Terugblik 2009: Maart

dinsdag 27 oktober 2009 om 07:18

Het wielerjaar 2009 is inmiddels zo goed als voorbij, maar dat betekent niet dat Wielerflits op zwart gaat. Naast het veldrijden en baanwielrennen kijken we de komende weken aan de hand van een aantal terugblikken terug op het afgelopen wegseizoen. Dit is het tweede en hierin kijken we terug naar de maand maart. Parijs-Nice, Tirreno-Adriatico, Milaan-Sanremo en een vele andere koersen komen ter sprake.

De eerste dag van maart werden meteen drie 1.1 wedstrijden verreden. Daarvan is Kuurne-Brussel-Kuurne toch wel de bekendste. De andere twee, de GP di Lugano en de Clasica de Almeria werden gewonnen door respectievelijk Rémi Pauriol en Gregory Henderson. Rabobank deed net als een dag eerder in de Omloop het Nieuwsblad weer goed mee in Kuurne-Brussel-Kuurne. Helaas voor de bankiersploeg was Quick-Step net iets sterker. Na een interessante finale was er een kopgroep van dertien man ontstaan waarin zowel Rabobank als Quick-Step drie man mee hadden zitten. Juan Antonio Flecha probeerde in de laatste kilometers een ultieme jump, maar hij werd teruggehaald door de ijzersterke Sylvain Chavanel. Vervolgens was het een koud kunstje voor Tom Boonen om Bernhard Eisel en Jeremy Hunt naar plek twee en drie te verwijzen in de sprint.

Flecha zwicht voor Sylvain Chavanel

Op vier maart was het weer een drukke koersdag, er werden in Italië, Spanje en België koersen verreden. Mirco Lorenzetto had zijn goede vorm uit de Giro di Sardegna (2.1) meegenomen naar de Giro del Friuli (1.1). En dat hebben Grega Bole en Manuel Belletti geweten, zij werden er net als dertig anderen uitgesprint door de rappe Italiaan. België was het toneel van de Le Samyn (1.1), waarin Wouter Weylandt te sterk was voor Rémy Cusin en Björn Leukemans. Laatstgenoemde probeerde in de slotkilometer nog weg te rijden, maar Weylandt haalde hem bij, en won vervolgens met gemak de sprint.

Lorenzetto zegeviert in barbaarse omstandigheden

Niet alleen ééndagswedstrijden kwamen aan bod op vier maart, ook de Ronde van Murcia (2.1) ging van start. Uiteindelijk werd die wedstrijd een heus feestje voor de Rabobank-ploeg, die zo voortvarend aan het nieuwe wielerseizoen begon. Graeme Brown zorgde in twee vlakke etappes voor etappewinst, Denis Menchov en Koos Moerenhout werden drie in vier in de tijdrit. En in de koninginnenrit wist Menchov, met wat hulp van ploeggenoot Pieter Weening, ook nog eens naar een derde plek te sprinten, Door deze constante prestaties mocht de Rabo-Rus zich de eindwinnaar noemen van deze Spaanse etappekoers.

Slotetappes

Voordat Parijs-Nice en de Tirreno-Adriatico van start gingen, stonden nog twee mooie wedstrijden op het programma. De eerste was de Driedaagse van West-Vlaanderen (2.1), die dat vooral te danken had aan de aanwezigheid van de Vacansoleil-ploeg. Zij pleegden een mooie coup in de eerste etappe van Kortrijk naar Bellegem. Johnny Hoogerland kwam na een dag aanvallen solo over de streep, met een kleine voorsprong op ploeggenoot Jens Mouris. Ondanks dat Hoogerland geen grote voorsprong had, wist hij de leiderstrui de resterende twee etappes te verdedigen.

De tweede mooie wedstrijd die op het programma stond was de Monti Paschi Eroica (1.1). Een kruising tussen Parijs-Roubaix en de Ronde van Vlaanderen. Er wordt over onverharde wegen gereden, maar tussendoor staan ook nog een aantal pittige beklimming op het programma. Hoogtepunt is toch wel de finish in Sienna, na een korte maar lastige beklimming. Na 190 kilometer strijd bleek de jonge Zweed Thomas Lövkvist de sterkste van een grote kopgroep. Hij achterhaalde in de slotkilometer de weggesprongen Linus Gerdemann, die vervolgens helemaal geparkeerd stond. Wegmann en Elmiger konden de ontketende Lövkvist in de laatste honderden meters niet meer bijhouden en werden tweede en derde.

