Weekendinterview: Maurits Lammertink

Door Niels Bastiaens, zondag 17 april 2016 om 06:00

Foto: Sirotti

Maurits Lammertink (25) behoort zondag tot Nederlands grootste troeven voor een topprestatie in de Amstel Gold Race. Met een zevende plek in de Brabantse Pijl zette de renner van Roompot Oranje Peloton die stelling extra kracht bij, waardoor hij – ondanks een mindere voorbereiding – met veel vertrouwen naar de Gold Race kan toeleven. “Ik heb lang betwijfeld of ik op tijd in vorm zou zijn voor deze koersen, maar dat is wel het geval. Alles moet meezitten voor een goede uitslag, maar ik acht een top 10-plek zeker mogelijk”, vertelt Lammertink in het Weekendinterview.

De ongemakken in de voorbereiding van Lammertink op het nieuwe seizoen speelden eind december voor het eerst op. In de veldrit van Boxtel – waarin hij overigens als derde over de streep kwam – brak hij zijn sleutelbeen. Een operatie werd eerst niet noodzakelijk geacht, maar midden januari moest hij alsnog onder het mes. Net toen het beter begon te lopen in de Ruta del Sol, kreeg Lammertink dan weer af te rekenen met een longontsteking. Via de Ronde van Drenthe, Volta Limburg Classic, Circuit van de Sarthe en vooral de loodzware Ronde van Catalonië vond de heuvelspecialist uit Enter toch nog de goede benen voor de komende klassiekers.

Ik voel me beter dan vorig jaar, wat vreemd is omdat ik veel minder heb kunnen trainen.

“Ik heb die zware wedstrijden echt nodig gehad om dit niveau nog te kunnen bereiken. De Ronde van Catalonië was ideaal om nog enkele stapjes vooruit te zetten en dat heb ik ook gedaan. Je voelt gewoon dat je er sterker uitkomt. De meeste rondjes zijn niet zo lang, maar dit was zeven dagen koers met veel toppers aan je zij en op een heel hoog niveau. Het ging heel hard en ik voelde me in het begin verre van super. Gelukkig merkte ik dat ik elke dag beter werd. Of ik nog op tijd in vorm zou zijn voor de klassiekers, heb ik lang betwijfeld. Dat is wel het geval. Ik voel me zelfs beter dan vorig jaar, wat vreemd is omdat ik veel minder heb kunnen trainen.”

Klimklassiekers
In de Brabantse Pijl bleek Lammertink weer helemaal de oude. Waar hij vorig jaar nog als achtste over de streep kwam bovenop het Schavei in Overijse, deed de kopman van Roompot Oranje Peloton in deze editie een plekje beter. “Dat is een resultaat dat ik hoog inschat. Ik ben vooral trots dat ik van mijn eigen kracht ben uitgegaan. Op de laatste beklimming ben ik zelf van aan de voet aangegaan. Je weet van de rest: ze moeten mee, dus spurten ook zij op maximale kracht. Helaas komen ze er dan net over heen in de sprint. Ik had ook de pech dat er nog drie mannen voorzaten. Maar het is niet anders, het is een gok die je neemt om te wachten.”

Dankzij die prestatie, krijgt Lammertink ook in de Amstel Gold Race een beschermde rol binnen de Roompot-ploeg. Maar hij is niet alleen, want ook de ervaren Pieter Weening maakte dit jaar al indruk. “Hij is gewoon een steengoed renner met een palmares om U tegen te zeggen”, oordeelt Lammertink. “We moeten hem ook dankbaar zijn, want mede dankzij hem krijgen we wildcards voor koersen als de Ronde van Zwitserland en Catalonië. Het leuke is dat we geen schrik moeten hebben om elkaar voor de wielen te gaan rijden, omdat we verschillende type renners zijn. Pieter moet het hebben van een aanval, als hij echt wil winnen of een goede uitslag rijden. Ikzelf ga meer wachten op de sprint.”

Ik ben trots dat ik van mijn eigen kracht ben uitgegaan in het slot van de Brabantse Pijl.

