Jonas Vingegaard over het gevaarlijke parcours: "Moeten als renners de jury bedanken"
"Ik denk dat ik meer tijd heb doorgebracht met de rode jurywagen, dan met mijn eigen volgauto", lacht Jonas Vingegaard. "Wij renners vonden allemaal dat dit misschien niet het veiligste parcours was om op te koersen. Daarom hebben we in het peloton veel met elkaar gesproken en ik sprak met veel renners. We waren het erover eens dat we iets moesten ondernemen. Dus ging ik naar de rode wagen en ze luisterden vandaag echt naar ons. Ze kwamen ons ook tegemoet. Ik denk dat wij als renners de jury daar ook voor moeten bedanken.”
“Ik denk dat de wegen hier over het algemeen niet van de beste kwaliteit waren. Er waren veel gaten in de weg en allerlei verhogingen en putdeksels. Eigenlijk was er bijna geen moment waarop ik me veilig genoeg voelde om bijvoorbeeld mijn bidon te pakken of iets te eten. En dan had je ook nog die… hoe noem je dat… tramrails.”
"Daar waren er veel van en het was heel hobbelig om eroverheen te rijden. In het algemeen vonden we in het peloton dat het misschien beter georganiseerd had kunnen worden. Maar het positieve is dat er vandaag echt naar ons geluisterd werd.”
En dus kon Vingegaard de slotronde op zijn 'gemakje' doorbrengen. Toch rekent de Deen zich nog alles behalve rijk in deze Giro d'Italia. Hoewel zijn voorsprong comfortabel is, wil hij nog niet denken aan de eindwinst. "Het is natuurlijk een heel mooie voorsprong die ik nu heb en daar ben ik erg blij mee. Maar er komen nog veel etappes aan. De derde week is hier de zwaarste week. Daarom kun je eigenlijk pas zeggen dat je gewonnen hebt wanneer je in Rome bent aangekomen.”