Monte Paschi Eroica

Met Parijs-Nice (2.HIS) werd de eerste ronde van naam van het seizoen 2009 verreden. Net als vorig jaar was de titelverdediger, in dit geval Davide Rebbelin, niet van de partij. Ook de Nederlandse revelatie van vorig jaar, Robert Gesink, prefereerde de Tirreno-Adriatico boven de ‘Koers naar de Zon’. Alberto Contador, de winnaar van 2007, was ditmaal wel van de partij en daarmee meteen de topfavoriet voor de eindzege. Die status bevestigde de Spanjaard van Astana al meteen in de 9,3 kilometer lange proloog in Amilly, waar hij erkende tijdrijders als Bradley Wiggins, Luis Leon Sanchez, Tony Martin, David Millar, Joost Posthuma en Sylvain Chavanel knap achter zich hield.

De proloog

De eerste rit in lijn, waarin voorjaarsrevelatie Heinrich Haussler respectievelijk Mark Renshaw, Mirko Lorenzetto en de Nederlander Tom Veelers in de massasprint aftroefde, kwam Contador makkelijk door, maar in de daaropvolgende rit incasseerde hij een fikse tik. Onder aanvoering van een ontketende Rabobank-ploeg werd het volledige peloton uit elkaar getrokken, en de Spanjaard raakte in een achtervolgende groep verzeild. Vooraan bleven alleen de Rabo’s Langeveld, Flecha en Garaté, de Duitser Marcus Burghardt en de Quick-Steppers Sylvain Chavanel en Kevin Seeldrayers over, even later aangevuld door de vroege vluchters Stéphane Augé en Jurgen Roelandts. Chavanel ging na een spannende slotfase met de zege lopen en pakte ook de leiderstrui, terwijl het peloton meer dan een minuut moest toegeven.

Waaiers

De twee dagen daarna rondden de Amerikaan Christian VandeVelde en de Fransman Jéremey Roy een lange vlucht succesvol af en verzekerde de Duitser Tony Martin zich van de bolletjestrui. Ook Skil-Shimano liet zich zien, onder meer met een tweede plaats van Jonathan Hivert in de vierde rit. Etappe zes stond weer garant voor spektakel, aangezien de finishlijn bovenop de befaamde Montagne de Lure getrokken was. Leider Chavanel moest al snel lossen en kon zijn ambities voor de eindzege alweer zo goed als opbergen. De getergde Contador was echter oppermachtig. Zonder op de pedalen te gaan staan liet hij zijn laatste tegenstanders Frank Schleck en Toni Colom achter zich en ‘danste’ hij naar én een imponerende etappezege én de gele leiderstrui.

Hier ging het goed met Contador

De tweede eindzege van Contador in Parijs-Nice leek onvermijdelijk, maar in de zevende en op één na laatste rit gebeurde het onmogelijke. In eerste instantie leek alles nog op rolletjes te lopen voor de Spanjaard. Op de Col de Bourigaille maakte hij samen met de andere favorieten de koers wat resulteerde in een favorietengroep met naast de leider ook nog Antonio Colom (Katusha), Sylvain Chavanel (Quick Step), Sandy Casar (Française des Jeux), Luis Léon Sanchez, David Lopez Garcia (Caisse d’Epargne), Fränk Schleck en Jens Voigt (Saxo Bank). Na enkele speldenprikken van zijn concurrenten begon Contador echter wat zwakheden te vertonen en op een snijdende demarrage van zijn landgenoot Luis Léon Sanchez op vijftien kilometer van de meet had hij dan ook geen antwoord. Terwijl Sanchez steeds verder uitliep, werd de afgematte Contador ook nog eens door de rest van zijn concurrenten glad uit het wiel gereden. Tot overmaat van ramp stoomde zelfs het achtervolgende peloton de ontmoedigde Spanjaard voorbij. Vooraan reed Sanchez stug door en pakte de etappezege. Zijn voorsprong van vijftig seconden op een achtervolgend trio met daarin Toni Colom, Frank Schleck en Sylvain Chavanel was tevens genoeg om de leiderstrui aan te mogen trekken.

