télécom) en Wim De Vocht (Vacansoleil) een gat met het peloton. Zij waren de eerste die er in slaagden om een tijd vooruit te blijven.

Vlak na het beklimmen van de Paterberg op 75 kilometer van de streep, ontstond een andere kopgroep. Filip Meirhaeghe en Sebastian Turgot vielen vooraan weg, terwijl Daniel Lloyd, Sylvain Chavanel, Leif Hoste, Marco Bandiera, Manuel Quinziato en Frédéric Guesdon er bij kwamen. Nadat de echte favorietengroep met onder meer Tom Boonen en Stijn Devolder aansloot, besloot Sylvain Chavanel er nogmaals vandoor te gaan.

Koppenberg

In eerste instantie kon alleen Quinziato volgen, maar Devolder en Van Hecke konden na de Eikenmolen toch nog aansluiten. Op de Muur van Geraardsbergen zagen we de echte klasse van Stijn Devolder. De Belg reed daar weg bij de rest van zijn kopgroep, terwijl zij al een minuut voorsprong hadden op de achtervolgende groep, met als verliezers Rabobank en Silence-Lotto. Quinziato, Chavanel en Van Hecke waren niet bij machte om de ontketende Devolder te volgen.

Devolder op de Muur

De laatste dikke tien kilometer waren dan ook niet meer dan een zegetocht voor Devolder, die het niet meer zo spannend liet worden als vorig jaar. Het trio Quinziatio, Van Hecke en Chavanel werd bijgehaald door het peloton van vijfentwintig man, waaruit Haussler in de slotfase wegsprong en de tweede plaats pakte. In de door Philippe Gilbert gewonnen sprint om het brons, knalde Gregory Rast (Astana) nog tegen een hek en zorgt daarbij voor een grote valpartij.

Ronde van het Baskenland
Dat april een drukke wielermaand was, werd nog eens bewezen omdat een dag na de Ronde de Vuelta a Pais Vasco (2.PT) van start ging. In deze koers stond een mooi deelnemersveld aan de start, onder meer Alberto Contador, Samuel Sanchez, Cadel Evans, Damiano Cunego en Robert Gesink waren aanwezig. In tegenstelling tot andere rittenkoersen was de eerste etappe er geen voor de sprinters. Op zeven kilometer van de streep lag de Alto Lazkaomendi (2 km, 10%), waar een elitegroep met o.a. Gesink, Contador en Cunego wegreed.

Helaas reden de favorieten niet vol door en kon een grote groep renners weer aansluiten. Luis Leon Sanchez bleek van hen over de snelste sprint te bezitten en versloeg naamgenoot Samuel en Jérome Pineau. Een dag later was het weer niet raak voor de sprinters, als die al überhaupt meededen. Trofimov en Taaramae waren al vroeg in de etappe in de aanval gegaan, en zij konden uiteindelijk gaan strijden om de etappeoverwinning. De Rus Trofimov wachtte de sprint niet af en sprong op een paar kilometer van de streep weg bij de Est. Uiteindelijk hield hij zes seconden over op Taaramae.

Trofimov en Taaramae

Etappe drie was er weer eentje voor de klassementsrenners. Op drie kilometer van de streep lag de Alto de Ixua (4,2 km, 9%), een hele lastig klim. Maar geen klim is te lastig voor Alberto Contador. De klimgeit uit Spanje plaatste al vroeg op de klim een verschroeiende demarrage. Cadel Evans kon nog enigszins in het spoor blijven van Contador en had op de top ongeveer tien seconden achterstand op hem. Dat waren er negen minder dan Antonio Colom, Damiano Cunego en Samuel Sanchez hadden. In de daaropvolgende afdaling sprongen Sanchez en Colom weg bij Cunego en sloten niet veel later aan bij Evans. Gedrieën beperkten ze de achterstand op Contador, die wel de leiderstrui pakte, tot acht seconden. Een opvallende prestatie werd geleverd door Robert Gesink, hij werd zesde op iets meer dan een halve minuut van El Pistolero.

Contador is weer eens de sterkste bergop

De twee volgende etappes waren weer voor de vluchters. Etappe vier werd gewonnen door Michael Albasini die niet de minste renners aftroefde in een sprint-à-trois. Jurgen Van Den Broeck (7e in de Giro 2008) en Christian Vande Velde (4e in de Tour 2008) konden het niet bolwerken tegen de rappe Zwitser. Een dag later was het weer feest voor Team Columbia, dit maal slaagde Marco Pinotti erin om het peloton voor te blijven.

