Simon Clarke blikt terug op Amstel Gold Race: “Van der Poel wilde de zege meer dan wie ook die dag”

Door , maandag 27 april 2020 om 21:00
Simon Clarke blikt terug op Amstel Gold Race: “Van der Poel wilde de zege meer dan wie ook die dag”

Clarke feliciteert Van der Poel - foto: George Deswijzen

In de voorbije week had Simon Clarke als kopman van EF Pro Cycling gehoopt te schitteren in de Ardennenklassiekers. Vooral in de door hem geliefde Amstel Gold Race. De laatste editie van die koers is onlosmakelijk verbonden met de zege van Mathieu van der Poel. Maar wat was eigenlijk het verhaal van de verrassende nummer twee? We spraken via Skype meer dan een uur met hem. “Ik ben blij dat ik onderdeel was van die nog nooit meegemaakte emotionele rollercoaster”, vertelt Clarke enthousiast. Herbeleef zijn wedstrijd.

De eerste uren van de Amstel Gold Race 2019

In de winter van 2018 op 2019 kreeg de nu 33-jarige Clarke een taak mee van teambaas Jonathan Vaughters. ‘School je om tot eendagscoureur’, luidde de boodschap. Samen met zijn trainer Michele Bartoli (onder meer winnaar van de Amstel, Luik-Bastenaken-Luik, de Ronde van Vlaanderen en de Ronde van Lombardije) werkte hij hard aan dat doel. Via een sterk voorjaar stond hij op zondag 21 april volgens planning in opperbeste conditie aan de start op Het Vrijthof in Maastricht. “Ik houd van de Amstel Gold Race. Het is altijd een passie van mij geweest om die koers te doen. Luik-Bastenaken-Luik is met mijn kwaliteiten net iets te zwaar. Zeker sinds Roche-aux-Faucons is verplaatst. But I just absolutely love the Amstel.”

“Toen ik jong was, groeide ik op met baanwielrennen in Australië”, vervolgt Clarke zijn liefdesverklaring. “Tijdens het baanseizoen reden we destijds veel criteriums, vaak twee keer per week. Ik leerde hoe je in positie moest blijven, hoe je moest vechten voor iedere bocht. Eigenlijk is de Amstel Gold Race een criterium van 250 kilometer”, grinnikt hij. “Het enige verschil is dat je er niet in kleine rondjes rijdt. Ik voel me echt thuis in die koers. Het vergt zo veel concentratie, maar je moet er juist voor zorgen dat je genoeg overhoudt om in de finale te presteren. Dat is niet gemakkelijk. Een renner heeft normaal gezien echt een paar jaar nodig om het parcours onder de knie te krijgen.”

Clarke kleurde de finale van de Amstel al eens eerder in 2015 – foto: Cor Vos

Bij zijn ploeg EF Pro Cycling zijn de schijnwerpers voor de start gericht op Alberto Bettiol, die twee weken eerder zegevierde in de Vlaanderens Mooiste. “Hij had uiteraard een supervorm. We hadden de week vooraf ook de Brabantse Pijl gedaan. Hij was daar heel erg sterk. We misten de beslissende slag, maar Alberto won het sprintje daarachter met twee vingers in zijn neus. Ook ik was heel goed in orde. Ondanks dat ik ook sterk reed en gemotiveerd was, respecteerde ik dat Bettiol over een ongelooflijke vorm beschikte. Hij was normaal gesproken de kopman.”

Eerder tankte Clarke in Strade Bianche (achtste) en Milaan-San Remo (negende) veel vertrouwen. Die conditie probeerde hij mee te nemen naar Nederland.  “In de eerste uren van de koers probeer ik me altijd af te sluiten. Pas na de tweede bevoorrading schiet ik in gang. Tot die tijd is het belangrijk om uit de problemen te blijven. Ik heb daarvoor een foefje. Ik dwing mezelf altijd om in het midden van één baan te rijden. Normaal gesproken ga je op het midden van de weg rijden en ben je veilig. Maar in Nederland heb je heel veel verkeerseilanden. Ik probeer daarom altijd in het midden van de linker of rechter rijbaan te blijven. Dan is de kans het kleinst dat ik in de knoei kom met verkeersobstakels.”

