Weekendinterview: Steven Kruijswijk

Door Niels Bastiaens, zondag 7 juni 2015 om 08:00

Sirotti

Steven Kruijswijk (27) is ambitieus en denkt toekomstgericht. Nog geen week na afloop van zijn geweldige Giro d’Italia zit hij al gedeeltelijk met zijn hoofd bij zijn volgende doel: de Tour de France. In de tussentijd is het naar eigen zeggen een kwestie van voldoende rust nemen, maar tegelijk de conditie blijven onderhouden. Tijdens een moment van rust is er ook tijd voor een gesprek met WielerFlits, om na te kaarten over zijn belevingen in de Ronde van Italië. Die ronde sloot Kruijswijk af met een zevende plek in de eindnotering.

De 98e editie van de Giro d’Italia ligt inmiddels bijna een weekje achter ons. In de zeven voorbije dagen stond de telefoon van Steven Kruijswijk uit Nuenen amper stil. Journalisten, vrienden, kennissen… Allemaal namen ze de tijd om Kruijswijk persoonlijk te feliciteren. “Je ziet dat mijn recente prestaties in Italië wel wat teweeg gebracht hebben op het thuisfront. Dat bewijst volgens mij dat ik de afgelopen weken iets speciaals heb gedaan. Iedereen vond het een heel leuke wedstrijd om te volgen, dankzij het spektakel in de bergen en het zware parcours. Ik heb veel in de aanval gereden en dat wordt door de mensen gewaardeerd. En als er namen als Alberto Contador meedoen, is de interesse sowieso groter. Zulke complimentjes werken motiverend, al doe je het natuurlijk niet voor de waardering alleen. Het is wel mooi dat je de mensen kan boeien met je manier van rijden, maar dat is niet het belangrijkste aspect aan de sport. Het wielrennen is gewoon een tv-sport en dit hoort er allemaal bij.”

Lullig begin door onoplettendheid
Het contrast met de reacties na Giroweek één kan niet groter zijn. Toen Kruijswijk in de door Davide Formolo gewonnen etappe naar La Spezia bijna acht en een halve minuut op zijn concurrenten in de strijd voor een top 10-plek verloor, was dat voor velen het sein om Kruijswijk definitief af te schrijven voor een goede klassering. Maar daar liet hij zich niet door leiden. “Zelf heb ik de hoop nooit opgegeven, vooral omdat de manier waarop ik die acht minuten verloor zo lullig was. Het was niet zo dat ik die dag minder goed was of extreem slechte benen had… Een moment van onoplettendheid en de daaropvolgende koerssituatie heeft mij gewoon genekt. Gelukkig heb ik de knop daarom vrij snel kunnen omzetten. Ik dacht: ik ben hier nu toch en voel me goed, dus waarom zou ik er niet gewoon nog het beste van proberen te maken? Aanvallen en zien waar het schip strandt, dat leek mij de beste optie. Ik heb een paar keer alles of niets gespeeld in een lange ontsnapping, met het risico om nog meer tijd te verliezen, maar alles draaide goed uit.”

Het gebrek aan ondersteuning binnen het team in de lastige ritten brak Kruijswijk na zijn moment van onoplettendheid in etappe vier wel erg zuur op, al kan LottoNL-Jumbo met het ultieme forfait van Nieuw-Zeelander George Bennett – die volgens de regels van de MPCC niet mocht deelnemen door een te lage cortisolwaarde – verzachtende omstandigheden inroepen. “Naast Bennett en ik, waren we vooral met mannen die goed zijn op het vlakke naar de Giro gekomen. Maar als je Bennett dan al voor de start van de ronde kwijt bent, is dat wel heel zuur en onverwachts. Zeker omdat hij naar eigen zeggen een heel goede vorm te pakken had. Bennett zou een superbelangrijke helper geweest zijn voor mij in de lastige ritten en ik ben er zeker van dat hij zijn waarde goed zou hebben bewezen in de ritten die ertoe deden, maar het zij zo. De rest van het team heeft er ook na zijn exit alles aan gedaan om mij in de bergen en Moreno Hofland in de vlakke ritten op een zo goed mogelijke manier te begeleiden.”

Mede dankzij een verrassend sterke tijdrit tussen Treviso en Valdobbiadene, stond Kruijswijk na twee weken Giro toch terug in de buurt van ’s werelds beste klimmers. “Het is na afloop van die tijdrit dat ik realiseerde: er is nog een gigantische sprong voorwaarts mogelijk. Of de nieuwe tijdritfiets van Bianchi daar iets mee te maken heeft? Dat denk ik wel. LottoNL-Jumbo heeft veel geld geïnvesteerd in het ontwikkelen van die fiets met Bianchi en nu werpt dat zijn vruchten af. Zoals je weet heeft dat wel enige tijd gekost, maar dat was het zeker waard. Ik heb zelf de moeite genomen om veel te trainen met die fiets. Ik heb hem zelfs meegenomen op mijn hoogtestage voor de Giro, waar ik drie weken lang bijna dagelijks de laatste kilometers van mijn trainingen op de tijdritfiets heb gereden. Maar daarom was ik nog niet zeker van een goede tijdrit in de Giro. Ik had nog nooit bij de eerste twintig in zo’n rit gereden, maar omdat de vorm extreem goed was, ging het beter dan verwacht.”