Als allerlaatste rit, had de organisatie een tijdrit van 24 kilometer rond Zalla gelegd. Wie daar de beste was, was dat al de hele Ronde van de Baskenland: Alberto Contador. Hij verwees zijn landgenoten Antonio Colom en Samuel Sanchez naar het podium. En er werd weer goed gereden door Robert Gesink, hoewel hij bijna anderhalve minuut toegaf op de winnaar, eindigde hij toch vlak achter erkende tijdrijders als Cadel Evans en Christian Vande Velde.

Gent-Wevelgem
Terwijl ze in Spanje bezig waren, werd in België Gent-Wevelgem (1.PT) verreden. Dat werd uiteindelijk een loodzware wedstrijd met wind, regen en veel valpartijen. Na tien kilometer koers brak het peloton in een aantal stukken, door de harde wind. Een kopgroep van dertig man met onder meer Cancellara, Haussler en Boonen reed zo weg uit het peloton. De laatste drie vielen echter weg uit die kopgroep door pech en valpartijen.

Door de lastige koersomstandigheden viel de kopgroep regelmatig uit elkaar. De beslissende jump werd pas geplaatst voor de laatste beklimming van de Kemmelberg, daar reed Aleksandr Kuschynski weg. Op de Kemmelberg kon de jonge Noor Edvald Boasson Hagen aansluiten bij de Wit-Rus. De twee vooraan werkten goed samen, en gingen in de straten van Wevelgem strijden om de winst. Die was voor Hagen, ondanks dat hij de sprint al heel vroeg aanging.

Boasson gaat vroeg aan, maar wint toch

Parijs-Roubaix
Als laatste van de ‘vlakke’ klassiekers was daar dan de beruchte Parijs-Roubaix. Een koers die gekenmerkt wordt door valpartijen, pech en een loodzware wedstrijd. Deze elementen kwamen ook in de editie van 2009 voor. Na vijftig kilometer koers sprong een groep van elf renners weg uit het peloton, en daarbij zaten ook twee Nederlanders: Servais Knaven en Joost Posthuma. Zij konden rustig door het Bos van Wallers rijden, in tegenstelling tot het peloton. Daar werd flink doorgetrokken door onder meer Tom Boonen, achter hem werden veel renners opgehouden door valpartijen.

Helaas viel het na het Bos even stil en konden flink wat renners aansluiten, iets wat Martijn Maaskant niet lukte. Hij had voor het Bos al te maken gehad met een lekke band, wat er voor zorgde dat hij het podium kon vergeten. Nadat de elf vooraan bij waren gehaald, was het op 60 kilometer van de streep weer Boonen die doortrok. Dit keer kreeg hij zestien renners mee, met onder meer Haussler, Flecha, Cancellara, Hushovd en Pozzato.

Bos van Wallers

Deze kopgroep viel later uiteen in een kleinere kopgroep met een aantal sterke mannen: Tom Boonen, Filippo Pozzato, Thor Hushovd, Juan Antonio Flecha, Johan Vansummeren en Leif Hoste. Zij hadden nog 45 kilometer voor de boeg en besloten daarop ook om goed samen te werken. En dat deden ze dan ook. Vlak voor het ingaan van de echte finale besloot Tom Boonen van fiets te wisselen, gelukkig voor hem, werd hij op gewacht door zijn medevluchters.

Op één van de lastigste stroken van Parijs-Roubaix, Carrefour l’Arbre, viel letterlijk de beslissing. Eerst viel Flecha, die daarbij iedereen behalve Thor Hushovd en Tom Boonen mee hinderde. En een goede kilometer later was het de beurt aan de Noor om onderuit te gaan. Heel even leek Filippo Pozzato toch nog het gat te kunnen dichten, maar hij bleef hangen op tien seconden. De ontketende Boonen reed vervolgens solo naar zijn derde zege op de wielerbaan van Roubaix. Tweede werd Filippo Pozzato, achter hem won Hushovd de sprint om de derde plek voor het Silence-Lotto duo Hoste en Vansummeren.

