Giro d’Italia 2020 – Etappe 8 van Giovinazzo naar Vieste (200km)

donderdag 24 september 2020 om 11:02

Met het bereiken van de Adriatische Zee in de zevende etappe naar Brindisi blijft de Giro d’Italia de komende dagen in noordelijke richting de kustlijn volgen. Het tweede weekend gaat van start in het kleurrijke havenplaatsje Giovinazzo, een half uurtje rijden van de Apulische hoofdstad Bari. De stad ontving ook in 2014 de Giro d’Italia, nadat de ronde vier dagen eerder in Ierland afgetrapt was. Na een korte rit over 112 kilometer was Nacer Bouhanni de beste in een massasprint.

Het eerste stadium van de dag is volledig vlak als onder andere haven- en industriestad Barletta wordt doorkruist. Vervolgens komen de renners aan in vissersstad Manfredonia, waar na 90,3 kilometer de tussensprint voor het puntenklassement is gepositioneerd. De eerste acht krijgen punten, maar bonificaties zijn daar niet te verdienen. Daarna leidt de route het bergachtige schiereiland Gargano op, dat ook wel bekendstaat als de Spoor van de laars.

Daar neemt het profiel een andere gedaante aan en loopt de weg voor de eerste keer omhoog, op de gelijkmatige klim naar het bedevaartsoord Monte Sant’Angelo (9,6 km aan 6,1%, max. 10%). Daarvandaan heb je een geweldig uitzicht over de Adriatische Zee, maar daar zullen de coureurs zaterdag weinig oog voor hebben. Na 106,2 kilometer bereiken ze de top op 747 meter hoogte en aansluitend gaat het parcours verder over slingerende, golvende kustwegen.

Bij het toeristische Pugnochiuso ligt na 157,3 kilometer de tweede officiële klim, La Guardiola (1,4 km aan 5,6%, max. 11%). Hierna gaat de weg op en af naar Vieste, waar na 173,6 kilometer het lokale circuit wordt opgereden. Korte tijd later wordt al voor een eerste keer kennisgemaakt met de gemene muur naar La Chiesuola, waar het over een kilometer aan gemiddeld 9,3 procent omhoog gaat met een stuk tot 17 procent.

Na 185,5 kilometer passeren de renners voor de eerste keer de aankomststreep, wat tegelijkertijd een tussensprint is voor drie, twee en een bonificatieseconde. Uiteindelijk volgt de finaleronde van 14,5 kilometer met nog eens de korte, explosieve helling naar La Chiesuola. Daarna gaat de weg lang vals plat naar beneden terug naar de kust, waar na 200 kilometer wordt gefinisht. De rit lijkt gemaakt voor vluchters, maar misschien kunnen de sprinters met sterke benen overleven.

Vieste was al twee keer eerder aankomstplaats in de Giro. In 1979 dacht rozetruidrager Francesco Moser de eindsprint van een kopgroep te gaan winnen, maar toch glipte de zege hem door de vingers. Giuseppe Saronni kwam in de laatste meters namelijk langszij en drukte zijn wiel net iets eerder over de streep. En in 1988 won de Del Tongo-ploeg van Pietro Algeri hier een ploegentijdrit.

Dit artikel delen: