Onbegrensde schoonheid op de beklimming naar La Bérarde

Onbegrensde schoonheid op de beklimming naar La Bérarde

foto's: Ties Wijntjes

dinsdag 6 december 2022 om 17:03

Onbekend maakt onbemind, zo ook beklimmingen in de Alpen. In een bergketen die een oppervlakte beslaat waar Nederland ruim zeven keer in past, is er altijd weer een nieuwe verrassing. Een dergelijk soort beklimming is de doodlopende weg naar het dorpje La Bérarde.

Diep in het Parc National des Écrins ligt het kleine bergdorpje La Bérarde verstopt. Op bijna 35 kilometer rijden van Le Bourg-d’Oisans is het dorp behoorlijk geïsoleerd. Een camping, twee hotels, een chalet, een café, een snackbar en een pannenkoekenrestaurant is alles wat je er treft.

Exact: het stelt eigenlijk niet zoveel voor. Het dorp zelf welteverstaan, want de wilde bergomgeving die eromheen ligt, is bijzonder indrukwekkend. Een schijnbaar eindeloos dal, een wild kolkende rivier en elke bergtop is hoger dan degene naast hem: dit is hoe velen zich het hooggebergte zullen voorstellen.

Ook de geschiedenis is geen reden om naar deze klim te trekken. De koers kwam er nooit, noemenswaardige gebeurtenissen zijn er hier sowieso amper. Dit is een bestemming voor bergliefhebbers pur sang, want vrijwel iedereen die hier komt ziet het dorp als startpunt van een wandeling of als eindpunt van een beklimming per fiets. Het is absoluut de schoonheid van de bergen die men naar hier trekt.

De klim begint net buiten Le Bourg-d’Oisans. Fijn, want als je in of nabij het bekende dorp in de Franse Alpen verblijft, heb je dus een paar kilometer de tijd om wat op te warmen. Dat opwarmen is overigens anders ook geen probleem, want de klim begint relatief kalm. Zijn lengte van 27,3 kilometer is heel indrukwekkend, het gemiddelde stijgingspercentage van goed 4% een stuk minder.

La Bérarde, Auris, France

• Distance: 27.3 km, Elevation: 967 m, Avg. Grade: 4.3 %

De eerste kilometers voeren over een brede weg door een relatief dik bos. Af en toe vang je al een glimp op van de bergen die je omringen, maar spectaculair is het uitzicht nog niet te noemen. De weg loopt vanaf de start langs de rivier Le Vénéon, wat met zijn grote Turquoise stroom water een indrukwekkend gezicht vormt.

Een paar kilometer vals plat, een vlakke passage, paar honderd meter stevig klimmen, de weg vlakt weer even af en je daalt zelfs een stukje; zo loopt ongeveer de eerste tien kilometer van de klim. Het bos begint dan al steeds meer te openen, waardoor je de bergen om je heen goed ziet en ook goed ziet veranderen. Naarmate je hoger komt, transformeert de klim in rap tempo en is er dus steeds ander natuurschoon te bewonderen.

Het dorpje l’Alleau is een van de weinige tekens van leven langs de eindeloze bergweg en tevens een aankondiging van de eerste uitdagende passage. De weg die tot dan toe door de bodem van de vallei liep, klimt opeens langs een bergwand omhoog door een bos. Een kleine kilometer duurt deze passage, maar als je het bos uitrijdt, kijk je opeens neer in de vallei. Mooi uitzicht, maar het harde werken blijft, want de weg stijgt hier een kilometer aan 11% volgens bordjes langs de weg. Mijn benen vertellen me dat dat bordje het aan het juiste eind heeft: het is hier even doorbijten.

Niet voor lang, want de klim vlakt vervolgens weer even af. Het wonderschone uitzicht blijft, vanaf nu is er altijd iets om je bij te vergapen. Als het niet de schoonheid van de omgeving is, is het wel de rust. Verkeer, bebouwing of überhaupt enig teken van leven tref je hier amper. Genieten is op deze klim de norm.

Na een paar kilometer volgt een tweede passage waar het weer even echt klimmen is. Een achttal haarspeldbochten en wederom een passage met stijgingspercentages in dubbele cijfers is het laatste echte obstakel tot de finish, want hierna komt de klim zelden nog boven de 5% uit.

Evengoed is het absoluut niet gedaan, want het is nog een kleine tien kilometer naar La Bérarde. Tien kilometer door een adembenemend mooi landschap, dat na iedere bocht nóg wat mooier lijkt te worden. Vooral de laatste zeven kilometer springen eruit. Hier wil je geen haast hebben, want de omgeving is bloedmooi.

De vallei splitst in tweeën en een korte tunnel brengt je naar het oostelijke deel, waar je eerst een paar kilometer in vals plat dalende lijn aflegt. Hier heb je voortreffelijk zicht op de hoge uitschieters van het Parc National des Écrins, met zijn pieken tegen de 4.000 meter aan. Geen boom of struik blokkeert nog het zicht; het natuurgeweld wordt hier op een presenteerblaadje opgediend.

De glooiende slotstroken zijn praktisch een ereronde. Na de lange klim zit er ongetwijfeld wat vermoeidheid in, maar uitdagend is het slot met stijgingspercentages rond de 3% niet. Zelfs na zo een lange klim blijft het genieten geblazen in deze bijzondere omgeving; de schoonheid gaat simpelweg niet vervelen.

De laatste kilometers: beeldschoon

Ironisch genoeg is de top van deze klim niet eens het meest spectaculaire punt. Tuurlijk; het uitzicht over het grindpad, waar de weg in over gaat, dat diep het nationale park inloopt is mooi, maar de vele bergtoppen en rotsformaties waar je langs ben gefietst, zijn misschien nog wel indrukwekkender. Afijn, het is een luxeprobleem, want al was het slot van de klim het enige punt van schoonheid, zelfs dan zou het de rit waard zijn.

Genieten is op deze beklimming een understatement. De klim naar La Bérarde vereist geen lange samenvatting, want de route is heel simpel te beschrijven: het is schoonheid in het kwadraat, maar liefst 27,3 kilometer lang.

Dit artikel delen:

5 Reacties

Edwin Jansen 6 december 2022 om 18:21

Mooie herinneringen aan deze klim. Vaak de rit vanuit het bekende hotel in Venosq op de ‘rustdag’. Bleef altijd weer apart om in het dorpje te eindigen. Er zijn veel mooie klimmen in de Alpen die dood lopen.

Stephen 7 december 2022 om 09:40

Na 9 kilometer vanaf de start van de beklimming kom je langs Venosc waar een mooie camping is.

girardengo 7 december 2022 om 12:31

Mooi verhaal. Naast het schitterende landschap vond ik het indertijd ook een verademing om op een rustige weg te fietsen, na de (vakantie-)drukte op de hoofdweg naar Le Bourg d’Oisans (en op de Alpe d’Huez tijdens de finish van een Touretappe).

Marcus Aurelius 8 december 2022 om 20:25

Skiworld runde vroeger daar een hotelletje in Venosc waar ik me momenteel de naam niet van herinner, en waar je ook in de zomer naartoe kon en dat voor een zeer klein bedrag. Een paar honderd Euro was het maar, eten inbegrepen met nog een hoop activiteiten inbegrepen. Rafting, mountainbike etc … Geen idee of het nog bestaat.

Klimmer pur sang 11 december 2022 om 00:19

Fantastische rit.

Reactie plaatsen

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.

Populair

Materiaalzone