Thuisrijder Michael Boros over EK: “Podium zou een droom zijn”

Door Niels Bastiaens, vrijdag 3 november 2017 om 08:30

Foto: Pauwels Sauzen-Vastgoedservice

Michael Boroš is de man die de Tsjechen zondag mag doen dromen van een topprestatie op het Europees kampioenschap veldrijden in eigen land. De 25-jarige crosser, woonachtig in gaststad Tábor, kan als een van de weinige niet-Belgen of -Nederlanders de ambitie uitspreken om voor de medailles mee te strijden. “Het zou een droom zijn”, vertelt de stille thuisrijder aan WielerFlits.

Boroš is bezig aan een constant seizoen, met een tal van top 10-plaatsen in de Vlaamse crossen. Zijn beste dag van het seizoen kende hij in Zonhoven, waar hij zevende werd. Die plek bekleedde hij ook vorig jaar, op het WK. “Het niveau ligt hoog”, heeft Boroš moeten ondervinden. “Je hebt Mathieu van der Poel, gevolgd door Wout van Aert en ook Lars van der Haar, maar daarachter ligt alles open. We zijn met een vijftiental jongens die op een heel goede dag dichtbij het podium kunnen komen, maar op een slechte buiten de top 10 vallen. Vooral op zware omlopen, als Gavere en Namen, kom ik tot mijn recht.”

De omloop in Tábor, de woonplaats van Boroš, vereist in de eerste plaats veel technisch vernuft, maar is door de hoogteverschillen ook knaplastig. En dus zijn de ambities voor de Europese titelstrijd groot. “Op het podium staan, zou een droom zijn. Als Tsjech kom je in eigen land sowieso beter voor de dag dan in België, door de steun van het publiek en de korte reistijd. Mentaal is dat al heel belangrijk, denk ik. Wij gaan het hele jaar naar België om daar het beste van onszelf te geven, maar deze ene keer liggen de kaarten omgekeerd. Dat geeft een speciaal gevoel, en ik kijk er echt naar uit om mij nu te bewijzen.”

Het afscheid van Simunek en de overstap naar de weg van Stybar hebben ervoor gezorgd dat de interesse serieus is afgenomen.

Verhuis naar België
Desalniettemin is het Tsjechisch veldrijden niet meer wat het geweest is. Een aantal jaar geleden was de wereldbeker steevast te gast in het voormalig Oostblokland, en deden renners als Zdenek Stybar, Radomir Simunek, Petr Dlask en Martin Bina meer dan eens vooraan mee. “Het afscheid van Simunek en de overstap naar de weg van Stybar hebben ervoor gezorgd dat de interesse serieus is afgenomen”, aldus Boroš. “Als je overal vooraan wil meedoen, dan moet je naar België verhuizen en niet iedereen zit daarop te wachten. Veel renners willen hun familie en vrienden niet zomaar achterlaten, natuurlijk.”

De man van Pauwels Sauzen-Vastgoedservice zette de grote stap wél en vestigde zich in België. “Het was van moeten. Als je in je eigen land blijft crossen, dan geraak je de voeling met de beste renners veel te snel kwijt. In de wedstrijden in mijn eigen land ligt het niveau gewoon niet hoog genoeg”, vertelt hij. “Elke keer over en weer naar Tsjechië reizen, dat zag ik ook niet zitten. Ik ben al vermoeid genoeg van het koersen alleen, dan zit je niet te wachten om elk weekend twee keer die lange reis te gaan maken.”

“Misschien heb ik die stap wel wat te laat gezet”, vertelt de Tsjechisch kampioen nog. “Bij de jeugd heb ik zelden in België gecrost en heb zo de aansluiting met de jongens van mijn generatie gemist. Ik heb de basis niet helemaal meegekregen. In mijn tweede jaar als prof ben ik toch in België komen wonen en sindsdien zet ik kleine stappen vooruit. Elk seizoen word ik een beetje beter en ik hoop natuurlijk dat ik nog een tijdje op dat elan kan voortgaan. Ik ben misschien al 25 en dus een pak ouder dan de meeste toppers, maar toch denk ik dat ik nog wat progressie in mij heb omdat ik er zo laat aan ben begonnen.”

Reacties Toon reacties Verberg reacties