Weekendinterview: Jasper Bovenhuis

Door Niels Bastiaens, zondag 13 maart 2016 om 07:00

Foto: SIrotti

Een opvallende naam in de selectie van het Ierse An Post-Chain Reaction voor de Energiewacht Ronde van Drenthe is die van Nederlander Jasper Bovenhuis (24). De Drent hoopte na zijn succesvolle stage bij Cannondale-Garmin van afgelopen najaar op een vast profcontract bij de WorldTour-formatie, maar moest zich uiteindelijk toch opnieuw tevreden stellen met een plekje op continentaal niveau. “Jammer, vooral omdat ik nooit een reden te horen kreeg waarom het zaakje niet doorging”, vertelt Bovenhuis, die wel ambitieus blijft, in het Weekendinterview.

Een transfer is Bovenhuis niet vreemd. Al voor het vierde jaar op rij moest hij aan het einde van vorig wielerseizoen noodgedwongen andere oorden opzoeken. In navolging van Rabobank en Koga nam immers ook SEG Racing, dat liever inzette op de ontwikkeling van enkele jonge talenten, de beslissing om afscheid te nemen van de jonge renner uit het Staphorst. Desondanks kwam Bovenhuis bij een degelijke, wederom continentale ploeg terecht, in de vorm van het Ierse An Post-Chain Reaction. “Of ik moedeloos word van al die transfers? Als je ieder jaar van team moet veranderen is dat eerlijk gezegd niet leuk. Maar zolang er progressie in blijft zitten, ben ik tevreden. Met een overstap naar An Post heb ik in mijn ogen weer een stapje vooruit gezet, omdat we een redelijk internationaal programma mogen rijden. Dat spreekt mij wel aan, meer dan de koersen in bijvoorbeeld Nederland. Ik vind er een uitdaging in en dat is heel belangrijk.”

Bovenhuis spreekt ook over de vele kansen die hij krijgt in dienst van An-Post Chain Reaction, in tegenstelling tot bij een WorldTour-ploeg. “In principe heb je in elke koers waarin je start een vrije rol, waardoor je de kans krijgt om écht te koersen. Niet voor niets is dat ook de visie van de ploeg: ‘voorin zitten en knallen’. Ik kan eigenlijk doen en laten wat ik zelf wil. Als ik in de finale kom met een klein groepje, kan ik haast altijd mijn eigen kans gaan. Als ik me een beetje minder voel, help ik gerust andere snelle jongens zoals Nicolas Vereecken. Dat heb je niet bij zoveel ploegen, dat er niet van tevoren gezegd wordt: ‘we gaan voor die renner of een andere.’ Zelfs niet bij SEG Racing, waar er toch meer een rolverdeling was zoals bij veel grote ploegen. Je wordt niet in een hoekje gedrukt en mag gewoon doen waar je goed in bent. Maar elke kans moet je wel zelf aangrijpen, natuurlijk.”

In principe was het zelfs de bedoeling om met Wouter Wippert mee te gaan, maar dat ging dus niet door.

Stage bij Cannondale
Het had voor Bovenhuis ook helemaal anders kunnen lopen. Vorige zomer liep de jonge Nederlander nog stage bij het Amerikaanse Cannondale-Garmin, waar hij pas in laatste instantie te horen kreeg dat hij zijn stageperiode niet had kunnen verzilveren met een vast contract bij de WorldTour-formatie. Toch blikt hij er met een positief gevoel op terug. “Het is gewoon de mooiste kans is die ik in mijn carrière al heb gekregen. Vooral dankzij Eelco en Martijn Berkhout van SEG, die mij daarheen geloodst hebben. Eerlijk, zonder hen was ik er nooit gekomen, maar soms heb je gewoon dat extra duwtje nodig van mensen die extra ingangen en connecties bij ploegen hebben om bij zo’n groot team terecht te komen. Het was een geweldige tijd en in mijn ogen heb ik ook heel goed gereden. In de Tour of Alberta heb ik zelfs een keer top 10 gesprint en de prijs voor de strijdlust gekregen. Alleen is daar om bepaalde redenen geen contract uit voortgekomen, terwijl ik daar wel op had gehoopt. Dat is heel jammer.”

“Wat die redenen dan zijn? Om eerlijk te zijn, weet ik dat zelf niet. Ik heb nooit een reden of verklaring gekregen waarom ik geen contract gekregen heb. En dat is net het zure daaraan. Als je iets niet goed doet in de ploeg en ze zeggen waar het aan ligt, dan weet je waar je aan kan werken. Nu kreeg ik enkel te horen: ‘het gaat niet door’. Dat komt in mijn ogen dan toch een beetje raar over. Heb ik dan soms iets verkeerd gedaan? Of hebben ze als ploeg gekozen om een andere richting uit te gaan? Dat zijn dan vragen die ik mij stel… Ook omdat ik wel zeker weet dat ze een type renner zoals ik, een lead out, wel zouden kunnen gebruiken. In principe was het zelfs de bedoeling om met Wouter Wippert mee te gaan, maar dat ging niet door. Hoe ze het hebben opgelost, weet ik niet, maar als je je sprinter optimaal wil positioneren voor de sprint, dan moet je wel een man hebben die hem daarheen brengt. Sprinters kunnen dat toch niet helemaal alleen doen. En je moet ook nog renners vinden die dat willen doen, zoals ik.”