De valpartijen

Nog meer vallen
Tussen de ‘vlakke’ klassiekers en de heuvelklassiekers in werden er nog twee opvallende wedstrijden verreden. Opvallend omdat in beide wedstrijden een valpartij meer stof deed opwaaien dan de eindwinnaar. De eerste was de Scheldeprijs Vlaanderen, daar ging op tweehonderd meter van de streep een groot deel van het sprintende peloton tegen de vlakte. Alessandro Petacchi was toen al begonnen met sprinten, hij reed onbedreigd naar de eindwinst. Achter de Italiaan werd Kenny van Hummel tweede, voor Dominique Rollin.

Petacchi blijft het vallende peloton voor

De andere wedstrijd waarin een valpartij een rol speelde was de Ronde van Turkije. In de allerlaatste etappe van deze rittenkoers vonden er in de laatste kilometer twee valpartijen plaats, de eerst was echter een merkwaardige. Op vijfhonderd meter van de streep probeert Theo Bos aan de linkerkant van het peloton een aantal renners te passeren. Hij heeft aan die kant echter ook te maken met een hek. Wanneer hij leider Daryl Impey voorbij rijdt, komt die opeens de kant van Bos op. Aangezien aan de linkerkant van Bos het hek zit, probeert hij de Zuid-Afrikaan af te weren door hem met één hand weg te duwen. Wat volgt is een massale valpartij waarbij het net lijkt of Theo Bos, Impey de hekken intrekt.

Impey brak bij de valpartij onder meer twee rugwervels en zou een aantal maanden moeten revalideren. Intussen word er door vele wielrenners kwaad gesproken over Bos, die zelf zegt zich van geen kwaad bewust te zijn. Ondanks dat zo goed als onmogelijk is dat Bos Impey de hekken in heeft getrokken, wordt de Nederlander wel voor een maand door de UCI geschorst (per 15 augustus).

Trekt hij of trekt hij niet

Amstel Gold Race
Negentien april is het voor mannen als Damiano Cunego, Andy Schleck, Alejandro Valverde, Robert Gesink en Phillipe Gilbert dan zover: de heuvelklassiekers gingen van start. De eerste wedstrijd was de Nederlandse Amstel Gold Race (1.PT). Timmer, Terpstra, Klimov, Arashiro en Bertogliati hadden er in zin, zij sprongen al vrij vroeg in de wedstrijd weg uit het peloton. Hun maximale voorsprong was meer dan vijftien minuten, maar toen vonden Rabobank, Caisse d’Épargne en Euskaltel-Euskadi het wel genoeg.

De drie ploegen gingen gezamenlijk in de achtervolging en zo was op tachtig kilometer van de meet het verschil nog maar twee minuten. Dat was voor Pieter Weening het sein om weg te springen met een enorm verzet. Hoewel hij toch wat mannen mee kreeg, lukte het ze toch niet om het gat dicht te rijden naar de vijf vooraan. Wie uiteindelijk wel naar de kop reden waren Oscar Freire en Valerio Agnoli, zij vervoegden zich bij Niki Terpstra, die bij zijn medevluchters was weggesprongen. Niet veel later kregen zij het gezelschap van de Duitser Marcus Burghardt

Ondertussen was er in het peloton iets vervelends gebeurd. Frank Schleck en Matthew Lloyd kwamen hard ten val en beiden moesten worden afgevoerd naar het ziekenhuis. De schade bij Frank Schleck viel bij nader inzien mee, terwijl Matthew Lloyd er een bekkenbreuk aan over hield. Met nog 35 kilometer te gaan werden de vier vooraan gegrepen, en dat was het sein voor een aantal renners om weer in de aanval te trekken.

Het ziet er niet goed uit voor Schleck en Lloyd

Pas een goede vijftien kilometer later in de afdaling van de Eyserbosweg, wist een renner een gaatje te slaan. Het was de Tsjech Roman Kreuziger die een handvol seconden pakte op de rest van het veld. Sergej Ivanov probeerde de kloof te dichten, maar hij kreeg alleen Vincenzo Nibali, een ploeggenoot van Kreuziger, mee. Drie kilometer later klonterde alles weer samen op de flanken van de Keutenberg. Boven gekomen bleken de topfavorieten Alejandro Valverde en Davide Rebellin niet te kunnen volgen.

Wie dat wel kon, was de jonge Nederlander Robert Gesink. Op de uitloper van de Keutenberg sprong hij weg uit de kopgroep en in eerste instantie kon niemand hem volgen. Het was de oersterke Sergej Ivanov die samen met Karsten Kroon naar Gesink toe reed. Zij werkten goed samen en pakten snel twintig seconden op de achtervolgers waar onder andere Gilbert, Valverde en Cunego deel van uitmaakten. Plots begon de voorsprong te dalen en dat kwam voornamelijk door een Nederlander.

Gesink valt aan na de Keutenberg

Thomas Dekker was aankomen sluiten bij de groep Gilbert en gaf alles in de resterende kilometers. Vlak voor het opdraaien van de Cauberg zaten de achtervolgers nog maar op enkele seconden van de drie vooraan. Maar daar viel het helemaal stil doordat ten eerste Thomas Dekker op was, en ten tweede ploeggenoten van Kroon, Gesink en Ivanov het tempo drukten. Heel even leek het dat er eindelijk weer een Nederlandse winnaar zou zijn in de Amstel Gold Race, maar dat mocht niet zo zijn. Gesink kon Kroon en Ivanov al snel niet meer volgen en Kroon kon het in de sprint niet bolwerken tegen de Rus.

Twee Nederlanders tegen één Rus

Hoewel een derde plek in de Amstel Gold Race een mooi resultaat was voor Robert Gesink, zou hij het nog beter kunnen doen in de Waalse Pijl (1.HIS). Deze klassieker kent de finish op de Muur van Hoei een klim van 1,3 kilometer met een gemiddeld stijgingspercentage van bijna 10%. Jammer genoeg moest de Condor van Varsseveld deze wedstrijd laten schieten in verband met een peesscheuring in het rechter bovenbeen. Die had hij opgelopen in de slotfase van de Amstel Gold Race.

Waalse Pijl
Maar ook zonder Gesink werd de wedstrijd verreden en iemand die erg veel zin in had was de Fransman: Christophe Moreau. Hij probeerde in het begin een aantal maal weg te komen en dat lukte uiteindelijk ook. Samen met de Japanner Fumiyuki Beppu fietste hij een voorsprong bijeen van bijna 16 minuten. Toen vonden Lampre, Caisse d’Épargne en SIlence-Lotto het genoeg: ze gingen in de achtervolging. Vooraan gebeurde er in die tussentijds iets opmerkelijk. Fumiyuki Beppu zat zo kapot dat hij op 78 kilometer van de streep Christophe Moreau al moest laten gaan.

Vijftig kilometer later zou de Fransman pas bijgehaald worden door het onrustige peloton. Diverse renners probeerden een gat te slaan, maar alleen Serpa kwam weg. De Colombiaan kreeg een tiental seconden voordat hij op dertien kilometer van de streep weer werd bijgehaald. Toch wilden een aantal renners niet met het grote peloton naar de muur rijden, daarom besloten Alexandre Botscharov, Michele Scarponi, Joaquìn Rodriguez, Christian Pfannberger, Paolo Tiralongo, Roman Kreuziger en Karsten Kroon er vanonder te muizen.

Ook hun aanval was geen lang leven beschoren. Het waren Team Columbia (Thomas Lövkvist ) en Euskaltel-Euskadi (Samuel Sanchez) die de boel weer bij een brachten op vier kilometer van de streep. David Le Lay, de man in vorm, ging goed aan maar moest op enkele honderden meters van de streep passen. Toen hij werd ingehaald door Cadel Evans kwamen Andy Schleck en Davide Rebellin niet veel later uit de rug van de Australiër. De ‘oude vos’ was op de laatste honderden meters net iets sterker dan de jonge Schleck.

De Muur van Hoei

Luik-Bastenaken-Luik
Die zou niet een aantal dagen later weer zijn gram halen in Luik-Bastenaken-Luik (1.HIS), en dat deed hij op schitterende wijze. De vroege aanvallers van de dag waren Cyril Gautier (BBox – Bouygues Telecom), Nico Sijmens (Cofidis), Marcel Wyss (Cervélo) en Hubert Dupont (Ag2r). Deze vier mannen wisten 11 minuut 25 voorsprong bij elkaar te fietsen, maar dit bleek zoals verwacht niet genoeg.