‘Die veldrijders kiezen niet voor de gebaande wegen’

Toen in de tweede bevoorradingszone zijn denkbeeldige wekker afging, bevond hij zich – in tegenstelling tot eerdere deelnames – vooraan in het peloton. Hij pakte direct zijn etenszak goed aan, waardoor hij ook voorin kon blijven. “Ik vergeet nooit hoe die jongen van Lotto Soudal daarna op kop tempo bleef rijden in de daaropvolgende fase. Het is heel nauw en normaal gezien kun je daar op vijftien kilometer nauwelijks opschuiven. Door het verschroeiende tempo van Lotto Soudal was dat vorig jaar schier onmogelijk. Ik bleef maar tegen mezelf zeggen: ‘Het is goed dat ik in deze positie zit, want hier bespaar ik mezelf erg veel energie mee vergeleken met jongens die achter mij rijden’. Zoals ikzelf in andere jaren”, lacht hij. “Ik wist dat ik daar een kleine veldslag gewonnen had.”

Op de Gulperberg werd de snelheid iets gedrukt. Plots stoof daar MVDP weg. Een rare plek, gezien het feit dat daarna een brede baan volgt. “Máár”, stelt Clark. “We weten intussen dat veel van die cyclocross-jongens zich graag smijten en alles op hun eigen manier doen. Chapeau, daar is niets mis mee! Wegwielrenners kijken vaak vrij traditioneel naar de koersen. Zo van: ‘Oké, iedereen valt altijd hier aan en op deze manier’. Maar die veldrijders bewijzen dat het niet altijd via de gebaande wegen hoeft te gaan. Op dat moment dacht ik echt: ‘Alright, misschien gaat hij het script om de Amstel te winnen herschrijven’. Maar het directe gevolg van die aanval, was de reactie van Deceuninck-Quick-Step. Zij werkten hard om Van der Poel terug te halen, maar daarna zetten ze vol in op een full team attack.”

Clarke tijdens het interview – foto: Screenshot Youri IJnsen

“Het was duidelijk dat ze Van der Poel wilden laten boeten voor zijn poging”, gaat de Australiër verder. “Je kunt de Gulperberg niet zo snel oprijden zoals hij deed en daarmee onnodige energie te verspillen, moet hun strekking zijn geweest. Dat lukte Quick-Step, waarna Julian Alaphilippe en Jakob Fuglsang met een super indrukwekkende move wegreden. Voor ons draaide dat ook goed uit, omdat Michael Woods meezat. Wij waren heel erg blij met die situatie, omdat Bettiol op die manier uit de vuurlinie bleef. Ik bleef ervoor zorgen dat we als team de situatie onder controle hadden. Op dat moment dacht ik dat de koers gelopen was. Ik was vrij zeker dat Van der Poel niet de ploeg had om Alaphilippe en Fuglsang terug te halen, die al snel een voorsprong van een minuut hadden.”

Bovenop de Keutenberg krijgen ze bij EF Pro Cycling te horen dat Michael Woods vooraan heeft moeten lossen. “Ineens koersten we achter de feiten aan. Ons geluk was dat we nog met vier man in onze groep zaten. Waar we eerst de druk bij Corendon-Circus neergelegd hadden, overlegden Alberto en ik met elkaar over wat we moesten doen. Met die situatie zouden we als team sowieso niet winnen. Dus nam ik mijn oude rol als wegkapitein weer aan. Toen Michael terugviel in onze groep, ben ik meteen naar hem toe gereden: ‘Woods, je bent gelost. Maar je moet nu proberen om die koplopers terug te pakken”. Clarke moet nu lachen om die uitspraak. “Hij en ook Lawson Craddock verrichtten daarna berenwerk, tot aan de voet van de Cauberg. Net voor het ingaan van de finaleronde moesten zij eraf.”

