Brabantse Pijl zonder grote namen levert Belgische revelaties op: “Was met Pogacar niet gelukt”
Foto: Fotopersburo Cor Vos
Niels Bastiaens
zaterdag 18 april 2026 om 08:24

Brabantse Pijl zonder grote namen levert Belgische revelaties op: “Was met Pogacar niet gelukt”

Interview Attractief koersen werd niet beloond in de Brabantse Pijl. Uiteindelijk kregen we een heel verrassend podium in de heuvelklassieker, zonder aanvallers Ramses Debruyne (23) en Milan Lanhove (22). Maar de renners van Alpecin-Premier Tech en Flanders-Baloise toonden tijdens de eendagskoers van 1.Pro-niveau wel hun potentieel, iets wat in grote klassiekers vaak lastiger is.

Win maar eens een koers, zegt Sporza-commentator José De Cauwer. Wij stellen het straffer: rijd maar eens in beeld. Door de dominante koersstijl van Tadej Pogacar, Mathieu van der Poel, Remco Evenepoel en Wout van Aert is het wielrennen een sport geworden waarin het clubje dat in de laatste 100 kilometer nog voorin rijdt, vaak zeer beperkt is. Voordien kwam er de nodige kritiek op de afwezigheid van alle toppers in de Brabantse Pijl, maar het opende – in prime time op tv – wel kansen.

“Iedereen denkt dan dat er iets te rapen is”, lacht Lanhove, lid van ProTeam Flanders-Baloise, aan onze microfoon. “Niet dat het dan plots gemakkelijk is, zonder die toppers. Maar het is wel anders koersen. Vanaf die grote mannen eenmaal op stoom zijn, blijven ze maar doortrekken en doortrekken. Nu valt het rapper stil en dan kunnen jongens zoals ik nog iets doen.”

Geen schrik
Lanhove maakte indruk op de kasseien van de Moskesstraat en kwam zo in een elitegroep van een achttal renners terecht. Ook Tibor Del Grosso, Benoit Cosnefroy en Romain Grégoire haakten hun wagonnetje aan. Net als Ramses Debruyne: “Dat ik mee kon met iemand als Grégoire, dat was wel boven mijn eigen verwachting”, lacht die laatste. “Maar ik was al goed uit het Baskenland gekomen en dan kun je hier vaak goede dingen doen. Vorig jaar was het al soms bijna, maar nu lukt het ook tegen renners in topvorm.”

Het was voor de twee dan ook een kwestie van geen schrik te hebben. “Ik wist dat ik geen bang moest hebben van de renners die hier starten”, zegt Lanhove. “De top 5 van de wereld is hier niet, maar ik weet dat ik daarachter wel iets kan. Het was een beetje afzien en een beetje oorlog, maar ik voelde me goed en had misschien nog wel een sprint in de benen.”

Alleen: zo ver kwam het toch niet. Door de inspanningen van tal van ploegen smolt de voorsprong van de leiders met de slotkilometer in zicht als sneeuw voor de zon. Frisse, explosieve mannen als winnaar Anders Foldager en Quinten Hermans kwamen zo boven drijven. “Zonder Wout en Remco aan de start dachten we dat de leiders paardenkracht zouden missen”, legt Hermans uit. “Bovendien beginnen ze in het slot vaak naar elkaar te kijken. Dan maak je nog gemakkelijk een halve minuut goed.”

De kopman van Pinarello-Q36.5 moest dan wel tegen zijn eigen natuur rijden. “Normaal koers ik graag mee. Maar ik voelde dat ik daar vandaag heel voorzichtig mee moest zijn. De sprint die ik reed, had ik ook op een van de klimmetjes kunnen leveren. Maar dat was niet onze bedoeling. We gingen gokken. En met zo spaarzaam te zijn, konden we ook ver komen. Maar de ambities reiken verder dan dit.”

Kennismaking
Voor de jongelingen die in de aanval gingen, ligt dat anders. Het was voor het grote publiek de eerste kennismaking met Lanhove en Debruyne. Eerstgenoemde, tweedejaarsprof uit Halle, zag zijn zelfvertrouwen zienderogen groeien. “Hier kan ik op voortbouwen. Ik hoop dat ik mezelf in de toekomst in dit soort koersen kan uitbreiden. Zondag wacht de Amstel Gold Race, die streek ligt me. Dus daar wil ik me opnieuw tonen.”

Debruyne, de Rollegemse tweedejaarsprof bij het Alpecin-Premier Tech van Mathieu van der Poel, blijft voorzichtiger. “Hier waren we met een jonge groep, dan kun je voor jezelf rijden. In de grote klassiekers is het met een meer ervaren groep, dan moet je bijleren en werken. En ook, vanaf de Waalse Pijl komt toptalent Paul Seixas er al weer bij. Daar heb ik vorige week tegen gekoerst en ik wist snel hoe laat het was. Met Pogacar erbij is het nog een ander verhaal. Om mezelf te bewijzen was dit de beste kans.”

Bestel de Zomergids
Tour de France Poster