Pogacar trekt met slechts twee koersdagen naar de Ronde, en wat met de andere favorieten?
Strade Bianche en Milaan-San Remo. Dat zijn de enige wedstrijden die Tadej Pogacar dit jaar reed (en won) voorafgaande aan de Ronde van Vlaanderen. Een uitzonderlijk laag aantal koersdagen, als je het vergelijkt met zijn concurrenten en de vorige winnaars van de Hoogmis. Maar het past wel bij de algemene tendens in het wielrennen: meer trainen, minder koersen.
Honderden kilometers per dag, uren in het zadel en het liefst op een lege maag jezelf helemaal naar de gallemiezen rijden. Kort samengevat was dat lange tijd de heilige graal als het gaat om voorbereidingsmethodiek in het wielrennen. De laatste pak ‘em beet tien jaar is de trainingsleer helemaal hervormd. De weg naar de Ronde van Vlaanderen 2026 bewijst dat opnieuw.
Vorig jaar trok Pogacar nog met negen koersdagen in de benen naar het eerste Belgische Monument. Hij reed toen naast Strade Bianche en Milaan-San Remo ook de UAE Tour, voordat hij de zegeruikers op kwam halen in Vlaanderen. Bij zijn eerste overwinning in 2023 had Pogi zelfs al zestien koersdagen op de teller: de Clásica Jaén (1), de Ruta del Sol (5), Parijs-Nice (8), Milaan-San Remo (1) en de E3 Saxo Classic (1).

foto: fotopersburo Cor Vos
Mathieu van der Poel had voor zijn zeges in 2022 en 2024 respectievelijk zeven en drie wedstrijden achter de rug. In 2020 speldde de Nederlander al 28 keer een rugnummer op, maar in dat eerste coronajaar vond de Ronde van Vlaanderen pas plaats op 18 oktober. Met uitzondering van 2024 kent hij de laatste jaren steevast dezelfde opbouw: één koers voor Tirreno-Adriatico en dan via Milaan-San Remo en een paar Belgische semiklassiekers naar de Ronde.
Koersdagen vóór de Ronde van Vlaanderen van de laatste 10 winnaars
2025: Tadej Pogacar: 9
2024: Mathieu van der Poel: 3
2023: Tadej Pogacar: 16
2022: Mathieu van der Poel: 7
2021: Kasper Asgreen: 17
2020: Mathieu van der Poel: 28 (coronajaar)
2019: Alberto Bettiol: 18
2018: Niki Terpstra: 24
2017: Philippe Gilbert: 22
2016: Peter Sagan: 19
Het is een tendens die zich de laatste jaren steeds verder doorzet. Toprenners koersen steeds minder en trainen steeds meer. Dat geldt voornamelijk voor ronderenners, maar ook klassiekercoureurs zien we in steeds minder koersen terug. Het seizoen pas beginnen in een voorbereidingskoers als de Volta ao Algarve (derde week februari) of zelfs pas ín het Openingsweekend, was voorheen ondenkbaar.
“Ik denk dat er steeds meer gevraagd wordt van de renners”, zei Mathieu Heijboer hier eerder over tegen WielerFlits. Volgens hem is het niveau steeds hoger. “Je kunt niet meer mee rijden om in vorm te komen. Er wordt heel veel van je verwacht. Niet alleen van de fans en van de media, ook de teams zelf verwachten uiteraard veel van die renners. Op een gegeven moment vraag je jezelf af: wat is zinvol?”
“Is het zinvol om daar anonieme mee te rijden?”, vervolgt de Head of Coaching van Visma | Lease a Bike. “Of is het dan niet beter om goed te trainen en op de juiste momenten echt in vorm te zijn en ook echt te presteren? En ik denk dat dat met name de afwegingen zijn. Voor ons in ieder geval zeker.”

Mathieu van der Poel en Wout Van Aert – foto: fotopersburo Cor Vos
Kijken we naar de favorieten voor de komende editie, dan zien we dat Pogacar veruit het minst gekoerst heeft in 2026. Mads Pedersen volgt op de tweede plek (4 koersdagen), maar de Deen was lange tijd uit de roulatie door een val in de Ronde van Valencia. Wout van Aert (12) en Mathieu van der Poel (11) houden elkaar aardig in evenwicht en bevinden zich in het middensegment, samen met vele anderen.
Florian Vermeersch (20) en Remco Evenepoel (21) steken wel boven de rest uit. Evenepoel reed met de Ronde van Valencia (5), de UAE Tour (7) en de Ronde van Catalonië (7) drie rittenkoersen, en begon zijn seizoen met drie eendaagsen tijdens de Challenge Mallorca. Vermeersch betwistte eveneens de Ronde van Valencia en UAE Tour, waarna hij vanaf de Omloop Het Nieuwsblad acht eendaagsen achter elkaar reed. De Ronde van Vlaanderen is zondag nummer negen.
Koersdagen van de favorieten in aanloop naar de Ronde van Vlaanderen 2026
Tadej Pogacar: 2
Mathieu van der Poel: 11
Wout van Aert: 12
Remco Evenepoel: 21
Mads Pedersen: 4
Florian Vermeersch: 20
Jonas Abrahamsen: 14
Christoph Laporte: 11
Jasper Stuyven: 14
Tim van Dijke: 11
Hij opent, kleurt en doet bij var het meeste kopwerk.
Matthieu heeft nog een redelijk aandeel en doet het over het algemeen samen met Tadej.
De rest doet eigenlijk helemaal niks.
Wil enkel profiteren.