Wat mogen we dan als het hoogst haalbare resultaat voor de renner uit Overijssel zien? “Ik zeg niet dat ik top 10 ga rijden, maar ik acht het wel mogelijk. Er is wel één voorwaarde: alles moet volledig meezitten. Een ideaal scenario zou voor mij zijn dat de wedstrijd uitdraait op een sprint met twintig à dertig man, waarin ik mij goed kan plaatsen. Ik ben geen Michael Matthews of Philippe Gilbert die met een aanval het peloton kan verschalken en mag eigenlijk al blij zijn als ik kan terugkomen. Het kan net zo goed zijn dat mijn benen bij de laatste passage over de Cauberg helemaal vollopen en ik mijn 21e plek van vorig jaar niet kan bevestigen. Laten we maar hopen van niet.”

De ritwinnaar in de Ronde van de Limousin van vorig jaar is als heuvelspecialist in Nederland bijna uniek. Op Tom-Jelte Slagter na behaalden weinig landgenoten de afgelopen jaren een topprestatie in dit werk. “Wat mijn verklaring daarvoor is? De meeste jongens met klimmersbenen spitsen zich toe op het rondewerk. Ik spreek dan over onder andere Tom Dumoulin, Robert Gesink en Bauke Mollema. Ze willen wel goed zijn in de Amstel, maar zijn in de eerste plaats toegespitst op rondes met lange beklimmingen. De heuveltjes opknallen is iets anders dan Alpe d’Huez. Dat ik dan de man ben om Nederland de komende jaren door de klimklassiekers te loodsen is voorbarig, maar zou wel mooi zijn.”

Als Lammertink de verwachtingen waarmaakt, mag hij misschien opnieuw dromen van een plekje in een WorldTour-ploeg. “Dit is volgens mij de ideale gelegenheid. Je krijgt niet zoveel kansen om je op dit niveau te bewijzen in onze ploeg, dus moet je deze kans met beide handen grijpen. Het is altijd mijn doel geweest om weer WorldTour-renner te worden, vooral omdat de manier waarop ik eruit ging – door het stoppen van Vacansoleil-DCM – heel jammer was. Ik denk niet dat ik het dat jaar slecht deed, maar had gewoon de pech dat men ermee ophield. Sindsdien heb ik altijd het doel gehad om terug te keren. Bij welke ploeg dat is, maakt me dan niet zoveel uit.”

Ik ben zeker dat de schijfremmen nog terugkeren, maar dan met een randje rond de schijf.

Schijfremmen
Voor het eerst dit seizoen zal Lammertink aantreden op een fiets zonder schijfremmen. Die zijn sinds deze week door de UCI verboden, na het ongeval van Fransisco Ventoso in Parijs-Roubaix. Lammertink kan zich in die beslissing helemaal vinden. “Het is logisch dat ze niet meer zijn toegelaten. In een veldrit of MTB-wedstrijd kan het wel, want als je daar valt, ben je daar meestal alleen bij betrokken. In een peloton van 200 renners is de kans groter dat er iemand een blessure door oploopt. Zo’n roterende schijf wil je echt niet in je been en het risico in het peloton is gewoon te groot. De schijfremmen zijn nog niet klaar voor het profpeloton, als je het mij vraagt.”

Toch denkt de jonge Nederlander dat dit systeem in de toekomst weer zijn opwachting zal maken in het peloton. “Ik ben er zelfs zeker van, maar dan moet er wel een randje rond de schijf zijn, zodat we er niemand meer mee kunnen verwonden. We mogen niet vergeten dat deze remmen vooral veel voordelen hebben ten opzichte van de velgremmen. De remkracht is gewoon veel beter. Bij een valpartij sta je eerder stil en vooral bij regenweer heb je veel voordelen. Of ik terug zal moeten wennen aan mijn velgremmen in de Amstel Gold Race? Nee, op training reed ik vaak nog met een fiets met normale remmen, dus dat zal zeker geen probleem zijn.”

Reacties Toon reacties Verberg reacties

Tour de France 2018


Poll

Tom Dumoulin is sterk genoeg om Geraint Thomas en Chris Froome te verslaan

Stand

Nieuwsbrief

Schrijf je in en ontvang elke maandag de WielerFlits-nieuwsbrief