Voorbeschouwing: Ronde van Catalonië 2018

Door Koen Middendorp, maandag 19 maart 2018 om 09:00

foto: Sirotti

De klassiekercoureurs kunnen in maart hun hart ophalen, maar ook de ronderenners zitten in deze periode niet stil! Aankomende maandag gaat met de Volta Ciclista a Catalunya een van de oudste rittenkoersen van start. Wie volgt in de regio van Salvador Dalí, Antoni Gaudí en Pep Guardiola, Movistar-renner Alejandro Valverde op? WielerFlits blikt vooruit.

Historie
Ivan Vega – een bekend wielerblogger en perschef van de Catalaanse wielerfederatie – noemt Mariano Cañardo (1906-1987) el primer mite del ciclisme espanyol. De eerste echte Spaanse wielerkampioen. Spanje is het land dat de voorbije decennia voldoende klatergoud heeft verzameld met campeones als Miguel Induráin, Óscar Freire, Alberto Contador, Alejandro Valverde en Joaquim Rodríguez. Toch is het Iberische schiereiland geen klassiek wielerland, in vergelijking met Frankrijk, Italië en België. Terwijl François Faber, Costante Girardengo en Philippe Thys in de jaren tien en twintig van de twintigste eeuw de wielersport van hun nog altijd geldend elan voorzagen, waren Spaanse renners in die jaren exotisch wild.

In de jaren dertig kwam hier echter voorgoed verandering in. Met Mariana Cañardo en Vicente Trueba kende het land twee pioniers. Waar Cañardo vooral furore maakte in eigen land en later ook op Franse wegen wist te schitteren, kroonde Trueba zich als De Vlo van Torrelavega in de Tour van de France van 1933 tot allereerste bergkoning. Zij plaveiden de weg voor mannen als Julián Berrendero, Bernardo Ruiz en Federico Ezquerra, maar ook voor de in de jaren vijftig en zestig ontstane generatie met zijn vaandeldragers Federico Bahamontes, Jesus Loroño, Julio Jiménez en Miguel Poblet.

Wielrennen in de jaren 50: mannelijke supporters in hun zondagse pak – foto: Sirotti

De van oorsprong Baskische Cañardo – hij zag in 1906 namelijk het levenslicht in het in de regio Navarra gelegen Olite – vierde zijn grootste successen vooral in Catalonië. Want ondanks het feit dat Spanje zich relatief laat een status wist aan te meten als koersland, heerste er in ‘Catalunya’ al eerder een wielercultuur. De Volta zag zijn levenslicht in 1911, waardoor het na de Tour de France (1903), de Ronde van België (1908) en de Giro d’Italia (1909) de oudste rittenkoers is op de kalender. De drijvende krachten achter de ouverture waren de voor El Mundo Deportivo schrijvende journalist Miguel Arteman, zijn baas Jaume Grau en de toenmalig voorzitter van de Spaanse wielerbond Narcisse Masferrer. Over drie etappes legde het 34 man tellend peloton een afstand af van 365 kilometer van en naar hoofdstad Barcelona. Met etappes van 98, 111 en 153 kilometer kozen Arteman, Grau en Masferrer voor een trendbreuk met andere koersen, waar afstanden van boven de driehonderd (!) kilometer niet werden geschuwd.

Het was uiteindelijk Sebastiá Masdeu – die later de organisatie van de koers in handen kreeg – die de allereerste editie op zijn naam wist te schrijven. Na een jarenlange Spaans-Franse dans, onderbroken door de Eerste Wereldoorlog, mocht Cañardo in 1928 voor de eerste maal de handen in de lucht steken. Hij herhaalde dit kunststukje in 1929, 1930, 1932, 1935 en 1936. Na de Spaanse Burgeroorlog, waardoor de koers in 1937 en 1938 geen doorgang kon vinden, zegevierde Cañardo in 1939 voor de zevende (!) en laatste maal. Hij is hiermee nog altijd (ruim) recordhouder. In totaal zegevierden zestig Spanjaarden, gevolgd door elf Fransen en negen Italianen. De enige Nederlandse eindwinnaar is Arie den Hartog: hij kroonde zich in 1966 tot guanyador

Claudio Chiappucci (m.) en Miguel Indurain (l.) – hier zij aan zij met Franco Chioccioli (r.) tijdens de Giro d’Italia van 1992 – wonnen respectievelijk één en driemaal de Volta a Catalunya – foto: Sirotti

Door de jaren heen mocht de organisatie een waslijst aan kleppers op het eindpodium huldigen. Zo bleek de Volta van 1967 een van de laatste grote overwinningen van vijfvoudig Tourwinnaar Jacques Anquetil. Naast Monsieur Chrono ontvingen vanaf de setentas ook Eddy Merckx (1968), Franco Bitossi (1970), Luis Ocaña (1971), Felice Gimondi (1972), Bernard Thévenet (1974) en Francesco Moser (1978) zoenen van de rondemissen. Andere prominente namen zijn Miguel Induráin (1988, 1991 en 1992), Claudio Chiappucci (1994), Laurent Jalabert (1995), Fernando Escartín (1997) en de betreurde José Maria ‘Chaba’ Jimenez (2000). Het thuispubliek mocht ook tweemaal de stemmen schor schreeuwen voor Joaquim Rodríguez.

Toch is de Volta Ciclista a Catalunya niet alleen een ronde waar winnaars worden gelauwerd. Op de Catalaanse wegen sneuvelden ook heel wat beloftevolle carrières. In 1999 liet Manuel Sanromá net voorbij Vilanova i la Geltrú het leven, na aan zware crash in de eindsprint van de tweede etappe. Spanje werd hiermee plotsklaps ontnomen van wellicht de meest talentvolle sprinter van zijn generatie. In zijn eerste maanden als prof ontving hij al zeven boeketten; genoeg voor de Spaanse sportkaternen om hem in één adem te noemen met sprintpionier Miguel Poblet. Op 19 juni werd de 22-jarige Spaanse furie echter voorgoed gedoofd. Net voor het ingaan van de laatste kilometer probeerde Sanroma met een ultieme reflex de Tsjech Jan Svorada voorbij te snellen. Wat volgde was echter een massale valpartij, met de Spanjaard als grootste slachtoffer. Ondanks diverse reanimatiepogingen overleed hij op weg naar het ziekenhuis. En de opvolger van Poblet? Die kwam er uiteindelijk in de persoon van Óscar Freire.

De betreurde Jose Maria ‘Chaba’ Jimenez toonde zich in 2000 de beste – foto: Sirotti

Vorig jaar wist Alejandro Valverde voor de tweede maal de oppergaai te bemachtigen. Het bleek de opmaat naar een spetterend voorjaar voor El Imbatido. Aanvankelijk wist Tejay van Garderen zich – door een puike ploegentijdrit van zijn werkgever BMC – aan kop te nestelen. In de twee daaropvolgende bergritten toonde Valverde met twee ritzeges echter zijn hoogvorm. Vooral zijn ritwinst op Lo Port was impressionante: hij wist met een tot in de perfectie getimede aanval Alberto Contador en Chris Froome de loef af te steken. Hij zette in de straten van Barcelona vervolgens de kers op de taart door zijn derde ritzege mee te graaien.

Laatste tien eindwinnaars 
2008: flag-es Gustavo César Veloso
2009: flag-es Alejandro Valverde
2010: flag-es Joaquim Rodríguez
2011: flag-it Michele Scarponi*
2012: flag-ch Michael Albasini
2013: flag-ie Daniel Martin
2014: flag-es Joaquim Rodríguez
2015: flag-au Richie Porte
2016: flag-co Nairo Quintana
2017: flag-es Alejandro Valverde

* Na het uit de uitslag schrappen van Alberto Contador

Parcours
De allereerste editie van de Volta Ciclista a Catalunya werd verreden in januari. Hierna werd er constant geschoven op de kalender, tot er in 1941 met september voor lange tijd een vaste datum was gevonden. De volgende verplaatsing vond plaats in 1995. Door de hervormingen binnen de UCI verhuisde de Volta ditmaal naar de maand juni. Met de invoering van de UCI ProTour in 2005 verschoof de koers weer naar mei, waardoor het de concurrentie moest aangaan met de Giro d’Italia. In 2010 omarmde de WorldTour de rittenkoers, wat betekent dat de wedstrijd nu voor het negende achtereenvolgende jaar in maart plaatsvindt.

