Column Marc de Maar: “Geheel oor”

vrijdag 18 maart 2011 om 10:43

Na een avontuur aan de andere kant van de Atlantische oceaan is Marc de Maar inmiddels al weer even terug in Europa, waar hij dit seizoen in het shirt van Quick-Step rijdt. De Antilliaans kampioen op de weg en in de tijdrit houdt de lezers van WielerFlits door middel van een column op de hoogte van zijn ervaringen in het wielrennen. In zijn derde column van dit jaar gaat het – hoe kan het tegenwoordig ook anders? – over de oortjes.

“Inmiddels ben ik weer een paar dagen thuis van Parijs-Nice, ook wel ‘de Koers naar de Zon’ genoemd. Om die naam eer aan te doen hadden we hem dit jaar wel beter andersom gereden. Waar we de eerste helft van de week de weergoden aan onze zijde hadden, lieten ze ons als een baksteen vallen de laatste dagen. Het werd dan ook een heuse survival. Regen, kou, klimmen, glibberwegen, valpartijen… Ouderwets afzien dus! Gelukkig is dit een schoonheid die ons wielrenners goed staat. En mét oortjes dit keer.

Die hele kwestie sleept nog steeds aan, en om eerlijk te zijn komt het me zo langzamerhand de neus uit. Iedereen die ook maar iets heeft met wielrennen heeft zich er ondertussen al over uitgelaten, en het ziet er naar uit dat het laatste woord hierover nog niet gerept is, bij deze. De UCI denkt door het verbod weer een minder voorspelbare koers te krijgen, dus aantrekkelijker om naar te kijken. Meer kijkers, meer publiciteit, dus meer geld! En zonder dit aardse slijk zou er geen profwielrennen bestaan.

De tegenpartij, ploegmanagers, ploegleiders en een handjevol renners, is tegen. Dit vanuit veiligheidsoogpunt. Ergens hebben ze wel een punt. Maar ik heb nog niemand kunnen betrappen op een sterke beargumentatie. Integendeel. Volgens mij heeft het peloton ruim honderd jaar probleemloos zonder oortjes rondgereden. Nu waren er honderd jaar geleden wel nog niet zoveel rotondes, vluchtheuvels en andere obstakels op de weg, maar gezien alle andere omstandigheden en situaties die we moeten trotseren, valt zo hier en daar een vluchtheuveltje wel te overzien.

Nu we het toch over veiligheid hebben, misschien kunnen we de bevoorrading ook beter maar afschaffen. Hier vinden toch ook regelmatig valpartijen plaats. Bidons die je om de oren vliegen. Boem! Hengsel van een voedingszak in je voorwiel. Boem! De ene verzorger stapt nog verder naar voren dan de ander, terwijl het peloton nog steeds vijf man breed passeert. Boem! Ik geef toe, pindakaas op mijn zelf gesmeerde boterham zou geen overbodige luxe zijn. Zo zou ik nog wel even door kunnen gaan, en ik vermoed de tegenpartij ook.

En dit is nu juist het hele probleem: “Wel oortjes!” of “Geen oortjes!”, maar naar de ander wordt niet geluisterd. Twee monologen maken namelijk nog geen dialoog. En dat is jammer, want op deze manier maken we nooit vooruitgang. Al mogen we van mij nog wel even zonder oortjes blijven rijden. De laatste etappe in Parijs-Nice vergat ik mijn oortje en bedacht me halverwege de Col d’Eze dat wielrennen bijna muziek is. Wat een instrumenten!

Het bijengezoem van het peloton, je eigen marcherende tred, het schrapende geluid van de rem op de velg, het tikken van de regen op de weg, het ritmische gezucht en gehijg. En in de afdaling naar de finish hoorde ik zelfs bijna mijn eigen hartslag. Terwijl ik volledig kapot was na de finish op de Promenade Des Anglais, hoorde ik ergens in de verte de stem van mijn ploegleider. Hij vroeg waarom ik niet reageerde via de communicatie. Antwoorden deed ik niet; ik zag alleen de zee en haar eindeloze deining…”

Marc

Marcs website
Marcs Twiter

Marcs columns

Dit artikel delen:

Net binnen

Populair

Materiaalzone