Partners in crime: Clarke en Mollema

Het uitmuntende werk van Woods en Craddock leidde ertoe dat de overige renners van die groep op de Cauberg probeerden weg te rijden. Maar vlak voor de voorlaatste passage aan de finish dreigde het stil te vallen. “Net voor de streep zette iedereen zich een beetje recht, om op adem te komen. Bauke Mollema viel toen aan. In de koers heb je altijd het gevoel: ‘Dít is de aanval waarin ik mee moet’. Bauke is een supersterke renner. In de Vuelta van 2018 duelleerde ik nog met hem om ritwinst en als coureur ken ik hem vrij goed. Wanneer je in het peloton iemand mag uitkiezen met wie je in een duo een aanval wilt opzetten, dan staat Mollema bij de eersten op die lijst. Ik geloof dat hij een heel eerlijke renner is”, vindt Clarke.

De coureur van EF Pro Cycling is van mening dat hij qua renner wel wat op zijn collega van Trek-Segafredo lijkt. “Hij is supersterk”, voegt de Aussie er aan toe. “Bauke werkt altijd goed mee, omdat hij zichzelf eerst in een winnende positie wil manoeuvreren. Pas daarna gaat hij koersen om te winnen, in plaats van altijd maar in het wiel te hangen en te wachten op die kans. Ik denk dat ik hetzelfde karakter heb. Ik gebruik ook liever meer energie om zo een kans voor mezelf te creëren, dan af te wachten of anderen het werk te laten opknappen. Toen ik met hem mee sprong en over mijn schouder keek, zag ik dat niemand volgde. Dat was het punt toen de koers écht interessant werd. De ploegleiderswagens kregen niet de goede informatie over de koerssituatie. Dat duurde pas tot halverwege de laatste omloop.”

Clarke en Mollema waren vaker samen op pad – foto: Cor Vos

Omdat ook de tv-regisseur de verbrokkeling van het veld maar moeilijk in beeld kreeg, ontdekten Clarke’s ploegleiders pas laat dat hij in de aanval reed. Toen waren er nog minder dan tien kilometers te rijden. “Ik kreeg tot die tijd nog steeds instructies via mijn oortje om op Bettiol te letten. Ik antwoordde niet en dacht dat ze snel zouden zien dat ik niet meer bij hem was, maar ervoor reed. Bauke en ik hadden ook geen indicatie van de tijdsverschillen. We wisten het verschil tussen de koplopers en de groep achter ons. En we wisten het verschil tussen de koplopers en de achtervolgers (Michał Kwiatkowski en Matteo Trentin, red.). Die laatste twee konden wij zien rijden. Bauke en ik reden zo hard mogelijk door en rekenden steeds uit wat dan onze achterstand moest zijn. En of we dichterbij kwamen.”

“Toen was het een duo-tijdrit en zag het ernaar uit dat wij voor de plekken zes en zeven zouden rijden”, vertelt Clarke over de situatie waarin hij met Mollema was beland. Naast de fysieke inspanning, bleek ook het mentale aspect die dag niet eenvoudig en niet te volgen. “Maximillian Schachmann reed namelijk nog tussen Kwiatkowski-Trentin en ons tweeën in. Op dat moment werd ik heel enthousiast: ‘Top-10, dat is voor mij echt goed!’. De ploeg zou blij zijn met dat resultaat. Toen we vlakbij de Bemelerberg waren, kregen we ineens de info tot ons dat Van der Poel samen met vijf anderen op komst was. Toen dacht ik: ‘Ze lagen best een eind achter, misschien dat we ze tot de finish kunnen afhouden’. Maar met drie kilometer te gaan kwamen ze ons al voorbij stormen! Plots was heel de situatie wéér anders dan eerst.”

‘Van der Poel was op een missie, hij zag ons niet’

Omdat de koers zo vroeg geopend was, was de chaos groot. “Als je goede benen had en nog wat energie over had, kon je echt nog iets uit de brand slepen”, kijkt Clarke terug. “Dat groepje met vijf renners was sterk en ze werkten heel goed samen. Van der Poel trok écht hard door, maar de rest sloeg geen beurt over. Zo konden ze veel ruimte goed maken in de slotkilometers en wisten ze dus ook bij Bauke en mij te komen. Wat ik aflas van hun gezichten toen ze bij ons aansloten? Niets! Daar kregen we de kans niet voor, want ze reden echt snoeihard door. Van der Poel bleef maar gas geven, alsof hij op een missie was. Hij zag ons niet eens, toen hij ons inhaalde. Hij wist dat er nog renners voor ons uit reden en het interesseerde hem niet om het even rustig aan te doen. Van der Poel reed om te winnen.”