Het uitzicht op Barcelona vanop de vermaarde Montjuïc – foto: Sirotti

Als we een blik wenden op het routeschema, dan zien we dat de organisatie opteert voor een vast stramien. Zo vangt de koers net als de voorbije zes edities aan met een openingsrit van en naar Calella. Daarnaast zet de organisatie finishbogen neer op de flanken van klassieke ‘Volta-bergen’ als Valter 2000 en La Molina. De traditionele afsluiter van deze rittenkoers is een rit van en naar hoofdstad Barcelona, met als scherprechter de Montjuïc. De klimmers zullen voldoende aan hun trekken komen met meerdere bergritten. De snelheidsduivels komen er dan weer relatief bekaaid vanaf met – op papier althans – twee sprinterskansen. Er ontbreekt een (individuele) tijdrit. Een ander belangrijk gegeven: aan de streep van elke etappe liggen tien, acht en zes bonificatieseconden voor het oprapen.

Maandag 19 maart – Etappe 1: Calella-Calella (152,3 km)
De Volta Ciclista a Catalunya gaat voor het zesde jaar op rij van start met een etappe die voert van en naar Calella. Deze badplaats was – voor het in de jaren zestig werd overspoeld met toeristen – een municipi dat leefde van de lokale visvangst en textielnijverheid. Koersen naar Calella, bekend vanwege zijn lange zandstranden, betekent vaak een eerste kennismaking met de Catalaanse heuvels. Dat is dit jaar niet anders. De kans dat een sprinter aan het einde van de dag de champagne mag ontkurken, is echter niet ondenkbeeldig.

De hellingen zijn namelijk niet lastig genoeg om het peloton echt te doen breken. Na ruim 120 glooiende kilometers – met een bonificatiesprint (drie, twee en één seconden) na 49,5 kilometer – doemt in volle finale de Alt de Collsacreu (8,3 km aan 2,5%) op. Als de klimmers anarchie willen creëren, dan zullen ze dit moeten doen in de laatste twee kilometer. Tijdens dat deel kruipt de weg omhoog naar de 6%. Eenmaal de top gerond staan er nog achttien kilometers te wachten. Wie treedt in de voetsporen van onder meer Michael Albasini (2012), Luka Mezgec (2014) en Nacer Bouhanni (2016)?

Start: 13:30 uur
Finish: 17:00 uur

Dinsdag 20 maart – Etappe 2: Mataró-Valls (175,6 km)
Ook op dag twee doorkruist het peloton bekend terrein. Startplaats Mataró is de geboortegrond van Josep Puig i Cadafalch (1867-1956): een van de grondleggers van het Modernisme Catalalà. Dit is de Catalaanse tegenhanger van het in Duitsland ontstane Jugendstil. De renners zullen overigens geen tijd hebben om zich te vergapen aan de lokale architectuur en kunst. Ze krijgen namelijk een bijzonder lastige etappe naar Valls voor de wielen geschoven, waarin de klimmers wellicht een eerste maal uit hun hok komen.

Na een honderdtal op- en afgaande kilometers, passeren de renners de eerste en enige tussensprint van de dag. In de daaropvolgende 25 kilometer loopt het wegdek lang geniepig omhoog, alwaar via een plateau op veertig kilometer van de meet de renners de vlucht naar beneden inzetten. Net voor het ingaan van de laatste vijftien kilometer – als de renners passeren langs het plaatsje Montblanc – begint de Coll de Lilla (5,4 km aan 5%). Klimkunstenaars als Alejandro Valverde en Fabio Aru zullen niet steil achterover slaan bij het zien van de percentages.

Toch is de beklimming pittig genoeg om de koers te doen ontploffen. Vooral omdat er na de top slechts 10,6 kilometer op het menu staan, waarvan de eerste zes kilometer ook nog in dalende lijn gaan. Het ruim 20.000 inwoners tellende Valls – dat bekend staat om zijn calçots (een soort groene ui) – mocht de laatste jaren al enkele ritwinnaars huldigen. In 2015 won Valverde na een heuse waaiershow, terwijl Wout Poels zich het jaar daarop de beste toonde uit een vroege vlucht.

Start: 13:00 uur
Finish: 17:00 uur

Woensdag 21 maart – Etappe 3: Sant Cugat-Vallter 2000 (199,5 km)
Op woensdag is het tijd voor de vedergewichten: de koninginnenrit kent namelijk zijn besluit op de flanken van Vallter 2000. De laatste keer dat de Volta er een bezoek bracht was in 2014, toen Tejay van Garderen als overwinnaar uit de mist kwam. Voordat het zover is zal de organisatie het peloton in Sant Cugat del Vallès – even buiten Barcelona – loslaten voor een rit met meerdere beklimmingen. Via de Alto de Bracons (10,2 km met maximale percentages van 12%) gaat het naar de Port d’Oix (6,7 km aan 5.8%), met de top op vijftig kilometer van de meet.

Na een korte afdaling voert de Alt de Rocabruna (7,2 km aan 5.7%) de renners vervolgens naar een hoogte van bijna 1100 meter. Vervolgens wacht er – als er nog dertig kilometers op de teller staan – opnieuw een korte afzink vooraleer de pentes van Vallter 2000 opdoemen. De eigenlijke beklimming is twaalf kilometer lang, maar op 21 kilometer van de finish begint de weg met 3% al verraderlijk omhoog te lopen. In twaalf kilometer bedwingen de renners 886 hoogtemeters, goed voor een hellingsgraad van 7,3%. Halverwege de beklimming zullen vele benen ontploffen, met percentages van 14%.

Start: 11:35 uur
Finish: 17:00 uur

Donderdag 22 maart – Etappe 4: Llanars-La Molina (170,8 km)
Op dag vier hebben de klimmers eveneens een afspraak met de geschiedenis; La Molina maakt namelijk (opnieuw) haar opwachting. De klim is met een lengte van 11,4 kilometer aan 4,4% geschikt voor de vuurpijlen in het peloton. Muurspecialisten Joaquím Rodríguez (2014), Daniel Martin (2015) en Alejandro Valverde (2017) konden hier in het verleden hun hart ophalen.

De organisatie zal echter hopen op een herhaling van 2015. Tejay Van Garderen won dat jaar na een knappe solo, terwijl de favorieten in de achtergrond elkaar veelvuldig bestookten. Dit kan te maken hebben met de opname van de Coll de la Creueta (21 km aan 4,5%) in het parcours. De top ligt op ruim dertig kilometer van de finish, waardoor het misschien niet te verwachten valt dat hier guerra plaatsvindt. De klim moet met zijn lengte en onregelmatigheid de renners echter wel voldoende kunnen uitwringen met het oog op de slotklim.

Na een lange afdaling zoeven de renners voor een eerste maal langs het dorpje La Molina. Op twaalf kilometer van de streep – als het peloton het plaatsje Alp passeert – vatten de coureurs de slotklim aan. La Molina is nergens echt steil, maar op een kleine drie kilometer van de top valt er een piek te noteren van 9%. Hierna volgt er een afdaling van één kilometer. Hier kunnen de renners voldoende snelheid maken voor een ultieme krachtsexplosie tot de daadwerkelijke top, die achthonderd meter later ligt.

Start: 12:15 uur
Finish: 17:00 uur

Vrijdag 23 maart – Etappe 5: Llívia-Vielha Val d’Aran (212,9 km)
De organisatie kiest deze editie niet voor het credo: ‘onbekend maakt onbemind’. In tegenstelling tot de voorgaande jaren krijgen de escaladores een derde mogelijkheid om zich uit te leven. Met de Port El Cantó (25 km aan 4%), Port de la Creu de Perves (13,5 km aan 4.5%) en de klim naar Vielha (12,2 km aan 4.4%), lopen ruim vijftig kilometer van de etappe omhoog. Onderweg zijn er twee tussensprints, na respectievelijk 87 en 137 kilometer.

Het op 1223 meter hoogte gelegen Llívia vormt de startplaats. Dit stadje – dat volgens de overlevering is gesticht door de Romeinse held en god Hercules – is volledig ingesloten door Frans grondgebied. Voor een verklaring moeten we teruggegaan naar het in 1660 gesloten Verdrag van de Pyreneeën, dat een einde maakte aan de toentertijd heersende Spaans-Franse conflicten. In het verdrag werd besloten om een aantal Spaanse dorpen aan Frankrijk af te staan. Door een vergissing, Llívia bleek over stadsrechten te beschikken, koos de lokale gemeenschap echter de kant van de Spanjaarden. Bijna vier eeuwen later verbindt een neutrale weg het stadje met de rest van het land.

De beklimmingen zijn te bestempelen als ‘lopers’, maar door de opgestapelde vermoeidheid kunnen ze alsnog in de benen slaan van de coureurs. Na het ronden van de de slotklim – die deels door de bekende Vielha-tunnel gaat – zullen de renners zich nog moeten wagen aan een 14 kilometer lange ‘rechttoe-rechtaan’ afdaling. De finishboog is opgezet in Vielha e Mijaran.

Start: 11:00 uur
Finish: 17:00 uur

Zaterdag 24 maart – Etappe 6: Vielha Val d’Aran-Torrefarrera (194,6 km)
De (nog aanwezige) sprinters zullen na drie – voor hun masochistische – dagen eindelijk weer een kans krijgen om de hoofdvogel af te schieten. Vielha e Mijaran, de aankomstplaats van de etappe van vrijdag, neemt vandaag de honneurs waar als startplaats. Het peloton koerst in tegengestelde richting naar Torrefarrera, wat betekent dat zij in de beginfase nog enkele stevige knoerten moeten overwinnen.

Na de beklimmingen van Vielha (14 km aan 3.9%) en de Port de Viu de Llevata (7,7 km aan 5.2%) volgen meer dan vijftig licht dalende kilometers richting het zuiden, alwaar op ruim tachtig kilometer van de streep met de Port D’Ager (9,3 km aan 5%) de laatste beklimming van de dag volgt. Eenmaal boven hebben de sprintersploegen genoeg tijd om de troepen in stelling te brengen: de laatste zeventig kilometer gaan namelijk over licht glooiend terrein naar finishplaats Torrefarrera.

Start: 12.40
Finish: 17.00

Zondag 25 maart – Etappe 7: Barcelona-Barcelona (154,8 km)
De Volta Ciclista a Catalunya kent haar afsluiting met de inmiddels traditionele slotrit van en naar hoofdstad Barcelona. Eenmaal de renners voor de laatste maal de finishlijn hebben overschreden, is er wellicht nog tijd om te genieten van al het schoons dat de stad te bieden heeft. Denk aan Antoní Gaudi’s architectonische meesterwerken La Sagrada Familia en Park Güell, voetbaltempel Camp Nou en het Museu Picasso.

Een andere toeristische trekpleister vormt de heuvel van Montjuïc, gesitueerd in het zuidwesten van de stad. Op de berg zijn onder meer het Olympisch stadion Lluís Companys en het bekende Castell de Montjuïc gezeteld. De Montjuïc is echter ook bekend als scherprechter van heel wat wieleretappes. Zo vormde de helling in 2009 de aankomstplaats van een rit in de Tour de France; in de stromende regen was het Thor Hushovd die zich de sterkste van het (uitgedunde) pak toonde. Sinds 2012 vormt de Montjuïc ook onderdeel van de slotrit van de Ronde van Catalonië.

Voordat het zover is, moeten de renners eerst honderd kilometer in de omgeving van Barcelona afwerken. Op goed zestig kilometer van de finish draait men voor de eerste keer het lokale circuit op, dat acht keer op het programma staat. De omloop is 6,6 kilometer lang, waarvan de Montjuïc bijna een derde voor zijn rekening neemt. De klim is op te delen in twee gedeeltes. Na twee oplopende kilometers (aan 5,7%) volgt er een kilometer lange afdaling, waarna er nog 700 meter wachten aan 6%. Ideaal jachtterrein voor mannen als Valverde, Urán en Martin. Na de laatste passage over de Montjuïc volgen nog twee dalende kilometers. Wie kroont zich tot winnaar van de rit en de Volta?

Start: 10.50
Finish: 14.15

Favorieten
De laatste jaren weet de organisatie een ijzersterk deelnemersveld op te trommelen. Dit is niet alleen te staven aan de hand van het rijtje eindwinnaars; de Volta is jaarlijks vooral van peper en zout voorzien door het aantal wereldtoppers dat een doel maakt van deze wedstrijd. Naast alle achttien WorldTour-ploegen zakken er met Burgos-BH, Euskadi-Murias, Caja Rural-Seguros RGA, Manzana Postobón, Israel Cycling Academy en Fortuneo-Samsic ook zes ProContinentale-formaties af naar Catalonië.

Alejandro Valverde tijdens de doldrieste editie van Strade Bianche – foto: LaPresse

De gañador van vorig jaar is ook deze editie de torenhoge favoriet. Op Alejandro Valverde lijkt maar geen sleet te komen. Sterker nog: hij lijkt met de jaren sterker, taaier, constanter en uitgekookter te zijn dan de afgelopen seizoenen. De bijna 38(!)-jarige Murciaan is ook dit seizoen weer bezig met het aaneenrijgen van zegeruikers. In de Volta a la Comunitat Valenciana en de Abu Dhabi Tour – de enige twee rittenkoersen die El Imbatido dit seizoen betwiste – schoot hij de hoofdvogel af. In de voorbije Strade Bianche eindigde hij, ondanks een verre van vlekkeloze voorbereiding, net naast het podium. Kan hij zich met een derde zege – na 2009 en 2017 – naast landgenoot Indurain plaatsen? Mocht de Movistar-kopman over zijn volledige vermogens beschikken, dan zal de concurrentie er een meer dan flinke kluif aan hebben.

Adam Yates

De gebroeders Yates – met hier een feestende Adam – voeren een ijzersterk Mitchelton-Scott-blok aan – foto: LaPresse/Fabio Ferrari

Valverde mag echter zijn borst natmaken, want Mitchelton-Scott stuurt met de gebroeders Yates twee mannen in vorm naar de frontlinie. Adam Yates toonde zich in Tirreno-Adriatico de beste muurbedwinger met flitsende optredens in Trevi (tweede) en Filottrano, waar hij uiteindelijk ook naar de ritzege vloog. Uiteindelijk moest hij in de eindafrekening – mede door pech op dag twee – genoegen nemen met de vijfde plaats. Mocht de jonge Brit deze week van pech gevrijwaard blijven, dan vindt hij een parcours – vooral door de afwezigheid van een tijdrit – op zijn maat.

Het komt niet vaak voor dat beide broers in blakende vorm naar een en dezelfde rittenkoers afzakken. Voor deze Volta Ciclista a Catalunya is dit echter wel het geval. Waar Adam het mooie weer maakte in de Koers van de Twee Zeeën, kruidde Simon Yates nadrukkelijk de 76e editie van Parijs-Nice. De eindzege lag zelfs voor het ‘oprapen’ na zijn machtsgreep op de slotklim naar Valdeblore La Colmiane, maar in de altijd verraderlijke en ditmaal verregende slotrit naar Nice moest hij (nipt) het hoofd buigen voor de Spaanse furie genaamd Marc Soler. Hij zal kortom gebrand zijn om ditmaal wel een rittenkoers van allure op zijn palmares te plaatsen.

Naast de Britse broers vaardigt de Australische formatie met Johan Esteban Chaves en de goed rijdende Robert Power ook nog twee sterke gezanten af. Rondom de Colombiaanse klimmer krioelen echter flink wat vraagtekens. Hij begon Parijs-Nice hoopgevend, maar zakte in het slotweekend volledig weg. Kan hij herstellen van deze uitglijder? De jonge Australiër Power zal normaal gesproken in dienst rijden van zijn superieuren, maar op een schip met zoveel kapiteins kan een luxe bemanningslid zomaar tot muiterij overgaan. 

Moet Nairo Quintana zich schikken naar de wil van ploeggenoot Alejandro Valverde? – foto: Sirotti

Drie Colombianen, verzuild in verschillende situaties, zullen met meer dan een schuin oog kijken naar eindwinst. Nairo Quintana (Movistar) weet wat het is om de Volta te winnen; hij deed dit al in 2016. De vraag is echter in hoeverre het bij Quintana een kwestie is van willen, moeten én kunnen. In eerdere interviews liet hij namelijk doorschemeren in het voorseizoen conservatief te zullen koersen, om in de Tour over voldoende reserves te beschikken. Daarnaast zal hij zich wellicht moeten schikken naar de wil van zijn ploeggenoot Valverde. Weinig hoopgevende signalen voor de berggeit uit Tunja, maar: “Als er zich een kans aandient, zal ik die niet laten liggen”, aldus Quintana. Doelt hij hiermee op de Volta Ciclista a Catalunya?

Bij het Britse Sky geen Chris Froome of Wout Poels die de honneurs waarnemen. Toch kan de sterrenformatie een uitstekende selectie optuigen, met Colombianen Egan Arley Bernal en Sergio Luis Henao als speerpunten. Vooral naar Bernal kijkt de wielerwereld reikhalzend uit. Het 21-jarige toptalent heeft zijn start bij de WorldTour-formatie niet gemist, met eindwinst in de Colombia Oro y Paz en een zesde plaats in de Tour Down Under. Volgens de logica heeft een jonge renner tijd nodig om zich te acclimatiseren op topniveau, maar het kenmerk van een supertalent is dat deze vaak spot met gegeven wetten. Henao verdedigde vorige week zijn scalp in Parijs-Nice, maar de nationaal kampioen zakte in het slotweekend flink door het ijs. Op wie zet de ploegleiding het meeste in?

Fabio Aru zal zijn stijgende vorm willen tonen in Catalonië – foto: Sirotti

Bij UAE Emirates rekenen ze met Fabio Aru en Daniel Martin op hun twee miljoenenaankopen. De Sardijn begon het seizoen weifelend, maar gaf in Tirreno-Adriatico bergop hoopgevende signalen af. Zo eindigde hij in de koninginnenrit naar Sassotetto als vierde. Normaliter zouden we Martin aanduiden als een van de topfavorieten, gezien zijn indrukwekkende rijtje uitslagen in deze koers vanaf 2011: tweede, vierde, eerste, zestiende, tiende, derde en zesde. Het wil echter nog niet vlotten voor de Ier in 2018. In Parijs-Nice reed hij tot zijn opgave anoniem in de rondte. Kan hij in ‘zijn’ Ronde van Catalonië weer aanknopen met een goed resultaat?

Fransman Thibaut Pinot rijdt dit seizoen nog wat onder de radar, maar is in topvorm een meer dan geduchte klant. De kopman van Groupama-FDJ heeft alleen nog maar de Tour Cycliste du Haut Var (5e) op zijn teller staan. Het is kortom afwachten of de klimmer al voldoende brandstof in de tank heeft om op te boksen tegen mannen als Valverde en de gebroeders Yates. Toch zal de Volta voor Pinot al een eerste testmoment zijn in aanloop naar de Giro d’Italia. De ploeg gaf recent aan dat hij in dienst zal rijden van toptalent David Gaudu. Schetst de Franse ploeg hiermee de daadwerkelijke verhoudingen, of is dit een subtiele poging tot het optrekken van een rookgordijn?

De laatste renner die een ster verdient, is Tejay van Garderen. Dit voelt misschien wat vreemd aan bij een renner aan wie zoveel negativisme kleeft. Maar wie zonder vooroordelen naar zijn uitslagen kijkt, ziet dat hij in rittenkoersen van een week vaak op de afspraak is. En dat geldt zeker voor deze ronde. Zo flankeerde hij in 2014 Rodríguez en Contador op het eindpodium, en eindigde hij de voorbije twee edities als vijfde. Daarnaast won hij al twee etappes; in 2014 en 2015. In Parijs-Nice moest Van Garderen op de openingsdag na een val de strijd staken, maar hij bezette in de Volta ao Algarve (derde) nog gewoon het podium. Is hij voldoende hersteld van zijn schuiver?

Outsiders

Kan Steven Kruijswijk met succes de honneurs waarnemen voor LottoNL-Jumbo? – foto: Sirotti

Naast de genoemde favorieten wemelt het van de outsiders in deze 98e editie van de Volta Ciclista a Catalunya. Denk eens aan iemand als Steven Kruijswijk. De Nederlandse klimmer reed goed in de Ruta del Sol (zevende), maar kan hij ook de stap zetten naar het winnen van een rittenkoers? LottoNL-Jumbo start naast Kruijswijk ook met de in Tirreno-Adriatico (negendee) goed presterende George Bennett en Robert Gesink. En wat kunnen we verwachten van Bob Jungels en Enric Mas (Quick-Step Floors), Davide Formolo (BORA-hansgrohe) en Louis Meintjes (Dimension Data)?

Andere renners die wellicht kunnen profiteren van een status quo bij de topfavorieten, zijn Jarlinson Pantano en talent Niklas Eg (Trek-Segafredo), Pierre Latour (AG2R La Mondiale), Michael Woods en Daniel Felipe Martínez (EF Education-First Drapac), Pello Bilbao en Jan Hirt (Astana), Spaans kampioen Jesús Herrada en zijn land- en ploeggenoot Daniel Navarro (Cofidis), Ben Hermans (Israel Cycling Academy), et Manzana Postobón-tweetal Hernan Aguirre en Aldemar Reyes, de in Parijs-Nice nog tegenvallende Warren Barguil (Fortuneo-Samsic) en Matvey Mamykin (Burgos-BH).

Marc Soler

Parijs-Nice laureaat Marc Soler rijdt in principe in dienst van kopmannen Valverde en Quintana – foto: ASO

Het thuispubliek zal tot slot vooral uitkijken naar het rijden van Marc Soler. De 24-jarige Catalaan is de talk of the town na zijn knappe eindwinst in Parijs-Nice. Vorig jaar fietste Soler in de Ronde van Catalonië naar zijn eerste serieuze uitslag bij de profs, door kopman Valverde en Contador op het podium te flankeren. Na afloop van de slotrit in Nice gaf Soler echter aan komende week in dienst te zullen rijden van kopstukken Valverde en Quintana. Zal hij zich daadwerkelijk schikken in een dienende rol, of krijgt hij van de ploegleiding vrij baan?

Sprinters 

Nacer Bouhanni zal met een rugzak vol wrok naar Catalonië afreizen – foto LaPresse – Fabio Ferrari

Ondanks het feit dat het aantal sprintmogelijkheden beperkt is, kan de organisatie bogen op een meer dan behoorlijk sprintersveld. Blikvanger is Nacer Bouhanni (Cofidis), die op revanche belust is na zijn niet-selectie voor Milaan-San Remo. Met Sam Bennett (BORA-hansgrohe) en Niccolo Bonifazio (Bahrain Merida) staan er nog twee sprinters van allure op de startlijst. En wat kan toptalent Álvaro José Hodeg (Quick-Step Floors) nu hij voor eigen kans mag gaan?

Daarnaast zullen ook Max Walscheid (Sunweb), Patrick Bevin (BMC), Roberto Ferrari (UAE Emirates), José Joaquin Rojas (Movistar), WorldTour-aanvoerder Daryl Impey (Dimension Data), Nelson Andres Soto (Caja Rural-Seguros RGA), Enrique Sanz en Eduard Prades (Euskadi-Murias) en Zakkari Dempster (Israel Cycling Academy) zich in het sprintgeweld storten. En wat kan Jetse Bol uitrichten in dienst van Manzana Postobón?

Favorieten volgens WielerFlits 
**** Alejandro Valverde
*** Adam Yates, Nairo Quintana
** Simon Yates, Fabio Aru, Egan Bernal
* Thibaut Pinot, Daniel Martin, Tejay van Garderen, George Bennett

Volledige deelnemerslijst 

Weer en TV
Het weer in Catalonië zal de komende week wisselvalligheid troef zijn. Van maandag tot en met vrijdag schommelt de gemiddelde temperatuur rond de dertien graden, terwijl de kans op neerslag niet al te groot is. In het weekend zullen de regengoden steviger op de deur bonken, maar kruipt de temperatuur wel naar de zeventien graden. De wind zal flink waaien vanuit het noorden met een kracht van vier op de schaal van Beaufort.

Eurosport zendt net als de voorgaande jaren de Volta Ciclista a Catalunya live uit. De wielerfan zal dagelijks moeten inschakelen om 15.45 uur. De NOS en Sporza zullen de rittenkoers niet in de huiskamers brengen. Bij WielerFlits kun je dagelijks terecht voor een Volg Hier, waar je het verloop van de etappes kunt bespreken.

Wie wint de Ronde van Catalonië 2018?

  • Alejandro Valverde (60%, 861 stemmen)
  • Iemand anders (11%, 155 stemmen)
  • Adam Yates (7%, 95 stemmen)
  • Nairo Quintana (6%, 81 stemmen)
  • Egan Bernal (5%, 66 stemmen)
  • Simon Yates (4%, 55 stemmen)
  • Fabio Aru (3%, 42 stemmen)
  • Daniel Martin (2%, 31 stemmen)
  • Thibaut Pinot (2%, 26 stemmen)
  • Tejay van Garderen (1%, 21 stemmen)

Aantal stemmen: 1.449

Stem


Opruiming Fietsschoenen: korting tot wel 50% op topmerken

Nieuwe wieleroutfit nodig? Topdeals voor de nieuwe zomercollectie

Stijlvolle wielerkleding van La Machine : Gratis verzending tijdens de Tour

Reacties Toon reacties Verberg reacties