Tadej Pogačar toont de kunst van het onmogelijke in Milaan-San Remo
Analyse Hij heeft het eens gezegd: liever één keer Milaan–San Remo winnen dan ooit een zesde Tour de France-zege behalen. Het tekent de grote voorliefde die Tadej Pogačar koestert voor de Primavera. De klassieker waarvan de scherprechter, de Poggio, op slechts 56,6 kilometer van zijn appartement in Monaco ligt. Het vierde van de vijf Monumenten dat hij aan zijn palmares toevoegde.
In de coronazomer van 2020 maakte Pogačar met een twaalfde plaats kennis met Milaan–San Remo. De koers bleek anders en lastiger dan verwacht, maar de liefde was direct geboren. Deze klassieker was speciaal: een ogenschijnlijk kalme aanloop die uitmondt in een extreem nerveuze en razendsnelle finale. Eigenlijk een wedstrijd die niet bij zijn karakteristieken paste, en juist daarom groeide het verlangen om ‘La Classicissima’ ooit te winnen.
Vanaf de Cipressa tot aan de Via Roma in San Remo begon de zoektocht naar de tactische sleutel. Hoe open je de deur naar de zege? Jaar na jaar kwam hij dichterbij: vijfde in 2022, vierde in 2023, derde in 2024. Hij besefte dat hij en zijn ploeg sterker moesten worden om al op de Cipressa het verschil te maken. In 2025 lukte dat, maar afrekenen met Mathieu van der Poel en Filippo Ganna bleek nog een brug te ver. Opnieuw werd hij derde.

Mathieu van der Poel, Tom Pidcock en Tadej Pogačar in Milaan-San Remo. Foto: Fotoburo Cor Vos
Afgelopen winter trainde hij volgens ingewijden harder dan ooit om er op die ene dag, deze 21ste maart, te staan. Zijn eigen KOM op de Coll de Rates, de roemruchte trainingsberg van het peloton, verpulverde hij op 19 december met liefst 24 seconden. Een signaal aan de concurrentie. Niet voor niets stelde Van der Poel zich na zijn achtste wereldtitel veldrijden de vraag of hij het crossen komende winter misschien moest overslaan. Hij besefte dat Pogačar al sinds november volledig gericht was op het voorjaar, terwijl zijn eigen focus op de weg pas in februari begint.
“Iets dat makkelijk is, is niet bijzonder. En iets dat bijzonder is, is per definitie moeilijk.” Met die woorden vatte Alpecin Premier Tech-teammanager Philip Roodhooft het treffend samen. Voor Van der Poel geldt dat winnen van Pogačar van een andere orde is dan winnen van wie dan ook.
En hetzelfde geldt omgekeerd. Het is Van der Poel die de lat voor Pogačar hoger heeft gelegd en hem heeft gedwongen tot nóg meer arbeid. Dat is de essentie van topsport: grootheden die elkaar in een tweestrijd naar ongekende hoogten stuwen. Juist de duels tussen de allergrootsten maken het wielrennen in iedere generatie zo mooi.
Na de Tirreno–Adriatico klonk het binnen Alpecin-Premier Tech dat Van der Poel zelden zo sterk aan een voorjaar was begonnen. Na Milaan–San Remo kon hetzelfde over Pogačar worden gezegd. Dit niveau had ook de Sloveen in het voorjaar nog niet eerder gehaald.
De zware valpartij in Imperia, de stad aan de Bloemenrivièra waar Erik Dekker in 2002 zijn bekken brak, gaf Pogačars zege eigenlijk extra glans. Het maakte het verhaal episch. In het gedrang richting de Cipressa raakte hij waarschijnlijk het voorwiel van een ploegmaat en ging hard onderuit. Met wonden aan scheenbeen, heup en rug leek zijn koers voorbij, terwijl de achterstand opliep tot bijna een minuut op een op stoom geraakt peloton richting de zwaarste beproeving van de dag.
Dankzij ploeggenoten Florian Vermeersch en Felix Großschartner keerde hij terug in koers, om vervolgens door Brandon McNulty en Isaac Del Toro op de Cipressa perfect naar voren te worden gebracht en vervolgens gelanceerd. UAE Emirates XRG hervatte het oorspronkelijke plan: de koers breken op de Cipressa. Geen geheim plan, want het hele peloton wist wat zou komen.
Alleen Tom Pidcock en Van der Poel konden volgen. Op de eerste meter van de Poggio moest ‘MVDP’ enigszins verrassend lossen, terwijl Pidcock zich vastbeet in het wiel van de Sloveen. Van der Poel zocht geen excuses, al speelde een pijnlijke hand, opgelopen bij diezelfde valpartij waar een wiel van een gevallen renner van Lidl-Trek hem raakte, hem zichtbaar parten.