Maar hier niet

In de lastige slotrit naar Nice toonde Contador echter veerkracht door de aanval te kiezen en samen met Aitor Hernandez en David Lopez zo’n twee minuten uit te lopen. Contador liet die twee metgezellen achter zich, maar kreeg in de slotfase wel gezelschap van Frank Schleck en Toni Colom. Laatstgenoemde spurtte uiteindelijk naar de etappewinst. Leider Sanchez hield het hoofd koel en mocht de eindzege in de Koers naar de Zon op zijn palmares bijschrijven. Frank Schleck legde beslag op plaats twee terwijl Sylvain Chavanel ondanks een valpartij ook het podium op mocht. De Fransman won ook nog eens de groene puntentrui en zijn Belgische ploegmaat Kevin Seeldraeyers werd knap eerste in het jongerenklassement. Tony Martin, de hele week veelvuldig in de aanval, won verdiend de bolletjestrui.

Antonio Colom zegeviert

Met de Tirreno-Adriatico (2.HIS) werd het Italiaanse wielerseizoen echt geopend. Titelverdediger Fabian Cancellara was niet fit waardoor de weg voor een nieuwe eindlaureaat volledig open lag. In de eerste rit, doorgaans een prooi voor de sprinters, zorgde de Fransman Julien El Fares en de Oekrainer Vladimir Duma voor een verassing door het jagende peloton nipt voor te blijven. El Fares bleek sneller dan Duma en boekte zo zijn mooiste zege in zijn nog prille carrière. Bovendien mocht hij ook de eerste leiderstrui in de Tirreno-Adriatico van 2009 aantrekken.

Ze houden net genoeg voorsprong

In rit twee mispakten de sprintersploegen zich niet, maar door de aanwezigheid van enkele flinke kuitenbijters in het parcours kon onder meer de Britse spurtbom Mark Cavendish niet meedoen in de strijd om de ritzege. Alessandro Petacchi kon dat wel, en met dank aan de sterke trein van LPR boekte de Italiaan weer eens een grote zege. In de daaropvolgende rit was Cavendish echter wel vooraan in het peloton te rekenen, en zoals verwacht leek hij zonder al te veelt tegenstand naar de zege te spurten. Dat was echter buiten Tyler Farrar gerekend. De tot dan toe redelijk onbekende Amerikaan slaagde erin om vanuit het wiel van Cavendish naar de zege te spritnen en zorgde zo voor een daverende verassing.

Farrar verrast vriend en vijand

De dag daarna stond de etappe naar de door iedereen gevreesde ‘puist’ Montelupone op het programma. Echter nog voor men aan de vreselijk steile klim begon, was Nederlands hoop Robert Gesink door een val al uitgeschakeld voor zowel de ritzege als het algemene klassement. Ook zonder Gesink zorgde de Montelupone voor spektakel. Thomas Lövkvist bepaalde op de eerste stroken het tempo, maar de winnaar van vorig jaar, Joaquin Rodriguez, vond het niet snel genoeg gaan. De Spanjaard van Caisse’Epargne koos het hazenpad en niemand, ook Davide Rebellin niet, slaagde erin hem nog te achterhalen.

Rodriguez danst op de pedalen

De vijfde etappe van de zevendaagse rittenkoers was een individuele tijdrit over 30 kilometer. Normaal gesproken een kolfje naar de hand van Fabian Cancellara, maar de sukkelende Zwitser kwam er niet aan te pas. Stijn Devolder kwam dat wel, en noteerde een tijd die snel genoeg leek voor de zege. Dat was echter buiten de Duitser Andreas Kloden gerekend. Hij deed nog beter, en mocht zich ook de nieuwe leider noemen in de rittenkoers, die hij twee jaar geleden op zijn naam schreef.

