De vijf hoogste geasfalteerde bergpassen van Frankrijk
foto: Cor Vos

De vijf hoogste geasfalteerde bergpassen van Frankrijk

Fietstoerisme Met de Tour de France is de belangrijkste wedstrijd van het wielerseizoen in volle gang. Het eindklassement krijgt ook dit jaar naar alle waarschijnlijkheid weer vorm in het hooggebergte. Alle reden om eens te kijken naar enkele van de meest uitdagende bergpassen in Frankrijk. WielerFlits zet de vijf hoogste geasfalteerde bergpassen van Frankrijk op een rij.

Voor we dat lijstje aftrappen, is het belangrijk te bepalen wat nou precies een bergpas is. Daar zijn verschillende definities van, maar we gaan dit geval uit van de Franse bepaling wanneer iets een col is. In dat geval is een col het laagste punt tussen twee hoger gelegen toppen die tot dezelfde bergkam behoren; hierdoor is het vaak de meest logische locatie om over deze bergkam te geraken. Vergelijk het met een paardrijzadel, waarbij de ‘col’ op het laagste punt ligt terwijl de ‘bergkam’ aan beide zijden ervan hoger is.

Uitgaande van die terminologie is de hoogste geasfalteerde weg van Frankrijk – de Cime de la Bonette – bijvoorbeeld geen bergpas. Dit is namelijk een lusje, waarna je deels over de zelfde weg terug afdaalt naar de pashoogte van de Col de la Bonette. Al heeft die beklimming alsnog het lijstje gehaald. Voor de allerhoogste Franse bergpassen moet je in de Alpen zijn, want deze volledige top-vijf vinden we in dat gebergte.


1. Col de l’Iseran
De hoogste bergpas van Frankrijk – en zelfs van de Alpen – is de Col de l’Iseran, met de top op maar liefst 2.770 meter. De top van deze col kan je vanaf twee zijden bereiken: vanuit het noordelijke Val-d’Isère of het zuidelijke Bonneval-sur-Arc. Welke kant je ook kiest: deze col is bijzonder uitdagend.

De laatste kilometers naar de top vanuit Val-d’Isère- foto: Mylène Herrmann

Dat komt door een combinatie van factoren. Beide beklimmingen eindigen namelijk met een slotstrook van meer dan 12 kilometer onafgebroken klimmen op grote hoogte. Met al tientallen kilometer aanloop in de benen is dat een inspanning die behoorlijk veel van je vraagt, zeker gezien de ijle lucht. Daarvoor word je evengoed beloond: het uitzicht op de top is bijzonder indrukwekkend. Zelden kom je met de fiets in een omgeving waar zo veel majestueuze bergtoppen zichtbaar zijn.


2. Col Agnel
De tweede klim op dit lijstje, is  de Col Agnel, die op de grens tussen Frankrijk en Italië ligt. Bij Nederlanders zal deze klim toch vooral doen denken aan een onheilspellende vrijdag in mei 2016. Die dag beklom het Giropeloton de Italiaanse zijde van de pas, om Frankrijk in af te dalen richting de finish in skiresort Risoul. De tuimelpartij van Steven Kruijswijk in een sneeuwwand die dag, zal menig liefhebber nog in het geheugen gegrift staan.

Kruijswijk verliest roze op Colle dell'Agnello

Kruijswijk wordt na zijn val weer op weg geholpen – foto: Cor Vos

Maar, de beklimming is niet alleen een slechte herinnering. Sterker nog, het is bovenal een prachtige bergpas die door een bijzonder landschap voert op maar liefst 2.744 meter hoogte. Net als bij de Iseran kom je boven in een omgeving die door de ijle lucht iets onherbergzaams heeft, maar desalniettemin prachtig is. Je hebt hier ook fenomenaal zicht op de weg die de berg afkronkelt, aan beide kanten van de pas.


3. Col de la Bonette
Hij kwam al even aan bod: de Col de la Bonette. Dit is dus niet de hoogste bergpas, maar je kan vanaf hier wel op een punt komen welke nog hoger ligt dan de Col de l’Iseran: de Cime de la Bonette. Dit is een rondweg – vanaf de col – die je naar de duizelingwekkende hoogte van 2.802 meter brengt.

foto: JCosson

Dat geldt dus niet als een bergpas, maar de Col de la Bonette doet er weinig voor onder met zijn top op 2.715 meter. Vanuit beide kanten moet je meer dan 1.500 hoogtemeters overwinnen, dus het is een stevige klus om boven te geraken. Ook hier geldt echter: de beloning is er naar in de vorm van prachtige vergezichten, zoals op deze hoogte bijna niet anders kan.

Op nummer vier van dit lijstje zou normaliter de 35 meter lager gelegen Col de la Restefond staan, maar gezien deze op een kleine kilometer van de top van de Bonette ligt – en je ‘m vanaf de noordelijke kant zelfs passeert – slaan we hem even over.


4. Col du Galibier
Het is misschien niet de hoogste, maar wel de bekendste pas in dit lijstje: de Col du Galibier. Dat mag eigenlijk geen verrassing heten, want hij is maar liefst – zet je schrap – 37 keer opgenomen in het parcours van de Tour de France. Zelfs de Giro d’Italia kwam er wel eens langs, ondanks de afstand tot de Italiaanse grens.

Een vaak gezien gezicht: de Galibier met duizenden fans en een Tourpeloton – foto: Cor Vos

Voor het bereiken van de top op 2.642 meter, moet je de noordelijke Col du Télégraphe of de zuidelijke Col du Lautaret beklimmen. De hoogte, de lengte, de vele hoogtemeters maken deze col een absolute killer, die op de bucketlist van iedere fanatieke wielerliefhebber thuishoort. Het fraaie berglandschap en de vele andere mooie beklimmingen in de omgeving, maken deze col een bijzonder leuke bestemming.


5. Col de l’Izoard
Wie hoge pieken wil scoren, gaat het best naar de Hautes-Alpes, want net als de Galibier en de Agnel, ligt ook de Col de l’Izoard in dit departement. Hij ligt een stuk lager dan de eerdergenoemde cols, maar met de top op 2.363 meter is het nog altijd een stevige kluif.

Het ruwe landschap van la casse déserte nabij de top van de Izoard – foto: Cor Vos

De Izoard bereik je vanuit Arvieux of Briançon, van waaruit je in beide gevallen logischerwijs een stevige beklimming voorgeschoteld krijgt. De col staat vooral bekend om de casse déserte; het ongerepte berglandschap op de top, wat wordt gevormd door steenafzettingen die de omgeving doen lijken op dat van een maanlandschap.

RIDE Magazine
WielerFlits Podcast
1 Reacties
9 juli 2023 12:06
Ze mogen de Rosael wel asfalteren van mij

Om te reageren moet je ingelogd zijn.