Op de Via Roma toonde Pogačar zich een half wiel sneller dan Pidcock en werd de verdiende winnaar van een uiterst boeiende editie van Milaan-San Remo. Zijn grote doel van het voorjaar is hiermee bereikt.

Foto: Fotobureau Cor Vos
Voor Pogačar betekent winst in Milaan–San Remo uitzonderlijk veel. Hij zei het al eerder: het verschil tussen nul en één overwinning in deze koers voelt groter dan dat tussen vijf en zes Tourzeges. Jarenlang ondervond hij hoe moeilijk deze klassieker is voor een klimmerstype als hij, telkens wanneer sprinters zich vastbeten in zijn wiel. Het was het ontbrekende puzzelstukje. Dat maakt deze zege persoonlijk en historisch bijzonder.
En ja, na elke koers van Pogačar kunnen nieuwe historische feiten worden genoteerd. Met elf Monumenten evenaart hij Roger De Vlaeminck. Alleen Eddy Merckx deed beter met negentien.
Daarnaast staat Pogačar nu acht Monumenten op rij op het podium, iets wat nooit eerder iemand presteerde. Sinds zijn wereldtitel in Kigali won hij bovendien al zijn wedstrijden in de regenboogtrui, opnieuw een unicum.
Het geschiedenisboek van Tadej Pogačar wordt met de dag dikker. Het hoofdstuk Milaan–San Remo behoort tot de mooiste en is er een waar hij persoon héél veel waarde aan hecht. Al is zijn geschiedschrijving nog lang niet ten einde.
Hij is nog altijd slechts 27 jaar…
Maar daar voel je je als Pidcock of VdP ook niet senang bij.
En naarmate Pogi meer wint in een seizoen, kan ie steeds makkelijker zeggen: dan hou ik ook mijn benen stil...
Maar in ieder geval zijn ploegen die een gouden kans hadden om Pogi langer op achterstand te houden op de Cipressa.
Twijfel is alleszins begrijpelijk maar houd je bij de feiten; het was niet de dag van VDP (op 4 luttele sec) en Pogacar stijgt boven iedereen uit. Eerlijk: toch geen hele grote verrassing.
Zijn eerste tourwinst was op z'n minst zeer discutabel te noemen. In die tijdrit zit hij als "een mijnwerker" op z'n fiets en wint van Dumoulin, de specialist op dat moment. Nadat hij de dag ervoor compleet gesloopt over de streep was gekomen en Dumoulin zich enigszins had gespaard reed hij Tom op anderhalve minuut! De mannen van zijn omkadering hebben nog net geen BOEF op hun t-shirt staan en zijn natuurlijk ook zo fout als het maar kan, allemaal gesponsord met criminele olie-dollars. Vanaf dat moment had ik meteen al argwaan, maar de tijd zal het leren. Wat voor mij vaststaat is dat de suprematie van Pogi het wielrennen niet leuker maakt!
"De kunst van het onmogelijke".?? Pogi is er al heel vaak dichtbij geweest, reed iedereen op een hoop in Siena. Dus waarom onmogelijk?
Snap de lof voor Pogacar, en die is volledig terecht (mits dit allemaal schoon gebeurt, waar je met zijn omkadering toch op zijn minst wat gedachtes bij mag hebben).
Maar in een analyse zou het op zijn minst ook moeten gaan over het koersgedrag na de valpartij van Pogacar. Werkelijk geen enkele ploeg wist raad met de situatie; ze reden het eerste deel van de Cipressa omhoog in een tempo dat ik nog kon volgen. En lieten Pogi allemaal gratis terug keren.
Natuurlijk snap ik het van Alpecin. En van Visma. Aangezien hun favoriet ook achterstand had opgelopen. Maar wat met Pidcock? Wat met Trek? Wat met al die andere ploegen? Er lag een kans op een compleet ander scenario, en dat laten ze liggen.
En dat is minstens zo verbazend als de overwinning van Pogi.
En wil je de ploeg zijn die ostentatief op kop gaat knallen als Mvdp, Pogi en Visma op achterstand zijn door pech? Dat beklaag je je nog een heel seizoen vrees ik
En het is een moment dat er altijd wordt gekoerst? Het is niet dat je op een nietszeggend moment in de koers het gas open zou draaien.
Geef dan eens aan wat er briljant was aan het rijden de damesploegen zoals die van TREK of UAE. Of van Pieterse.
Geef eens aan wat er briljant was aan het wachten op Pogacar van de ploegen in het herenpeloton? Wat hebben ze ermee bereikt? Of waren het vooral hulpeloze initiatiefloze wezentjes die zich met de situatie totaal geen raad wisten?
Oh geniale LIMAL,
Vertel het ons.
Of ben je zonder argumenten, en besluit je maar de sneer op de man te spelen? Want daar lijkt het op.
