Jasper Stuyven opnieuw dichtbij Giro-ritzege: “Dit was echt het maximale vandaag”
Jasper Stuyven werd in deze Giro d’Italia 2026 al tweede, vijfde en elfde en voegde daar in de dertiende rit naar Verbania nog maar eens een derde plek aan toe. En dat terwijl het helemaal niet de bedoeling was om mee te zitten in de vlucht van de dag. “Ik voelde me vrijdagmorgen redelijk moe”, geeft de ervaren Belg van Soudal-Quick-Step aan bij Eurosport.
De snikhete en zware dag – de kopgroep had uiteindelijk een ruime voorsprong op het peloton, maar moest daar in de beginfase wel hard voor werken – weegt door bij Stuyven. “Ik ben dan toch weer in die vluchtersgroep geraakt”, puft hij na afloop. “De hitte erbij maakte het superslopend. Ik voelde ook dat ik de voorbije twee dagen al redelijk veel energie heb verbruikt. En dan kom je in de finale ook nog op een klim die net een beetje te steil is…”
“Ik had me wel heel goed gevisualiseerd hoe die afdaling was”, vervolgt Stuyven. “Ik vond mijn ritme goed op de klim, maar Alberto Bettiol is ook wel echt een man die kan dalen. Hij had duidelijk een goede dag. Van Andreas Leknessund wis ik dat we die konden pakken in de afdaling, want dat is dan weer niet de beste daler. Ik was weer dichtbij de ritzege. Het is wat het is. Dit was vandaag denk ik wel het maximaal haalbare.”

Stuyven had het zwaar in de verzengende hitte – foto: fotopersburo Cor Vos
Toch geloofde de Belg nog wel eventjes in de ritzege. “Ik ben à bloc naar boven gereden, maar ik voelde dat ik nog een klein beetje over had richting de top om te versnellen. Daardoor kon ik terugkomen bij Mark Donovan en dan zo naar Michael Valgren en die jongen wiens naam ik vergeet, van Groupama-FDJ (Josh Kench, red.). Het was gewoon vol rijden op het vlakke, iedereen deed netjes zijn beurten. Ik vind het beter om te rijden voor de overwinning dan te rap te beginnen speculeren voor dat podium.”
Zware dag opkomst
Met zijn toch al vermoeide benen moet Stuyven zaterdag de loodzware bergrit in de Italiaanse Alpen zien te overleven. “Dat is wel een aantal keer door mijn gedachten gegaan vandaag, omdat ik mij niet zo super voelde. Het kan zaterdag weleens uitdraaien op een pittig dagje. Maar ik denk wel dat ik mijn ritme kan vinden in de grupetto. Dan begint wel het relatief recupereren. Hopelijk kunnen we zondag dan nog eens vol aan de bak voor Paul Magnier.”
Doordat Bettiol bewust Leknessund op 20 meter voor hem laat spartelen rijdt die zo hard mogelijk omhoog. Waardoor het gat met de snelle mannen wordt uitgediept. En daarna knalt ie er overheen en rijdt zelf aan 100% tot de finish.
Doet ie dat niet, dan gaat het tempo op de klim omlaag. En ook het tempo richting de streep. En zou het groepje Stuyven "gewoon" zijn teruggekeerd. Want Bettiol en Leknessund zouden gegarandeerd naar elkaar gekeken hebben om zoveel mogelijk werk op te knappen.