Er stond hem echter nog een zware beproeving te wachten, in de vorm van een bergachtige rit van 235 kilometer naar Camerino. Die beproeving bleek te zwaar voor de Duitser, want op de lastigste klim van de dag, de vijftien kilometer lange Sasso Tetto, kon hij een vinnige versnelling van Michele Scarponi niet volgen. Ook de rest kon dat niet, behalve Scarponi’s landgenoten Stefano Garzelli, Ivan Basso en Vincenzo Nibali. Op de slotklim moest Nibali de rol lossen, en zoals verwacht waren de explosieve Scarponi en Garzelli te snel voor Basso. Eerstgenoemde won de rit, en pakte tevens de leiderstrui.

Korte samenvatting

Die trui kwam in de vlakke slotetappe niet meer in gevaar, waardoor de Italiaan van Diquigiovanni zijn eerste zege na zijn dopingschorsing behaalde. Stefano Garzelli en Ivan Basso mochten mee het podium op. De slotrit werd gewonnen door de snelle Mark Cavendish, voor Tyler Farrar. De Brit nam hiermee revanche op de gevoelige tik die de Amerikaan hem in de derde rit gegeven had.

Toch nog een zege voor Mark

Tom Leezer had Graeme Brown zo goed geholpen bij de eerste wedstrijden van het seizoen dat de Australiër wat terug wilde doen. Nokere Koerse (1.1) was daar de perfecte gelegenheid voor. Brown zou de sprint gaan aantrekken voor Leezer, maar zover kwam het uiteindelijk niet. Leezer trok in de slotfase met zes anderen in de aanval, zij werden echter weer bijgehaald. Rabobank werd in de daaropvolgende massasprint niet teleurgesteld door Graeme Brown, de Australiër won na een chaotische laatste kilometer voor Ben Swift en Sebastian Chavanel. Het was al zijn vierde overwinning van dit seizoen.

Nummer vier voor Brown

21 maart was dan eindelijk de eerste echte klassieker van het seizoen aangebroken: Milaan-San Remo (1.HIS). Helaas was de wedstrijd helemaal niet interessant om naar te kijken. Op de Cipressa werd in tegenstelling tot een jaar eerder niet hard doorgetrokken, en op de Poggio ontplofte het pas vlak voor de top. In de daarop volgende korte afdaling konden alle topspurters weer terugkeren. De laatste kilometer van Milaan-San Remo maakten de andere 297 wel weer gedeeltelijk goed.

Mark Cavendish was de meest opvallende verschijning vooraan in de slotfase. Velen, waaronder Tom Boonen, dachten dat Milaan-San Remo te zwaar zijn voor de rappe Brit. Hij bewees echter het tegendeel, hetzij met moeite. Op driehonderd meter van de streep zette Heinrich Haussler aan. De Duitser leek Thor Hushovd te gaan brengen, maar die liet heel slim een gaatje vallen. Zo was er al heel snel een gat, wat Cavendish probeerde te dichten. Alles werd gegeven door Mark Cavendish, en uiteindelijk pakte hij op de streep Heinrich Haussler, die zo winst in Milaan-San Remo door zijn vingers zag glippen.

Cavendish doet het toch

Een dag later zou het in de Ronde van het Groene Hart (1.1) een groter slagveld worden dan in Milaan-San Remo. Dat had vooral te maken met het rijden door de polders en de harde wind. Na een dag waaierrijden, liet Vacansoleil zich in het ootje nemen door Geert Omloop. Vacansoleil zat in de beslissende ontsnapping mee met Vierhouten, Traksel en Westra, zij moesten proberen Brown, Omloop, Müller en Forster te verslaan. Helaas voor Vacansoleil slaagde zij er niet in om weg te rijden voor de finish, en in de sprint waren Omloop en Brown te snel.

Weer een dag later begon de Vuelta Castilla y Leon (2.1). Deze Spaanse rittenkoers had een interessant deelnemersveld met onder meer Denis Menchov, Lance Armstrong, Alejandro Valverde, Alberto Contador en Levi Leipheimer. Dit zou de eerste en enige koers zijn die Contador en Armstrong met elkaar zouden rijden voor de Ronde van Frankrijk. Jammer genoeg hebben ze niet zo lang met elkaar gereden, Armstrong viel in de eerste etappe en moest uitstappen. Onderzoek in het ziekenhuis wees uit dat het een sleutelbeenbreuk was, hierdoor viel de Giro-voorbereiding van de Texaan in het water.

