Jan-Willem van Schip klaar voor WK baan: “En daarna boren in Tokio”

Door , zaterdag 22 februari 2020 om 10:00
Jan-Willem van Schip klaar voor WK baan: “En daarna boren in Tokio”

foto: Cor Vos

Tijdens het WK baanwielrennen in Berlijn doet Jan-Willem van Schip een nieuwe gooi naar eremetaal. Zijn regenboogtrui op de puntenkoers gaat hij niet verdedigen; hij focust zich op de olympische onderdelen omnium en koppelkoers. WielerFlits sprak de baanspecialist in aanloop naar de mondiale titelstrijd, die woensdag begint.

Zijn eerste weken bij BEAT Cycling Club zijn reeds achter de rug als we Jan-Willem van Schip spreken in sportcafé De Binnenbaan in het Sportpaleis van Alkmaar. De 25-jarige hardrijder heeft een goed gevoel bij zijn nieuwe ploeg, waar hij terechtkon na het stoppen van Roompot-Charles en een moeizame speurtocht naar een onderkomen voor het olympische jaar 2020. “Het is echt een supermooie organisatie, ik word er heel blij van. We hebben met elkaar een plan gemaakt en zij steunen mij volledig in mijn baancampagne. Dus ja, we hebben een goede samenwerking.”

Enthousiast wordt hij van het streven van de ploeg om de overstap te maken naar de ProSeries. “Jaja, ik hoop het! Dat is natuurlijk wel iets met verwachtingen en hopen dat het dan ook lukt, maar ik denk, doordat zij die ambitie uitspreken, dat er sowieso iets kan gebeuren. En de organisatie is in ieder geval zo strak en netjes geregeld, dat ik zou zeggen, waarom niet! Als ik sponsor zou zijn, zou ik met veel plezier aanhaken, want het is heel interessant wat er gebeurt.”

Een van de eerste keren dat we Van Schip in actie zagen met zijn nieuwe team, was in een video uit december waarin hij met zijn ploeggenoten het koude water van de Willem-Alexander roeibaan in Zevenhuizen insprong. “We hadden een teamweekend en ik ben daar wel druk mee, met in koud water zwemmen. Dus toen we even niets te doen hadden, zei ik, kom, we gaan dat doen! Iedereen vond het wel cool. Het is ook wel een aanrader; als je een keer een uurtje over hebt, spring dan in een bak met koud water. Dan maak je het mee.”

Toch zag hij verder nog weinig gelegenheid om zijn collega’s beter te leren kennen door zijn voorbereiding op het WK baanwielrennen in Berlijn. “Zij hebben nog een trainingskamp gedaan in Spanje, daar was ik niet bij. Dat vond ik wel jammer. De startblokken staan klaar om na het WK wel te schakelen, maar nu ben ik gewoon enkel met Berlijn bezig.”

Voorbereiding

Zijn vorige wedstrijden verliepen naar tevredenheid. Eerst was er in Rotterdam de tweede plek in de Wooning Zesdaagse samen met Moreno De Pauw, dan won hij tijdens de Wereldbeker van Milton het omnium en de koppelkoers aan de zijde van Yoeri Havik en nu bijna twee weken geleden waren Van Schip en Havik in Denemarken een klasse apart in de Driedaagse van Kopenhagen. Daar zette het Nederlandse koppel, dat ook samen rijdt tijdens het WK, de concurrentie op meerdere ronden achterstand.

Jan-Willem van Schip slingert Yoeri Havik de baan in – foto: Cor Vos

Iets waarover hij nog altijd opgetogen vertelt. “We hebben iedereen op vijf rondjes gezet! Dat zijn wel echt dingen die supertof zijn. En ik geniet er helemaal van dat ik een nog zoveel betere baanwielrenner ben geworden wat betreft tactiek, slimmigheidjes, uitsmeren, doseren, beter weten wat ik wel kan, wat ik niet kan, dat soort dingen. Helemaal met de koppelkoers; in Milton reed ik in de rondte en dacht, we hebben nu zoveel punten, dus we moeten nu deze sprint winnen en dan kunnen zij er niet meer omheen…”

“Het lijkt heel logisch als ik dat nu zo uitleg, maar je moet beseffen dat je in een hal rijdt aan dertig graden, dat je daar al veertig minuten mee bezig bent en dat je, we hebben het laatst gemeten, met koorts rondrijdt aan hartslag 180. En dan moet je nog even bedenken dat als bijvoorbeeld de Engelsen sprinten, dat je dan mee moet schuiven. Of dat als je boven in de baan rijdt en anderen ziet aangaan, dat je dan bedenkt dat je niet mee hoeft. Dat ik dat overzicht nu heb, vind ik wel heel gaaf.”