Recuperatie als de sleutel tot succes
Die lijn trok Kruijswijk door met oersterke prestaties tijdens de bergritten in de slotweek, die ook in het verleden steevast zijn sterkste week van de drie bleek te zijn. Hoe verklaart de Noord-Brabander eigenlijk het feit dat hij telkens net op dat moment van een grote ronde op zijn best is? “Ik denk dat het vooral met mijn uitstekend recuperatievermogen te maken heeft. Ik kan die lange ritten in de slotweek heel goed aan en blijf bovendien dag na dag heel goed herstellen, terwijl je ziet dat sommige concurrenten het daar steeds moeilijker mee blijken te hebben naar mate de ronde vordert. Zeker in een Giro met zo ’n zwaar parcours als dit jaar. Zij verliezen dan hun pluimen, terwijl ik dag na dag gewoon heel constant mijn niveau kan blijven behouden. Op die manier maak je natuurlijk snel tijd goed in het klassement. Het was alleen nog zaak om tot het einde te blijven doorbijten.”

Op de voorlaatste dag kreeg Kruijswijk nog met een luxeprobleem af te rekenen. Zowel in het berg- als algemeen klassement was er veel mogelijk voor hem, maar de 27-jarige Kruijswijk stak niet onder stoelen of banken dat een goede klassering zijn voorkeur zou krijgen boven de bergtrui. “Het is niet zo dat ik een top 10-plek per se meer prestigieus vind dan de bergtrui en dat ik die keuze daarom gemaakt heb. Ik achtte de kans alleen een stuk groter om verder de top 10 in te schuiven dan dat ik de blauwe trui mee naar huis zou nemen, dus was de keuze snel gemaakt. Het is gewoon moeilijk om voor de bergtrui te gaan, omdat er op één dag zo veel te winnen en verliezen is. Kijk naar Visconti, die één keer mee is met de goede ontsnapping en op die manier meteen de trui pakt. De ruimte die hij kreeg, zou ik door mijn positie in het klassement nooit bij elkaar kunnen hebben gereden. Daarom was ik van mening dat én voor het algemeen klassement én voor de bergtrui gaan onmogelijk was voor mij. Dat is een afweging die je moet maken.”

De prestaties van Kruijswijk bleven ook voor roze truidrager Alberto Contador niet onopgemerkt. De Spanjaard was zo onder de indruk van het werk van de Nederlander dat hij op een bepaald moment zelfs in de Spaanse pers verkondigde dat hij Kruijswijk wel eens een ritzege zou gunnen, mocht de kans zich voordoen. Zo’n kans kwam er in de rit naar Aprica, maar daar was Mikel Landa hem te slim af. “Het is heel mooi dat een renner als Contador dat zegt. Dan kun je echt wel zeggen dat je tot de beste renners van de hele ronde behoort en dat je werk echt gewaardeerd wordt door iedereen. Maar gewoon al naast Contador zij aan zij bergop rijden geeft een erg leuk gevoel en is goed voor het zelfvertrouwen. We hebben ook een aantal keer gesproken, maar in een wedstrijd heeft iedereen uiteindelijk zijn eigen belangen. Er worden niet veel cadeautjes uitgedeeld, al had ik er stiekem op gehoopt.”

Bolletjestrui in de Tour de France?
De komende weken werkt Kruijswijk toe naar de Tour de France. Nooit eerder bracht hij zowel de Giro als de Tour tot een goed einde in hetzelfde seizoen, toch is hij er van overtuigd dat het ditmaal wel zou kunnen lukken. “Gezien mijn sterke prestaties in de slotweken van grote rondes, denk ik dat ik een renner ben die twee rondes op rij wel aankan. Ik ben niet vermoeid uit de Giro gekomen en ik heb de voorbije week al goed kunnen gebruiken om te rusten, ondanks de bezoekjes van journalisten en enkele andere verplichtingen. De komende vier weken heb ik daar nog veel meer tijd voor. We moeten nog even kijken hoe mijn trainingsschema’s er uit gaan zien, maar het staat vast dat ik tot en met het NK gewoon de conditie goed moet proberen te onderhouden door misschien nog twee weken op hoogte te gaan trainen. Dan komt het helemaal goed.”

Afgelopen week kreeg Kruijswijk de eer om het Tourshirt van LottoNL-Jumbo te presenteren. Een voorteken dat hij de grote leider van het team zal worden in de drieweekse rittenkoers, of een stom toeval? “De taakverdeling binnen de ploeg is nog niet helemaal besproken. Met Wilco Kelderman en Robert Gesink hebben we natuurlijk enkele jongens die voor een goed klassement willen gaan. En ook Laurens ten Dam is een goede klimmer, die misschien wel zijn kans wil gaan in de bergen. Ik heb in de Giro d’Italia bewezen dat ik mijn oude niveau haal en nog steeds een klassement kan rijden in een grote ronde, maar in de Tour zie ik mezelf dat niet herhalen. Als ikzelf bergop mijn niveau van de Giro haal, dan kan ik meedoen voor ritzeges als de etappes wat lastiger zijn. En als echt alles meezit kan ik ditmaal misschien wel de bergtrui mee naar huis nemen. Maar laten we eerst er maar voor zorgen dat ik terug op niveau ben in juli. Alleen dan zijn er grote prestaties mogelijk.”

Reacties Toon reacties Verberg reacties

Poll

Wie wint de Ronde van Romandië 2018?

Stand


Holland Cup

Nieuwsbrief

Schrijf je in en ontvang elke maandag de WielerFlits-nieuwsbrief