Armstrong na zijn val

Natuurlijk werd er gewoon doorgereden. Valverde en Leipheimer waren de mannen van deze etappekoers. Twee etappezeges en een negende plek in het algemeen klassement werd het voor de Spanjaard, de Amerikaan won slechts één etappe maar mocht zich wel tot eindwinnaar kronen. Sterk werd er gereden door het Rabo-duo Stef Clement en Denis Menchov. In de tijdrit werden ze vier en vijf, en met een goede koninginnenrit wisten ze ook op die plekken te eindigen in het eindklassement.

Feestje van Leipheimer en Valverde

Terwijl Armstrong wegviel uit de Vuelta Castilla y Leon, deed Cadel Evans zijn werkgever Silence-Lotto een groot plezier. De Australiër won een etappe in de Settimana Coppi e Bartali (2.1), een Italiaanse ronde die gedomineerd werd door Damiano Cunego. Het was voor Silence-Lotto pas de eerste zege van het seizoen. Met de naderende voorjaarsklassiekers deed de andere Belgische ProTour-ploeg, Quick-Step, het ook goed. In Dwars door Vlaanderen (1.1) zaten ze met drie man mee in de beslissende ontsnapping, die vijf man telde. Kevin van Impe maakte het uiteindelijk af in een sprint-à-deux tegen Nico Eeckhout.

Eeckhout wordt verslagen door Van Impe

De volgende voorbereidingskoersen voor de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix waren de E3-prijs Vlaanderen (1.HC) en de Driedaagse de Panne-Koksijde (2.HC). In de eerste wedstrijd werd Tom Boonen er verassend genoeg uitgesprint door Filippo Pozzato. Daarmee liet de Italiaan zien dat hij een gevaarlijke klant zou zijn in de naderende klassiekers. Dat deed hij overigens een aantal dagen nog een keer in de Driedaagse de Panne-Koksijde.

Slotfase E3-prijs Vlaanderen

Silence-Lotto liet zich in de Driedaagse van de Panne in de eerste etappe eindelijk eens goed zien dit voorjaar, maar toch grepen ze naast de zege. Zij waren goed vertegenwoordigd in een kopgroep van 25 man, die snel een groot gat sloeg met het peloton. Quick-Step had de slag gemist, net als Filippo Pozzato, Greg van Avermaet en Frederik Willems. De laatste drie konden in tegenstelling tot Boonen en Van Impe de sprong maken naar de 25 vooraan.

Willems en Pozzato bleken niet voor niets als één van de weinige de sprong naar voren te kunnen te maken. Deze twee sprongen na elkaar weg uit de kopgroep en werkten, toen ze bij elkaar kwamen, zo goed samen. Ze waren zo sterk dat ze bijna een minuut wegreden bij de achttien achtervolgers. In de sprint moest Willems geheel zoals verwacht zijn meerdere erkennen in Filippo Pozzato. Maar de Belg had zich wel een mooie uitgangspositie verschaft in het eindklassement. Mark Cavendish won de twee daaropvolgende massasprints met gemak, terwijl zijn landgenoot Wiggins de slottijdrit won. Doordat Pozzato niet meer startte in de slottijdrit, slaagde Willems er met een goede tijdrit erin om het eindklassement te winnen, voor Joost Posthuma en Tom Leezer.

Kort overzicht van de Driedaagse de Panne-Koksijde

Good-old Jens Voigt heeft één wedstrijd die hem meer dan goed ligt en dat is het Criterium International (2.HC). Ongeveer een vijfde van zijn zeges, die hij behaalde in zijn lange carrière, was in deze Franse wedstrijd. Ook dit jaar was het weer raak: in een korte maar zware ochtendrit bleek hij na lang in de aanval gereden te hebben de sterkste. Hoewel Frantisek Rabon dezelfde middag in de korte tijdrit dichtbij kwam, hield Voigt toch twee seconden over.

Jens verlengt zijn abonnement

Terugblik:
Januari en Februari

Door stoemper en F4L

Dit artikel delen:

Laatste nieuws

Materiaalzone

Populair