De samensmelting van beide groepjes zorgde ervoor dat Clarke zich zorgen begon te maken om zijn plek bij de beste tien. “Bauke en ik sprongen snel aan boord van de trein die voorbij kwam razen. We probeerden te herstellen. Voor ons zou het uitdraaien op iets wat op een sprint zou moeten lijken. Voor plek zeven tot en met plaats twaalf. Toen switchte ik in gedachten opnieuw: ‘Nu moet ik me klaarmaken voor de beste sprint die ik nog in me heb’. Nadat ik in 2018 de Amstel had gemist door breuken in mijn ruggenwervels, had ik de hertekende finale nog niet gereden. Dat valsplatte stuk met nog 2,5 kilometer te gaan, dat zal ik nooit meer vergeten. Van der Poel reed op kop van ons groepje en sprintte daar die strook op alsof de finish bovenop de top lag. We gingen daar echt volle bak. Insane.”

Van der Poel op oorlogspad – foto: Cor Vos

Waar de achtervolgers dus met rasse schreden dichterbij kwamen, begon na diverse schermutselingen in de kop van de koers daar het tactische gevecht. “Ik dacht nog dat er geen mogelijkheid was dat de twee voorop net zo hard reden als wij, op dat stuk. We wisten van niets, maar achteraf bleken ze daar aan het peddelen te zijn. Wij gingen daarentegen écht hard. Ik besloot me te focussen op Van der Poel. De dagen ervoor had ik een aantal keer zijn sprint in de Brabantse Pijl teruggekeken. Hij was daar de lead out voor Alaphilippe en Michael Matthews. En zij kwamen niet eens in de buurt, terwijl dat de twee snelste mannen in dit type wedstrijden zijn. Van der Poel scheepte ze daar af alsof het een lokaal criterium was, een trainingsrondje. Dat was echt ongelooflijk. Hij was dé te kloppen man.”

Net na de valsplatte strook na de Bemelerberg – de laatste helling van die dag – nestelt de 33-jarige Australiër zich in het wiel van de topfavoriet. “Het was voor mij klip en klaar: Van der Poel was te toegewijd om te proberen die koers te winnen. Alle aanvallen die van dan tot de finish zouden volgen, die zou hij counteren. Ik besloot niet meer uit zijn wiel te komen. In de afzink naar de laatste kilometer probeerde Romain Bardet nog weg te rijden, net voordat we Schachmann terug pakten. Met hem had ik net in de Ronde van het Baskenland gekoerst, waar hij drie ritten won. Maar Schachmann verspilde in de slotronde enorm veel energie door te proberen in zijn eentje de oversteek te maken naar de kop van de wedstrijd. Zijn snelheid voor de eindsprint moest dan wel een beetje afgebot zijn, vertelde ik tegen mezelf.”

Ongeziene plotwending

Net voor het indraaien van de laatste bocht, begint Clarke opeens koppen te tellen in zijn groepje. En dan komt hij twee keer voor een verrassing te staan. “Ik dacht: ‘Van der Poel en co sloten bij mij en Mollema aan, we maakten de aanval van Bardet teniet, we hebben Schachmann teruggepakt… Dat betekent dat er nog drie jongens voor ons rijden’. Komen we daar de hoek om en rijdt dat trio plots luttele meters voor ons! Ik kon dat echt niet geloven! ‘And I was like: wow!’. Alwéér alles overhoop in mijn hoofd. Ik begon me nog beter op Van der Poels wiel te concentreren. Ik wist hoe hij zou gaan sprinten, door wat hij deed in de Brabantse Pijl. Ik was echt heel blij dat ik die replay een aantal keren gezien had. Daardoor wist ik dat je geen andere keuze had door bijna tegen zijn achterband aangeplakt te zitten.’

“Met de versnelling die hij in zijn benen heeft, móet je daar zitten”, verklaart Clarke. “Ik had ook best wel wat zelfvertrouwen. De hele dag had ik nog niet een sprint tot op het gaatje gedaan, ondanks dat ik met Bauke in de finale vijf- of zeshonderd watts weg trapte. Maar de full maximum acceleration had ik nog niet gedaan. Ik wist dus dat ik nog een goede sprint zou kunnen rijden. Ik weet ook dat ik op mijn beste dagen in de buurt kom om iemand als Michael Matthews te kloppen. Maar drie dagen daarvoor had Van der Poel hem nog zo kinderlijk eenvoudig verslagen in de Brabantse Pijl… Alleen nu was het zo dat Van der Poel al zo’n achthonderd meter lang mijn lead out speelde. Ik dacht dat ik een kans had, nu of nooit. Hij doet dan die ongelooflijke lead out, and then he just got faster and faster and faster!”, lacht hij.

Wat Clarke ook probeert, hij komt niet uit Van der Poels wiel – foto: Cor Vos

Clarke moet bekennen: niemand van zijn groepje kon in de slotkilometer hetzelfde als wat Van der Poel deed. “Hij was overduidelijk de sterkste. Hij bepaalde de koers in de laatste zestig kilometer, in verschillende situaties. Wat Van der Poel die dag deed, was ongelooflijk. Ik heb nog nooit iemand op die wijze controle zien nemen over een wedstrijd. Met nog achthonderd meter te gaan zo de kop nemen, na 250 kilometer koers. Er zitten tien gasten in zijn wiel and they don’t even get close! Echt ongezien. Het was een buitengewone ervaring om daar onderdeel van te zijn. Op het moment dat ik de finish passeerde, dacht ik meteen: ‘Wow, over deze afloop gaan mensen het nog jarenlang hebben’. Ik kan me alleen maar voorstellen hoe het geweest moet zijn als je op het puntje van je stoel voor de televisie zat, niet wetend hoe het zou eindigen. Ook al wisten wij dat op dat moment ook niet.”

Een emotionele rollercoaster, vat Clarke samen. “Maar wel met een sprookjesachtig einde. Mathieu van der Poel bewees die dag dat hij die zege meer wilde dan wie ook. Hoe graag ik ook van koersen houd en hoe graag ik – net als alle anderen – ook wil winnen: he really did deserve that victory. Toen ze met z’n vijven terugkwamen, was hij de gast die dat regelde. De versnelling die hij op dat valsplatte stuk na de Bemelerberg plaatste… Doet hij dat niet, dan blijven de drie buiten schot. Dat we nog konden sprinten om de overwinning, was dankzij Van der Poel. Ondanks dat ik verloren had, voelde het voor mij toch als een overwinning. Zonder hem hadden Bauke en ik Alaphilippe en Fuglsang nooit teruggepakt. Vanuit mijn positie gezien, heb ik dus alleen maar plaatsen gewonnen. Zonder het beestenwerk van Van der Poel was ik nooit als tweede geëindigd in de Amstel Gold Race.”


Later deze week lees je in deel twee van dit interview, hoe het Simon Clarke in 2020 vergaat.

Dit artikel delen:

28 Reacties

rkfiets 26 april 2020 om 13:15

@wielerflits, goed gedaan mannen! Knap hoor, dat een interview over een race van een jaar geleden nog zo boeiend kan zijn. Het was een extreme gebeurtenis natuurlijk, maar door dit interview ga ik het weer helemaal herbeleven. Chapeau!

Franco Ballerini 26 april 2020 om 19:39

Eens. Leuke verteller ook, die Clarke. Ik ben fan.

Verweggistan 26 april 2020 om 13:36

Mooi dat hij dat allemaal nog weet en een mooie sneer naar Woods/Vaughters over Mollema: een eerlijke coureur die niet zou zeggen dat ze nog een ronde moeten :)

Kosmonaut 26 april 2020 om 13:36

Mooi interview! Prachtig om de analyse van Clarke te lezen, je supergoed voelen, zo graag willen winnen en toch concluderen dat je met z’n allen volslagen kansloos voor een tweede plaats moet rijden, en met succes. Bizar eigenlijk ook, maar dat was de AGR van vorig natuurlijk gewoon.

yo-eddy 26 april 2020 om 14:14

prachtige informatie vanaf de eerste rij in de koers, VdP heeft daar iets heel bijzonders geflikt. Wielerhistorie!