Pogi gaat op z'n plaat, Wout, Thieu ook malheur. Dan volgt een inhaalrace tot begin Cipressa waarbij zowel Pogacar en Van der Poel mbv teammaats worden terug gebracht. Wout wordt zienderogen teruggestayeerd vanuit een achterstand van 1,10min. Bij start klim zitten Pogacar en Van der Poel, beide gehavend, in het pak om vervolgens door opnieuw ploegmaats naar voren gebracht te worden. En nagenoeg geheel draftend uit de wind van wiel naar wiel. Eénmaal vooraan wordt het spel door UAE op de wagen gezet, als wrs ook gepland. De adrenaline giert door Pogi's lichaam op het moment dat hij door Del Toro wordt gekatapulteerd. Van der Poel en Pidcock kunnen volgen als verwacht. Dan bijna ingerekend bij de Poggio, al dan niet verwacht, gaat Pogi opnieuw los. Thieu breekt, mss niet onlogisch gelet op zijn eigen uitleg. Ok, Pogacar had schaafwonden, met name aan z'n linkerbeen en de impact van zijn val, zal ook zeker invloed gehad hebben. Maar uiteindelijk lijkt me de uitslag bepaald niet verbazend. Met het wegvallen van UAE, VLab en Alpecin zal het tempo wrs lager hebben gelegen ri Cipressa dan met hen op kop. Zo van o jee, welke ploegen gaan nu als een dolle ri Cipressa beuken.
Tis geen rocket science. Evenmin dat ook bekend was dat Pogacar al maanden bezig was met de voorbereiding van MSR en de Strade wellicht als een soort van warm-up. Waar nb het 19e jarige vermeende toptalent Seixas ca 80 km op 1 min bleef hangen met Del Toro puffend in z'n wiel. Over schoon of niet schoon gesproken.
En Wout van Aert dan? Hij duurde langer voordat hij na die val terug op z'n fiets zat dan Pogacar. En hij perst er op het laatst nog zo'n krachtsinspanning uit om vlak voor een jagend peloton nog derde te worden en finishte slechts vier seconden achter Pogacar. Wout van Aert heeft de laatste dertig kilometer zelfs sneller afgelegd dan Pogacar. Is dat niet verdacht?
Een beetje wantrouwen is dus niet vreemd. En misschien zelfs wel gezond. Zeker als je kijkt wie er om hem heen lopen.
Heb je de klimtijden van Cipressa en Poggio van beiden?
Tja, anti-supporteren....ik ben als Belg altijd voor Matje. Ik gunde Pidcock net zo hard die overwinning als Pogacar. Pogacar, en al die andere jongens, hebben zoveel respect voor elkaar, zijn allemaal best sympathiek,.. het is moeilijk anti te zijn. Het goede is dat hij waarschijnlijk niet terugkeert naar MSR. Klinkt een beetje als anti... Maar de kijker zal minder zeuren, toch?
RVV en PR zijn veel langer (>100km) voor de finish al de moeite waard.
Tegelijk is het belangrijk om die scepsis niet automatisch te vertalen naar een verdenking van valsspelen. Het ontbreken van concreet bewijs sluit niets uit, maar maakt de hypothese van systematisch valsspelen ook niet even waarschijnlijk als het tegendeel. Dominantie alleen is daarvoor onvoldoende.
De meest rationele positie blijft daarom dat Pogačar waarschijnlijker een uitzonderlijk talent is dan iemand die structureel een oneerlijk voordeel gebruikt — met de kanttekening dat, juist door de geschiedenis van de sport, een zekere mate van twijfel altijd zal blijven bestaan.
Hup Pogacar
Een supermens
Een dopeur
Een combinatie van beiden.
Of een zeldzaam talent met zeldzame fysieke mogelijkheden in een zeldzaam goede ploeg met zeer goede begeleiding....
Om te kijken steeds minder leuk.
Sowieso alle door oliesheiks gesponsorde sport heeft weinig met het plezier van pure competitie te maken.
Wat als Tadej niet gevallen was? Was hij dan nog dominanter en frisser aan de Cipressa begonnen.
Maar hij had gewoon het geluk dat hij niet met twee "slepers" op pad was. Pidcock was van mening dat dit zijn beste kans was op winst (en terecht). En Matje verliest liever "strijdend" dan dat ie gaat slepen in een dergelijke situatie. Waarvan je je af kunt vragen of dat slim is.
Het is gewoon niet normaal.
OP 80 km voor de streep gaat UAE kop overnemen de wattage gaat van 350 naar 460 Watts, het peloton maakt het gat van 7 minuten klein naar 1 minuut. Het is gewoon niet normaal.
Iedereen had zich blijkbaar voorgenomen om in het wiel van de UAE trein te gaan zitten. Maar ineens was die trein verdwenen, en werkelijk niemand wist zich raad met die situatie.