Vaardigheden die hij mede te danken heeft aan de ervaren Yoeri Havik, met wie hij nu tijdens de grotere wedstrijden samen rijdt. “En nog steeds is het moeilijk en is het echt een vak apart, maar er zijn wel heel veel dingen die ik nu begin te zien, die logischer worden en waarop ik kan anticiperen. Dat is gewoon echt heel leuk. Dat zie je dan weer terug in Kopenhagen, waar we ineens de boel op vijf ronden zetten. Want toen was het ineens van, oh wacht even, pats, hé pats, hé pats – elke keer op het goede moment.”

WK baan

Zijn continue ontwikkeling als baanwielrenner werpt duidelijk zijn vruchten af. “Daar ben ik trots op. En dat geeft echt wel vertrouwen voor het WK. Ik heb daar echt heel veel zin in.” Twee jaar geleden behaalde hij zijn eerste WK-medailles op de baan: in eigen land pakte hij eerst zilver op de puntenkoers, om een dag later naar het zilver op het omnium te rijden. En vorig jaar in Polen veroverde hij zijn eerste gouden medaille door sensationeel de puntenkoers te winnen.

Goud én de regenboogtrui tijdens het WK in Pruszków – foto: Cor Vos

De bijbehorende regenboogtrui gaat hij in Berlijn niet verdedigen omdat hij zich wil toeleggen op de twee olympische onderdelen: het omnium zaterdag en de koppelkoers een dag later. “Het was een lastige keuze, maar eigenlijk, om het kort samen te vatten: drie onderdelen rijden kan niet. En het is ook geen hagelschieten. Ik bedoel, stel, je rijdt drie keer een scratch. Dan wil je er het liefst tien rijden, want dan is de kans dat je een keer wereldkampioen wordt groot. Want soms moet het net even de goede kant op vallen.”

“In een puntenkoers, en je rijdt de laatste veertig ronden, dan kun je echt verschil maken. In een omnium, en je rijdt de laatste puntenkoers van een omnium, dan kun je echt verschil maken. Een koppelkoers van tweehonderd ronden, dan kun je echt het verschil maken. Dus ik besef, alle drie kan niet. Toen heb ik erover nagedacht van, wat wil ik? Wil ik per se wereldkampioen worden? Dan zou je kunnen zeggen, ik doe de puntenkoers, rustdaggie, koppelkoers. Of zeg je, richting de Spelen, dat het omnium en de koppelkoers de beste keuze is om te doen?”

“Toen kwam ik erachter van…ik ben ooit dit hele project begonnen om daar in Tokio te boren. Dus toen dacht ik, ik ga het omnium en de koppelkoers doen. Tim Veldt (coach bij BEAT Cycling Club, red) zei tegen mij: ‘De kans dat je wereldkampioen puntenkoers kan worden is waarschijnlijk bijna even groot als dat je dat in het omnium wordt.’ Want de ruimte die ik in het begin vorig jaar van de concurrentie kreeg, waarbij ze dachten dat ik mezelf wel kapot zou rijden, die gaan ze nu niet geven.”

In actie tijdens het NK baanwielrennen in Alkmaar – foto: Cor Vos

Op het omnium ziet hij zichzelf als een van de kanshebbers. “Ik denk dat het moet kunnen. Het wordt natuurlijk wel kneiterlastig en ik ga ook niet zeggen van nou, dit of dat, maar ik weet wel dat iedereen die een papiertje erbij pakt, Jan-Willem van Schip aanstreept. Ja, tuurlijk.” Benjamin Thomas, Ethan Hayter en de huidige wereldkampioen Campbell Stewart ziet hij als de belangrijkste tegenstanders. “Ik denk dat dat wel de mannen zijn… En Lasse Norman Hansen.”