Javier 26 april 2020 om 15:29

Wat een gaaf en sympathiek interview zeg, tof gedaan

Cyclinglife 26 april 2020 om 15:41

Bijzonder hoe dit verhaal je meeneemt alsof je zelf met hem meerijdt. De kippenvel stond weer op de armen. Knap staaltje van simon en youri.

UrbanSteel 26 april 2020 om 15:49

Prachtig om te lezen, heerlijk.

girardengo 26 april 2020 om 16:16

Mooie herbeleving van de mooiste finale ooit in de AGR! En hij kent nog alle details. Professional.

Romāns Vainšteins 26 april 2020 om 19:24

Dit is een mooi artikel, duidelijk zat.

hjpm 26 april 2020 om 19:26

Mooie herbeleving van een op het eerste zicht gelopen race met een krankzinnige ontknoping. Ook bij mij weer kippenvel na het lezen van zijn verhaal. Sympathiek weergegeven door Clarke die het van op de eerste rij heeft meebeleefd. Geeft de zege nog een beetje meer cachet. (Was destijds ook al met het post race interview met de eveneens sympathieke Bjorg Lambrecht).

Fritsie 26 april 2020 om 20:06

Prachtig opgepend, krijg kippenvel bij het lezen

SteelHorseCowboy 26 april 2020 om 20:42

Zet het filmpje er dan ook maar meteen bij.

Jappert 26 april 2020 om 21:47

Wat fijn om te lezen dit! Lijkt me ook zo’n chille dude die Clarke!

simplex 26 april 2020 om 22:29

Perfect koersverslag en op schitterende wijze opgetekend door Clarke en Youri.
Zo wil ik er nog wel wat meer lezen in de toekomst.

assen 26 april 2020 om 23:48

Het was vorig niet minder dan een schande dat we het verhaal van Clarke niet hoorden. Dat WF dit heeft hersteld ontroert me, ben er heel blij mee. Nu is de AGR van 2019 compleet, dank WF!

Secondant 27 april 2020 om 06:28

Wat een fantastisch interview. Ook hier kippenvel. Klasse wielerflits.

fietsvriend 27 april 2020 om 08:12

Dank, WF – prachtig ooggetuigenverslag!

52voor11achter 27 april 2020 om 09:04

Prachtig, dank hiervoor!

Het mooie van de corona crisis is dat van der Poel nu elk jaar weer de Amstel wint.

Joachim 27 april 2020 om 11:40

Boeiend om te lezen!

Arry1337 27 april 2020 om 13:28

Complimenten :)

Marik 27 april 2020 om 13:59

Hulde voor dit boeiende epistel!

Polleke 27 april 2020 om 16:17

Mooie thriller, hopelijk lezen de mannen van QStep mee en kunnen ze hun insinuaties over onregelmatigheden in de achtervolging nog eens herbekijken…

Limal 28 april 2020 om 08:15

Ik zeg niet dat het zo is, maar de man die tweede wordt zou natuurlijk ook niets over onregelmatigheden of foute tijdsaanduidingen zeggen ;-)

Polleke 28 april 2020 om 10:11

De tijdsmeldingen waren wellicht troebel, gezien de steeds wisselende situatie in de achtergrond…maar als een klein groepje kop over kop gaat rijden en dan steeds meer anderen opraapt, dat geeft vleugels zoals je kan aanvoelen uit het relaas van Clarke.
Ik moet eerlijk toegeven dat mijn wenkbrauwen ook omhoog gingen maar zoals hij het prachtig beschrijft lijkt het volstrekt aanneembaar…
Meer van dit graag….

Benzardi 27 april 2020 om 19:31

Heerlijk artikel….ik heb genoten, ga zo door Wielerflits.

Limal 28 april 2020 om 08:16

Heel mooi artikel!

Youri IJnsen 28 april 2020 om 10:48

Dank jullie wel voor de mooie kritieken. Blij om te lezen dat het gelukt is om zijn enthousiasme, beleving én respect voor zijn tegenstanders/concurrenten goed over te brengen.

Headlines

Materiaalzone

Populair