Door het rijden van de Tour of Utah, USA Pro Challenge en de Tour of Alberta in dienst van Garmin-Cannondale, kwam Bovenhuis wel in aanraking met de talloze verschillen tussen het continentale en profniveau. “Naast een andere taakverdeling en meer professionaliteit, is vooral het verschil in tempo als er bergop gereden wordt mij bijgebleven. Dat gaat wel een tandje harder. Ik ben geen superklimmer, maar normaal gesproken kan ik op een helling redelijk met het peloton mee. In Amerika heb ik toch een paar keer gedacht: ‘moah, dat valt echt niet mee om zelfs met het peloton mee over die klimmen te komen.’ Maar net dat heb je nodig om als renner beter te worden. Als je altijd in het continentale circuit blijft, wordt het op een gegeven moment lastig om jezelf door te ontwikkelen. Je hebt die prikkel nodig van een nog hoger niveau in de koers zelf om beter te worden, en die vind je alleen op dat hoge niveau van een buiten categorie- of WorldTour-koers.”

Als ik binnen twee jaar niet in de WorldTour zit, moet ik eerlijk zijn met mezelf en iets anders doen.

Hoofddoel ongewijzigd
Ondanks die tegenslag, geeft Bovenhuis zijn ambities om in de toekomst nog deel uit te maken van de WorldTour niet op. Al heeft hij zichzelf wel een deadline opgelegd om zijn doel te bereiken. “Het was een mentale tik toen ik het nieuws dat ik niet bij Garmin-Cannondale mocht blijven te horen kreeg, maar dat veranderde niets aan mijn ambities om de stap naar de WorldTour nog te maken. Voor mij blijft dat het hoogst haalbare, mijn doel. Ik heb mij altijd voor de volle 100 % voor het wielrennen gegeven, en dan wil je – zeker als je er zo dicht bij bent – ook gewoon dat hoogste niveau bereiken. Ik weet van mijn stageperiode in ieder geval al dat ik het niveau aankan en dat het erin zit voor mij om mijn doel te bereiken. Maar stel dat het binnen een jaartje of twee nog steeds niet is gelukt, dan moet je misschien wel realistisch zijn naar jezelf toe en zeggen: ‘misschien is het toch niet voor mij weggelegd en moet ik wat anders gaan doen.’ Dat is nu nog niet aan de orde, we bekijken het jaar per jaar en zien wel wat er gebeurt.”

Een andere manier om hogerop te klimmen, zou Bovenhuis in de Topcompetitie kunnen vinden. Daar krijgt de winnaar jaarlijks een profcontract bij Roompot Oranje Peloton, maar voor die module staat de jongeling niet echt te springen. “Ik zie het gewoon niet zo zitten om weer een jaar in Nederland te koersen. Ik ben toe aan een ander programma dan de afgelopen jaren, ook al vind ik de Topcompetitie een super idee dat ik van harte toejuich. Alleen, het is niet echt ideaal voor mij om specifiek op het winnen van dat klassement en het bijbehorende contract te gokken. Dan ga ik liever naar wat koersen in België of in Frankrijk, waar je toch veel lastigere koersen voor de wielen krijgt, zoals de Grand Prix La Marseillaise, Ster van Bessèges en de Driedaagse van West-Vlaanderen die ik zojuist gereden heb. In Nederland vind ik de wedstrijden saaier en minder selectief. Dat zag je ook in de Ster van Zwolle, waar het al direct een massasprint werd. Ik loop daar persoonlijk niet warm voor en daarom kan ik mij daar moeilijk voor motiveren.”

Nog een nadeel aan koersen op continentaal niveau: veel inkomsten haalt Bovenhuis niet binnen met zijn contract bij An Post-Chain Reaction. Gelukkig heeft de 24-jarige renner daar een handige oplossing voor gevonden. “Ik woon nog steeds thuis, dus hoef ik niet veel geld uit te geven”, lacht Bovenhuis, die zich naast het wielrennen vooral op zijn studies commerciële economie richt. “Dat was voor mij de beste optie, want als je naast je wielercarrière ook nog gaat werken, is het gewoon niet meer mogelijk om optimaal te presteren. De studies en het wielrennen zijn wel te combineren, mede dankzij een speciaal topsportstatuut waarbij je je studie zelf een beetje kan inrichten. Een klein beetje afleiding naast de koers is natuurlijk ook niet verkeerd. Soms kan het wel eens leuk zijn om even met je gedachten ergens anders te zijn, dingen te lezen en bij te leren. Bovendien heb je meer zekerheid op werk na je carrière, want een wielerloopbaan is beperkt. Ik ken weinig renners die kunnen leven van hun carrière en niet meer moeten gaan werken.”

De Topcompetitie zegt mij niet zo veel. Dan rijd ik liever wat meer lastigere koersen in Frankrijk en België.

Thuiskoers in Drenthe
Komend weekend timmert Bovenhuis voort aan de weg in eigen land. Dan komt hij samen met een aantal ploeggenoten van An Post-Chain Reaction aan de start van de Energiewacht Ronde van Drenthe op zaterdag en de Dorpenomloop in Rucphen op zondag. Over twee weken staat met de Volta Limburg Classic een derde Nederlandse koers op het programma. “Ideale koersen om mij bij het grote publiek eens in de kijker te rijden”, oordeelt Bovenhuis. “Zeker Drenthe ligt mij wel, met de keitjes en de klimmetjes waar je in de finale een aantal keer over heen moet. Dinsdag heb ik nog een stukje verkend, al moest ik daar geen al te grote verplaatsing voor maken. Drenthe is een soort thuiskoers, waarin ik me zeker wil laten zien. Ook met het gevoel op de fiets gaat het intussen wel de goede kant op. Ik heb altijd een aantal koersdagen nodig om erin te komen en pas dan begint het goed te lopen. Laat ons hopen dat dit moment nu aangebroken is.”

Reacties Toon reacties Verberg reacties

Poll

Wie wint de Vuelta a San Juan 2018?

Stand

Nieuwsbrief

Schrijf je in en ontvang elke maandag de WielerFlits-nieuwsbrief