Op de verschillende hellingen was het vaak Saxo Bank dat het tempo maakte. De Denen hadden een sterke ploeg meegenomen naar Luik, waarbij de verrassend snel herstelde Fränk Schleck indruk maakte. Met nog vijftig kilometer in het vooruitzicht plaatst Chris Anker Sorensen een aanval uit het peloton, waarna vele anderen volgen. Vooraan vond Gautier het ook te langzaam gaan en hij sprong weg bij zijn medevluchters, die hem later toch weer bijhaalden.

Op de Redoute worden Sörensen & co bijgehaald en wordt er in een strak tempo omhoog gereden. Pas na de Redoute barst het echt los met een aanval van Alexander Kolobnev, hij krijgt onder meer Kroon, Kreuziger en Gesink mee. In eerste instantie zit Philippe Gilbert er niet bij, maar met een geweldige krachtsinspanning komt hij bij het groepje en gaat er voorbij. Tussen La Redoute en de Valkenrots fietst Gilbert een voorsprong van een halve minuut op de achtervolgende groep, met daarbij Gesink en Kreuziger en een voorsprong van driekwart minuut bijeen op het peloton.

La Redoute

Als de Valkenrots dan aangesneden wordt, vindt Andy Schleck het hoog tijd voor een nummertje. Hij rijdt het groepje met Gesink en Kroon voorbij op jacht naar Gilbert. Op 17 kilometers van het einde haalt hij de Waal bij, die zichzelf blijkbaar overschat heeft en niet aan kan haken. De jongste Schleck-telg bouwt een voorsprong van een minuut op, en achterin wordt er niet veel georganiseerd.

Valkenrots

Op deze manier is het bij de beklimming van de Saint-Nicolas al niet erg spannend meer. Schleck rijdt in strak tempo omhoog, en de achtervolgende Rebellin en Evans weten alleen een handvol seconden van de voorsprong af te halen. Rodriguez rijdt later nog uit de groep weg om de tweede plaats veilig te stellen. Intussen is het feesten bij broer Fränk Schleck al begonnen. Hij verrichte eerder nog afstopwerk maar lacht nu al naar de camera. Voor Davide Rebellin rest na een sprint de laagste podiumtrede, terwijl publiekslieveling Gilbert buiten het podium valt.

Laatste kilometer zegetocht Andy

Giro del Trentino
De maand april leverde ook de eerste overwinning op voor Ivan Basso. Als voorbereiding op de Ronde van Italië reed hij mee aan de Giro del Trentino (2.1), een pittige etappekoers in het noorden van Italië. Astana heerste met Andreas Kloden en Janez Brajkovic in de openingstijdrit van ruim 16 kilometer, maar een dag later zouden zij dat niet meer staan in het algemeen klassement. Gefinisht werd er op de Alpe di Pampeago. Daar bleek de Pool Przemyslaw NIemiec de sterkste te zijn, hij had een twintig tal seconden voorsprong op Ivan Basso. De Italiaan naderde wel de nieuwe leider in het algemeen klassement, Janez Brajkovic tot goed tien seconden.

Afzien op de Pampeago

Robert Hunter was één van de weinige sprinters die meereed in Italië, en ondanks de lastige etappes wist hij er toch een te winnen. In de derde etappe versloeg hij de rappe klimmers Stefano Garzelli en Danilo di Luca. De laatste etappe was weer een bergetappe met de finish op de Pejo Fonti, en daar sloeg Ivan Basso zijn slag. Geholpen door zijn ploeggenoten werd het tempo zo hoog gelegd dat Brajkovic moest passen. De Sloveen verloor uiteindelijk dertig seconden op winnaar Danilo di Luca, die de spurt van het elite-groepje won.

Er was ook minder leuk nieuws te melden aan het eind van de maand april. Door het IOC werd bekend gemaakt dat Davide Rebellin op de spelen van Beijing is betrapt op het gebruik van CERA. De Italiaan liet zelf weten, net als een aantal andere dopingzondaars, dat hij geen doping heeft gebruikt. Hij vroeg daarom ook een contra-expertise aan, maar die viel ook positief uit. Pas in december zullen we te horen krijgen welke straf hij krijgt, dat is na de najaarsvergadering van het IOC. (Hetzelfde gold ook voor Stefan Schumacher, maar die was vorig jaar al betrapt)

Terugblik:
Januari en Februari
Maart

Dit artikel delen:

Headlines

Materiaalzone

Populair