Het omnium bestaat weliswaar uit vier onderdelen, maar zich ergens sparen is hij niet van plan. “Sparen weegt niet op, eigenlijk moet je altijd volle bak. Stel, je moet in bijvoorbeeld de scratch-sprint volle bak om over iemand heen rijden om dan twee punten te pakken. Je zou dan kunnen zeggen, nee, die punten laat ik lopen. Die komen later wel terug. Dan moet je in de afsluitende puntenkoers nog ergens die twee punten gaan versieren. Dat doet nog drie keer zovéél pijn. Dus dat gaat niet op.”

Hoewel Van Schip samen met Havik in Milton en Kopenhagen won, maakt dat ze niet een van de grote kanshebbers voor de koppelkoers, zo zegt hij zelf. “Maar we zijn zeker niet kansloos.” Als voornaamste concurrenten noemt hij de Duitsers (Roger Kluge en Theo Reinhardt, de huidige wereldkampioenen), de Denen (Lasse Norman Hansen en Michael Mørkøv), de Belgen (Kenny De Ketele en Robbe Ghys), de Australiërs (Cameron Meyer en Sam Welsford) en de Spanjaarden (Sebastián Mora en Albert Torres), al stond Torres enige tijd aan de kant door een blessure.

“Het is een heel ingewikkelde koers. Als je de afgelopen WK’s terugkijkt, zie je dat er steeds vier à vijf koppels bovendrijven. Dus we hopen dat we daarbij zijn en dat we de anderen dan kunnen bepiepelen in de finale.”

Aanloop naar de Spelen

Normaal gesproken kan Van Schip na het WK gaan toeleven naar de Olympische Spelen in Tokio. Daar gaat hij, als alle benodigde punten voor plaatsing zijn binnengesleept (na het WK baan maakt de UCI de finale balans op welke landen voor elk onderdeel geplaatst zijn), het omnium en, aan de zijde van Havik, de koppelkoers rijden. Triomfantelijk: “Daar ben ik echt heel trots op. Dat vind ik echt súúúpergaaf, ook dat ik praktisch in mijn eentje alle punten voor het olympische omnium gehaald heb.”

Voor het zover is, zien we hem eerst nog in actie op de weg – in zijn nieuwe tenue van BEAT Cycling Club. “Ik kan niet de hele tijd ‘aan’ staan en alles doen, maar ik wil vooral kneiterhard rijden in de Elfstedenronde (7 juni), Baloise Belgium Tour (10-14 juni), Dwars door het Hageland (17 juni) en het NK wielrennen (21 juni). Dat zijn de wedstrijden. Dan kan je zeggen, het zijn er weinig. Maar goed, daar wil ik er echt staan op de weg.”

Vorig jaar won Van Schip een rit in de Belgium Tour – foto: Cor Vos

Belangrijke afspraken Jan-Willem van Schip in 2020
flag-de WK baanwielrennen in Berlijn (26 februari-1 maart)
flag-be Elfstedenronde (7 juni)
flag-be Baloise Belgium Tour (10-14 juni)
flag-be Dwars door het Hageland (17 juni)
flag-nl NK wielrennen (21 juni)
flag-jp Olympische Spelen in Tokio (24 juli-9 augustus)

Dit artikel delen:

4 Reacties

SteelHorseCowboy 22 februari 2020 om 12:21

Boren?

Limal 22 februari 2020 om 12:54

Het is een publiek geheim dat er op de Spelen veelvuldig “extra-sportieve activiteiten” plaatsvinden tussen de atleten en atletes, maar om dat nu zo schaamteloos te benoemen…

Baik-Baik 22 februari 2020 om 21:04

Altijd leuk om een interview met Van Schip te lezen. Rijdt inderdaad erg weinig op de weg, maar vorige seizoen had hij allemaal dnfjes op de weg in het voorjaar na zijn wereldtitel. Dus lijkt me een verstandige keuze.

wielrenner 23 februari 2020 om 14:37

Met koorts rondrijden aan hartslag 180. Verstandig Van Schip!

Headlines

Materiaalzone

Populair